Colleges Ontwikkelingspsychologie
College 1 – 12 november 2025
Kernbegrippen
Ontwikkelingspsychologie;
Hoe ontwikkelen mensen (kinderen) zich op psychologisch vlak?
Hoe hangen vroege gebeurtenissen/ontwikkelingen samen met
latere uitkomsten?
Hoe kunnen we deze inzichten toepassen?
Verandering en tijd zijn belangrijk
Nature (Nativism) en Nurture (Empiricism) ->
Nature; ligt het allemaal al genetisch gesloten -> mensen ontwikkelen zich
vanzelf al, als er verschillen zijn tussen individuen komt dit door de
genetische aanleg.
Nurture; John Watson en Skinner -> alles moet geleerd worden
Nature en nurture werken samen, deze samenwerking is heel complex
Problematische stellingen;
Nature;
Geboren misdadigers (vergelijk Oliver Twist, kwam in arme
omstandigheden terecht. Charles Dickens zei bijv. dat mensen
uit een rijke omgeving eerlijk zijn)
Aangeboren verschillen in intelligentie (etniciteit)
Superieur soort mens (denk aan rassenleer tweede
wereldoorlog)
Nurture;
Ijskastmoeders
Hoe ontwikkelt pesten?
Tweelingonderzoek -> genetische aanleg (kinderen die pesten is
deels genetisch bepaald)
Psychopathie (deels genetisch bepaald) hangt sterk samen met
pesten
Positive reinforcement (meelopers) -> omgeving maakt uit
Populariteit
Optreden leerkracht
Verdedigers
Nature en nurture, meerdere theorieen nodig
,Modellen van ontwikkeling;
Continu; bijvoorbeeld studietijd en woordkennis.
Lineaire groei, simpelste manier.
Discontinu; bijvoorbeeld ontwikkeling van een
baby. Je ziet niks aan een kindje en plotseling
doen ze iets wel. Bijvoorbeeld leren lopen. Er
gaat inenen een knop om, we zien de wereld
anders en we gaan ons anders gedragen.
Overlapping waves; minst gebruikt. We leren
verschillende strategieën om iets te doen.
Bijvoorbeeld wijzen naar verschillende dingen
als een kindje iets wilt. Komen ze erachter
dat wijzen niet altijd werkt, dus gaan ze
verkeerd brabbelen, hierdoor zullen ze
minder wijzen. Daarna werkt correct
uitspreken beter en dan neemt het verkeerd
brabbelen weer af. De betere strategie neemt toe, en de mindere strategie
neemt af.
Critical en sensitive periods;
Critical period; een periode (leeftijd) waarbinnen een
gebeurtenis/gebeurtenissen noodzakelijk zijn voor een typische
ontwikkeling. Als dit niet gebeurt in dit tijdspad zal een typische
ontwikkeling niet meer mogelijk zijn.
Sensitive period; een periode (leeftijd) waarbinnen een
gebeurtenis/gebeurtenissen belangrijk zijn voor een typische
ontwikkeling. Zonder de gebeurtenissen kan de typische
ontwikkeling nog gebeuren.
, Deprivatie voor 6 maanden is minder gevaarlijk voor cognitieve
ontwikkeling dan deprivatie na 6 maanden.
Ook aanwijzingen voor bijvoorbeeld taal en hechting.
Waar stopt ontwikkeling? (Allport, 1954)
Autoriteit nodig voor adolescenten (leerkracht wegpesten, omdat
leraar het toeliet)
Ontwikkeling gaat door in de volwassenheid
Zelfspot na adolescentie
Leren jezelf minder serieus te nemen
Stoppen met rebelleren tegen ouders
Huwelijk maakt mensen volwassen (vooral jongens)
Verantwoording nemen
Bewust zijn van behoeftes anderen
Individu vs omgeving
Individu en omgeving
beïnvloeden elkaar
(kind beïnvloedt
ouders en ouders
beïnvloeden kind)
Individu en omgeving interacteren (samen groter dan de som der
delen)
Cross-cultureel onderzoek;
Leermogelijkheden uit cross-cultureel onderzoek -> door naar een andere
cultuur te kijken kan je iets leren
Co-sleeping
Familieverplichtingen
Naschoolse activiteiten
‘Tijgermoederen’
Overeenkomsten ook belangrijk (genetische basis?)
Bronfenbrenner Ecological Perspective
Moeilijk;
Veel variabelen blijken belangrijk
Wat zijn de belangrijkste?
Hoe meet je die?
Hoe interacteren die variabelen?
De wereld verandert steeds…
Belangrijke theorieën
, Ontwikkelstadia van Freud
Discontinue stadia’s, wel
veel fout aan. Vroege
ervaringen hebben later
veel effect.
Erikson
Taken en risico’s
daarvan. Deze theorie is
niet compleet genoeg.
Identiteit, zijn
adolescenten vooral mee
bezig. Ontwikkeling gaat
het hele leven lang door.
Classical en Operant conditioning (Watson)
Jaren 1880 tot 1950
Ontwikkeling als leerproces
Angst (Classical conditioning -> little Albert) -> kunnen aangeleerd
worden volgens Watson, hij zag dat.
Voorkeuren en aversies (classical conditioning)
‘Vrijwillig’ gedrag (operant conditioning)
Verlegenheid
Woede-aanvallen
College 1 – 12 november 2025
Kernbegrippen
Ontwikkelingspsychologie;
Hoe ontwikkelen mensen (kinderen) zich op psychologisch vlak?
Hoe hangen vroege gebeurtenissen/ontwikkelingen samen met
latere uitkomsten?
Hoe kunnen we deze inzichten toepassen?
Verandering en tijd zijn belangrijk
Nature (Nativism) en Nurture (Empiricism) ->
Nature; ligt het allemaal al genetisch gesloten -> mensen ontwikkelen zich
vanzelf al, als er verschillen zijn tussen individuen komt dit door de
genetische aanleg.
Nurture; John Watson en Skinner -> alles moet geleerd worden
Nature en nurture werken samen, deze samenwerking is heel complex
Problematische stellingen;
Nature;
Geboren misdadigers (vergelijk Oliver Twist, kwam in arme
omstandigheden terecht. Charles Dickens zei bijv. dat mensen
uit een rijke omgeving eerlijk zijn)
Aangeboren verschillen in intelligentie (etniciteit)
Superieur soort mens (denk aan rassenleer tweede
wereldoorlog)
Nurture;
Ijskastmoeders
Hoe ontwikkelt pesten?
Tweelingonderzoek -> genetische aanleg (kinderen die pesten is
deels genetisch bepaald)
Psychopathie (deels genetisch bepaald) hangt sterk samen met
pesten
Positive reinforcement (meelopers) -> omgeving maakt uit
Populariteit
Optreden leerkracht
Verdedigers
Nature en nurture, meerdere theorieen nodig
,Modellen van ontwikkeling;
Continu; bijvoorbeeld studietijd en woordkennis.
Lineaire groei, simpelste manier.
Discontinu; bijvoorbeeld ontwikkeling van een
baby. Je ziet niks aan een kindje en plotseling
doen ze iets wel. Bijvoorbeeld leren lopen. Er
gaat inenen een knop om, we zien de wereld
anders en we gaan ons anders gedragen.
Overlapping waves; minst gebruikt. We leren
verschillende strategieën om iets te doen.
Bijvoorbeeld wijzen naar verschillende dingen
als een kindje iets wilt. Komen ze erachter
dat wijzen niet altijd werkt, dus gaan ze
verkeerd brabbelen, hierdoor zullen ze
minder wijzen. Daarna werkt correct
uitspreken beter en dan neemt het verkeerd
brabbelen weer af. De betere strategie neemt toe, en de mindere strategie
neemt af.
Critical en sensitive periods;
Critical period; een periode (leeftijd) waarbinnen een
gebeurtenis/gebeurtenissen noodzakelijk zijn voor een typische
ontwikkeling. Als dit niet gebeurt in dit tijdspad zal een typische
ontwikkeling niet meer mogelijk zijn.
Sensitive period; een periode (leeftijd) waarbinnen een
gebeurtenis/gebeurtenissen belangrijk zijn voor een typische
ontwikkeling. Zonder de gebeurtenissen kan de typische
ontwikkeling nog gebeuren.
, Deprivatie voor 6 maanden is minder gevaarlijk voor cognitieve
ontwikkeling dan deprivatie na 6 maanden.
Ook aanwijzingen voor bijvoorbeeld taal en hechting.
Waar stopt ontwikkeling? (Allport, 1954)
Autoriteit nodig voor adolescenten (leerkracht wegpesten, omdat
leraar het toeliet)
Ontwikkeling gaat door in de volwassenheid
Zelfspot na adolescentie
Leren jezelf minder serieus te nemen
Stoppen met rebelleren tegen ouders
Huwelijk maakt mensen volwassen (vooral jongens)
Verantwoording nemen
Bewust zijn van behoeftes anderen
Individu vs omgeving
Individu en omgeving
beïnvloeden elkaar
(kind beïnvloedt
ouders en ouders
beïnvloeden kind)
Individu en omgeving interacteren (samen groter dan de som der
delen)
Cross-cultureel onderzoek;
Leermogelijkheden uit cross-cultureel onderzoek -> door naar een andere
cultuur te kijken kan je iets leren
Co-sleeping
Familieverplichtingen
Naschoolse activiteiten
‘Tijgermoederen’
Overeenkomsten ook belangrijk (genetische basis?)
Bronfenbrenner Ecological Perspective
Moeilijk;
Veel variabelen blijken belangrijk
Wat zijn de belangrijkste?
Hoe meet je die?
Hoe interacteren die variabelen?
De wereld verandert steeds…
Belangrijke theorieën
, Ontwikkelstadia van Freud
Discontinue stadia’s, wel
veel fout aan. Vroege
ervaringen hebben later
veel effect.
Erikson
Taken en risico’s
daarvan. Deze theorie is
niet compleet genoeg.
Identiteit, zijn
adolescenten vooral mee
bezig. Ontwikkeling gaat
het hele leven lang door.
Classical en Operant conditioning (Watson)
Jaren 1880 tot 1950
Ontwikkeling als leerproces
Angst (Classical conditioning -> little Albert) -> kunnen aangeleerd
worden volgens Watson, hij zag dat.
Voorkeuren en aversies (classical conditioning)
‘Vrijwillig’ gedrag (operant conditioning)
Verlegenheid
Woede-aanvallen