Betere technieken zorgen voor betere chromosomen
Structurele chromosomale afwijkingen
o Stuk te veel of te weinig
o Isochromosome: 2 keer p-arm of 2 keer q-arm (combinatie van
duplicatie en deletie)
o Ring chromosome: zeldzaam, er gebeurt breuk op uiteinde van
chromosoom → proberen herstellen en oplossen door fusie van
telomeren, leidt tot deletie die heel klein kan zijn
o Hoe groter deletie, hoe groter de kans dat er dossagegevoelige genen in
liggen
o Als je een breuk in een dossagegevoelig gen hebt → je krijgt geen
functioneel mRNA → dan heb je wel een fenotypische verandering
o Reference-inversion: 2 afgeleide chromosomen waarbij alle materiaal
aanwezig is, maar gereorganiseerd , heeft meestal niet direct
fenotypische gevolgen
o Wanneer je een overexpressie hebt van een gen → problemen bij
kanker, daar heel veel chromosomale afwijkingen, lymfocyten gaan
plots enorm beginnen delen (somatische translocaties)
, Structurele chromosomale afwijkingen:
translocaties
o Reciproke translocatie
Breuk ergens in de p-arm of in de q- arm
o Robertsoniaanse translocatie
Breuk specifiek in de centromeren van de
acocentrische chromosomen
Structural variation – translocation – 46,XX,t(3 ;5)
(p24.1;q14.1)
o Chromosoom 3 en 5: chromosomen zijn niet
identiek
o Translocatie tussen 3 en 5
o p24.1;q14.1 is de locatie van de translocatie
Translocaties zijn belangrijke oorzaak van fertiliteitsproblemen
o 1/500 drager van een schijnbaar gebalanceerde
translocatie
Meiotische recombinatie bij reciproke
translocaties
o Derivatief 3 omdat het centromeer aanwezig is
o Geen enkel probleem bij mitotische celdeling
o Gaan met 4 tegen elkaar liggen zodat er zo veel mogelijk paring is van
de stukken die overeen komen
o Tijdens het pachyteen (meiotische profase I) trachten de
getransloceerde chromosomen tot een optimale synapsis te komen
o Vorming van een quadrivalent in plaats van bivalent
, o 6 mogelijke vormen
Alternerend (perfect normale gameet)
Nabuur 1 (altijd materiaal te veel en te weinig)
Nabuur 2 (altijd materiaal te veel en te weinig)
o Nabuur 1 komt veel meer voor dan nabuur 2
Omdat in elke gameet een centromeer 3 en een
centromeer 5 heeft
Bij nabuur 2 heb je 2 keer centromeer 3 in gameet en 2
keer centrosoom 5 in andere gameet
o Implantatie en overlevingskansen hangen af van aard en grootte van
de resulterende deletie en duplicatie
Robertsoniaanse translocatie
o P-armen bevatten enkel ribosomaal coderende regio’s,
geen probleem als deze verloren gaan want we
hebben nog 8 andere chromosomen die die
ribosomaal coderende regio’s bevatten
o 5 verschillende acocentrische chromosomen:
13,14,15,21 en 22
Meiotische recombinatie bij Robertsoniaanse translocatie