Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Psychologie voor OPB - samenvatting

Rating
-
Sold
-
Pages
29
Uploaded on
12-06-2026
Written in
2024/2025

Dit is de samenvatting van het vak psychologie voor de graduaatsopleiding: orthopedagogisch begeleider

Institution
Course

Content preview

MODULE 2: Sociale psychologie
1. Sociale experimenten
1.1 Effect van de groep op individueel gedrag: Solomon Asch (1951)
 Onderzocht conformiteit bij eenvoudige taken: proefpersonen moesten de lijn
aanwijzen die even lang was als een voorbeeldlijn.
 Individueel: 98% correcte antwoorden
 In groepsverband: 33% conformeerde zich aan de foute meerderheid, ook
al wisten velen dat het antwoord onjuist was.
 Conclusie: Mensen willen niet opvallen in de groep en ervaren spanning bij
afwijking van de groepsnorm. Hersengebieden geassocieerd met gevaar worden
geactiveerd bij het ingaan tegen de meerderheid.
Mens heeft behoeft om deel te maken van een groep: verbondenheid/belonging
 Oertijd: kans op overleving = enkel als deel ve groep
 men heeft hier veel voor over
 Conformeren: aanpassen aan de groep, de normen en waarden en sociale
rollen
 Als OPB: als je wil weten hoe iemand écht denkt: apart nemen, anonimiteit!

1.2 Het Milgram-experiment (1962)
 Onderzocht gehoorzaamheid aan autoriteit: proefpersonen (“leraren”)
dienden schijnbare elektrische schokken toe aan een acteur (“leerling”) bij fouten.
 Procedure: Acteurs simuleerden pijn en bewusteloosheid bij hogere
voltages. Proefleider spoorde de proefpersonen maximaal vier keer aan om door te
gaan.
 Resultaten: 65% diende een theoretisch dodelijke schok toe, ondanks
duidelijke stresssymptomen zoals zweten en trillen.
 Conclusie: Mensen gehoorzamen autoriteit zelfs tegen hun eigen morele
overtuigingen in, handelen is anders dan wanneer ze op zichzelf zijn  emotionele
betrokkenheid
 Als OPB:
* Eigen mening/kompas/geweten in bv. nieuw team  blijven in vraag stellen
* Bewust van heersende dynamieken: wie heeft autoriteit? Wie is snel
beïnvloedbaar?
* Bewust van de eigen positie t.o.v. cliënt  die kan jou ook als autoritair zien 
blijf op gelijkwaardig niveau en hou de communicatie open
1.3 Stanford Prison Experiment (1973)
 Philip Zimbardo: het effect van sociale rollen in een fictieve gevangenis.
 Opzet: Studenten werden willekeurig toegewezen als bewaker of gevangene.
Gevangenen werden geïsoleerd van hun identiteit (uniformen, nummers); bewakers
kregen autoriteit en anonimiteit (zonnebrillen).
 Resultaten: Binnen zes dagen escaleerde de situatie: bewakers werden
sadistisch en bepaalde plots eigen regels, gevangenen ontwikkelden depressie en
stress. Het experiment werd vroegtijdig gestopt (na 5d i.p.v. 2w).
 Conclusie: Sociale rollen en omstandigheden (anonimiteit, machtspositie,
groepsdruk dr emotionele betrokkenheid) beïnvloeden gedrag sterk, zelfs in korte
tijd
 Deindividuatie: pp werden getest op sadisme, toch werd dit de norm en
overgenomen door de ganse groep bewakers  werd belangrijker dan eigen
kompas
 Als OPB:
* Bewust zijn van je eigen positie
* Opletten om niet in vicieuze cirkel van ‘straf-reactie-zwaardere straf’ te komen

1

, * Ook rekening houden met dynamiek
* Iemand niet als ‘dossier’ bekijken, dan sta je te ver weg: betrokken blijven
* In een nieuw team: in vraag blijven stellen  nieuwe inzichten/antwoorden

2. Sociale psychologie
2.1 Definitie en doelen
 Definitie (Sherif, 1981): Sociale psychologie bestudeert gedrag in sociale
contexten, beïnvloed door mensen, activiteiten, interacties, omstandigheden,
verwachtingen en normen.
 Doelen:
o Begrijpen van de psychologische processen bij individuen en groepen in
sociale omgevingen.
o Identificeren van gedragspatronen om gedrag te voorspellen en te
beïnvloeden.
o Voorbeelden:
 Groepsidentificatie: Wanneer identificeren mensen zich wel/niet
met een groep?
 Stereotypen: Automatisch toepassen van veralgemeende beelden
van groepen op individuen.
2.2 Conformeren
 Definitie conformeren: Mensen passen hun gedrag aan de sociale
omgeving aan door sociale rollen en normen. Dit helpt hen zich verbonden te
voelen met de groep en bevordert groepsstructuur en eenheid.
o Sociale rol: Sociaal bepaald gedragspatroon gekoppeld aan een bepaalde
situatie of groep (bijv. dochter, student, collega).
o Sociale norm: Ongeschreven gedragsregels die voorschrijven hoe men
zich in een situatie hoort te gedragen (bijv. opstaan voor ouderen in de bus).
 Functies:
o Je voelt jezelf meer verbonden met de groep.
o De groep gaat beter werken omdat er nu meer structuur, orde en eenheid
is.
o Vb.: Hotelonderzoek: Gasten hergebruiken handdoeken vaker wanneer
ze weten dat eerdere gasten dit ook deden. Dit illustreert hoe sociale normen
gedrag beïnvloeden.
o Experiment van Asch: dit sluit helemaal aan bij groepsconformiteit: niet
willen opvallen in de groep  zowel: brein ervaart dit zoals in een gevaarsituatie
2.3 Invloed van de situatie op gedrag: Milgram-experiment
Factoren die gehoorzaamheid beïnvloeden:
o Emotionele afstand tot slachtoffer: hoe persoonlijker, hoe moeilijker:
moeilijk om wreedheden te begaan als de vijand een gezicht heeft
o Nabijheid en legitimiteit van autoriteit: Directe aanwezigheid van een
legitiem gezaghebbend figuur verhoogt gehoorzaamheid.
o Institutionele autoriteit: Organisaties zoals rechtbanken of scholen
versterken gehoorzaamheid = deel van geaccepteerde /mij/-e instelling
o Groepsgrootte: Groepen van drie tot vijf personen hebben maximale
invloed.
o Unanimiteit: Een unanieme groep vergroot de druk om te conformeren.
o Samenhang: Hechte groepen en strakke groepsorganisatie (bijv. uniformen,
zelfde voetbaloutfit) versterken conformiteit.
o Status: Personen met een hogere status hebben meer invloed.
o Publieke reacties: Mensen conformeren sneller wanneer hun gedrag
zichtbaar is.


2

, 2.4 Groepsgedrag
2.4.1 Het omstaandereffect
 Definitie: Hoe groter de groep omstanders bij een noodsituatie, hoe kleiner
de kans dat iemand ingrijpt.  het uitblijven van het bieden van hulp door
omstaanders bij een noodsituatie of misdrijf
 Mechanisme: Mensen nemen het passieve gedrag van anderen over.
 Doorbreking: Als één persoon ingrijpt, volgen vaak meer mensen.
Identificatie met het slachtoffer (bijv. een moeder en een kind) kan ook helpen.
2.4.2 Deïndividuatie
 Definitie: Het verlies van individuele waarden en normen door op te gaan in
de groepsmentaliteit.
 Voorbeeld: Het Stanford Prison-experiment toont hoe mensen onder
groepsdruk gedrag vertonen dat niet strookt met hun persoonlijke waarden.
2.5 Sociale waarneming
 Controlebehoefte: Mensen vormen snel een beeld van anderen om
situaties te begrijpen en te controleren.
 Mechanismen:
o Eerste indrukken: Gebaseerd op uiterlijk en opvallende kenmerken.
o Impliciete persoonlijkheidstheorie: Uiterlijke kenmerken worden
gekoppeld aan persoonlijkheidskenmerken. (=impliciete persoonlijkheidstheorie)
 Persoon met “babyface” wordt beschouwd als naïef, eerlijk, vriendelijk
en warm.
 Grotere mensen krijgen vaak een hoger startsalaris.
 Valkuil: Snel oordelen of veralgemenen kan leiden tot verkeerde conclusies.
2.5.1 De eerste indruk
 Functie: De eerste indruk fungeert als een filter om nieuwe informatie te
interpreteren. Het beïnvloedt sterk wat we van anderen verwachten.
 Onderzoek Rosenthal:
o Opzet: Rosenthal introduceerde een zogenaamde nieuwe intelligentietest
die het leerpotentieel van leerlingen voorspelde. Leerkrachten kregen namen
van leerlingen die volgens de test een sterke intellectuele sprong zouden
maken.
o Resultaten: Deze leerlingen presteerden na een jaar beter.
o Verklaring: Het pygmalion-effect, waarbij de leerkracht (onbewust)
anders reageerde op deze leerlingen: meer enthousiasme, complimenten, en
investeringen in hun ontwikkeling.
2.5.2 Vooroordelen en stereotypering
 Snelle oordelen: Bij een ontmoeting vormen we direct een beeld van de ander
op basis van schema’s (cognitieve categorieën). Dit helpt ons situaties snel in te
schatten en ons gedrag aan te passen.
 Voordelen: Bescherming en snelle beslissingen.
 Nadelen:
o Denkfouten: We vervallen in stereotypen, veralgemeningen over groepen
mensen die we toepassen op individuen.
 Voorbeeld: "Dikke mensen zijn gezellig," of "pubers stelen sneller."
o Foute beeldvorming: Het individu wordt gereduceerd tot een
groepseigenschap.
 Gevolgen: Meer discriminatie of vooroordelen tegenover mensen die
afwijken van de norm of zich in kwetsbare groepen bevinden.
 Invloed van kennis: Hoe minder we weten van een persoon, hoe sterker de
neiging om stereotypen toe te passen. Vaak zijn deze negatief en leiden ze tot een
onjuiste en schadelijke perceptie van hele groepen.
3

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 12, 2026
Number of pages
29
Written in
2024/2025
Type
SUMMARY

Subjects

$9.02
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
KaTiRo

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
KaTiRo Thomas More Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
2
Member since
1 month
Number of followers
0
Documents
20
Last sold
1 week ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions