Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Anatomie / Locomotorisch stelsel en huid

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
51
Geüpload op
09-06-2026
Geschreven in
2024/2025

Deze samenvatting behandelt de anatomie van het locomotorisch stelsel, met focus op myologie, arthrologie, de wervelkolom, de schoudergordel, de bovenste ledemaat en de bijhorende bloedvaten en zenuwen. Daarnaast komen anatomische terminologie, bewegingsterminologie, spieropbouw, gewrichtstypes, ligamenten, plexus brachialis en topografische anatomie uitgebreid aan bod. Het document biedt een volledig overzicht van de cursusinhoud met anatomische structuren, functies, innervatie, vascularisatie en klinisch relevante relaties. De samenvatting is geschikt als voorbereiding op examens en bevat gedetailleerde beschrijvingen van zowel theoretische concepten als anatomische regio’s.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

ANATOMIE
Alleen cursus kennen => cursus altijd gelijk
klinische toepassingen en ziektebeelden/pathologie NK voor examen => enkel basisanatomie
HS1 en 2 NK voor examen
Vb examenvragen op SOFIA (20% van examen = recyclage uit sofia)
Basis van woord moet juist zijn, uitgang niet (schrijffouten mogen)
1 grote open vraag over groot overzicht

HS2: ANATOMISCHE TERMINOLOGIE

TERMINOLOGIE VAN BEW EGEN




HS3: MYOLOGIE EN ARTHOLOGIE

MYOLOGIE

= studie van skeletspieren (= gehecht aan skelet)
Basiscontracties bij rust = spiertonus

MICROSCOPISCH
Dwarsgestreepte spieren:
 Willekeurig zenuwstelsel (grootst) = onder controle
 Snelle, krachtige contracties tkv uithoudingsvermogen  tijd nodig om weer op krachten te
komen
 EM: sarcomeer => zorgt voor krachtige samentrekking + geordende structuur
 Proprioceptie = info over houding en verandering van houding + visuele info  doorgegeven naar centrale
zenuwstelsel
 Uitzonderingen:
Spieren middenoor = onwillekeurig, dwarsgestreept
Spieren bij andere stelsels: tongspier, willekeurige spieren van uitwendige geslachtsorganen, willekeurige
sphincterspieren van aars en urethra
 Vb: biceps, sommige kringspieren (oog, anus)
Gladde spiercellen:
 Onwillekeurig/autonoom/sympathische/vegetatieve zenuwstelsel = niet onder controle
 Trage onuitputbare contracties
 Vb: arteriën, darmperistaltiek, arrector pili (poort van de maag), sommige kringspieren
(darm)

,Hartspier:
 Onwillekeurige contracties
 Automatisme door eigenschap van hart zelf (niet door spierstructuur)
 Bouw van dwarsgestreepte spier

MACROSCOPISCH
Spier = spierbuik + pezen
Spierbuik = spiervezels/spiercellen
Spiervezels/spiercellen omgeven door endomysium = bindweefsellaagje
meerdere spiervezels = fasciculus omgeven door perimysium
alle fasciculi omgeven door epimysium = komen samen en eindigen in pees
Spierbuik  pees:
 Tendon = rond, pezig
 Apopneurose = peesblad

Meest spieren = aanhechting op bot  uitzonderingen
Elke spier in eigen bindweefsel-omhulsel/zakje = fascia
 Fascia propria = van spier zelf
 Fascia communis = van groepje spieren => klinisch belang van compartimenten
 Fascia generalis = om ganse regio (vb: bovenbeen = fascia lata)
Krijgt andere naam afh van regio
 Hebben functie en kunnen problemen veroorzaken
Synoviaal vocht = smeermiddel voor pezen op wrijvingsplaatsen => gevormd in synoviaal weefsel,
peesschede/vagina synovialis
Slijmbeurs/bursa synovialis op plaatsen van frictie (elleboog, knie) => bevat visc vloeistof die glijden van pezen
vergemakkelijkt
Retinaculum = verdikt deel van fascia op enkel en pols => vastgehecht op botuitsteeksels, houdt pezen op hun
plaats

UITZONDERINGEN
Aanhechting op huid:
 mimische spieren (mimiek) = plooien van huid
 M palamaris brevis: extra rimpel onder pink  niet altijd aanwezig
 M palamaris longus: pees die uitspringt in pols  niet altijd aanwezig
Aanhechting op fascia/vlies:
 M tensor fascia lata
 M gluteus maximus (deelse insertie op iliotibiale wand = deel van fascia lata)
Aanhechting op kapsel:
 M lumbricalis
Aanechting op andere pezen:
 M quadratus plantae (voorkant enkel)

BESCHRIJVING VAN SPI EREN
O(orsprong) en I(nsertie) => meestal O proximaal, I distaal
 Contractie: O blijft ter plaatse, I beweegt => meestl wel afh van houding + werking andere spieren
 Beweging = gevolg verkorten spiervezels, richting en zin afleidbaar uit O en I
 O soms op septum intermusculare = bindweefseltussenschot tussen spiergroepen
 O/I soms op fascia
V(erloop)

,W(erking) en functie
Inn(ervatie) of bezenuwing
Meerkoppige spier = meer dan 1 spierbuik heeft zelfstandige oorsprong meestal op verschillende botstukken
Meerbuikige spier = meer dan 1 spierbuik tussen O en I, verbonden door tussenpezen
Variaties in spieren mogelijk (1 meer/minder, extra spierbuik/-kop)
 Vaak ontbrekende spieren: m palamaris longus, m peroneus tertius, m psoas minor

SLIDING FILAMENT THEORY ~ FUNCTIE
Huxley en Niedergerke




Verhouding tussen actine en myosine bepaalt activiteit en spierlengte
Link optimale lengte van spier/sarcomeer en maximale krachtproductie
Actieve krachtproductie neemt af bij inkorten/verlengen
Optimale lengte = dagelijks meest actieve positie  optimale lengte behouden door bijzonder verloop of
ondersteunende mechanismen
 Vb: deltoïdspier: simultane rotatie van schouderblad bij elevatie = minder lengteverlies, krachtiger
Iliopsoasspier (heup)

RICHTING SPIERVEZELS
Gevederde/pennante spieren = veren vezels uit
 Richting spiervezels maakt hoek met kracht
 Unipenaat = uitvering naar 1 kant, alle vezels dezelfde hoek
 Multipentaat = uitvering naar medere kanten
 Meer pennate vezels = meer vezels per oppervlakte =
hogere krachtproductie = minder efficiënte lengte-
spanningscurve (korter)
Parallelvezelige en fusiforme spieren:
 Spiervezels in zelfde richting als kracht
 Parallelvezelige spieren = convergerend => brede
oorsprong naar smalle pees

TERMINOLOGIE
Antogonisten = tegenwerkende spieren
Synergisten = samenwerkende spieren
Isometrische contractie: O en I blijven op dez plaats, lengte constant
Isotonische contractie: O en I naar elkaar toe, kracht constant

INNERVATIE
Motorische vezel + sensibele zenuw + autonome zenuw = ruggenmerg-/spinale zenuw
Prikkels uit centrale zenuwstelsel  uitlopers/axonen van zenuwcellen in ventrale hoorn van ruggenmerg  spieren
Motorisch:
 Hoofd en hals: craniale zenuwen

,  Andere via spinale zenuw
 perifeer zenuwstelsel = spinale zenuwen + craniale zenuwen (kunnen ook gemengde zenuwen zijn)
 Rust-tonus = rust activiteit => contractietoestand tijdens rust/slaap
Bewust contractie
Alles kan zich continu aanpassen aan langdurige veranderingen in omgeving => atrofie, hypertrofie,
Sensibel:
 Ontvangen van prikkels over beweging en positie = proprioreceptoren (vb: lengte spierbuik, spanning pees,
krachtontwikkeling, gewrichtbeweging, snelheid, richting, grenzen van beweging)
 Achterkant ruggenmerg
 Feedback loop tussen beiden kanten van ruggenmerg tgv prikkeling sensibele zenuwvezel = kniereflex =
spierrekingsreflex/rekreflex

BEVLOEING
rode kleur door sterke bevloeing van spieren = hoog O2 verbruik
door arteriën in respectievelijke compartiment
contracties = debiet verhoogt door arteriële vasodilatie onder metabole invloeden
ARTROLOGIE

= beenverbinding = gewrichten (articulatio/junctura)
Junctura fibrosa = fibreuze bindweefsel verbinding
 Sutura (schedelbenen): weinig/geen beweging
 Syndesmosen (verbinding sacrum en bekken, distale tibia-fibula): meer beweging => ruimere gwrichtsspleet met
meer bindweefsel
 Kan leeftijdsverbonden verbenen: synostose/synarthrose = vast (natuurlijk of afwijkend)
Junctura cartilaginea = cartilagineuze bindweefsel verbinding, kraakbeen
 Synchondrose (sternum-rib): hyalien kraakbeen
 Symphyse (pubis, discus): fibrocartilago = weinig bewegelijk, soms holte (= symphysis pubica,
tussenwervelschijven)
 Kan leeftijdsverbonden verbenen: synostose
Junctura synovialis = geen verbinding, wel gewrichtsspleet (cavum articulare)
 Grootste groep = meest voorkomend
 Meest bewegelijk
 Holte gevuld met synovia = gewrichtsvocht = gewrichtssmeer
 Synoviaal gewricht
 Verbening = synostose

SYNOVIAAL GEW RICHT
Innervatie van gewricht en ligamenten door dez zenuwen als spier bij gewricht

Gewrichtskapsel = capsula articularis
 Membrana synovialis = binnen: produceert synoviaal vocht voor smering,
vastgehecht aan rand gewrichtskraakbeen
 Plicae = villi synoviales = membrana synovialis vooruit geduwd door
vetweefsel ophoping tussen membranen
 Bursa synovialis = uitstulping van membrana synovialis door membrana fibrosa
 Membrana fibrosa = buiten: collageenvezels, vast op bot, kan verder lopen als
periost
 Lokale versteviging aan buitekant = ligamenten
 Convexe gewrichtskop
 Kapselspanners = spieren die plooien in gewrichten wegtrekken

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
9 juni 2026
Aantal pagina's
51
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$8.82
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
heikewaeyaert

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
heikewaeyaert Universiteit Gent
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
3
Lid sinds
3 weken
Aantal volgers
0
Documenten
54
Laatst verkocht
18 uur geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen