ONDERHOUDSUITKERINGEN (VAK VI & VAK VIII)
Genieter, relatie met Vak VIII
Genieter = belastingplichtige die onderhoudsgeld ontvangt.
Kinderen: ongeacht leeftijd moeten ze de ontvangen
onderhoudsuitkeringen aangeven.
o Uitzondering: minderjarige <16 jaar met ontvangen
onderhoud < 10.910 EUR (AJ 2026) → vrijstelling van
aangifteplicht.
Relatie Vak VI – Vak VIII:
o Ontvangen → belastbaar als Divers Inkomen (Vak VI)
o Betaald → aftrekbare besteding (Vak VIII)
Belangrijk: Voorwaarden belastbaarheid = voorwaarden
aftrekbaarheid. Geen correlatie (dus aftrek bij de ene ≠
belastbaarheid bij de andere, al zijn de regels dezelfde).
Voorwaarden voor belastbaarheid (art. 90, 3° WIB 1992)
Drie cumulatieve voorwaarden:
1. Uitkering ter uitvoering van wettelijke verplichting (B.W.* / G.W.* of
vergelijkbare buitenlandse wetgeving)
2. Gerechtigde maakt geen deel uit van het gezin van de
onderhoudsplichtige
3. Onderhoudsgelden moeten regelmatig betaald worden
➕ Extra voorwaarde vanaf AJ 2027: uitkeringsgerechtigde moet
inwoner zijn van EER (incl. België) of Zwitserland. Anders geen
belastbaarheid en geen aftrek.
1
, 1. Voorwaarde 1 – Verplichting B.W./G.W.
Onderhoudsverplichting geldt voor:
o Echtgenoten (ook feitelijk gescheiden)
o Ex-wettelijk samenwonenden
o Bloedverwanten in opgaande/nederdalende lijn (ouders, kinderen,
grootouders)
Kosten aan kinderen
Gewone kosten = dagelijks onderhoud
Buitengewone kosten = uitzonderlijk, noodzakelijk, onvoorzien,
bovenop vastgelegd bedrag (bv. medische kosten, studie)
2. Voorwaarde 2 – Geen deel van het gezin
Beoordeeld op datum van betaling, niet op 1/1/AJ.
Tijdelijke situaties (reis, studie) = nog steeds deel van het gezin.
3. Voorwaarde 3 – Regelmatige betaling
Vertraging toegestaan indien < 3 maanden na de maand waarop
bet. betrekking heeft.
o Voorbeeld: Februari 2025 → betaling vóór eind april 2025.
Buitengewone kosten → regelmaat niet vereist.
Achterstallen zijn belastbaar als:
o Ze door een gerechtelijke beslissing met terugwerkende kracht zijn
toegekend.
o Ze in een later BT betaald worden.
Regelmaat begint pas te tellen vanaf de datum van de
gerechtelijke beslissing.
Belastbaar bedrag – 70% (art. 99 WIB 1992)
80% → 70% (bedrag aanpassen in wetboek)
Forfaitaire aftrek van 30% wordt automatisch toegepast → geen
extra kostenaftrek (bv. geen gerechtskosten).
Enkel ontvangen tijdens het inkomstenjaar zijn belastbaar.
Niet regelmatig betaald = niet belastbaar.
In aangifte: werkelijk regelmatig ontvangen bedrag.
2
, In taxatie: 70% van werkelijk ontvangen bedrag als DI bij NGBI.
Wijzigingen art. 99 WIB 1992
Vanaf AJ 2026: geleidelijke verlaging van 80% naar 50% over 3
jaar:
AJ Inkomstenjaar % belastbaar
AJ 2026 2025 70%
AJ 2027 2026 60%
AJ 2028 2027 50%
Taxatieregime (Schema)
Schema (Fase 1) met gele markering: 70% van werkelijk
ontvangen bedrag onder (DI).
Conclusie: 70% wordt opgeteld als DI bij NGBI en belast
aan progressief tarief.
2 soorten onderhoudsuitkeringen
Niet-gekapitaliseerd (werkelijk ontvangen bedrag)
Gekapitaliseerd (fictief jaarbedrag)
(Herhaling codes uit vorige slide)
Code x192
Code x192 = werkelijk regelmatig ontvangen bedrag.
70% belastbaar, geen extra kosten.
Tarief: progressief.
Gekapitaliseerde uitkeringen (art. 170 WIB 1992)
Kapitaal wordt niet in één keer belast, maar via fictieve
jaarrente.
Omzettingsrente = kapitaal × omzettingscoëfficiënt (art. 73
KB/WIB92).
3
, Let op: Wetgever was art. 170 vergeten aan te passen, maar via
wetsontwerp wordt retroactief 70% toegepast.
Elk jaar aangeven en belasten tot overlijden van de ontvanger.
Leeftijd bij Coëfficiën
betaling/toekenning t
≤ 40 jaar 1
41-45 jaar 1,5
46-50 jaar 2
51-55 jaar 2,5
56-58 jaar 3
59-60 jaar 3,5
61-62 jaar 4
63-64 jaar 4,5
Tabel omzettingscoëfficiënten (art 73 KB)
4