1. Kernbegrippen om te kennen
1.1 Bestuursorgaan (art. 1:1 Awb)
• a-orgaan: een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is
ingesteld. Voorbeelden: burgemeester, college B&W, gemeenteraad, minister.
• b-orgaan: een ander persoon of college met enig openbaar gezag bekleed.
Voorbeeld: de erkende garagehouder die een APK-keuring verricht (art. 78
Wegenverkeerswet).
• controleer ook altijd lid 2 voor uitzonderingen!
Art. 1:1 Awb Definitie van het bestuursorgaan (a- en b-orgaan), inclusief
uitzonderingen in lid 2.
1.2 Besluit (art. 1:3 lid 1 Awb)
Een besluit bestaat uit vier cumulatieve bestanddelen. Alle vier moeten aanwezig zijn:
• (1) Schriftelijke beslissing
• (2) van een bestuursorgaan
• (3) inhoudende een rechtshandeling — gericht op een rechtsgevolg (wijziging in
de wereld van het recht)
• (4) die publiekrechtelijk van aard is
Vormen van besluiten:
• Beschikking: besluit gericht op een concreet geval (bijv. parkeervergunning) — art.
1:3 lid 2 Awb
• Algemeen verbindend voorschrift (AVV): besluit van algemene strekking (bijv.
APV-bepaling)
Wat wordt ook als besluit beschouwd? (art. 1:3 jo. aanverwante
bepalingen)
• Afwijzing van een aanvraag van een beschikking — art. 1:3 lid 2 Awb
• Besluit aanvraag niet te behandelen — art. 4:5 Awb
• Fictieve positieve beslissing (lex silencio positivo) — art. 4:20b lid 1 Awb
• Het niet of niet tijdig nemen van een besluit — art. 6:2 onder b Awb
Wat zijn géén besluiten? (feitelijke handelingen)
• Feitelijke handelingen (bijv. verplaatsen bloembak)
• Feitelijke handelingen ter voorbereiding van een besluit (bijv. geluidsmeting bij
evenement)
, • Feitelijke handelingen ter uitvoering van een besluit (bijv. voordeur dichtspijkeren na
sluitingsbevel)
2. Attributie
Attributie betreft het scheppen van een éntotoété nieuwe bevoegdheid. Het is niet
gedefinieerd in de Awb.
Kenmerken
• Schepping van nieuwe bevoegdheid: er bestaat nog geen bevoegdheid, die wordt
nu gecreëerd.
• Wettelijke basis vereist (legaliteitsbeginsel): een orgaan met wetgevende
bevoegdheid creëerd via een wettelijk voorschrift een nieuwe bevoegdheid en kent
deze toe aan een bestuursorgaan.
• Niet gedefinieerd in de Awb.
Art. 172 Voorbeeld van een geattribueerde bevoegdheid (bevoegdheid
Gemeentewet burgemeester t.a.v. openbare orde).
3. Delegatie
Definitie (art. 10:13 Awb)
Het door een bestuursorgaan overdragen van een al bestaande bevoegdheid aan een ander
bestuursorgaan dat deze bevoegdheid onder eigen verantwoordelijkheid gaat uitoefenen.
• Delegans: het bestuursorgaan dat de bevoegdheid overdraagt.
• Delegataris: het bestuursorgaan dat de bevoegdheid ontvangt en uitoefent.
• Gevolg: de delegans kan de bevoegdheid na delegatie zelf NIET meer uitoefenen
(art. 10:17 Awb).
Voorwaarden voor delegatie
• Nooit aan ondergeschikten (art. 10:14 Awb).
• Altijd een wettelijke grondslag vereist (art. 10:15 Awb). Voorbeeld: art. 156 lid 1
Gemeentewet.
• Herkenbaar aan ‘bij of krachtens’: als een wetsartikel “bij of krachtens” vermeldt
(bijv. art. 4:34 lid 3 Wet op het financieel toezicht), duidt dit op delegatie.
• Delegeren is geen verplichting — als tot delegatie wordt besloten, gaat dit via een
delegatiebesluit (art. 10:19 Awb).
, Wat kan de delegans nóg na delegatie?
• Beleidsregels opstellen (art. 10:16 jo. 4:81 Awb).
• De delegatie weer intrekken (art. 10:18 Awb).
Bezwaar
Bezwaar moet worden ingediend bij de delegataris (die heeft immers de bevoegdheid en de
eigen verantwoordelijkheid).
Relevante wetsartikelen delegatie:
Art. 10:13 Awb Definitie delegatie
Art. 10:14 Awb Verbod op delegatie aan ondergeschikten
Art. 10:15 Awb Wettelijke grondslag vereist voor delegatie
Art. 10:16 Awb Beleidsregels door delegans na delegatie
Art. 10:17 Awb Delegans niet meer bevoegd na delegatie
Art. 10:18 Awb Intrekking delegatie
Art. 10:19 Awb Delegatiebesluit
4. Mandaat
Definitie (art. 10:1 Awb)
Mandaat is de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen. Een
door de gemandateerde binnen de grenzen van zijn bevoegdheid genomen besluit geldt als
een besluit van de mandaatgever (art. 10:2 Awb).
• Mandaatgever: het bestuursorgaan dat de bevoegdheid verleent.
• Mandataris: degene die namens het bestuursorgaan besluiten neemt.
Voorwaarden voor mandaat
Er is géén wettelijke grondslag vereist (art. 10:3 lid 1 Awb) — tenzij:
• Bij wettelijk voorschrift anders is bepaald (lid 1),
• De aard van de bevoegdheid zich tegen mandaatverlening verzet (lid 1),
• Er sprake is van een grond als bedoeld in art. 10:3 lid 2, 3 of 4 Awb (bijzondere
gevallen).