HC Problemen in het kraambed
30/09/2025
Introductie
Grootste doodsoorzaak ter wereld tijdens bevallingen is postpartumbloeding
Epidemiologie
14 miljoen vrouwen/jaar met PPH wereldwijd
≈ 70.000 moedersterfte/jaar door PPH (grootste directe oorzaak wereldwijd)
PPH is verantwoordelijk voor >20% van maternale sterfte wereldwijd (meeste in
ontwikkelingslanden)
Grote regionale verschillen: hoogste last in lage- en middeninkomenslanden
80% van de postpartumbloedingen vinden plaats <24u postpartum
Incidentie
o 3-10% van de bevallingen
o Toename tgv toenemende incidentie uterusatonie
Definitie
Risicofactoren
MgSo4!
Magnesiumsulfaa
t
(spierrelaxerend)
90% van de patiënten heeft geen risicofactoren => alle zwangerschappen zijn at risk voor
een PPH
Preventie
Het draait niet enkel om medicatie maar ook om handelingen in praktijk prenataal /
intrapartum / postpartum
Prenataal
Behandelen van ferriprivie anemie (ferritine <30)
Voorgeschiedenis (VG gecompliceerde partus met PPH => 20% herhalingsrisico =>
ziekenhuisbevalling)
Intrapartum
Bevallen met lege blaas (mictie voor start persen indien mogelijk, eventueel 1x sondage)
Vermijden routine episiotomie
Actief management van 3e fase van arbeid
o Oxytocine 5-10E IM/IV (procedure Jessa: 10E IV in 50ml NaCl 0.9%/5min) => NOOIT in
IV-shot
o Controled cord traction (CCT) voor placenta
, HC Problemen in het kraambed
30/09/2025
o (Uterusmassage (indien pte dit toelaat) – CAVE nooit gelijktijdig met forse CCT)
Postpartum
Nazicht placenta op volledigheid (CAVE placenta bilobata)
Aandachtig blijven voor bijkomende bloeding
Behandeling ferriprieve anemie:
=> Hb < 11 en ijzer < 30 => extra ijzer
Ferriprieve anemie is een risicofactor:
Postpartumbloeding
Placentaloslating
Pre-eclampsie
Preterme arbeid
SGA, laag geboortegewicht
Active management third stage of labor (CCT + synto)
50% reductie:
o Hb < 9g/dl 24uur postpartaal
60% reductie:
o PPH 500ml
o PPH 1000ml
o Nood aan bloedtransfusie
80% reductie:
o Nood aan gebruik van bijkomende medicatie voor behandeling PPH
NNT (number needed to treat): 1:12
o Door bij 12 patiënten ‘active management third stage of labor’ toe te passen, kan er 1
PPH voorkomen worden t.o.v. expectatief beleid
Fysiologisch vs actief management 3e fase
1. Fysiologisch:
Geen routinematig gebruik van uterotonica
Navelstreng laten uitkloppen
Wachten op spontane expulsie
2. Actief:
Navelstreng afklemmen na 1-4min
1 ampul Syntocinon van 10E over 1min IV
Controlled cord traction
30/09/2025
Introductie
Grootste doodsoorzaak ter wereld tijdens bevallingen is postpartumbloeding
Epidemiologie
14 miljoen vrouwen/jaar met PPH wereldwijd
≈ 70.000 moedersterfte/jaar door PPH (grootste directe oorzaak wereldwijd)
PPH is verantwoordelijk voor >20% van maternale sterfte wereldwijd (meeste in
ontwikkelingslanden)
Grote regionale verschillen: hoogste last in lage- en middeninkomenslanden
80% van de postpartumbloedingen vinden plaats <24u postpartum
Incidentie
o 3-10% van de bevallingen
o Toename tgv toenemende incidentie uterusatonie
Definitie
Risicofactoren
MgSo4!
Magnesiumsulfaa
t
(spierrelaxerend)
90% van de patiënten heeft geen risicofactoren => alle zwangerschappen zijn at risk voor
een PPH
Preventie
Het draait niet enkel om medicatie maar ook om handelingen in praktijk prenataal /
intrapartum / postpartum
Prenataal
Behandelen van ferriprivie anemie (ferritine <30)
Voorgeschiedenis (VG gecompliceerde partus met PPH => 20% herhalingsrisico =>
ziekenhuisbevalling)
Intrapartum
Bevallen met lege blaas (mictie voor start persen indien mogelijk, eventueel 1x sondage)
Vermijden routine episiotomie
Actief management van 3e fase van arbeid
o Oxytocine 5-10E IM/IV (procedure Jessa: 10E IV in 50ml NaCl 0.9%/5min) => NOOIT in
IV-shot
o Controled cord traction (CCT) voor placenta
, HC Problemen in het kraambed
30/09/2025
o (Uterusmassage (indien pte dit toelaat) – CAVE nooit gelijktijdig met forse CCT)
Postpartum
Nazicht placenta op volledigheid (CAVE placenta bilobata)
Aandachtig blijven voor bijkomende bloeding
Behandeling ferriprieve anemie:
=> Hb < 11 en ijzer < 30 => extra ijzer
Ferriprieve anemie is een risicofactor:
Postpartumbloeding
Placentaloslating
Pre-eclampsie
Preterme arbeid
SGA, laag geboortegewicht
Active management third stage of labor (CCT + synto)
50% reductie:
o Hb < 9g/dl 24uur postpartaal
60% reductie:
o PPH 500ml
o PPH 1000ml
o Nood aan bloedtransfusie
80% reductie:
o Nood aan gebruik van bijkomende medicatie voor behandeling PPH
NNT (number needed to treat): 1:12
o Door bij 12 patiënten ‘active management third stage of labor’ toe te passen, kan er 1
PPH voorkomen worden t.o.v. expectatief beleid
Fysiologisch vs actief management 3e fase
1. Fysiologisch:
Geen routinematig gebruik van uterotonica
Navelstreng laten uitkloppen
Wachten op spontane expulsie
2. Actief:
Navelstreng afklemmen na 1-4min
1 ampul Syntocinon van 10E over 1min IV
Controlled cord traction