Samenvatting – Digitale communicatie
Hoofdstuk 1 – huisstijl:
1. Huisstijl houdt in:
Naam/Logo
Kleurgebruik Zorgt voor
Typografie herkenbaarheid
Beeldgebruik bij de
consument/mens
1.1. Naam:
Kies voor herkenbaarheid
Makkelijk uit te spreken
Makkelijk te onthouden
Makkelijk te schrijven
Logo:
Woordmerk -> Waarbij de merknaam ook het logo is. (BV. Coca cola,
canon)
Beeldmerk -> Waarbij er enkel een embleem of symbool is maar het
zo bekend is dat we het direct herkennen. (BV. Shell, starbucks)
Extra element = mascotte of een liedje
Logo moet doen aan deze eisen:
Duidelijk herkenbaar
Duidelijk leesbaar
Kan uitvergroten en verkleinen
Zowel grafisch als op mobiele applicaties herkenbaar
1.2. Kleurgebruik:
Symbolische waarde
Emotionele waarde -> felle kleuren bij kinderen, rustige kleuren bij
volwassen)
Signaalwaarde -> verkeersborden, melk (volle, half volle of magere)
1.3. Typografie:
Lettergrootte -> wordt aangegeven in points
Lettersoort - > schreefletter (times new roman), schreefloze letter
(Verdana), fantasieletter
Lettertype - > naam van de lettersoort
1.4. Beeldgebruik:
Omvat de consistente inzet van fotografie, illustraties en iconen om
de visuele identiteit en sfeer van een merk te versterken
Groepsfoto’s, portretfoto’s, foto’s van veraf of van dichtbij
1.5. Doelgroep en stakeholders:
Stakeholders = Belanghebbende persoon of organisatie die invloed
ondervindt van of kan uitoefenen op de organisatie. Zowel positief als
negatief.
Doelgroep = zijn de personen die het meest gebruik maken van je
dienst of product.
1
, Samenvatting – Digitale communicatie
o Verschil tussen de 2 is: Een stakeholder heb je, de doelgroep kies je
zelf. De doelgroep zijn de personen die gebruik maken van je
product of dienst.
1.6. Persona:
Een gedetailleerd, fictief profiel van je ideale klant, gebaseerd op
onderzoek data. Het brengt de doelgroep tot leven met een naam, foto,
biografie, doelen, pijnpunten en gedragskenmerken. Het doel is om een
mensgericht beeld te schetsen dat beslissingen makkelijker maakt. ->
geeft je enkel jouw versie van de waarheid = researche nodig.
Intern ream van researchers samenstellen
Brainstorm en doe deskresarche -> maak op basis hiervan je
persona
Doe interviews en enquetes met jouw doelgroep en check of het
klopt met de realiteit
Maak je persoon visueel
Customer journey en contentthema’s:
Geeft inzicht in de klantenreis en de touchpoints. Welke onderwerpen
gaan we aansnijden en welke media zetten we in binnen de campagne
Hoofdstuk 2 – Creëren van content:
2. Contentstrategie:
2.1. Contentcirkel:
Communicatiedoelen Contentkalender
Social persona’s Interactie
Kernthema & topics Monitoring
Mediaplatform
Je moet alle stappen doorlopen voor een goede communicatie = goede
strategie
2.2. Content:
Content = invulling van je communicatiemiddelen met teksten en
beelden die informatief, entertainend of activerend zijn.
Hart van contentstrategie = storytelling -> product als verhaal naar de
doelgroep brengen.
Content moet relevant zijn:
Een probleem oplossen
Rol spelen in het leven van de doelgroep
Amusant zijn
Bv: storytelling bij redbull is avontuurlijk en voor jong publiek
Belangrijke dingen waar we rekening mee moeten houden:
Meer mediakanalen
Meer (mobiele) apparatuur
2
Hoofdstuk 1 – huisstijl:
1. Huisstijl houdt in:
Naam/Logo
Kleurgebruik Zorgt voor
Typografie herkenbaarheid
Beeldgebruik bij de
consument/mens
1.1. Naam:
Kies voor herkenbaarheid
Makkelijk uit te spreken
Makkelijk te onthouden
Makkelijk te schrijven
Logo:
Woordmerk -> Waarbij de merknaam ook het logo is. (BV. Coca cola,
canon)
Beeldmerk -> Waarbij er enkel een embleem of symbool is maar het
zo bekend is dat we het direct herkennen. (BV. Shell, starbucks)
Extra element = mascotte of een liedje
Logo moet doen aan deze eisen:
Duidelijk herkenbaar
Duidelijk leesbaar
Kan uitvergroten en verkleinen
Zowel grafisch als op mobiele applicaties herkenbaar
1.2. Kleurgebruik:
Symbolische waarde
Emotionele waarde -> felle kleuren bij kinderen, rustige kleuren bij
volwassen)
Signaalwaarde -> verkeersborden, melk (volle, half volle of magere)
1.3. Typografie:
Lettergrootte -> wordt aangegeven in points
Lettersoort - > schreefletter (times new roman), schreefloze letter
(Verdana), fantasieletter
Lettertype - > naam van de lettersoort
1.4. Beeldgebruik:
Omvat de consistente inzet van fotografie, illustraties en iconen om
de visuele identiteit en sfeer van een merk te versterken
Groepsfoto’s, portretfoto’s, foto’s van veraf of van dichtbij
1.5. Doelgroep en stakeholders:
Stakeholders = Belanghebbende persoon of organisatie die invloed
ondervindt van of kan uitoefenen op de organisatie. Zowel positief als
negatief.
Doelgroep = zijn de personen die het meest gebruik maken van je
dienst of product.
1
, Samenvatting – Digitale communicatie
o Verschil tussen de 2 is: Een stakeholder heb je, de doelgroep kies je
zelf. De doelgroep zijn de personen die gebruik maken van je
product of dienst.
1.6. Persona:
Een gedetailleerd, fictief profiel van je ideale klant, gebaseerd op
onderzoek data. Het brengt de doelgroep tot leven met een naam, foto,
biografie, doelen, pijnpunten en gedragskenmerken. Het doel is om een
mensgericht beeld te schetsen dat beslissingen makkelijker maakt. ->
geeft je enkel jouw versie van de waarheid = researche nodig.
Intern ream van researchers samenstellen
Brainstorm en doe deskresarche -> maak op basis hiervan je
persona
Doe interviews en enquetes met jouw doelgroep en check of het
klopt met de realiteit
Maak je persoon visueel
Customer journey en contentthema’s:
Geeft inzicht in de klantenreis en de touchpoints. Welke onderwerpen
gaan we aansnijden en welke media zetten we in binnen de campagne
Hoofdstuk 2 – Creëren van content:
2. Contentstrategie:
2.1. Contentcirkel:
Communicatiedoelen Contentkalender
Social persona’s Interactie
Kernthema & topics Monitoring
Mediaplatform
Je moet alle stappen doorlopen voor een goede communicatie = goede
strategie
2.2. Content:
Content = invulling van je communicatiemiddelen met teksten en
beelden die informatief, entertainend of activerend zijn.
Hart van contentstrategie = storytelling -> product als verhaal naar de
doelgroep brengen.
Content moet relevant zijn:
Een probleem oplossen
Rol spelen in het leven van de doelgroep
Amusant zijn
Bv: storytelling bij redbull is avontuurlijk en voor jong publiek
Belangrijke dingen waar we rekening mee moeten houden:
Meer mediakanalen
Meer (mobiele) apparatuur
2