Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Toets 1 Geschiedenis | Thema 1-2 | HAVO | 2025/26

Rating
-
Sold
-
Pages
5
Uploaded on
05-07-2026
Written in
2025/2026

Dit zijn uitwerkingen en studienotities voor Toets 1 Geschiedenis in HAVO, gebaseerd op thema's 1 en 2 uit het curriculum. De stof omvat de Griekse democratie en filosofie (paragraaf 1.3), het Romeinse Rijk en zijn expansie (1.4), het ontstaan van het feodale stelsel en de middeleeuwse maatschappij (2.1), en de agrarische revolutie (1.1 & 2.3). Deze notities helpen je effectief voor te bereiden op de toets door alle kernconcepten, definities en belangrijke perioden helder uitgelegd en gestructureerd aangeboden.

Show more Read less
Level
Course

Content preview

GS – Toets 1 Thema 1- politiek (paragraaf 1.3, 1.4 & 2.1)
1.3 DE GRIEKSE DEMOCRATIE
Wat zijn verklaringen voor het ontstaan van een directe democratie in de polis
Athene; Griekse stadstaten (poleis) vormden geen éénheid. Er waren
afzonderlijke staatjes, met een overzichtelijk aantal inwoners. In Athene ontstaat
een systeem van inspraak, omdat “gewone” mannen, nodig waren als
voedsoldaat en als roeier op de vloot. Hierdoor eisten zij inspraak.
Directe democratie: mannelijke inwoners van Athene mogen rechtstreeks mee beslissen. Er
is geen parlement of volksvertegenwoordiging.
Polis: stadstaat (een stad + het omringende platteland) die zichzelf bestuurt.
Wat zijn een aantal voorbeelden van wetenschappelijk denken van Griekse
filosofen; Natuurfilosofie (hoe zitten de natuur en het heelal in elkaar) ethiek (wat is goed
gedrag en hoe kan een mens dat leren) politiek (hoe moet een polis bestuurd worden).

Leg uit dat Griekse denkers verschillend oordeelden over de Atheense
democratie & over andere staatsvormen; veel hadden kritiek. Ze vonden dat in
ieder kwaad zat, dus dat het ook de slechte kant op kon gaan. Een leerling van
Plato, had het liefst een mengvorm van de monarchieën, aristocratieën en
democratieën  ontstaan van een goed en stabiel bestuur voor iedereen. Apart
konden ze op hun eigen manier gevaarlijk worden.
Aristocratie: vorm van bestuur waarbij de macht beperkt blijft tot een aantal families (adel).


1.4 HET ROMEINSE RIJK
Waarom groeit het Romeinse Rijk;
 Veroveringen zorgden voor nieuwe inkomsten: landbouwgronden &
krijgsgevangenen (werden in gezet voor slaven arbeid)
 Strategische bondgenoten: wisselende Aliansisch zorgden ervoor dat het
R.R. altijd over sterke bondgenoten kon schikken. Ook overwonnen volken
konden bondgenoot worden.
 Sterk beroepsleger
 De Pax Romana: een stabiele periode, op het gebied van binnen- en
buitenlands politiek
Met welke verschillende periodes werd het R.R bestuurd; tot 509 V.C. was Rome
een koninkrijk. Van 509 tot 31 V.C. is Rome een republiek. Vanaf 31 V.C. –
476 N.C. was Rome ene keizerrijk.
Geef voorbeelden van aspecten van de Grieks-Romeinse cultuur, met de
specifieke vormentaal; Romeinen namen veel over van de Griekse architectuur:
beeldenkunst, de literatuur & de filosofie. Door veroveringen verspreiden ze het
over alle gebieden.
Hoe verliep het contact tussen de Grieks-Romeinse cultuur en de Germaanse
cultuur in N-W-Europa; sommige Germaanse mannen en vrouwen namen
elementen over: schrift, namen, godsdienst, kleding en het Latijn.  omdat veel
Germaanse mannen in dienst gingen bij het Romeinse leger.

, Om welke 4 redenen ging het W-Romeinse Rijk rond 500 ten onder & het O-R.R
pas veel later;
1. Het rijk was te groot om te besturen. Lokale generaals trekken de macht
naar zich toe.
2. In 285 word het opgesplitst, oost: Constantinopel. West: Rome.
3. Er komt steeds meer druk op de buiten grenzen, door de Hunnen. Ook
trokken steeds meer Germanen het rijk binnen  volksverhuizing.
4. In 476 komt er een opstand van de Germaanse generaal: Odoaker en hij
zet de laatste Romeinse keizer Romulus Augustulus af.


Paragraaf 2.1 – hofstelsel en feodaal stelsel
Wat zijn oorzaken van het ontstaan van een agrarische samenleving en
hofstelsel: 1 door de val van het R.R. (476), het werd als een breekpunt gezien.
Edelen trekken macht naar zich toe, dit leidde tot oorlogen en grote onveiligheid.
Hierdoor werd reizen & handelen erg moeilijk. 2 steden werden kleiner of
verdwenen zelfs. Hierdoor verdwenen ambacht (smit, timmer) en nijverheid (alles
samen) ook. GEVOLG: Autarkie (voor eigen gebruik). Boeren zoeken veiligheid
en trekken naar het domein van de heer. En bestuurlijke verandering,
leenstelsel/feodaal stelsel (manier van besturen waarbij leenheren gebieden
uitlenen aan leenmannen)
Waarom hadden niet alle middeleeuwse boeren dezelfde sociaal-economische
positie: ze waren niet allemaal even rijk, dus konden ze sommige dingen niet
afkopen. 1 Vrije boeren 2 horige 3 lijfeigenen.
Noem de middeleeuwse standen: 1&2 Adel en geestelijkheid 3 boeren.
Beschrijf de taken en plichten van de leenheren en leenmannen: zij mochten de
inkomsten van het gebied zelf houden en betaalde belasting. Ingeval van oorlog
leverde zij militaire bijstand. Ze mochten ook rechtspreken over zijn
(koning/leenheer) gebied en stelde ook zelf leenmannen aan.
Hoe kwam het feodale stelsel voort uit een agrarische samenleving:
- Karel Martel (690-741), hij liet zijn ruiters een eed afleggen van trouw en
zo werden zij: Vazal (leenman).
- Paarden & uitrusting zijn duur en de vazal kan niet leven van de
veroveringen. Hierdoor gaat de koning, boerderijen met land uitlenen aan
de vazallen.
- Karel de Grote (768-814), benoemde ook bestuurders als leenmannen.
Thema 2 economie (1.1 & 2.3)
Paragraaf 1 de agrarische revolutie
Noem een 4 kenmerken van de levenswijze van jagers & verzamelaars; ze
woonden in grotten/hutten/tenten gemaakt van dierenhuiden. Ze leefden in
groepen van 20 tot 30 personen. Bijna geen sociale verschillen. Onderling handel
& ruilden producten (vuursteen, ivoor & schelp)
Agrarische revolutie: overgang van een samenleving, van jagers en
verzamelaars. Naar een landbouwsamenleving. (ook wel Neolithische revolutie)

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
5

Document information

Uploaded on
July 5, 2026
Number of pages
5
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$7.72
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
maiteblankenburgh

Get to know the seller

Seller avatar
maiteblankenburgh Hogeschool Zeeland
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
-
Member since
4 days
Number of followers
0
Documents
29
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions