Vreemdetaalverwerving – en didactiek
Info:
Cesuur: 62.5%
Meerkeuze 25 vragen
Rekenmachine meebrengen!
Voorbeeldvragen Ufora
Les 1
+ 7000 talen, volgens UNESCO gaat de helft verdwijnen
Begin 20e eeuw: dagboekdocumentatie
-> beschreven hoe mensen meerdere talen leerden
Interdisciplinaire onderzoeksdiscipline (SLA)
Second Language Acquisition
Gericht op interlanguage
= dynamisch (je evolueert wnr je leert)
Idiosyncratisch = het is voor iedereen anders, je kennis v taal is
uniek & individueel
L2 leerders – voorspelbare patronen
-> begrijpen eerst basiswoordvolgorde en daarna pas negatie
Moedertaalverwerving
1. Pre-linguïstische fase: tot 1j – huilen en brabbelen
Cruciaal voor het ontwikkelen van spieren & vaardigheden die nodig
zijn vr spraak
In de geluiden die je maakt ben je al aan het integreren met je
ouders, je huilt niet zomaar
2. 1 woord fase: tot anderhalf jaar – eenvoudige boodschap ‘melk’ =
‘ik wil melk’
toont vermogen om woorden aan betekenissen te
koppelen
=> begin verbale communicatie
3. 2 woord fase: tot 2j ‘wil koekje’
, 4. Telegrafische spraak: tot 30 maanden, 3 of meer woorden – focus
op inhoud
“mama ga winkel”
5. Complexe zinnen: vanaf 3j
Complexere zinnen & grammatica
Theorieën
Nativistische theorie (Chomsky): genetische voorbestemdheid om taal
te ontwikkelen als mens
LAD: deel in brein dat verantw is voor het leren van taal
Behavioristische theorie/ Leertheorie (Skinner): gewoontevorming, je
imiteert taal van je ouders
Ouders belonen je als je praat -> zo ontwikkelt taal verder
Interactionistische theorie (Vygotski): biologische aanleg +
omgevingsinvloeden
=> versterken elkaar als er hulp is kan het groeien
“Zone of proximal development” -> betrekking op potentiele
leermogelijkheden ve individu
Wat kind alleen kan: huidige ontwikkelingsniveau
Wat kind kan met hulp van ander: potentiële ontwikkelingsniveau
Met de juiste hulp kom je verder in het leven dan anderen
Cognitieve theorie (Piaget): ontwikkelingstheorie, er zijn 4 stadia in
ontwikkeling kind
1. Sensomotorische fase
0-2j – vermogen om reflexen onder controle te brengen
2. Spraakontwikkeling
3. Cognitieve ontwikkeling
4. Taalverwerving
Sociale bovenklasse: snelst groeiende woordenschat kinderen
Lage klasse: langzaamst
Onderzoeksmethoden
Kwantitatief: cijfermateriaal verzamelen
grote groepen proefpersonen veralgemenen
Kwalitatief: ‘hoe?’ ‘waarom?”
Kleine groepen individuen -> gedetailleerde info
, Beide methoden combineren ✓
Psycholinguïstiek
Eye-tracker: wat je oog doet = reflectie van je brein
Heat map: toont waar je ogen naar kijken
Mondegreen
In het NL: “Mama Appelsap”
Misbegrijpen van woord of zin
vaak met songteksten
Mondegreen: er gaat iets mis met het omzetten van geluid in betekenis
"The ants are my friends, they're blowin' in the wind" instead of
"The answer, my friend, is blowin' in the wind".
Oorzaken misverstanden:
- Geluidsinterferentie
- Accent/ intonatiepatroon
- Onvoldoende vertrouwd met het taalsysteem
- Gebrek aan visuele ondersteuning (je ziet de spreker niet)
- Frequentie
- Oroniem: woordcombinatie die op een andere woordcomb lijkt que
uitspraak maar anders w gespeld (I scream & ice cream)
Taalsysteem
McGurk effect: visuele eigenschappen natuurlijke spraakproductie
stemmen niet overeen met auditieve aspecten
Wat mensen horen w voor een groot deel beïnvloed door wat ze zien
There’s a bad moon on the rise -> There’s a bathroom on the right”
https://www.youtube.com/watch?v=G-lN8vWm3m0
Frequentie
Frequentie woord bepaalt hoe vlot het zal worden verwerkt
“Maaien abten hooi?” https://www.youtube.com/watch?v=gGNhlzI-kmE
-> begrijpen mensen niet omdat je dit nooit hoort
Mensen verstaan “Excuse me while i kiss this guy” ipv “excuse me while I
kiss the sky” omdat mensen kussen frequenter & logischer is
Cohort-model
= Toonaangevend model voor visuele en auditieve woordverwerking
, 1) Alle gelijkaardige woorden geactiveerd als we een bepaalde
klankcombinatie horen
2) Je brein kiest daaruit de betekenis die het meest logisch is
3) Context en kennis van de wereld helpen om betekenis te verlenen
Auditieve of visuele informatie -> neuronen w gestimuleerd bij begin
zintuiglijke input
Experiment herhalen woorden: vaak reeds herhaald voor het woord
volledig uitgesproken was
mentale lexicon reeds geactiveerd
Conclusie
Tijdens taalgebruik filteren we de hele tijd geluiden, we activeren hierdoor
tal van alternatieven & verwerpen diegene die niet kloppen met de
context
Proces is meestal succesvol uitzonderlijke menselijke kwaliteit (><
foutenlast speech recognition software)
Neurolinguïstiek
Ontstaan midden 19e eeuw
FMRI
= Functional Magnetic Resonance Imaging
Kijkt welke neutronen oplichten in je brein tijdens een actie
Actief deel brein zoeken
- Waar spelen cognitieve processen zich af in het brein?
- Verband tussen bloeddoorstroming en breinactiviteit
- Hoeveelheid zuurstof in bloed bepaalt bloeddoorstroming
- Aan- of afwezigheid van zuurstof in het bloed -> actieve regio’s in het brein
Vreemdetaalleren
Carl Wernicke – grondlegger localisatie taalbegrip in hersenen/ moderne
neurolinguïstiek
= begrijpen van taal is in de temporale kwab
Temporale kwab
- Verwerken v auditieve info
- Benoemen van personen, dieren & objecten
, - Opslag van tijdelijke herinneringen
In je dominante hersenhelft
Rechtshandig – linkerhelft & omgekeerd
Gebied van Wernicke
Bij schade: sensorische/receptieve afasie
- Je begrijpt niet wat mensen zeggen
- Kunnen praten maar zinnen kloppen niet (je denkt
Van wel)
Zone van Broca
Paul Broca (frontale kwab)
Pars triangularis (voorste deel zone van Broca)
Grammatica & zinsbouw
Hij wordt gestraft door zijn moeder
-> Persoon met Broca’s afasie begrijpt de zin als “Hij straft moeder”
Pars opercularis (deel zone van Broca)
Aansturen spieren om te praten
Bij schade: Broca’s afasie
- Moeilijk om te praten
- Bijna uitsluitend zelfstandige naamwoorden
- Geen grammaticaregels
- Soms zelfs geen betekenisvolle woorden
Gevolgen technologische evoluties
Tiental jaar geleden: brein is onveranderlijk -> fout
Neuroplasticiteit
- Kan tot op hoge leeftijd nieuwe zenuwcellen aanmaken
- Brein trainen
- Alzheimer uitstellen door brein actief te gebruiken
Nadeel: multimediagebruik zorgt ervoor dat brein achteruitgaat
Info:
Cesuur: 62.5%
Meerkeuze 25 vragen
Rekenmachine meebrengen!
Voorbeeldvragen Ufora
Les 1
+ 7000 talen, volgens UNESCO gaat de helft verdwijnen
Begin 20e eeuw: dagboekdocumentatie
-> beschreven hoe mensen meerdere talen leerden
Interdisciplinaire onderzoeksdiscipline (SLA)
Second Language Acquisition
Gericht op interlanguage
= dynamisch (je evolueert wnr je leert)
Idiosyncratisch = het is voor iedereen anders, je kennis v taal is
uniek & individueel
L2 leerders – voorspelbare patronen
-> begrijpen eerst basiswoordvolgorde en daarna pas negatie
Moedertaalverwerving
1. Pre-linguïstische fase: tot 1j – huilen en brabbelen
Cruciaal voor het ontwikkelen van spieren & vaardigheden die nodig
zijn vr spraak
In de geluiden die je maakt ben je al aan het integreren met je
ouders, je huilt niet zomaar
2. 1 woord fase: tot anderhalf jaar – eenvoudige boodschap ‘melk’ =
‘ik wil melk’
toont vermogen om woorden aan betekenissen te
koppelen
=> begin verbale communicatie
3. 2 woord fase: tot 2j ‘wil koekje’
, 4. Telegrafische spraak: tot 30 maanden, 3 of meer woorden – focus
op inhoud
“mama ga winkel”
5. Complexe zinnen: vanaf 3j
Complexere zinnen & grammatica
Theorieën
Nativistische theorie (Chomsky): genetische voorbestemdheid om taal
te ontwikkelen als mens
LAD: deel in brein dat verantw is voor het leren van taal
Behavioristische theorie/ Leertheorie (Skinner): gewoontevorming, je
imiteert taal van je ouders
Ouders belonen je als je praat -> zo ontwikkelt taal verder
Interactionistische theorie (Vygotski): biologische aanleg +
omgevingsinvloeden
=> versterken elkaar als er hulp is kan het groeien
“Zone of proximal development” -> betrekking op potentiele
leermogelijkheden ve individu
Wat kind alleen kan: huidige ontwikkelingsniveau
Wat kind kan met hulp van ander: potentiële ontwikkelingsniveau
Met de juiste hulp kom je verder in het leven dan anderen
Cognitieve theorie (Piaget): ontwikkelingstheorie, er zijn 4 stadia in
ontwikkeling kind
1. Sensomotorische fase
0-2j – vermogen om reflexen onder controle te brengen
2. Spraakontwikkeling
3. Cognitieve ontwikkeling
4. Taalverwerving
Sociale bovenklasse: snelst groeiende woordenschat kinderen
Lage klasse: langzaamst
Onderzoeksmethoden
Kwantitatief: cijfermateriaal verzamelen
grote groepen proefpersonen veralgemenen
Kwalitatief: ‘hoe?’ ‘waarom?”
Kleine groepen individuen -> gedetailleerde info
, Beide methoden combineren ✓
Psycholinguïstiek
Eye-tracker: wat je oog doet = reflectie van je brein
Heat map: toont waar je ogen naar kijken
Mondegreen
In het NL: “Mama Appelsap”
Misbegrijpen van woord of zin
vaak met songteksten
Mondegreen: er gaat iets mis met het omzetten van geluid in betekenis
"The ants are my friends, they're blowin' in the wind" instead of
"The answer, my friend, is blowin' in the wind".
Oorzaken misverstanden:
- Geluidsinterferentie
- Accent/ intonatiepatroon
- Onvoldoende vertrouwd met het taalsysteem
- Gebrek aan visuele ondersteuning (je ziet de spreker niet)
- Frequentie
- Oroniem: woordcombinatie die op een andere woordcomb lijkt que
uitspraak maar anders w gespeld (I scream & ice cream)
Taalsysteem
McGurk effect: visuele eigenschappen natuurlijke spraakproductie
stemmen niet overeen met auditieve aspecten
Wat mensen horen w voor een groot deel beïnvloed door wat ze zien
There’s a bad moon on the rise -> There’s a bathroom on the right”
https://www.youtube.com/watch?v=G-lN8vWm3m0
Frequentie
Frequentie woord bepaalt hoe vlot het zal worden verwerkt
“Maaien abten hooi?” https://www.youtube.com/watch?v=gGNhlzI-kmE
-> begrijpen mensen niet omdat je dit nooit hoort
Mensen verstaan “Excuse me while i kiss this guy” ipv “excuse me while I
kiss the sky” omdat mensen kussen frequenter & logischer is
Cohort-model
= Toonaangevend model voor visuele en auditieve woordverwerking
, 1) Alle gelijkaardige woorden geactiveerd als we een bepaalde
klankcombinatie horen
2) Je brein kiest daaruit de betekenis die het meest logisch is
3) Context en kennis van de wereld helpen om betekenis te verlenen
Auditieve of visuele informatie -> neuronen w gestimuleerd bij begin
zintuiglijke input
Experiment herhalen woorden: vaak reeds herhaald voor het woord
volledig uitgesproken was
mentale lexicon reeds geactiveerd
Conclusie
Tijdens taalgebruik filteren we de hele tijd geluiden, we activeren hierdoor
tal van alternatieven & verwerpen diegene die niet kloppen met de
context
Proces is meestal succesvol uitzonderlijke menselijke kwaliteit (><
foutenlast speech recognition software)
Neurolinguïstiek
Ontstaan midden 19e eeuw
FMRI
= Functional Magnetic Resonance Imaging
Kijkt welke neutronen oplichten in je brein tijdens een actie
Actief deel brein zoeken
- Waar spelen cognitieve processen zich af in het brein?
- Verband tussen bloeddoorstroming en breinactiviteit
- Hoeveelheid zuurstof in bloed bepaalt bloeddoorstroming
- Aan- of afwezigheid van zuurstof in het bloed -> actieve regio’s in het brein
Vreemdetaalleren
Carl Wernicke – grondlegger localisatie taalbegrip in hersenen/ moderne
neurolinguïstiek
= begrijpen van taal is in de temporale kwab
Temporale kwab
- Verwerken v auditieve info
- Benoemen van personen, dieren & objecten
, - Opslag van tijdelijke herinneringen
In je dominante hersenhelft
Rechtshandig – linkerhelft & omgekeerd
Gebied van Wernicke
Bij schade: sensorische/receptieve afasie
- Je begrijpt niet wat mensen zeggen
- Kunnen praten maar zinnen kloppen niet (je denkt
Van wel)
Zone van Broca
Paul Broca (frontale kwab)
Pars triangularis (voorste deel zone van Broca)
Grammatica & zinsbouw
Hij wordt gestraft door zijn moeder
-> Persoon met Broca’s afasie begrijpt de zin als “Hij straft moeder”
Pars opercularis (deel zone van Broca)
Aansturen spieren om te praten
Bij schade: Broca’s afasie
- Moeilijk om te praten
- Bijna uitsluitend zelfstandige naamwoorden
- Geen grammaticaregels
- Soms zelfs geen betekenisvolle woorden
Gevolgen technologische evoluties
Tiental jaar geleden: brein is onveranderlijk -> fout
Neuroplasticiteit
- Kan tot op hoge leeftijd nieuwe zenuwcellen aanmaken
- Brein trainen
- Alzheimer uitstellen door brein actief te gebruiken
Nadeel: multimediagebruik zorgt ervoor dat brein achteruitgaat