Over socialisatie, sociale controle, conformisme en deviantie.
Functies van socialisatie: overdracht van cultuur
Wat is socialisatie?
Socialisatie is het proces waarbij een individu leert:
Wat de waarden, normen, regels en gewoonten zijn van de
samenleving/cultuur
Hoe hij of zij zich moet gedragen in sociale situaties;
En zo leert functioneren als lid van een groep of maatschappij.
Het is een levenslang proces, dat begint bij de geboorte en doorgaat bij elke
nieuwe sociale omgeving (zoals school, werk, vereniging…).
Functies van socialisatie
Overdracht van cultuur
Door socialisatie leren mensen de cultuur van hun samenleving kennen: wat
“normaal” is, wat goed of fout is.
1: Zorgt voor de specificatie en verduurzaming van het sociale gedrag
Socialisatie leert mensen hoe ze zich moeten gedragen in de samenleving.
Daardoor blijft dat gedrag ook duurzaam aanwezig (het verandert niet
voortdurend).
2: Nodig voor het bestendigen van het samenlevingsverband
Zonder socialisatie zou er geen samenhang in de samenleving zijn.
Mensen weten dankzij socialisatie wat er van hen verwacht wordt, en zo
blijft de samenleving functioneren.
3: Draagt bij tot de integratie in een nieuwe groep
Helpt nieuwkomers (zoals nieuwe studenten, werknemers, migranten, …)
om zich aan te passen aan de waarden en normen van de groep.
Zo leren ze erbij horen.
4: Bestendigt stereotypes, sociale ongelijkheden en tegenstellingen
Socialisatie zorgt er ook voor dat bestaande verschillen (zoals rolpatronen,
ongelijkheden tussen groepen) vaak blijven bestaan.
Mensen nemen die onbewust over van hun omgeving.
1
,5: Beperkt de handelingsruimte door sociale controle en disciplinering
Er zijn regels en verwachtingen waaraan mensen zich moeten houden.
Daardoor wordt je vrijheid een beetje beperkt, maar het zorgt ook voor
orde en voorspelbaarheid.
6: Grijpt in bij afwijkend (deviant) gedrag
Als iemand zich niet aan de regels houdt, reageert de samenleving met
straffen of afkeuring.
Zo probeert men het gedrag weer binnen de norm te brengen.
Extra begrippen
Differentiële socialisatie
Betekent dat socialisatie verschillend verloopt in verschillende groepen of
contexten.
Bijvoorbeeld: jongens en meisjes, gezinnen, culturen, scholen hebben elk
hun eigen normen en verwachtingen.
2
, 8.2: socialisatie en haar functies
“Mens-zijn is niet louter biologisch gegeven, maar ook sociaal-cultureel
gevormd,” en hoe dat samenhangt met socialisatie, haar functies en de fasen
van het socialisatieproces (zoals bij Bourdieu).
Mens-zijn: biologisch én sociaal-cultureel
Een mens wordt niet alleen gevormd door biologische factoren (zoals
genen of lichaam), maar ook door sociale en culturele invloeden.
We leren van jongs af aan hoe we ons moeten gedragen, wat goed of fout
is, en hoe we met anderen omgaan.
Dus:
We worden geboren als biologisch wezen,
Maar we worden mens door de samenleving waarin we opgroeien.
Voorbeeld:
Een kind dat opgroeit zonder contact met mensen, leert niet praten,
niet spelen, niet omgaan met anderen: het verliest dus een groot
deel van wat “mens-zijn” betekent.
Het verhaal van Genie (VS, 1970) illustreert dat:
Ze groeide op zonder menselijke interactie.
Ze kon later nauwelijks praten of zich sociaal gedragen.
Conclusie: Zonder socialisatie ontwikkelt de mens zich niet volledig als sociaal
wezen. Mens-zijn is dus geen louter biologisch, maar ook een sociaal-cultureel
proces.
Waarom is socialisatie belangrijk voor de mens? (functies)
Identiteit → Je ontwikkelt een eigen “ik” binnen de groep.
Sociaal handelen → Je leert deelnemen aan het sociale leven en correct
omgaan met anderen.
Voorspelbaarheid → Iedereen kent de regels, waardoor gedrag
voorspelbaar en samenleven mogelijk wordt.
Maatschappelijke orde → Door overdracht van waarden en normen blijft
de samenleving stabiel en bestaan.
Zonder socialisatie geen cultuur, geen samenwerking, geen samenleving.
3
, De 4 fasen van het socialisatieproces (volgens Bourdieu)
1: Verinnerlijking of internalisatie
We nemen waarden, normen en omgangsvormen op in onszelf.
Ze voelen vanzelfsprekend aan.
Voorbeeld: Je weet automatisch dat je stil moet zijn in de les.
2: Interiorisatie van de exterioriteit
De regels en verwachtingen uit de buitenwereld worden deel van onze
persoonlijkheid.
Ze worden als het ware “ingebouwd” in ons denken en voelen.
Voorbeeld: stoppen voor rood licht voelt vanzelfsprekend aan, niet omdat
je bang bent voor een boete, maar omdat het “hoort”.
3: Habitus
Dat is het ingebouwde systeem van gewoonten en overtuigingen dat ons
handelen stuurt.
Bourdieu vergelijkt het met een computerprogramma: binnen de grenzen
van dat programma kun je vrij handelen, maar er zijn wel regels.
Voorbeeld: In sommige culturen groet je met een handdruk, in andere met
een buiging.
4: Exteriorisatie van de interioriteit
Je brengt het geleerde effectief in praktijk.
Je gedrag toont dat je deel uitmaakt als lid van de groep.
Voorbeeld: Je rijdt correct in het verkeer, volgt de lesregels, helpt anderen
volgens sociale normen.
Onderscheid
Verinnerlijking = je neemt waarden en normen op, ze voelen
vanzelfsprekend aan.
Interiorisatie = die waarden worden deel van je persoonlijkheid, je
handelt ernaar vanuit overtuiging.
Verinnerlijking = opnemen
Interiorisatie = eigen maken
4