Inhoudstafel
1 Begrippen en principes .....................................................................................................2
1.1 Definitie Belasting ....................................................................................................2
1.2 Andere heffingen/bijzondere cathegorien ..................................................................2
1.3 Soorten belastingen .................................................................................................3
1.3.1 Direct vs Indirect ..................................................................................................3
1.3.2 Afwentelbaar vs nt-afwentelbaar ..........................................................................3
1.3.3 Dubbele belasting ................................................................................................3
1.3.4 Belastingsontduiking vs ontwijking ........................................................................4
1.4 Waarom belasten? ...................................................................................................4
1.5 Hoe belasten? .........................................................................................................5
1.5.1 Juridisch beginselen om belasting vorm te geven ...................................................5
1.5.2 Invloed internationaal/Europees recht ..................................................................8
1.6 Fiscale wetgeving: Structuur, Interpretatie, Toepassing ..............................................9
1.6.1 Kenmerken die soorten belastingen onderscheiden ...............................................9
1.7 Verdeling vn Fiscale bevoegdheden ........................................................................ 11
2 Personenbelasting(PB) ................................................................................................... 12
2.1 Inkomstenbelasting ............................................................................................... 12
2.2 Algemene Principes vn PB ...................................................................................... 14
2.3 Algemene werking van Roerende Voorheffing .......................................................... 14
2.4 Structuur van PB .................................................................................................... 15
2.4.1 Personeel Toepassingsgebied ............................................................................. 15
2.4.2 Belastbare inkomsten ........................................................................................ 16
2.4.2.1 Onroerende Inkomsten ............................................................................... 17
2.4.2.2 Roerende Inkomsten .................................................................................. 21
2.4.2.3 Beroepsinkomsten ..................................................................................... 28
2.4.2.4 Diverse Inkomsten ...................................................................................... 39
2.4.3 Extra info voor verdere berekening beginnen ........................................................ 48
2.4.4 Verdere berekening ............................................................................................ 50
3 Vennootschapsbelasting ................................................................................................ 54
3.1 Toepassingsgebied ................................................................................................. 54
3.2 Belastbare grondslag ............................................................................................. 58
3.2.1 Berekening belastbare grondslag ........................................................................ 58
3.3 Tarief ..................................................................................................................... 64
4 Internationale Fiscaliteit ................................................................................................. 64
4.1 Inleiding ................................................................................................................ 64
4.2 Dubbelbelastingverdragen (DBV) ............................................................................ 65
4.2.1 OESO modelverdrag ........................................................................................... 66
4.2.1.1 Toepassingsgebied ..................................................................................... 67
4.2.1.2 Definities en interpretatieregels .................................................................. 68
4.2.1.3 Heffingsbevoegdheid van inkomsten categorieën ........................................ 69
5 Fiscale Procedure........................................................................................................... 76
5.1 Aangifte ................................................................................................................. 76
5.2 Onderzoek & Controle ............................................................................................ 80
5.3 De Aanslag ............................................................................................................ 85
5.4 De Betwisting......................................................................................................... 86
,1 Begrippen en principes
1.1 Definitie Belasting
Belasting (Vanaf wanneer betaling aan overheid = Belasting?)
(Geen vraag: wat is belasting; wel; is dit belasting)
• Opgelegd door overheid met soevereiniteit
• Eenzijdig verplicht
o geen keus om niet te betalen, wel democratisch vertegenwoordiger kiezen ->
Belasting kan enkel door wet worden opgelegd
o Reden: Risico marktfalen publieke goederen
Overheid kan Sancties/Dwangmaatregelen oplegggen
• Territoriaal (Nexus met land nodig) (zie later)
• Algemeen nut
o Geen directe tegenprestatie (Alles aan algemene begroting)
1.2 Andere heffingen/bijzondere cathegorien
Retributie
• Verplichte heffing door overheid
• Tegenprestratie
o Rechtstreeks/onmiddellijk
o (Als dit betaal, kan dat doen -> Bedrag in proportie met prestatie)
o (bv. Tolgeld, betaalde parking)
Sociale zekerheidsbijdragen
• Heffing op loon
• Vervangingsinkomen voor bevolking bij loonverlies/Aanvulling inkomen(bij bv.
Kinderen,ziektekosten)
• Wrm geen Bel.?
o Voor specifiek doel
▪ Solidariteits- en verzekeringsbeginsel
• Betaling geeft recht op ontvangst
• (kans nooit beroep op doet)
,Verhaalbelastingen
• = Retributie zonder individueel beslissingsmoment
• (dus geen rechtstreeks voordeel)
• (bv. Verplicht betalen riolering stad)
1.3 Soorten belastingen
1.3.1 Direct vs Indirect
• Directe belasting
o Raakt voortdurende toestand (Periodiek geïnd)
o Optelsom handelingen binnen duurzame periode(bv. Jaar)
o (bv. PB, Venn.Bel.)
• Indirecte belasting
o Treft feit/rechtshandeling (Per transactie geïnd)
o (bv. BTW, erfbelasting)
1.3.2 Afwentelbaar vs nt-afwentelbaar
• Afwentelbare belasting
o Kost deels/voll. Afgewenteld aan 3e
o Wettelijke SA ≠ Econ. drager
o (bv. tankstation betaalt officieel de belasting, maar verhoogt de benzineprijs
zodat de klant uiteindelijk betaalt.)
o (bv. Accijnzen, BTW, douanerechten)
• Niet-afwentelbare belasting
o Wettelijke SA = Econ. Drager
o (bv. Erfbelasting, PB)
1.3.3 Dubbele belasting
• Juridische dubbele belasting (Verboden)
o 1 persoon 2x belast op zelfde gegeven
o (bv. Huurinkomst vn verblijf in Frankrijk door België en door Frankrijk)
• Economische dubbele belasting (Technisch gezien toegelaten)
o Bestaan wel veel regimes rond om te voorkomen
o 2x belast op zelfde gegeven door 2 verschillende personen
, o (bv. Venn. Belast op winst & Aandeelhouder op dividend uit deze winst)
1.3.4 Belastingsontduiking vs ontwijking
• Belastingsontduiking/Fiscale fraude (Verboden)
o 2 vereisten:
▪ Materieel element: Inbreuk fiscale wetgeving
▪ Intentioneel element: Opzet belasting ontwijken
o => Mogelijk straffen
▪ (bv. Belasting verhogen, administratieve boetes, sancties)
o (bv. Expres nt alle inkomsten aangeven op belastingsbrief)
• Belastingsontwijking/Fiscale planning (technisch gezien toegestaan)
o Minimalisere belastingen binnen legale constructie
▪ Wel intentioneel, mr gn materieel element
o Nt strafbaar, mr wel tegengegaan met Antimisbruikbepalingen
▪ Algemeen antimisbruikbepaling
• Als enige reden van rechtshandeling = ontwijken fiscale wetgeving
o => Fiscus aanschouwt voor bel. als niet gebeurd
o Tegenbewijs bij belastingsplichtige
▪ Specifieke misbruikbepaling
• Bepaling specifieke situatie vermijden
1.4 Waarom belasten?
Primaire functies belastingen:
• Financiële functie
o Financieren diensten algemeen nut (kosten overheid betalen)
• Herverdelende functie
o Ongelijkheid beperken (tsn bv. Arbeid & kapitaal)
• Gedragssturen functie
o Wenselijk gedrag stimuleren
o (bv. Minder belasting pensioensparen, op groene energie)
(Extra: 3 pistes vermogensbelasting
• Roerende inkomst (vruchten aan boom groeien)
• Vermogens winstbelasting (verkoop boom die als kleine boom kocht)