Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Levenslooppsychologie | Antwoorden op mogelijke examenvragen| Thomas More | 2025/26

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
48
Geüpload op
17-06-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit document bevat een zeer uitgebreide uitgewerkte antwoorden op examenonderwerpen voor het vak Levenslooppsychologie in de opleiding Orthopedagogische Begeleiding aan Thomas More Hogeschool. Het dekt kernthema's zoals Erikson's ontwikkelingsfasen, Piaget's cognitieve schema's, prenatale ontwikkeling, en het autonomiemodel in de orthopedagogische praktijk. De antwoorden zijn goed gestructureerd met voorbeelden en markeringen van meest relevante examenstof, waardoor je efficiënt kunt leren en jezelf kunt toetsen.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Levenslooppsychologie
Antwoorden op vragen

1. Inleiding + Prenatale tijd
1. Figuur 1.1 (Erikson) uitleggen
Volgens Erikson verloopt de ontwikkeling gedurende het hele leven via een aantal
psychosociale conflicten.
In elke levensfase komt een mens voor een belangrijke uitdaging te staan. Die
uitdaging bestaat uit twee tegenovergestelde polen.
Wanneer iemand voldoende ondersteuning krijgt en het conflict positief oplost,
ontwikkelt hij een psychologische sterkte die hem helpt in
volgende levensfasen.
Voorbeeld: Een peuter wil zelf zijn jas aantrekken.
 Ouders geven tijd en moedigen aan → autonomie
groeit.
 Ouders nemen alles over of straffen fouten →
schaamte en twijfel groeien.
Hierdoor ontstaat het conflict: Autonomie ↔ Schaamte
en twijfel
De uitkomst beïnvloedt latere levensfasen.
Belangrijk: Erikson zegt niet dat je een fase volledig moet "halen" of "falen".
Iedereen draagt beide kanten in zich mee.
Een gezonde ontwikkeling betekent dat de positieve pool overheerst.

2. Schema – assimilatie – accommodatie – adaptatie – organisatie
Dit zijn begrippen van Piaget.
Schema: Een schema is een mentaal kader waarmee we informatie ordenen.
Voorbeeld: Een peuter heeft een schema: "Hond = dier met vier poten."
Assimilatie: Nieuwe informatie wordt in een bestaand schema geplaatst.
Voorbeeld: Een kind ziet een geit. Het noemt de geit: "Hond!"
Nieuwe informatie wordt in het bestaande schema opgenomen.
Accommodatie: Een bestaand schema wordt aangepast.
Voorbeeld: Het kind leert: hond ≠ geit
Er ontstaat een nieuw schema.
Adaptatie: Het totale proces van aanpassen aan de omgeving.
Assimilatie + accommodatie = adaptatie.
Organisatie: Schema's worden steeds beter geordend.
Voorbeeld leren lopen:
Eerst losse ervaringen: rechtstaan, evenwicht bewaren, stap zetten
Later worden deze gecombineerd tot één groter schema: "wandelen"

3. Verschillen tussen de drie prenatale fasen (figuur 2.1 – p 31)
1. Kiemperiode (0-2 weken)
 bevruchting
 innesteling in baarmoeder
Belangrijkste kenmerk: Alles-of-niets-principe.
1

,Beschadiging? → embryo sterft of herstelt volledig.
2. Embryonale periode (2-8 weken)
Belangrijkste fase: Alle organen worden aangelegd.
Hier is het embryo het kwetsbaarst.
Schadelijke invloeden kunnen ernstige afwijkingen veroorzaken.
3. Foetale periode (8 weken-geboorte)
Organen zijn aangelegd.
Nu volgen: groei, verfijning, rijping
Schadelijke invloeden kunnen nog steeds schade veroorzaken, maar meestal
minder ernstig dan tijdens de embryonale fase.

4. "Het ongeboren kind is redelijk goed beschermd" Hoe
beschermd?
Door: vruchtzak, vruchtwater, placenta, navelstreng
Deze vormen een beschermingssysteem.
Waarom slechts "redelijk"?
Niet alle schadelijke stoffen worden tegengehouden.
Alcohol, nicotine en drugs kunnen bijvoorbeeld door de placenta heen.
Schadelijke invloeden
Teratogenen: alcohol, roken, drugs, medicatie, infecties, straling
Gevolgen
Afhankelijk van: soort stof, dosis, timing zwangerschap
Mogelijke gevolgen: miskraam, groeiachterstand, hersenschade, aangeboren
afwijkingen

5. Betekenis van donkere en lichte balken (figuur 2.1 – p31)
Donkere balken: Periode van maximale gevoeligheid.
Schade kan ernstige afwijkingen veroorzaken.
Lichte balken: Periode van verminderde gevoeligheid.
Schade blijft mogelijk, maar meestal minder ernstig.

6. Waarom soms 38 weken en soms 40 weken zwangerschap?
38 weken: Vanaf de bevruchting.
40 weken: Vanaf eerste dag van laatste menstruatie. Artsen gebruiken meestal
deze telling. Daarom spreekt men meestal over: 40 weken zwangerschap.

7. Prematuur – à terme – post terme
Prematuur: Geboren vóór 37 weken.
À terme: Geboren tussen 37 en 42 weken. Normale zwangerschapsduur.
Post terme: Geboren na 42 weken.

8. Dysmatuur
Dysmatuur = te klein of te licht voor de zwangerschapsduur.
Het kind heeft onvoldoende gegroeid tijdens de zwangerschap.
Mogelijke oorzaken: roken, placenta-problemen, ziekte moeder
Mogelijke gevolgen: lage weerstand, temperatuurproblemen,
voedingsproblemen, verhoogd risico op ontwikkelingsproblemen

2

,9. Post-partumdepressie
Wat? Depressie na de bevalling. Meer dan gewone "babyblues".
Prevalentie:Ongeveer 10 à 15% van de moeders. (Cijfer dat ook in Craeynest
wordt vermeld.)
Duur: Kan maanden duren. Soms langer indien onbehandeld.
Herkennen: verdrietig, huilen, schuldgevoelens, geen plezier beleven,
vermoeidheid, moeilijk hechten aan baby
Oorzaken
Biologisch: hormonale veranderingen
Psychologisch: onzekerheid, perfectionisme
Sociaal: weinig steun, relatieproblemen
Waarom behandelen? Omdat de ontwikkeling van de baby beïnvloed kan
worden.
Gevolgen: minder sensitieve responsiviteit, moeilijkere hechting, verhoogde kans
op ontwikkelingsproblemen

10. Duaal-procesmodel rouw (Stroebe & Schut) – zie ook vraag
214
Rouwen verloopt niet in vaste stappen.
Mensen bewegen voortdurend tussen twee polen.
1. Verliesgerichte coping
Focus op verlies.
Voorbeelden: verdriet, huilen, foto’s bekijken, herinneringen ophalen
2. Herstelgerichte coping
Focus op verder leven.
Voorbeelden: werken, hobby's, nieuwe routines, sociale contacten
Belangrijk
Gezond rouwen betekent: heen en weer bewegen tussen beide.
Dus niet voortdurend verdrietig zijn,
maar ook niet voortdurend afleiding zoeken.
Verschil met Kübler-Ross
Kübler-Ross: Beschrijft typische reacties:
1. ontkenning
2. boosheid
3. onderhandelen
4. depressie
5. aanvaarding
Wordt vaak gebruikt bij: terminale ziekte, confrontatie met eigen dood
Stroebe & Schut: Beschrijft hoe mensen omgaan met verlies van een dierbare.
Niet lineair. Mensen wisselen voortdurend tussen:
 verliesgerichte coping
 herstelgerichte coping

Examenantwoord
Kübler-Ross = welke reacties kunnen optreden bij verlies of sterven.


3

, Stroebe & Schut = hoe iemand actief heen en weer beweegt tussen verdriet
verwerken en het leven opnieuw opnemen.



2. Babytijd
11. Kan je het schema hieronder in eigen woorden uitleggen?
Het schema toont hoe baby's in hun eerste levensjaar steeds selectiever worden
in hun sociale contacten en een sterkere band opbouwen met hun
vertrouwde verzorgers.
De sociale ontwikkeling van een baby
verloopt geleidelijk. Rond 6 à 8 weken
verschijnt de sociale glimlach: de baby
glimlacht bewust naar mensen. Tot ongeveer
3 maanden glimlacht hij naar bijna
iedereen. Vanaf 3 maanden wordt hij selectiever en reageert hij
sterker op vertrouwde personen.
Rond 6 maanden neemt de baby zelf initiatief tot contact door te lachen,
brabbelen en aandacht te zoeken. Vanaf 8 maanden zijn de hechtingsrelaties
voldoende ontwikkeld en ontstaan vreemdenangst en scheidingsangst.

12. Wat is het verschil tussen gastric smile (solitaire glimlach) en
sociale glimlach?
Gastric smile / solitaire glimlach: vanaf de geboorte, reflexmatig, gebeurt
vaak tijdens slapen. De baby glimlacht niet bewust naar iemand.
Voorbeeld: Een pasgeborene glimlacht terwijl hij slaapt.
Sociale glimlach: vanaf ongeveer 6 à 8 weken, reactie op mensen, bewust
sociaal gedrag
Voorbeeld: Mama praat tegen haar baby. De baby glimlacht terug.
Belangrijk verschil
Gastric smile → geen sociaal contact
Sociale glimlach → eerste echte sociale interactie

13. Vreemdenangst, scheidingsangst en nabootsingsgedrag
Vreemdenangst: Baby reageert angstig op onbekenden.
Vanaf: Ongeveer 6 tot 8 maanden.
Voorbeeld: Een vreemde wil de baby oppakken. De baby begint te huilen.
Scheidingsangst: Baby wordt onrustig wanneer de hechtingsfiguur weggaat.
Vanaf Ongeveer 8 maanden.
Voorbeeld: Mama verlaat de kamer. De baby begint te huilen.
Nabootsingsgedrag: Baby kopieert gedrag van anderen.
Voorbeeld: Papa steekt zijn tong uit. De baby doet hetzelfde.

Vreemdenangst Scheidingsangst
Angst om gescheiden te worden van
Angst voor onbekende personen
vertrouwde personen
De baby reageert angstig wanneer mama/papa
De baby reageert angstig op een vreemde
weggaat

4

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
17 juni 2026
Aantal pagina's
48
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$14.31
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
KaTiRo

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
KaTiRo Thomas More Hogeschool
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
1 maand
Aantal volgers
0
Documenten
20
Laatst verkocht
1 week geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen