LES 1: VAN GUNST NAAR RECHT IN HET SOCIAAL WERK
INLEIDING
We spreken van een paradigmashift in het sociaal werk, waarbij we een verschuiving zien
van gunst naar recht
Gunst Recht
- Paternalisme - Participatie
- Sociale controle en disciplinering - Emancipatie
- Tekortkomingen en - Krachten en mogelijkheden
onaangepastheid - Publiek
- Privaat - Universaliteit
- Selectiviteit
1. SHIFT: VAN TEKORTKOMINGEN NAAR KRACHTEN EN MOGELIJKHEDEN
1.1 HET BESCHAVINGSOFFENSIEF ALS ANTWOORD OP DE SOCIALE KWESTIE
De industriële revolutie veroorzaakte een migratie van het platteland naar de stad
waar arbeiders in loonarbeid aan de slag gingen in fabrieken -> populatie in stad groeit
- Met als gevolg dat er erbarmelijke woon- en leefomstandigheden en een
sterke verpaupering was.
Arbeiders klasse werd gezien als de gevaarlijke klasse door elite. Het was
zogezegd een klasse die materieel noch moreel aangepast was aan de
heersende waarden en normen in de samenleving
o Om sociale onrust te vermijden werden door de elite initiatieven
genomen die leef- en werkomstandigheden van de arbeidersklasse
moesten verbeteren
1STE PRAKTIJKEN VAN ARMOEDZORG EN KINDER EN JEUGDZORG
- Nederland
Liefdadigheid naar Vermogen het licht
o Hield zich bezig met de modernisering van armenzorg
- België
Burelen van Weldadigheid
o Zij waren gevestigd in iedere gemeente ze hielden zich bezig met
praktische hulp aan huis door te voorzien in kleding, levensmiddelen,
verwarming, geneesmiddelen, beddengoed en soms geld.
o De burelen zouden in 1925 worden omgevormd naar de Commissies
van Openbare Onderstand (C.O.O) en nog later, na WOII naar de
huidige OCMW ’s
Er was niet alleen aandacht voor armen zorg maar ook de jongeren van de armen
- In sommige gevallen waren er maatregelen nodig van heropvoeding.
Dit leidde tot de eerste kinderwetten: wetgeving die kinderarbeid
verbiedt, leren verplicht maakt en voorziet in hulpverlening aan kinderen en
jongeren
Einde 19de eeuw werd een systeem van jeugdzorg opgezet inclusief de
oprichting van een kinderrechter, die kon interveniëren in de ouderlijke
macht wanneer het kind in gevaar verkeerde
1
, o Nederland: Verbod op kinderarbeid in 1874, leerplicht in 1901 en in
1922 kinderrechter
o België: verbod op kinderarbeid in 1889, kinderrechter 1912 en
leerplicht 1914
Het is cruciaal om te zien dat deze eerste initiatieven van modern sociaal werk niet
zozeer ingegeven waren door menslievendheid, maar dat ze er vooral op gericht waren
de arbeidersklasse te laten conformeren aan de bestaande waarden en normen in de
samenleving.
- = burgerlijk beschavingsoffensief
Initiatieven om arbeiders wat ‘beschaving’ bij te brengen in de vorm van
aandacht voor hygiëne, maatschappelijke omgangsvormen,
opvoedingspatronen, …
Het sociaal werk had als opdracht die tekortkomingen te voorkomen, herstellen of
compenseren, om zo de sociale orde en cohesie te bewaren
1.2 SOCIAL CASEWORK ALS VOORLOPER VAN DE EIGEN KRACHT-BENADERING
De periode na WOII wordt onder meer gekenmerkt door een veranderd mens-
en maatschappijbeeld
- Er kwam meer aandacht voor positieve, ondersteunende benadering van
mensen en waarbij de nadruk ligt op wat mensen wel nog kunnen.
Een op mogelijkheden gebaseerde benadering in het sociaal werk doet niet
enkel een appel op individuen en hun krachten, maar ook op de structuren
van de samenleving
o Het zijn vaak maatschappelijke omstandigheden die ervoor zorgen
dat mensen noodgedwongen op hun tekortkomingen worden
aangesproken
Social casework kunnen we zien als de basis van de krachtgerichte benadering. Het doel
van het werk was om de krachten van de cliënten te mobiliseren en om de leefomgeving
voor hen toegankelijk te maken. Niet langer was het alleen het individu dat zich
moest aanpassen, maar ook de samenleving zou zich moeten aanpassen ter
wille van het welzijn van de mensen
1.3 VALKUILEN VAN DE ‘EIGEN KRACHT’-BENADERING
Eigen kracht en mogelijkheden worden niet enkel bij de individuele burger
gezocht maar ook bij het netwerk, en zelfs bij buurten of wijken.
- Dat heeft zich vertaald in de ontwikkeling van tal van methodieken en
instrumenten, zoals de zelfredzaamheidsmatrix, ‘eigen kracht’-conferenties,
oplossingsgerichte benaderingen, talentgericht of krachtgericht werken enzovoort
Er komen ook valkuilen bij
- Kracht en mogelijkheden kwam als uitgangspunt door de bezuiniging van
sociaal werk dit kan onbedoelde neveneffect genereren dat ze als strategie
worden ingezet binnen doelstellingen van bezuiniging en
responsabilisering
2
, - De bedenkingen worden ook gemaakt dat mensen met een hulpvraag niet voor
niets een appel doen op het sociaal werk dus dat hun eigen krachten vaak zelf
al zijn uitgeput
- Kritiek van sociaal werkers zelf: ze zien dat netwerken en leefomgevingen van
degenen die het hardste steun nodig hebben, onderdeel zijn van de
problematiek. Het risico bestaat dan dat de focus op krachten niet genoeg
professioneel inzet toelaat voor hardnekkige problemen en het recht op geschikte
ondersteuning bijgevolg onder druk komt te staan.
2. SHIFT: VAN SOCIALE CONTROLE NAAR EMANCIPATIE
- Sociale controle/ disciplinering = betekent mensen ondersteunen omdat ze
zich zouden aanpassen aan de opgelegde waarden en normen in de samenleving
- Emancipatie = het versterken van individuen en gemeenschappen en ruimte
geven aan hun groei en autonomie
2.1 SOCIAAL WERK ALS INSTRUMENT VOOR SOCIALE CONTROLE
Het ontstaan van de sociale kwestie als gevolg van de industrialisering zette
een aantal verhoudingen in de samenleving op scherp.
- Verhoudingen die de sociale cohesie konden bedreigen en de privileges van
de elite onderuit konden halen.
Om dat te vermijden waren er maatregelen van sociale controle
nodig
o Inmenging in de ouderlijke opvoeding, praktijken van armenzorg of
programma’s voor sociale hygiëne waren uiteraard wel gericht op
het verhogen van het welzijn van de betrokken burgers, maar de
maatregelen waren voornamelijk bedoeld om de gewenste
burgerlijke waarden bij te brengen en zo de sociale orde te
bewaren
2.2 DE EMANCIPATIEGOLF IN HET SOCIAAL WERK
Sociaal werk verlaat de paden van sociale controle en stelt zich een nieuw doel
voorop:
- De realisatie van emancipatie: het opheffen van die machtsrelaties die
voorkomen dat mensen tot hun recht komen
- Sociaal werk faciliteert en ondersteunt die emancipatieprocessen door
mensen sterker te maken en instituties te ontwikkelen die empowerment van
mensen voorstaat
Cliënten kwamen op voor zichzelf voor al op het domein van psychiatrie
- De kritische psychiatrie was een beweging van psychiatrische cliënten en is dus
een emancipatieslag voor groepen die door de samenleving en overheid
gemarginaliseerd wordt die opkomen voor wat ze willen
3
, ORGANISATIES
- Nederland
Stichting liefdadigheid naar Vermogen een van de eerste die er een
emancipatorische benadering op na hield
o Hadden expliciete kritiek op liefdadigheid
- België
We zien dit hier ook in tal van domeinen: opbouwwerk waar
emancipatorische methodieken worden ontwikkeld om armoedebestrijding
en situaties van achterstand in de buurt aan te pakken.
Ook het ontstaan van tal van nieuwe sociale bewegingen, zoals de
vrouwenbeweging, de milieubeweging, .. dit waren uitingen van dit
emancipatiestreven
2.3 SOCIALE CONTROLE EN EMANCIPATIE: TWEE ZIJDEN VAN DEZELFDE
MEDAILLE
- Actuele ontwikkelingen in het sociaal werk tonen vaak zijn controlerende kant
Bijvoorbeeld alle voorwaarden waar aan je moet voldoen voor een leefloon
Het sociaal werk kun je definiëren als een dubbel karkater: tegelijk controlerend en
emanciperende in dat moeilijke spanningsveld waarbij controlerende aspecten en
emanciperende eigenschappen tegelijk aanwezig zijn.
- Het sociaal werk moet daarom voortdurend kritisch blijven ten overstaan van
zijn eigen handelen
3. SHIFT: VAN PATERNALISME NAAR PARTICIPATIE
- Paternalisme = het opgelegd worden van wat goed voor hen is
- Participatie = het achterliggende idee is dat zijzelf het beste weten wat goed
voor hen is. Bovendien kan de situatie van mensen alleen verbeteren als ze daar
zelf actief aan werken
3.1 PATERNALISME: HET SOCIAAL WERK ALS EXPERT
De vrijwillige ondersteuning van arbeiders door de kerk of de burgerij gebeurt
vanuit een morele superioriteit: de kerk of de burgerij weet wel wat goed is voor de
arbeidersklasse
- In Nederland waren er woningopzichteressen
Zij deden huisbezoeken bij gezinnen in de sociale woningbouw van ie de
leden niet als fatsoenlijke burgers onderdeel uitmaken van de samenleving,
de zogenaamde ontoelaatbare gezinnen
- In Vlaanderen zien we dit sterk in de jeugdzorg
Kinderen en jongeren in de jeugdzorg worden veelal niet als actieve partner
gezien in hulpverleningsproces en zijn vaak onderhevig aan eerder
autoritaire leefregels. Er bestaan sterk hiërarchische structuren, die weinig
bewegingsvrijheid mogelijk maken
4
INLEIDING
We spreken van een paradigmashift in het sociaal werk, waarbij we een verschuiving zien
van gunst naar recht
Gunst Recht
- Paternalisme - Participatie
- Sociale controle en disciplinering - Emancipatie
- Tekortkomingen en - Krachten en mogelijkheden
onaangepastheid - Publiek
- Privaat - Universaliteit
- Selectiviteit
1. SHIFT: VAN TEKORTKOMINGEN NAAR KRACHTEN EN MOGELIJKHEDEN
1.1 HET BESCHAVINGSOFFENSIEF ALS ANTWOORD OP DE SOCIALE KWESTIE
De industriële revolutie veroorzaakte een migratie van het platteland naar de stad
waar arbeiders in loonarbeid aan de slag gingen in fabrieken -> populatie in stad groeit
- Met als gevolg dat er erbarmelijke woon- en leefomstandigheden en een
sterke verpaupering was.
Arbeiders klasse werd gezien als de gevaarlijke klasse door elite. Het was
zogezegd een klasse die materieel noch moreel aangepast was aan de
heersende waarden en normen in de samenleving
o Om sociale onrust te vermijden werden door de elite initiatieven
genomen die leef- en werkomstandigheden van de arbeidersklasse
moesten verbeteren
1STE PRAKTIJKEN VAN ARMOEDZORG EN KINDER EN JEUGDZORG
- Nederland
Liefdadigheid naar Vermogen het licht
o Hield zich bezig met de modernisering van armenzorg
- België
Burelen van Weldadigheid
o Zij waren gevestigd in iedere gemeente ze hielden zich bezig met
praktische hulp aan huis door te voorzien in kleding, levensmiddelen,
verwarming, geneesmiddelen, beddengoed en soms geld.
o De burelen zouden in 1925 worden omgevormd naar de Commissies
van Openbare Onderstand (C.O.O) en nog later, na WOII naar de
huidige OCMW ’s
Er was niet alleen aandacht voor armen zorg maar ook de jongeren van de armen
- In sommige gevallen waren er maatregelen nodig van heropvoeding.
Dit leidde tot de eerste kinderwetten: wetgeving die kinderarbeid
verbiedt, leren verplicht maakt en voorziet in hulpverlening aan kinderen en
jongeren
Einde 19de eeuw werd een systeem van jeugdzorg opgezet inclusief de
oprichting van een kinderrechter, die kon interveniëren in de ouderlijke
macht wanneer het kind in gevaar verkeerde
1
, o Nederland: Verbod op kinderarbeid in 1874, leerplicht in 1901 en in
1922 kinderrechter
o België: verbod op kinderarbeid in 1889, kinderrechter 1912 en
leerplicht 1914
Het is cruciaal om te zien dat deze eerste initiatieven van modern sociaal werk niet
zozeer ingegeven waren door menslievendheid, maar dat ze er vooral op gericht waren
de arbeidersklasse te laten conformeren aan de bestaande waarden en normen in de
samenleving.
- = burgerlijk beschavingsoffensief
Initiatieven om arbeiders wat ‘beschaving’ bij te brengen in de vorm van
aandacht voor hygiëne, maatschappelijke omgangsvormen,
opvoedingspatronen, …
Het sociaal werk had als opdracht die tekortkomingen te voorkomen, herstellen of
compenseren, om zo de sociale orde en cohesie te bewaren
1.2 SOCIAL CASEWORK ALS VOORLOPER VAN DE EIGEN KRACHT-BENADERING
De periode na WOII wordt onder meer gekenmerkt door een veranderd mens-
en maatschappijbeeld
- Er kwam meer aandacht voor positieve, ondersteunende benadering van
mensen en waarbij de nadruk ligt op wat mensen wel nog kunnen.
Een op mogelijkheden gebaseerde benadering in het sociaal werk doet niet
enkel een appel op individuen en hun krachten, maar ook op de structuren
van de samenleving
o Het zijn vaak maatschappelijke omstandigheden die ervoor zorgen
dat mensen noodgedwongen op hun tekortkomingen worden
aangesproken
Social casework kunnen we zien als de basis van de krachtgerichte benadering. Het doel
van het werk was om de krachten van de cliënten te mobiliseren en om de leefomgeving
voor hen toegankelijk te maken. Niet langer was het alleen het individu dat zich
moest aanpassen, maar ook de samenleving zou zich moeten aanpassen ter
wille van het welzijn van de mensen
1.3 VALKUILEN VAN DE ‘EIGEN KRACHT’-BENADERING
Eigen kracht en mogelijkheden worden niet enkel bij de individuele burger
gezocht maar ook bij het netwerk, en zelfs bij buurten of wijken.
- Dat heeft zich vertaald in de ontwikkeling van tal van methodieken en
instrumenten, zoals de zelfredzaamheidsmatrix, ‘eigen kracht’-conferenties,
oplossingsgerichte benaderingen, talentgericht of krachtgericht werken enzovoort
Er komen ook valkuilen bij
- Kracht en mogelijkheden kwam als uitgangspunt door de bezuiniging van
sociaal werk dit kan onbedoelde neveneffect genereren dat ze als strategie
worden ingezet binnen doelstellingen van bezuiniging en
responsabilisering
2
, - De bedenkingen worden ook gemaakt dat mensen met een hulpvraag niet voor
niets een appel doen op het sociaal werk dus dat hun eigen krachten vaak zelf
al zijn uitgeput
- Kritiek van sociaal werkers zelf: ze zien dat netwerken en leefomgevingen van
degenen die het hardste steun nodig hebben, onderdeel zijn van de
problematiek. Het risico bestaat dan dat de focus op krachten niet genoeg
professioneel inzet toelaat voor hardnekkige problemen en het recht op geschikte
ondersteuning bijgevolg onder druk komt te staan.
2. SHIFT: VAN SOCIALE CONTROLE NAAR EMANCIPATIE
- Sociale controle/ disciplinering = betekent mensen ondersteunen omdat ze
zich zouden aanpassen aan de opgelegde waarden en normen in de samenleving
- Emancipatie = het versterken van individuen en gemeenschappen en ruimte
geven aan hun groei en autonomie
2.1 SOCIAAL WERK ALS INSTRUMENT VOOR SOCIALE CONTROLE
Het ontstaan van de sociale kwestie als gevolg van de industrialisering zette
een aantal verhoudingen in de samenleving op scherp.
- Verhoudingen die de sociale cohesie konden bedreigen en de privileges van
de elite onderuit konden halen.
Om dat te vermijden waren er maatregelen van sociale controle
nodig
o Inmenging in de ouderlijke opvoeding, praktijken van armenzorg of
programma’s voor sociale hygiëne waren uiteraard wel gericht op
het verhogen van het welzijn van de betrokken burgers, maar de
maatregelen waren voornamelijk bedoeld om de gewenste
burgerlijke waarden bij te brengen en zo de sociale orde te
bewaren
2.2 DE EMANCIPATIEGOLF IN HET SOCIAAL WERK
Sociaal werk verlaat de paden van sociale controle en stelt zich een nieuw doel
voorop:
- De realisatie van emancipatie: het opheffen van die machtsrelaties die
voorkomen dat mensen tot hun recht komen
- Sociaal werk faciliteert en ondersteunt die emancipatieprocessen door
mensen sterker te maken en instituties te ontwikkelen die empowerment van
mensen voorstaat
Cliënten kwamen op voor zichzelf voor al op het domein van psychiatrie
- De kritische psychiatrie was een beweging van psychiatrische cliënten en is dus
een emancipatieslag voor groepen die door de samenleving en overheid
gemarginaliseerd wordt die opkomen voor wat ze willen
3
, ORGANISATIES
- Nederland
Stichting liefdadigheid naar Vermogen een van de eerste die er een
emancipatorische benadering op na hield
o Hadden expliciete kritiek op liefdadigheid
- België
We zien dit hier ook in tal van domeinen: opbouwwerk waar
emancipatorische methodieken worden ontwikkeld om armoedebestrijding
en situaties van achterstand in de buurt aan te pakken.
Ook het ontstaan van tal van nieuwe sociale bewegingen, zoals de
vrouwenbeweging, de milieubeweging, .. dit waren uitingen van dit
emancipatiestreven
2.3 SOCIALE CONTROLE EN EMANCIPATIE: TWEE ZIJDEN VAN DEZELFDE
MEDAILLE
- Actuele ontwikkelingen in het sociaal werk tonen vaak zijn controlerende kant
Bijvoorbeeld alle voorwaarden waar aan je moet voldoen voor een leefloon
Het sociaal werk kun je definiëren als een dubbel karkater: tegelijk controlerend en
emanciperende in dat moeilijke spanningsveld waarbij controlerende aspecten en
emanciperende eigenschappen tegelijk aanwezig zijn.
- Het sociaal werk moet daarom voortdurend kritisch blijven ten overstaan van
zijn eigen handelen
3. SHIFT: VAN PATERNALISME NAAR PARTICIPATIE
- Paternalisme = het opgelegd worden van wat goed voor hen is
- Participatie = het achterliggende idee is dat zijzelf het beste weten wat goed
voor hen is. Bovendien kan de situatie van mensen alleen verbeteren als ze daar
zelf actief aan werken
3.1 PATERNALISME: HET SOCIAAL WERK ALS EXPERT
De vrijwillige ondersteuning van arbeiders door de kerk of de burgerij gebeurt
vanuit een morele superioriteit: de kerk of de burgerij weet wel wat goed is voor de
arbeidersklasse
- In Nederland waren er woningopzichteressen
Zij deden huisbezoeken bij gezinnen in de sociale woningbouw van ie de
leden niet als fatsoenlijke burgers onderdeel uitmaken van de samenleving,
de zogenaamde ontoelaatbare gezinnen
- In Vlaanderen zien we dit sterk in de jeugdzorg
Kinderen en jongeren in de jeugdzorg worden veelal niet als actieve partner
gezien in hulpverleningsproces en zijn vaak onderhevig aan eerder
autoritaire leefregels. Er bestaan sterk hiërarchische structuren, die weinig
bewegingsvrijheid mogelijk maken
4