INHOUDSTAFEL
1. Wat is internationaal recht en hoe is het geëvolueerd? ........................ 5
1.1. Wat is internationaal recht? ........................................................ 5
Wat is een staat? ............................................................................... 6
1.2. De geschiedenis van het internationaal recht ................................ 7
1.3. Basiskenmerken .......................................................................10
2. Casusmethode (! EXAMEN: Belangrijk) .............................................12
Stappen bij het oplossen van een casus .................................................12
Stap 1: Het selecteren van de feiten ...................................................12
Stap 2: Het selecteren van de rechtsregel ...........................................12
Stap 3: De rechtsregels ontleden en de voorwaarden en rechtsgevolgen
bepalen ...........................................................................................12
Stap 4: Interpreteren van de voorwaarden ..........................................12
Stap 5: Toepassen van de rechtsregels op de feiten ..............................12
Oefening: Wat is genocide? ..................................................................13
3. Bronnen van het internationaal recht ...............................................14
3.1. Hoe komt internationaal recht tot stand?.....................................14
3.2. Verschillende soorten van internationale bronnen .........................16
Internationaal gewoonterecht.............................................................16
Verdragen .......................................................................................18
Algemene rechtsbeginselen (art. 38 Statuut Internationaal Gerechtshof) .19
Rechterlijke beslissingen en doctrine (rechtsleer) .................................20
Besluiten van internationale organisaties (niet in art. 38 Statuut) ...........21
Eenzijdige handelingen en verklaringen (niet in art. 38 Statuut) .............21
1
, Jus cogens (dwingend recht) en verplichtingen erga omnes ...................22
4. Verdragenrecht .............................................................................25
4.1. Internationaal gewoonterecht ....................................................25
4.2. Verdragen ...............................................................................25
Verdrag van Wenen (1969) ................................................................26
Verdrag van Wenen (1986) ................................................................28
Vorm van verdragen .........................................................................28
Hoe komt een verdrag tot stand? .......................................................29
Totstandkoming van een internationaal verdrag in België ......................32
Reserve of voorbehoud......................................................................36
5. Subjecten van Internationaal recht ..................................................44
5.1. Verschillende subjecten van internationaal recht ..........................44
Staten .............................................................................................45
Totstandkoming en wijziging van staten ..............................................63
5.2. Juridische beoordeling van claims van nieuwe staten ....................67
5.3. Zelfbeschikkingsrecht ...............................................................69
Vanwaar komt het zelfbeschikkingsrecht? ............................................69
Recht op het extern zelfbeschikkingsrecht buiten de koloniale context? ...73
Wie zijn de rechthebbende in het zelfbeschikkingsrecht? .......................75
5.4. Vrede en veiligheid ...................................................................76
6. Statenopvolging ............................................................................82
6.1. Verdrag van Wenen aangaande opvolging van staten met betrekking
op verdragen (1978) ...........................................................................82
6.2. Verdrag van Wenen aangaande de opvolging van staten met
betrekking tot staatseigendommen, archieven en schulden (1983) ............83
Continuïteit ......................................................................................85
Discontinuïteit ..................................................................................88
2
, 6.3. Wat nationaliteit betreft, zegt de statenopvolging dat men moet gaan
kijken naar de eigen regels van de staat ................................................90
6.4. Wat met betrekkingen tot eigendommen en schulden?..................91
Staatseigendommen .........................................................................92
Staatsschulden .................................................................................93
6.5. Lidmaatschap van internationale organisaties ..............................94
Secessie ..........................................................................................95
Ontbinding.......................................................................................95
7. Afbakening van staatsgezag ............................................................96
7.1. Belangrijkste beginselen ...........................................................96
Verbod op interventie........................................................................97
Verbod op het veroorzaken van grensoverschrijdende schade .............. 102
Rechtsmacht (of jurisdictie ) van een staat ........................................ 102
Staatsimmuniteit ............................................................................ 107
Erkenning van rechtshandelingen gesteld door een andere staat .......... 110
Diplomatiek en consulaire recht ........................................................ 110
Gezag van staten ........................................................................... 115
Verbod om geweld te gebruiken tegen andere staten .......................... 115
8. Aansprakelijkheid van staten, internationale organisaties en individuen ...
................................................................................................. 116
8.1. Aansprakelijkheid van staten ................................................... 116
In ‘Draft Article on State Responsibility’: bepaalde verdedigingsgronden zijn
.................................................................................................... 118
Aansprakelijkheid leidt tot rechtsherstel ............................................ 120
Schending tegenover rechtspersonen ................................................ 121
8.2. Aansprakelijkheid van internationale organisaties ....................... 122
8.3. Aansprakelijkheid van individuen ............................................. 123
3
, 9. Geschillenbeslechting: Doorwerking van het internationaal recht in België
................................................................................................. 125
9.1. Rechtshandhaving en geschillenbeslechting ............................... 125
9.2. Oplossing voor geschillen ........................................................ 127
Diplomatieke (of politieke) methode ................................................. 127
Juridische methode ......................................................................... 128
Werking van het Internationaal Gerechtshof ...................................... 129
10. Doorwerking internationaal recht in België ...................................... 133
10.1. Receptie internationaal recht in de nationale rechtsorde .............. 134
Onder welke voorwaarden (Hoe) maakt het internationaal recht deel uit van
de Belgische nationale rechtsorde? ................................................... 134
Wat zijn de instrumenten van de doorwerking? In welke situaties wordt de
overheid geconfronteerd met het internationaal recht? ........................ 138
4