Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 44 pages
Summary

Samenvatting Consumentengedrag, H1 t/m 12

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 44 pages

Uit het boek Consumentengedrag 7e druk is hoofdstuk 1 t/m 12 samengevat. De belangrijkste informatie voor het tentamen.

Content preview

Consumentengedrag samenvatting
Hoofdstuk 1 Consumentengedrag en scenario’s
Consumentengedrag: Al het gedrag dat een consument vertoont bij het zoeken naar, het kopen, het
gebruiken/verbruiken, het evalueren en het zich ontdoen van producten, diensten en ideeën

Customer Activity Cycle: Een visuele cirkel dat de customer journey representeert. De cirkelt bevat
de fases;
• Pre-aankoopfase: behoefte bepalen, informatie zoeken
• Aankoopfase: bij diensten inclusief de consumptiefase
• Post-aankoop: gebruiken, evalueren en afdanken

Bij consumentengedrag gaat het niet alleen maar over het ‘kopen’, maar juist ook de reden waarom
iemand iets koopt, hoe hij daarover is gekomen, is hij blij met zijn keuze etc.

Informatie- en communicatietechnologie (ICT): is in de Customer Activity Cycle niet weg te denken,
denk aan apps, forums op social media en webshops

“Consumentengedrag betreft niet alleen producten en diensten, maar ook ideeën”.

Ideeën: activiteiten of informatie-uitingen voor niet-commerciële doeleinden die de consument
worden aangeboden
• Campagnes van de rijksoverheid over geweld in huiselijke kring
• Orgaandonatie of de snelheidslimiet
• Actie stichting ‘Wakker Dier’ om geen plofkip te kopen
• Verkiezingscampagne van een politieke partij

Idee overnemen: zich gedragen volgens het idee

Normatief (ideaal) beslissingsproces: 6 fasen die de consument doorloopt
1) Een behoefte vaststellen; Begint op het moment dat een consument een behoefte ervaart,
omdat de situatie waarin hij bevindt anders is dan de door hem gewenste.
- Door verandering van huidige/gewenste situatie
2) Informatie verzamelen; Over producten/diensten en aanbieders.
3) Evaluatie van alternatieven; Op basis van de informatie van de vorige fase zal de consument
verschillende alternatieven afwegen. (vergelijken)
4) Beslissing nemen
5) Gebruiken
6) Evalueren; Consument gaat na of het product/dienst aan de verwachtingen voldoet

Routinematig beslissingsgedrag: vanuit gemakzucht vertrouwt de consument op eerdere ervaringen.
Ze nemen niet de moeite om alle alternatieven af te wegen

Afwisselingsgericht koopgedrag: de behoefte aan iets anders, niet elke keer iets anders.
• Niet elke dag sperziebonen
• Niet elk jaar naar dezelfde vakantieplek

,Situatiebepaald: van de omstandigheden afhankelijk hoe het beslissingsproces verloopt
• Omstandigheden tijdens de beslissing zelf; vanwege hoge tijdsdruk
• Winkelomgeving of de stemming waarin de consument bevindt

Impulsief koopgedrag: consument wordt gestimuleerd aankopen te doen die hij niet vooraf had
gepland, door omstandigheden en stemming

3 soorten beslissingsprocessen
1) Uitgebreid probleemoplossend beslissingsgedrag; belangrijke beslissing, is de bereidheid om
informatie te zoeken en te verwerken groot.
• Aanschaf nieuwe telefoon met allerlei (onbekende) mogelijkheden
2) Beperkt probleemoplossend beslissingsgedrag; beslissing minder belangrijk, is de bereidheid
om informatie te zoeken en te verwerken minder
• Wasmiddel in plaats van waspoeder, om het uit te proberen
3) Routinematig beslissingsgedrag; gewoontevorming, doordat de ervaring met een product
toeneemt. Externe informatie zieken is dan ook een heel stuk minder.
• Steeds hetzelfde merk kiezen
• Online shoppen

Gedragsscenario: Combinatie van persoon (of consument), object (of aanbod) en context (of
omgeving)

Optimizers: Consumenten die alleen met het allerbeste alternatief genoegen nemen en blijven
wachten tot ze beste keuze hebben gemaakt
Satisficers: Consumenten die liever niet meer tijd en moete aan beslissingsprocessen nemen. “Goed
is goed genoeg”

Factoren die bepalen op welke wijze het beslissingsproces wordt doorlopen
1) De betrokkenheid van de consument bij het object
2) De kennis van of ervaring met het object
3) De beschikbare middelen (tijd & geld)

Industrieel koopgedrag: het vervullen van de behoefte van de organisatie en de afnemers van de
producten en diensten van die organisaties (studenten, patiënten, leden en dergelijke)
Business-to-businessmarketing: behoort tot industrieel koopgedrag.

Massamarketing: wanneer er geen rekening wordt gehouden met verschillen tussen consumenten
Passieve consument: Marktpartij die niet weet wat die wilt, maar manipuleerbaar is door de
activiteiten van de marketeer
Cognitieve consument: informatieverwerker en probleemoplosser. De consument bepaalt zelf
wanneer hij vindt dat hij voldoende informatie heeft verzameld om een beslissing te kunnen nemen
Emotionele consument: Neemt beslissingen op basis van gevoelens die het betreffende product bij
hem oproepen en niet op basis van praktische overwegingen
Experiencer: De consument laat keuzes leiden door waarden en trends
• Apple-gebruikers kiezen voor Apple omdat ze dan zich voelen als een ‘Apple-fan’

Kritische, proactieve consument: Door internet kunnen ze veel informatie winnen, hierdoor worden
ze kritischer

,3 soorten aankopen;
Routinematige her aankoop: Weinig informatie nodig en het beslissingsproces wordt kort
doorgelopen. Het gaat om het ‘bijbestellen’ van producten en diensten, omdat de vorige leveringen
tevreden verliep
Gewijzigde her aankoop: Nodige informatie wordt verzameld en verwerkt, en zullen nieuwe
alternatieven worden overwogen. Niet zomaar de routinematige her aankoop te verrichten
Nieuwe aankoop: Uitgebreid informatie verzameld en advies ingewonnen. Aantal alternatieven dat
overwogen wordt is vaak groot

Decision making unit: verschillende afdelingen betrokken bij inkoop
• Beslissers (deciders): oefenen de formele en de informele macht uit om de uiteindelijke
leveranciers te selecteren of goed te keuren
• Poortwachter (Gatekeeper): Bepalen in hoge mate welke informatie tot bepaalde personen
doordringt, maken geen zelfstandige verkoopbeslissers
• Beïnvloeders (influecers): Definiëren de specificaties en helpen met het formuleren van
alternatieven
• Kopers (buyers): Selecteren leveranciers en arrangeren de voorwaarden van inkoop. Zijn de
economische inkopers, zij moeten handtekeningen zetten
• Gebruikers (users): doe ervaring op met de dienst, het artikel op productiemiddel.

, Hoofdstuk 2 De marketingcontext
Massaproductie: Veel vraag naar producten, veel meer dan er werd aangeboden
Productie georiënteerd: Focussen op zo snel en goedkoop mogelijk te produceren
Productoriëntatie: Consument kiest een product uit het totale aanbod dat kwalitatief het beste is
Verkooporiëntatie: strijd met concurrentie, door te richten op betere verkoopmethoden in plaats
van verbetering van het product
AIDA-formule: Attention – Interest – Desire – Action. Formule om de consument iets te laten kopen,
nadeel is dat hij waarschijnlijk niet blij is met de aankoop, omdat hij in eerste instantie het niet wilde
kopen.
Consumentenoriëntatie: Producten maken waarvan je weet dat dat er kopers voor zijn. Aangeboden
product sluit goed aan op de wensen van de doelgroep

Sustainable competitive advantage: Duurzaam verdedigbaar concurrentievoordeel

Klantwaarde: Is de verhouding tussen de kwaliteit en prijs
Met bijspelende factoren: extra voordelen, extra kosten, positieve emoties en negatieve emoties

Marketingspiraal: laat zien dat het zoeken naar
onderscheidende meerwaarde juist zorgt voor steeds minder
onderscheidende meerwaarde
Innovatiespiraal: Heeft betrekking op de P van product.
Marketeers laten zich niet leiden door de consument, maar
door de concurrent. Meerwaarde bieden in product.
Communicatiespiraal: Heeft betrekking op de P van promotie.
Wordt versterkt door Social Media. Jezelf onderscheiden met
reclames, de concurrenten doen dit ook. Totdat er geen
verschil meer is. Meerwaarde bieden in communicatie.
Sociale-mediaspiraal: Aanbieders maken gebruik van social
media, effect neemt af en aanbieders versturen meer
berichten
Distributiespiraal: Betrekking op P van Plaats. Iedereen
probeert zoveel mogelijk kanalen te gebruiken om in contact
te komen met de consument. Meerwaarde bieden in
distributie
Prijsspiraal: Betrekking op P van Prijs. Wanneer het niet lukt
om meerwaarde te bieden in product, communicatie en
distributie. Kan je de prijs verlagen (meerwaarde in prijs)

Operational excellence (totale kosten): Kostleiderschap
- Alle operationele processen, bekwaamheden en capaciteiten
zo effectief en efficiënt mogelijk in te zetten, om de producten
voort te brengen waar de markt om vraagt.

Economies of scale: Het afzetten van zodanig grote aantallen, dat er minder kosten zijn per eenheid
product.

Connected book
 image
Jeske Nederstigt, Theo Poiesz Consumentengedrag
Publisher: Februari 2018 ISBN: 9789001886844 Edition: 7

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
1 t/m 12
Uploaded on
June 8, 2021
Number of pages
44
Written in
2020/2021
Type
Summary
$5.34

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
3
Followers
2
Items
7
Last sold
1 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions