DEEL 1: INKOMSTENBELASTING
1. AANGIFTEVERPLICHTING (ART. 305-314 WIB)
• Aangifteplicht en bewijslast
o Legaliteitsbeginsel (art. 170 § 1 GW): De fiscus moet bewijzen dat iemand belastbare inkomsten heeft
genoten
o De belastingplichtige moet zijn beroepskosten en andere fiscale aftrekbare uitgaven (giften,
pensioensparen) bewijzen ( art. 172 GW)
o Hoewel grondwettelijk de fiscus eerst aan zet is, voorzien de diverse fiscale wetboeken meestal in een op
de belastingplichtige rustende aangifteplicht (jaarlijks, maandelijks, per kwartaal, per verrichting)
§ Inzake inkomstenbelastingen wordt dit geregeld door artikel 305 WIB92 = de jaarlijkse aangifte
o Wat en waarom?
§ Belastingplichtige brengt inkomsten, uitgaven, verminderingen enz. ter kennis van de fiscus
§ Voor fiscus de basis van de belastingheffing, aangifte wordt vermoed correct te zijn (art. 339 wib)
• Belang en bewijswaarde aangifte
o Artikel 339 WIB92: Aangifte heeft bewijskracht tot bewijs van het tegendeel: wettelijk vermoeden van
juistheid
§ Bindt de belastingplichtige (maar kan tegendeel bewijzen)
§ “Bindt” de administratie
§ Indien aangifte via tax on web, kan deze één keer worden gewijzigd binnen aangiftetermijn, deze
versie is dan de definitieve versie
§ Nadien is correctie ook mogelijk: Binnen de bezwaartermijn (één jaar): Zowel materiële
vergissingen als juridische vergissingen. Na de bezwaartermijn (na één jaar): enkel materiële
vergissingen rechtzetten
§ Maar administratie kan na controle rectificaties doorvoeren
o Toevoeging inkomsten: bewijslast op administratie
o Aftrekposten en vrijstellingen: bewijslast op belastingplichtige
o Bij gebrek aan aangifte (laattijdig):
§ ambtshalve vaststelling van belastbare grondslag en
§ omkering bewijslast EN
§ verlengde controle- en aanslagtermijn! (4 jaar ipv 3 jaar)
• Soorten aangiften:
o Jaarlijkse aangifte: PB, belasting van niet-inwoner, Venb, RPB
o Aangifte roerende voorheffing
o Aangifte bedrijfsvoorheffing
• Vorm: papieren aangifte (aangifte PB) of via elektronische weg (soms verplicht)
1
,1.1. DE JAARLIJKSE AANGIFTE: WIE?
(1) Uitgangspunt indienen aangifte IB – art. 305 WIB
• Belastingplichtigen onderworpen aan de personenbelasting
o = iedere rijksinwoner die belastbare inkomsten verwerft of kan verwerven
§ Definitie rijksinwoner (art. 2 WIB92): woonplaats of zetel van fortuin in België (waar men zijn vermogen
heeft)
§ = ontstaan vaak woonplaatsconflicten, indien domicilie in het buitenland, dus rekening houden met
dubbelbelastingverdragen om de voornaamste band met de woonplaats vast te stellen
o Meerderjarigen (in principe iedereen), ook zonder beroepsinkomsten, bv. onroerende of roerende
inkomsten die belastbaar zijn.
o Ook minderjarigen met beroepsinkomsten (vaak VVA) of bepaalde diverse inkomsten (ontvangen
alimentatiegelden) moeten eigen aangifte indienen op eigen naam
§ Uitz: onder 16 jaar en het netto-bedrag (80%) niet meer bedraagt dan de belastingvrije som – AJ 2025:
10.570 euro)
• Bijzondere gevallen:
o Overlijden: aangifteplicht berust op de erfgenamen/algemene legataris/begiftigde
o Wettelijk onbekwaam verklaarden (wettelijke vertegenwoordiger: ouder of voogd)
§ Personen met een bewindvoerder: bewindvoerder mag aangifte doen voor pupil (maar kan niet
gesanctioneerd worden)
o Analfabeten (door personeelslid Financiën; ook dienstverlening aan andere belastingplichtigen)
o Faillissement: gefailleerde of curator (maar kan niet gesanctioneerd worden)
o Lasthebber: bewijs van volmacht (advocaat heeft dit niet nodig – vermoeden van mandaat)
§ Bewijs hoeft niet (maar kan) bij de aangifte worden gevoegd: fiscus moet dit opvragen
§ In permanent dossier van belastingplichtige; Evt. via tax-on-web (langere termijn)
§ Volmacht moet voldoende precies zijn. Een lastgeving om de aangifte in te dienen, is niet automatisch
volmacht om een akkoord te tekenen of afstand van bezwaarschrift
o Gehuwden en wettelijk samenwonenden (art. 126 wib): verplicht gemeenschappelijke aangifte want krijgen
gem.aanslag – aparte belastbare inkomsten
§ Cass. moet door beiden ondertekend worden. Zo niet → ongeldig → aanslag van ambtswege
§ Uitz. gemeenschappelijke aangifte:
§ Geldt niet voor het eerste jaar huwelijk en jaar van ontbinding van het huwelijk → afzonderlijke
aangifte
§ Bij overlijden keuze gezamenlijke aanslag, afhankelijk van wat het meest voordelig is
§ Jaar van feitelijke scheiding: in principe gezamenlijke aangifte
§ afzonderlijke aangifte wordt aanvaard, maar gezamenlijke aanslag (Tax on web TOW: alleen
gezamenlijke aangifte mogelijk)
2
,(2) Uitzonderingen op de aangifteplicht
• Vrijgesteld én voorstel van vereenvoudigde aangifte (art. 306 §2 WIB92 en artikel 178 § 2 KB WIB92)
o Administratie zendt aan bp een voorstel van aangifte (VVA) indien de elementen reeds aan de fiscus
bekend zijn (fiscale fiches)
§ Bv. Gepensioneerden, werklozen, ziekte- en invaliditeitsuitkeringen, persoonsgegevens enz.,
loontrekkenden (vanaf aj. 2018 geen grens meer voor bezoldigingen)
§ Uitbreiding toepassingsgebied door KB van 30 april 2020:
§ premies voor rechtsbijstandverzekering
§ enkel inkomsten uit ‘code 1106-onroerende goederen’
§ uitgaven hypothecaire lening eigen woning & individuele levensverzekering
o Procedure: twee mogelijkheden
§ Bp moet enkel reageren op VVA indien hij niet akkoord is (binnen termijn van één maand) – onjuist of
onvolledig
§ Bp die VVA aanvaard => aanslag gevestigd op basis van voorstel
o Geen VVA bij ontbrekende of onvoldoende adequate gegevens
§ bv. verhuis, huwelijk of echtscheiding, meerdere leningen…
§ geen recht op een vereenvoudigde aangifte (bv zelfstandigen)
• Vrijgesteld zonder voorstel van aangifte (art. 178/1 KB WIB92)
o Als de inkomsten onder de belastingvrije som blijven en er zijn geen bijzondere elementen, stuurt de fiscus
soms zelfs geen VVA → feitelijke vrijstelling van aangifte.
• Geen vrijstelling mogelijk (art. 178 § 3 KB WIB92)
o Buitenlandse inkomsten of buitenlandse rekeningen/levensverzekeringen
o In het belastbaar tijdperk overleden zijn
o Woonplaats in het buitenland maar met zetel van fortuin in BE
o Onderworpen aan de Kaaimantaks
o Inkomsten die moeten worden aangegeven in deel 2 van de aangifte (bv. beroepsinkomsten voor
zelfstandingen, bedrijfsleiders …)
o BP die lening geven aan startende KMO (crowdfunding)
3
, 1.2. TERMIJN – ART. 308 EN 308/1 WIB
1.2.1. ALGEMENE REGELS (PERSONENBELASTING)
• A. De gronden voor belastbaarheid zijn nog aanwezig op 1 januari v/h AJ
o Papieren aangifte (30 juni),
o Elektronische aangifte
§ 15 juli vh aj, minimum één maand
§ 16 oktober vh aj indien specifieke inkomsten – “complexe aangifte (vanaf aj 2024) (bv. zelfstandige
activiteit of buitenlandse inkomsten)
o Termijn mag niet korter zijn dan 1 maand na verzending aangifteformulier
§ Cass. onderscheid termijn van indiening papieren en elektronische aangifte is discriminerend. Nu in
functie van complexiteit v/d aangifte (indieners/mandataris niet van belang)
o Geen aangifteformulier ontvangen? Zelf aanvragen tegen 15 juni.
o Relevante tijdstip: toekomen bij de fiscus (papier: scanningscentrum Gent (NL)/ Namen (FR of D))
• B. De gronden voor belastbaarheid zijn voor 31 december weggevallen (art. 309 wib)
o Aangifte speciaal = deel van het jaar waarin de gronden aanwezig waren (aanslagjaar = inkomstenjaar)
(art. 203 KBWIB) → zelf een aangifteformulier aanvragen
§ Door emigratie (dan vallen de redenen voor PB weg, ev. wel voor BNI indien onroerende inkomsten of
andere) = verplicht indien binnen 3 maanden na emigratie
§ Aangeven hoeveel maanden men rijksinwoner was (pro rata)
§ Bv: je verhuist op 7 juni naar Kaapverdië = aangifte speciaal voor 5/12 maanden (15de van de
maand is bepalend)
§ >< Overlijden van de BP: geen “aangifte speciaal” meer
§ Voor jaar van overlijden: normale PB-aangifte (30/6 – 15/7).
§ Voor jaar vóór overlijden: extra tijd: minimum 5 maanden vanaf datum overlijden (art. 308 §2).
• Forfaitaire belastingplichtigen
o Bepaalde beroepen met forfaitaire winstbepaling (bakker, slager, kapper, landbouw, …): aangifte tot 15
januari van het jaar volgend op het aanslagjaar.
o Omdat de forfaits pas later worden onderhandeld en gepubliceerd.
• Laattijdige aangifte = geen aangifte
o Vanaf 17 juli 2017: belastingverhoging
o Vanaf aj 2023: verlengde controletermijn
4