Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 112 pages
Class notes

Samenvatting Vennootschapsbelasting RGBFI00110 = 7 gehaald! Alle hc uitwerkingen volledig & extra aantekeningen

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 112 pages

Samenvatting Vennootschapsbelasting RGBFI00110 = 7 gehaald! Alle hc uitwerkingen volledig incl. extra aantekeningen. Incl. inhoudsopgave en duidelijke markeringen per onderwerp.

Content preview

1


Vennootschapsbelasting
Inhoudsopgave

Week 1 ………………………………………….. 1
HC 1 Subjectieve belastingplicht …………….. 1
HC 2 Winst 1 …………………………………… 10
Week 2 ………………………………………….. 22
HC 3 Winst 2 ………………………………….... 22
HC 4 Winst 3 …………………………………… 32
Week 3 ………………………………………….. 42
HC 5 Deelnemingsvrijstelling 1 ………………. 42
HC 6 Deelnemingsvrijstelling 2 ……………….. 51
Week 4 …………………………………………… 62
HC 7 Deelnemingsvrijstelling 3………………… 62
HC 8 Fiscale eenheid 1…………………………. 71
Week 5 ……………………………………………. 80
HC 9 Fiscale eenheid 2………………………….. 80
HC 10 Fiscale eenheid 3………………………… 89
Week 6 ……………………………………………. 97
HC 11 Fusie en splitsing ………………………… 97
HC 12 Verliesverrekening ………………………. 105



HC 1 Subjectieve belastingplicht

Aan deze kant HC slides gekopieerd vd ppt Aan deze kant HC meegetypt (vanaf maandag)
2: Positie van de vennootschapsbelasting
Wegwijs in vpb (boek) mee op tt.
•De VPB is een belasting naar de winst van lichamen (art. 1) Tt duurt 3 uur.
Rekenmachine mee.
•De VPB in het rechtsstelsel
Vpb is een belasting naar de winst van lichamen.
–verhouding met de inkomstenbelasting Genoemd in art. 2 en 3.
–verhouding met de dividendbelasting (aan de VPB Art. 2 is binnenlands bp en 3 btl bp.
→ Onderscheid is de vestigingsplaats.
onderworpen lichamen dienen (soms) DB in te houden op
uitgekeerd dividend; als een VPB-lichaam dividend ontvangt: Plaatsing in het rechtsstelsel:
DB voorheffing op VPB) - vpb - ib.
Eerst de vpb van de bv zelf geheven en daarna ib geheven van de
–Wet minimumbelasting 2024 (Pillar 2); minimale heffing van aandeelhouder natuurlijk persoon is.
15% bij multinationals. Bijheffing. * zie MA FR Internationaal en
Europees Belastingrecht 1 * - vpb - div bel.= want lichamen die dividend uitkeren aan
andere lichamen (lichaam als aandeelhouder), dienen soms
–Europese invloed (richtlijnen en (discriminatie)rechtspraak) div in te houden op dividenden.
Er zijn veel vrijstellingen..
Divbel afdragen aan de fiscus.
Als divbel is ingehouden = voorheffing op de vpb.
Divbel is niet aftrekbaar. Dus aangeslagen voor 100, en 85 is
uitgekeerd, 15 is voorheffing, en is het lichaam in NL hier gevestigd?
Bruto dividenden altijd 100 aangeven!
Onder voorwaarden (als bijv lichaam wel in NL is gevestigd) is de
ingehouden divbel (die 15) in toekomst verrekenbaar met de vpb.

- Sinds 2024 pillar 2 (dit is een andere wet dan de wet
vpb): sommige multinationals MOETEN minimaal 15%
vpb betalen → andere wet dan vpb, maar als andere
landen daaronder heffen dan wordt er tot de 15%
bijgeheven.. Dit is een bijheffing. → geen stof voor dit
vak.
= wet minimumbelasting 2024.

- EU invloed op de vpb is groot:
ATAT richtlijn, moe-dorl, fusierichtlijn en discriminatie jurisprudentie mbt
tot vestiging en kapitaal is van belang!!

3.
3: Subjectieve belastingplicht Dus vpb wordt geheven over lichaam in art. 2 en 3.

, 2


Als een lichaam is genoemd, betekent dit niet dat die perse automatisch
•Lichamen (art. 1, 1a, 2 en 3 VPB) (subjectief) onderworpen is aan vpb, want kwalificeren voor subj
vrijstelling art. 5 en 6 kan ook nog:
– subject: lichamen genoemd in art. 2 en 3 VPB (eventueel wel = Dan alsnog niet onderworpen aan vpb.
vrijstellingen in art. 5 en 6 e.v. VPB) → Dus eerst kijken subj bel plichtig, en daarna kijken naar of het
lichaam recht heeft op subj vrijstelling waardoor buiten vpb valt.
– WFKR: rechtsvormvergelijkingsmethode: onder Nederlandse Art. 5 en 6.
rechtsvormen worden ook daarmee vergelijkbare buitenlandse Later vandaag.
rechtsvormen verstaan voor een groot deel van de Wet VPB
(art. 1a, lid 1 VPB). Bijv. Duitse AG/GmbH vallen dus ook Belangrijk: lichamen 2 en 3 limitatief bp. Andere lichamen NIET.
onder art. 2, lid 1, onderdeel a, VPB
Voor btl lichamen aparte bepalingen. Btl rechtsvormen: wet fisc kwal
– buitenlandse rechtsvormen die niet vergelijkbaar zijn met rechtsvormen: met ingang v 1 /1/2025 geimplementeerd in art. 2 en 3
vpb en ook in 1 . dus je hoeft niet meer naar die aparte wet. en deze
Nederlandse rechtsvormen (art. 2, lid 1, onderdeel h en art. 3,
heeft rechtsvormvergelijkingsmethode. = 1a lid 1 vpb!
lid 1, onderdeel b en lid 2 VPB). Britse Limited Liability Betekent:
Partnership (LLP) Onder de 2 en 3 rechtsvormen voor de vpb → hieronder vallen
ook voldoende vergelijkbare btl rechtsvormen.
Voorbeeld onder 2-1-a: nv en bv betekent ook rechtsvormen opgericht
naar btl recht die daarmee voldoende vergelijkbaar zijn: duitse
AG/GmbH.
DUS NL rechtsvormen 2 of 3 en daarmee vergelijkbare rechtsvormen.

Deze rechtsvormvergelijkingsmethode art. 1a lid 1 vpb.

Niet op sheet: hoe weet je dit? : staan in besluiten:
besluit vergelijking btl rechtsvormen:
hierin staan veel vreemdrechtelijke rechtsvormen: staat precies in of
niet.
Hoeft je niet uit je hoofd te kennen: op tt staat het erbij dan weer je of
die onder 2-1-a valt of het eronder valt of niet.
Als het er niet bij staat moet je zelf onderscheid maken of het
vergelijkbaar is.

Maar zijn ze niet vergelijkbaar?
Dan vraag op lichaam bp is voor vpb:
2-1-h: als in NL gevestigd;
Em 3-1-b en -2 als in btl gevestigd.
Voorbeeld: Britse LLP: in besluit staat dat onvoldoende
vergelijkbaar is. → Dus bp als in NL gevestigd 2-1-h /btl
gevestigd 3-1-b en 3-2 beoordelen.


4
4. Subjectieve belastingplicht 2 vpb
Binnenlandse bp zijn lichamen genoemd in 2 vpb + vreemdrt nefjes en
● Binnenlandse belastingplichtigen nichtjes die vold vergelijkbaar zijn (1a--1-h).
Binn bp zijn gevestigd in NL.
–lichaam genoemd in art. 2 VPB + (Laatste laat ik even weg.)
Belast voor gehele wereldinkomen. Voor NL vpb. (net als IB geval is
–dat gevestigd is in Nederland voor NL burger)
Maar hier geldt wel objectvrijstelling → master→ deze stelt
–wereldinkomen (maar met objectvrijstelling (afdeling 2.10A)) inkomensbestanddelen vrij → MASTER

● Buitenlandse belastingplichtigen Hoofdregel → gehele wereldinkomen belast.

–lichaam genoemd in art. 3 VPB 3 vpb
Buitenlandse bp: art.3 + neefjes en nichtjes- -> niet gevestigd in NL.
–dat niet gevestigd is in Nederland Slechts onderworpen aan NL vpb indien en voor zover zij nl
inkomen genieten → h3 vpb: art. 17 en 17a → geen stof voor
–-mits Nederlands inkomen (Hoofdstuk III) dit vak.
WEL btl subj belastingplicht → maar waarover precies betalen
is MASTER.

5. Binnenlandse belastingplicht ..Het is logisch → CH vennootschap alleen belast als hier winst

•Waar is een lichaam gevestigd? 5.
Waar gevestigd:
–art. 4, lid 1, AWR (omstandigheden (feiten)) 4-1 awr: omstandigheden:
hoofdregel: van waaruit form bevoegde bestuur leiding geeft aan
•plaats van feitelijke leiding (van waaruit geeft het formeel lichaam – waar kernbeslissingen genomen door formele bevoegde
bevoegde bestuur leiding?) Externe beleidsbepaler (BNB bestuur.
Bijv in gro komt form bevoegd bestuur samen voor
1993/193)
kernbeslissingen beleid bepalen = dan waar bestuur beslist →
daar is lichaam voor toepassing voor AWR gevestigd → ook van
–art. 2, lid 5 VPB (vestigingsplaatsfictie)
toepassing voor vpb.
•naar NL-recht opgerichte lichamen TENZIJ
dat bestuur niets heeft te zeggen dus en danst naar pijpe

, 3


externe beleidsbepalingen → die heeft dan touwtjes in handen
•fictie niet voor de gehele Wet VPB 1969 → dan kijken naar zetel van waaruit externe beleidsbepaling
lichaam bepaalt.
–dubbele vestigingsplaats
Bijv. BV feitelijk bestuurd vanuit Duitsland: verdrag ALTIJD AFVRAGEN – wie heeft touwtjes in handen feitelijk?
Formeel bevoegd bestuur of beleidsbepaler..
Stel je je niet teveel bij voor, kan deze ruimte of bijv kantine vd rug zijn,
hoeft niet eens per se formeel te zijn.

Andere regel alleen voor VPB
vestigingsplaatsfictie 2 - 5 vpb
Alleen naar NL rt opgerichte lichamen, dus niet neefjes en
nichtjes, worden geacht in NL gevestigd te zijn→ ookal worden
de kernbeslissingen in niet NL genomen.
Deze fictie geldt niet voor alle bijv 15.
Hoofdregel is naar NL rt opgerichte bvs in NL gevestigd, ondanks dat er
ergens anders kernbeslissingen genomen worden. Dus voor NL geldt
altijd 2-5 en vestigingsplaats adhv vreemdrt lichamen: kun je alleen
doen adhv 4 AWR.

2-5 kan leiden tot dubbele belastingheffing: Vestigingsplaats dubbel?
Dan: beide landen heffen over totale winst
6. Binnenlandse belastingplicht → kijken naar verdragen.

•Lichamen 6.
Art. 2 vpb
–NV en BV (art. 2, lid 1, onderdeel a VPB) Lichamen allemaal in NL gevestigd ex 2-5.
Lichamen NV en BV vallen onder 2-1-a + incl vergelijkbare vreemdrt
–inclusief daarmee vergelijkbare naar vreemd recht opgerichte lichamen GMBH en PLC..
lichamen (art. 1a, lid 1, VPB) 2-7
Belangrijk: bp zodra onderneming staat ingeschreven in
–art. 2, lid 7 VPB: NV/BV belastingplichtig zodra en zolang de handelsregister, kan afwijken van civielrt bv of nv.
onderneming staat ingeschreven in het handelsregister
–art. 2, lid 6 VPB: NV/BV, vergelijkbare vreemde rechtsvormen Dus is al onderworpen als ingeschreven staat.
Belangrijke regel die fiscus stelt. Voor NV en BV en andere 2-6
en een aantal andere rechtsvormen rechtsvormen, geldt belangrijke regel: lichaam altijd geacht
•ondernemingsfictie (beleggingen) onderneming te drijven mbhv hele vermogen.
Betekent aantal dingen:
•een en dezelfde onderneming (HIR / art. 12a VPB) NV altijd een onderneming drijft, dus ook als het alleen maar belegt,
dan drijft die altijd een onderneming.
•vermogensetikettering In de IB is dit anders en is dit niet zo.
Hierbij vormen ook die beleggingsactiviteiten ook een onderneming
•bedrijfsmiddel: ieder actief dat duurzaam opbrengsten voor de VPB.
genereert
Hierbij geldt ook:
–einde subjectieve belastingplicht: ontbinding en vereffening eenzelfde onderneming drijven → bijv als onderneming 10 versch
en doorhaling onderneming in handelsregister ondernemingsactiviteiten drijft: dan geldt dit als 1 en dezelfde
onderneming, niet alleen per jaar maargedurende hele
bestaan vd onderneming. Dus als je in jaar 1 : een snertfabriek
exploiteert, en dan in jaar 2 een fietsfabriek, dus dan geldt dat
als 1 en dezelfde onderneming
→ belangrijke voordelen voor toepassing voor HIR
→ in IB kan je niet afboeken in onderneming 1 en 2, maar hier
kan dat wel want kan gewoon worden afgeboekt voor een
ander gebruikt pand, materieel andere activiteit, want is
geacht dezelfde onderneming. (later 12a)

2-6 Ook gevolgen voor vermogensetikettering:
Al het vermogen is per definitie ondernemingsvermogen: ook resultaten
uit beleggingen.

Tot slot door 2-6:
Ieder actief dat duurzaam opbrengst genereert is gekwalificeerd als
bedrijfsmiddel. Geldt niet voor iedereen maar alleen voor die bepaalde
NV en BV en verg n&n.
7. Binnenlandse belastingplicht
Einde bp:
ontbinding en vereffening en door 2-7 ook nog onderneming
● Lichamen (vervolg) doorhalen in handelsregister→ dan blijft bp bestaan.
–Coöperaties, OWM’s en woningcorporaties (art. 2, lid 1, 7.
onderdeel b, c en d VPB) Naast NV en bv: ook andere lichamen, 2-1-b en c en d.
Als deze in NL zijn gevestigd. En 2-6 geldt hier ook voor.
–art. 2, lid 6 VPB geldt ook voor hen Ook 2-6 geldt voor hen: 1 zelfde onderneming, en alleen
ondernemingsvermogen.

Verder geen aandacht hieraan besteden aan deze rv.
8. Binnenlandse belastingplicht

, 4



•Lichamen
–fondsen voor gemene rekening (art. 2, lid 1, onderdeel f,
VPB)
F: Fonds voor gemene rekening.
•beleggingsfondsen in de zin van art. 1:1 WFT (art. 2, lid 4 Geen stof voor dit vak. Beleggingsfonds 1:1 WFT. dit zijn altijd fondsen
VPB): geen NV/BV en geen rechtspersoonlijkheid zonder RP en zijn dus geen NV of BV of andere rechtspersoon.
Niets anders dan beleggen: samen: weinig risico’s. Voor
•voor gemene rekening beleggen (art. 2, lid 4 VPB) gemene rekening beleggen zonder dat je NV of BV bent..
Onderwerp schuiven we door naar onderneming en BH→
•anderszins aanwenden van gelden = geen onderneming (art.
MASTER>
2, lid 4, VPB)
•met vrij verhandelbare bewijzen van deelgerechtigdheid (art.
2, lid 4, VPB): niet verhandelbaar bij vervreemding alleen aan
het fonds
•* zie MA FR: Onderneming en Belastingheffing *




9. Binnenlandse belastingplicht

•Lichamen

–overige verenigingen enz. indien en voor zover zij een
onderneming drijven (art. 2, lid 1, onderdeel e, en lid 8 VPB)
9. 2-1-E vpb: overige verenigingen en stichtingen:
indien en voor zover zij onderneming drijven: niet al vallen onder
–materieel ondernemingsbegrip uit IB
voorgaande onderdelen. Lijkt uit 2-8 vpb.
Dit is anders dan NV of BV→ hiervoor gold 2-6 → altijd
–verenigingen, stichtingen, kerkgenootschappen enz.
onderneming drijven en 1 zelfde onderneming → wat zij ook
doen is anders..
–belastingplichtig indien en voorzover een onderneming wordt
gedreven (art. 2, lid 8, VPB) Mat ondernemingsberip uit ib:
- duurzame org van kap en arbeid,
- deelname eco verkeer en
- winstoogmerk.
10. Binnenlandse belastingplicht Deze 3 vereisten aanwezig en noodzakelijk, anders is die niet
onderworpen aan de vpb!
● Verenigingen en stichtingen (art. 2, lid 1, onderdeel
e, VPB) Kerken vallen er ook onder.

–verenigingen (winst kan niet worden verdeeld onder de leden) 2-8 indien en voor zover onderneming drijven
→ probleem terecht bij winst: vermogensetikettering: alleen die
–stichtingen (geen leden; winst kan niet worden verdeeld bestanddelen voor onderneming staan op balans, ander vermogen niet.
onder de bestuurders) Bij een bV en NV heb je dit probleem niet. Want alles is daar per
definitie ondernemingsvermogen.

Even kort nog civiel juridisch: Hebben leden maar die mogen de winst
11. Binnenlandse belastingplicht niet verdelen onder leden.. Verder nvt..

● Verenigingen en stichtingen (art. 2, lid 1, onderdeel 10. Verenigingen en stichtingen
e, VPB) Indien en voor zover een materiële onderneming drijven = toetsen of
● Indien en voor zover zij een onderneming drijven onderneming gedreven wordt.
(art. 2, lid 8, VPB)

–organisatie van kapitaal en arbeid; 11. Er moet sprake zijn v e mat onderneming→
4 vpb geeft uitbreiding onderrnemingsbegrip → geldt alleen
–deelneming aan het economisch verkeer; en voor ver en stichtingen 2-1-e dus niet voor nv of bv want die
drijven al een onderneming. + vreemdrt neefjes.
–winstoogmerk
–organisatie van kapitaal en arbeid;

–deelneming aan het economisch verkeer; en
12. Binnenlandse belastingplicht
–winstoogmerk
● Verenigingen en stichtingen (art. 2, lid 1, onderdeel
e, VPB)
● Art. 4 VPB (uitbreiding ondernemingsbegrip)
12. Potentiële concurrentie is ook genoeg. Als sprake is ve
–bedrijfsmatige organisatie waarmee in concurrentie wordt bedrijfsmatige concurrentie met een nv of bv.
getreden met o.a. een NV/BV (ook potentiële concurrentie; In art. 4 staat precies waarmee - potentiële - concurrentie, maar geen
geen structureel verlieslijdende ondernemingen). Vervangt structureel verlieslijdende ondernemingen.
winststreven (onderdeel a)

Document information

Study
Uploaded on
June 28, 2026
Number of pages
112
Written in
2025/2026
Type
Class notes
Professor(s)
M.j. boer
Contains
All classes
$18.86

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
2
Followers
0
Items
4
Last sold
7 months ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions