Onderhandelen en schikken
Onderhandelen: onderling tot een oplossing komen, waarbij een middenweg wordt gezocht (tussen
hard en zacht, relatie en resultaat). Tweezijdige communicatie gericht op het bereiken van
overeenstemming, terwijl zij gezamenlijke en tegenstrijdige belangen hebben.
1. Integratief onderhandelen: onderhandelen met het doel om tot een oplossing te komen waarbij
alle partijen baat hebben (doorvragen (uienschilmethode) naar onderliggende belangen (wat
maakt het of waarom?).
2. Distributief (positioneel) onderhandelen: onderhandelen met het doel tot het verdelen van een
vaste waarde.
Openingsbod: een (agressief, maar eerlijk) aanbod om de onderhandelingen mee te openen. Een
poging om een anker te presenteren waar de onderhandelingen om zullen draaien (anchoring).
Framen: het positief formuleren van een voorstel (winstframe), rekening houdende met loss aversion
(mensen hebben een afkeer van verliezen).
Concessies: het opgeven van een belang om dichter bij een oplossing van het conflict te komen.
Zero-Sum game: de winst van de één betekent het verlies van de ander.
Winners curse: het winnend bod overtreft de waarde van de betreffende zaak; dus geef niet te
makkelijk toe.
Contrast-effect: het doen van twee voorstellen; allereest een voordelig aanbod en dan een nadeliger
aanbod, zodat de wederpartij het eerste aanbod aanvaard.
ZOPA (zone of potential agreement): onderhandelingsruimte tussen slechtste en beste alternatief
(inclusief buitengerechtelijke en proceskosten) (rekening houdende met ingeschatte proceskansen
(verbale beoordelingsschaal)). De reeds gemaakte kosten verkleinen de onderhandelingsruimte en
nog niet-gemaakte kosten vergroten de onderhandelingsruimte. Doe een (hoog) openingsbod tussen
de onderhandelingsruimte, die eerlijk (en rationeel) is; doe concessies; geef niet te makkelijk of snel
toe.
Functies rechtspraak:
1. rechtsverschaffingsfunctie
2. bedreigingsfunctie
3. politionele functie
4. rechtsontwikkelingsfunctie
5. rechtseenheidsfunctie
Maatschappelijk Effectieve Rechtspraak (MER): de rechtspraak die steeds meer gericht is met
conflictoplossing en bemiddeling naast geschilbeslechting.
Onderhandelen: onderling tot een oplossing komen, waarbij een middenweg wordt gezocht (tussen
hard en zacht, relatie en resultaat). Tweezijdige communicatie gericht op het bereiken van
overeenstemming, terwijl zij gezamenlijke en tegenstrijdige belangen hebben.
1. Integratief onderhandelen: onderhandelen met het doel om tot een oplossing te komen waarbij
alle partijen baat hebben (doorvragen (uienschilmethode) naar onderliggende belangen (wat
maakt het of waarom?).
2. Distributief (positioneel) onderhandelen: onderhandelen met het doel tot het verdelen van een
vaste waarde.
Openingsbod: een (agressief, maar eerlijk) aanbod om de onderhandelingen mee te openen. Een
poging om een anker te presenteren waar de onderhandelingen om zullen draaien (anchoring).
Framen: het positief formuleren van een voorstel (winstframe), rekening houdende met loss aversion
(mensen hebben een afkeer van verliezen).
Concessies: het opgeven van een belang om dichter bij een oplossing van het conflict te komen.
Zero-Sum game: de winst van de één betekent het verlies van de ander.
Winners curse: het winnend bod overtreft de waarde van de betreffende zaak; dus geef niet te
makkelijk toe.
Contrast-effect: het doen van twee voorstellen; allereest een voordelig aanbod en dan een nadeliger
aanbod, zodat de wederpartij het eerste aanbod aanvaard.
ZOPA (zone of potential agreement): onderhandelingsruimte tussen slechtste en beste alternatief
(inclusief buitengerechtelijke en proceskosten) (rekening houdende met ingeschatte proceskansen
(verbale beoordelingsschaal)). De reeds gemaakte kosten verkleinen de onderhandelingsruimte en
nog niet-gemaakte kosten vergroten de onderhandelingsruimte. Doe een (hoog) openingsbod tussen
de onderhandelingsruimte, die eerlijk (en rationeel) is; doe concessies; geef niet te makkelijk of snel
toe.
Functies rechtspraak:
1. rechtsverschaffingsfunctie
2. bedreigingsfunctie
3. politionele functie
4. rechtsontwikkelingsfunctie
5. rechtseenheidsfunctie
Maatschappelijk Effectieve Rechtspraak (MER): de rechtspraak die steeds meer gericht is met
conflictoplossing en bemiddeling naast geschilbeslechting.