Individuele opdracht: Reflectie op mijn persoonlijke inzichten tijdens het vak
Organisatie van leren en onderwijs
Daan Wassens (13060767)
College of Child Development and Education, Universiteit van Amsterdam
Pre-master Onderwijswetenschappen, Organisatie van leren en onderwijs
Definitieve versie: Individuele opdracht
Olmo van der Mast (Werkgroep 3)
28 mei 2021
Aantal woorden: 2355
, In de module ‘Organisatie van leren en onderwijs’ tijdens de premaster
Onderwijswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam (Faculteit Maatschappij- en
Gedragswetenschappen) was de centrale vraag hoe leren zo goed mogelijk kan worden
georganiseerd binnen (school)organisaties. In dit verslag geef ik per lesweek een reflectie op
de leerstof en mijn bijbehorende inzichten.
Week 1 – Schoolorganisaties en leiderschap
In het eerste semester van het studiejaar 2019-2020 heb ik een minor Leiderschap gevolgd op
de Hogeschool Leiden (Faculteit Management en Organisatie). Tijdens deze minor stonden
verschillende soorten organisaties en leiderschap centraal. Enkele begrippen uit dit eerste
hoorcollege herken ik vanuit de minor. Ik realiseer mij dat ik al veel kennis heb opgedaan
tijdens deze minor, daarbij vind ik het interessant en leuk dat dit vak deze kennis verdiept en
zich voornamelijk focust op organisaties en leiderschap in de school- en leercontext.
Voor mijn minor moest ik een visieartikel schrijven over ‘Leiderschap in 2025’:
“Goed leiderschap is cruciaal voor een succesvolle en gezond opererende organisatie.
Goed leiderschap houdt een mensgerichte en ontwikkelingsgerichte manier van
leidinggeven in, het kijkt naar kansen en mogelijkheden én geeft werknemers energie.
Dit type leiderschap biedt visie en verbindt werknemers. Het zorgt ervoor dat
werknemers zich meer betrokken voelen bij een organisatie en meer motivatie en
bevlogenheid voelen om zich in te zetten voor de opgestelde visie. Het gevolg hiervan
is dat zij hogere effectiviteit, betere prestaties en meer innovatief gedrag vertonen, dit
alles is gunstig voor de prestaties van een organisatie” (Robbins & Judge, 2015;
Rotmans & Linden, 2014).
Ik herken hierin de organisatietheorie ‘natural approaches’ (Hoy & Miskel, 2013) welke is
behandeld in dit eerste hoorcollege. Bij deze theorie ligt de nadruk op de agency van een
1
Organisatie van leren en onderwijs
Daan Wassens (13060767)
College of Child Development and Education, Universiteit van Amsterdam
Pre-master Onderwijswetenschappen, Organisatie van leren en onderwijs
Definitieve versie: Individuele opdracht
Olmo van der Mast (Werkgroep 3)
28 mei 2021
Aantal woorden: 2355
, In de module ‘Organisatie van leren en onderwijs’ tijdens de premaster
Onderwijswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam (Faculteit Maatschappij- en
Gedragswetenschappen) was de centrale vraag hoe leren zo goed mogelijk kan worden
georganiseerd binnen (school)organisaties. In dit verslag geef ik per lesweek een reflectie op
de leerstof en mijn bijbehorende inzichten.
Week 1 – Schoolorganisaties en leiderschap
In het eerste semester van het studiejaar 2019-2020 heb ik een minor Leiderschap gevolgd op
de Hogeschool Leiden (Faculteit Management en Organisatie). Tijdens deze minor stonden
verschillende soorten organisaties en leiderschap centraal. Enkele begrippen uit dit eerste
hoorcollege herken ik vanuit de minor. Ik realiseer mij dat ik al veel kennis heb opgedaan
tijdens deze minor, daarbij vind ik het interessant en leuk dat dit vak deze kennis verdiept en
zich voornamelijk focust op organisaties en leiderschap in de school- en leercontext.
Voor mijn minor moest ik een visieartikel schrijven over ‘Leiderschap in 2025’:
“Goed leiderschap is cruciaal voor een succesvolle en gezond opererende organisatie.
Goed leiderschap houdt een mensgerichte en ontwikkelingsgerichte manier van
leidinggeven in, het kijkt naar kansen en mogelijkheden én geeft werknemers energie.
Dit type leiderschap biedt visie en verbindt werknemers. Het zorgt ervoor dat
werknemers zich meer betrokken voelen bij een organisatie en meer motivatie en
bevlogenheid voelen om zich in te zetten voor de opgestelde visie. Het gevolg hiervan
is dat zij hogere effectiviteit, betere prestaties en meer innovatief gedrag vertonen, dit
alles is gunstig voor de prestaties van een organisatie” (Robbins & Judge, 2015;
Rotmans & Linden, 2014).
Ik herken hierin de organisatietheorie ‘natural approaches’ (Hoy & Miskel, 2013) welke is
behandeld in dit eerste hoorcollege. Bij deze theorie ligt de nadruk op de agency van een
1