HOOFDSTUK 0 : HERHALINGSLES + AANVULLING
AFD 1 : EUROPESE SAMENWERKING INITIATIEVEN NA WO II
2 categorieën
Communautair/supranationaal >< niet-communautair/Intergouvermenteel
Intergouvermenteel
Marshall-plan (OEES/OESO)
Benelux (1944)
Raad van Europa (1949)
EU is GEEN lid vd RvEU (echte & professionele reden) verzuurde relatie
Waarom is het toetreden tot het EVRM zo belangrijk? (2 redenen – Bosporuszaak)
EVA/EFTA
≠ EU (kiest voor vrijhandelszone ipv douane unie)
Supranationaal
EGKS via eco samenwerking een oorlog vermijden
EDG oprichten van een Europees leger (Frans parlement weigert ratificatie)
EPG ook mislukt aangezien EDG ook mislukt is
EEG gemeenschappelijke markt creëren (afschaffen alle belemmering vh intracommunautaire handelsverkeer)
EURATOM focus op kernindustrie
1
,AFD 2 : DE UITBREIDING VAN DE EU
Toetreding (art 49 VEU) tussen de nieuwe LS en de andere LS
Criteria
‘Europese staat’
Kopenhagen-criteria
Voldoende capaciteit
Procedure : verzoek bij de Raad toetredingsonderhandelingen toetredingsakkoord
Uittreding (art 50 VEU) tussen de EU en de uittredende LS
Normaal na 2jaar (zaak Wightman stopzetting uitzettingsprocedure)
AFD 3 : VERDIEPING VAN DE EU
Verdrag van Maastricht (1991/1993)
~verdrag van de EU
EEG-verdrag werd EG-verdrag
EMU
EU-burgerschap
Verdrag van Amsterdam (1997/1999)
Belangrijk voor het Schengen-acquis
Ontstaan buiten de EG
Afschaffing controles ad binnengrens voor personen en goederen + controles aan de buitengrenzen via identieke procedures
2
,Verdrag van Lissabon
Realisatie constitutionele Handvest vd EU
Zelfde status als de EU-verdragen
Actief- en passief personeelstoepassingsgebied + materieel toepassingsgebied
Afschaffen tempelstructuur (fronton + pijlers)
Burgerinitiatief
Vrijwillige uittrede
Permanente voorzitter vd Europese Raad (art 15 VEI)
Europa van 2 snelheden
Eurozone NIET overal de euro
Schengenzone GEEN binnengrens, maar wel sterke buitengrens
Nauwere samenwerking
3
, DEEL 1A : STRUCTUURKENMERKEN & FUNCTIONEREN VAN DE EU
Er gelden 2 verdragen VEU + VWEU (ze zijn gelijkwaardig verandering sinds Verdrag van Lisabon)
HOOFDSTUK 1 : HET VERDRAG BETREFFENDE DE EUROPESE UNIE
AFD 1 : DE BELANGRIJKSTE BEGINSEL IN HET UNIERECHT
Beginsel van toegekende bevoegdheden/attributiebeginsel
Binnen de grenzen die haar door de LS in de verdragen zijn toebedeeld
GEEN algemene bevoegdheid
GEEN kometenz-kompetenz
Rechtsbasis aanwijzen om te kunnen handelen (verdragen/eerder aangenomen afgeleid recht)
Geen al te strikte toepassing werking vd EU verhinderen
Nuancering
EU-verdragen zijn kaderverdragen
Doctrine van impliciete bevoegdheden (teleologische interpretatie of effet utile-redenering – ERTA zaak)
Flexibiliteitsclausule (art 352, lid 1 VWEU) grenzen zachte variant vh attributiebeginsel
Unanimiteit van de stemmen
Geen bevoegdheid als die exclusief is uitgesloten
De EU kan zijn bevoegdheden door dit artikel NIET uitbreiden
Slechts 1x een nietigverklaring (Tabaksreclame zaak)
4
AFD 1 : EUROPESE SAMENWERKING INITIATIEVEN NA WO II
2 categorieën
Communautair/supranationaal >< niet-communautair/Intergouvermenteel
Intergouvermenteel
Marshall-plan (OEES/OESO)
Benelux (1944)
Raad van Europa (1949)
EU is GEEN lid vd RvEU (echte & professionele reden) verzuurde relatie
Waarom is het toetreden tot het EVRM zo belangrijk? (2 redenen – Bosporuszaak)
EVA/EFTA
≠ EU (kiest voor vrijhandelszone ipv douane unie)
Supranationaal
EGKS via eco samenwerking een oorlog vermijden
EDG oprichten van een Europees leger (Frans parlement weigert ratificatie)
EPG ook mislukt aangezien EDG ook mislukt is
EEG gemeenschappelijke markt creëren (afschaffen alle belemmering vh intracommunautaire handelsverkeer)
EURATOM focus op kernindustrie
1
,AFD 2 : DE UITBREIDING VAN DE EU
Toetreding (art 49 VEU) tussen de nieuwe LS en de andere LS
Criteria
‘Europese staat’
Kopenhagen-criteria
Voldoende capaciteit
Procedure : verzoek bij de Raad toetredingsonderhandelingen toetredingsakkoord
Uittreding (art 50 VEU) tussen de EU en de uittredende LS
Normaal na 2jaar (zaak Wightman stopzetting uitzettingsprocedure)
AFD 3 : VERDIEPING VAN DE EU
Verdrag van Maastricht (1991/1993)
~verdrag van de EU
EEG-verdrag werd EG-verdrag
EMU
EU-burgerschap
Verdrag van Amsterdam (1997/1999)
Belangrijk voor het Schengen-acquis
Ontstaan buiten de EG
Afschaffing controles ad binnengrens voor personen en goederen + controles aan de buitengrenzen via identieke procedures
2
,Verdrag van Lissabon
Realisatie constitutionele Handvest vd EU
Zelfde status als de EU-verdragen
Actief- en passief personeelstoepassingsgebied + materieel toepassingsgebied
Afschaffen tempelstructuur (fronton + pijlers)
Burgerinitiatief
Vrijwillige uittrede
Permanente voorzitter vd Europese Raad (art 15 VEI)
Europa van 2 snelheden
Eurozone NIET overal de euro
Schengenzone GEEN binnengrens, maar wel sterke buitengrens
Nauwere samenwerking
3
, DEEL 1A : STRUCTUURKENMERKEN & FUNCTIONEREN VAN DE EU
Er gelden 2 verdragen VEU + VWEU (ze zijn gelijkwaardig verandering sinds Verdrag van Lisabon)
HOOFDSTUK 1 : HET VERDRAG BETREFFENDE DE EUROPESE UNIE
AFD 1 : DE BELANGRIJKSTE BEGINSEL IN HET UNIERECHT
Beginsel van toegekende bevoegdheden/attributiebeginsel
Binnen de grenzen die haar door de LS in de verdragen zijn toebedeeld
GEEN algemene bevoegdheid
GEEN kometenz-kompetenz
Rechtsbasis aanwijzen om te kunnen handelen (verdragen/eerder aangenomen afgeleid recht)
Geen al te strikte toepassing werking vd EU verhinderen
Nuancering
EU-verdragen zijn kaderverdragen
Doctrine van impliciete bevoegdheden (teleologische interpretatie of effet utile-redenering – ERTA zaak)
Flexibiliteitsclausule (art 352, lid 1 VWEU) grenzen zachte variant vh attributiebeginsel
Unanimiteit van de stemmen
Geen bevoegdheid als die exclusief is uitgesloten
De EU kan zijn bevoegdheden door dit artikel NIET uitbreiden
Slechts 1x een nietigverklaring (Tabaksreclame zaak)
4