De situatie begin 20e eeuw
Men wist: genen zitten op chromosomen, en chromosomen bestaan uit DNA + eiwitten.
Grote vraag: welke van de twee is het erfelijk materiaal?
mijn dacht eerste eiwitten want: Complex, gevarieerd, opgebouwd uit 20 aminozuren →
leek ideaal om informatie te dragen + DNA leek te simpel (slechts 4 basen).
Doorbraak experimenten
1. Griffith (1928) – transformatie
Werkt met bacteriën:
o pathogeen (ziekmakend)
o onschadelijk
=> Dode pathogene + levende onschuldige →
ziekmakend
Conclusie:
=> Er bestaat een “transformerende factor”
2. Avery, McCarty, MacLeod (1944)
Toonden aan: DNA = transformerende stof
=>Dus DNA draagt erfelijke info
Toch veel twijfel → eiwithypothese bleef bestaan
3. Hershey & Chase (1952)
Gebruikten bacteriofagen
(virussen): T2-fagen bestaan uit
DNA + eiwit.
Ze labelden DNA met radioactief
fosfor en eiwit met radioactief
zwavel.
Alleen het DNA kwam de
bacteriële cel binnen tijdens
infectie
=> enkel DNA komt cel binnen =>
DNA is het genetische materiaal van
de faag
, 4. Wet van Chargaff door basensequentie
Basensamenstelling DNA is verschillend in elk species
A en T gelijk aan elkaar en G en C
Structuur van DNA
Nucleotide = bouwsteen
o Fosfaat → verbinding
o Deoxyribose → structuur
o Base (A, T, G, C) → informatie
DNA = polymeer
o Lange keten van nucleotiden
Dubbele helix
Antiparallel
o Streng 1: 5' → 3'
o Streng 2: 3' → 5' → essentieel voor replicatie
Basenparing
o A–T (2H), G–C (3H) via waterstofbruggen
Logica van de structuur
o Purine + pyrimidine = juiste breedte (purines: A, G — pyrimidines : C, T)
Ruggengraat
o Suiker-fosfaat buitenkant
Naam Bijdrage
o Basen binnenin → bescherming van info
Rosalind Franklin X-ray foto DNA
Ontdekking van de DNA-structuur
Maurice Wilkins structuuronderzoek
X-stralen diffractie
Toonde: Watson & Crick model DNA
-helixvorm
-breedte
-afstand basen
-2 strengen
Redenering Watson & Crick
o basen moeten specifiek paren
o Het Watson-Crick model verklaart de wet van
Chargaff