AGOGIEK EN DEFINITIES
1 AGOGIEK EN HET DEFINITORISCH PROBLEEM
Teksten van werkcolleges zijn ook examenmateriaal
Agogen zijn…?
- Verandering
- Systeemkijk ontwikkelt of hebt aan het einde: oog hebben voor welke structuren
spelen hier
- Individuele begeleiding
Dit vak; THEORETISCHE inleiding, geen methodiek!!
- Je leert geen dingen van wat je moet doen, technieken, methodieken
- Maar stilstaan bij de bredere kaders
- Wat betekent het nu echt
Elke definitie van agogiek
zou immers tekortschieten
Wat is agogiek? – een definitorisch probleem? voor de complexiteit en
breedheid die het agogische
- Mysterie van agogiek, beetje mysterieus
omvat
- Afhankelijk van de context, dus geen vaste definitie
o Interdisciplinaire karakter: de rol die de agoog aanneemt is sterk afhankelijk
van de context waarin hij of zij werkt
- Agogentaal
o Omslachtig, vaag en vaak versluierend taalgebruik dat typisch is voor
hulpverleners, maatschappelijk werkers en therapeuten - woordenboek
o Er wordt wat rond te pot gedraaid zonder het echt te benoemen
- Agogiek vs andere ‘studierichtingen’
o Meeste mensen hebben van andere studierichtingen (rechten,
psychologie,..) een duidelijker beeld, focussen vaak op 1 iets
o Agogiek niet echt fundering maar eerder huis die erop staat, maar heeft
wel die funderingen nodig
o Agogiek is bovenbouwwetenschap terwijl soc en pscy bv eerder
onderbouwwetenschappen zijn waar de agogiek op steunt
- Agogiek: multidisciplinair & multifunctioneel => geen eenduidige
taakafbakening
Moeilijk om agogiek te definiëren
Film 300 over Sparta
- Spaanse opvoedingsscholen: de scholen waarin de Spartaanse kinderen geleerd werden en
voorbereid werden op de woeste buitenwereld
- Metaforisch uithalen: agogiek heeft te maken met mensen weerbaar te maken ten
opzichte van de uitdagingen van de wereld
- Agogiek: mensen versterken in hun handelen zodanig dat ze om kunnen met de problemen
en uitdagingen die ze in de dagdagelijkse dingen tegenkomen
1
Agogische Wetenschappen
,Trump en agogiek
- Trump is een demagoog = dem -> demos -> volk
o Iemand die het volk lijdt en heel vaak ook misleidt
o Een volksmenner – een volksmisleider
Verschillende definities – Wat is agogiek? – geen definitorisch probleem?
- Ten have
o “opvoeding, vorming, leiding” met “een zekere richting, in overeenstemming met
haar doelstellingen”,
o “deskundige en intentionele beïnvloeding van een (of meer) volwassenen gericht
op verandering die wordt ervaren als welzijnsbevordering”
o Gericht op volwassenen
o Deskundigheid!
o Agogiek: interventiewetenschap
Je moet proberen invloed hebben op de mensen waarmee je werkt
Groter welzijn moet er komen
Volgens Ten Have: WE die bezig is met hoe kunnen we die
interventie/beïnvloeding zo deskundig mogelijk, kunnen gaan
maken
- Van Beugen (leerling Ten Have)
o “agogische aktie”
o “het komplex van handelingen (interventies) door middel waarvan een
dienstverlenend systeem (‘change agent’, agoog) beïnvloedend inwerkt op sociale
processen en sociale strukturen met het expliciete doel om het welzijn van een
cliëntsysteem (individu, groep, organisatie of gemeenschap) te bevorderen”.
o Moeilijker taalgebruik: dienstverlenend systeem, cliëntsysteem om te
verwijzen dat je met mensen werkt
o Agogiek als interventiewetenschap
- Nijk
o Agogiek gaat om het opheffen van de impasse die ontstaat wanneer “mensen niet,
niet adequaat, [of] niet bevredigend weten te handelen”.
o Geldt voor “de huisvrouw die niet met geld om kan gaan, voor de boer die
vastloopt in de problemen van de moderne bedrijfsvoering, voor de mijnwerker die
onthand is geraakt in de procesindustrie, voor de buurtbewoners die niet weten
hoe zij het – door anderen wellicht bewust beoogde – verval van hun buurt moeten
stuiten”
o Agogiek als handelingswetenschap
o Mensen die vastzitten in hun eigen handelen om daarmee aan de slag te
gaan
o Handelen staat centraal bij Nijk!
= BEWUSTE manier omgaan met zichzelf, met de wereld, met
anderen…
2
Agogische Wetenschappen
,Wat is agogiek? – toch definitrosich probleem?
Enge Brede
Begripsbepaling: Begripsbepaling:
- sociale hulpverlening alles wat te
maken heeft met
- vormingswerk
initiëren/begeleiden van
maatschapelijke
verandering
Zegt niets over de identiteit van agogiek. Geeft enkel de grenzen van werkveld aan.
Idem voor: concepten als emancipatie, interventie, empowerment, burgerschap,
gemeenschapsvorming, verandering, …
Zijn generische termen die op verschillende manieren kunnen worden ingevuld
Het agogische heeft meer te maken met “de manier waarop” iets gedaan wordt
2 AGOGIEK ALS WOORD
- Engels: andragogy, maar aan VUB: Adult Educational Sciences
- Agogiek < du Boeuff en Kuiper (1950): agogie = educatie of leiding van opvoeder
- Nederland: agogiek: pedagogiek – andragogiek – gerontagogiek
- Andragogiek < Alexander Kapp (1833): manier waarop volwassenen kennis,
karakter en vaardigheden ontwikkelen
- In Vlaanderen: andragogiek > agogiek
- </ Agoge (Spartaanse Scholen)
- < agein (ἄγειν): (ver)voeren, (bege)leiden, handelen (cf Pedagoog < paidagogos
- “actie” “agentschap” “(re)ageren”
⇒ manier waarop we het leven leiden, de dingen doen
⇒ handingsmogelijkheid
⇒ veranderingspotentieel
- Het vooronderstelt de mogelijkheid om het leven (zelf) in handen te nemen
- In transitieve zin duidt het op vorming en educatie.
- Handelingswetenschap – veranderingskunde
Ten have:
- Agogie: de agogische praktijk of activiteit: beïnvloedingsprocessen, waarin
welbewust en op deskundige wijze gestreefd wordt naar verbetering van een
bestaande toestand, althans naar een verandering van deze toestand in de
wenselijk geachte richting
3
Agogische Wetenschappen
, - Agogiek: normatief gebonden agogisch systeem, een bepaalde agogische theorie
of agogisch richtinggevend ideaal: Systematische uiteenzetting (theorie) van de
grondslagen, doelstellingen, inhouden, methoden en organisatievormen van de
beïnvloeding (beheer, beleid, begeleiding) met betrekking tot intermenselijke
relaties en relatievorming
- Agologie: de wetenschappelijke studie van die praktijken én theorieën (eerst
agogologie)
3 AGOGIE(K) ALS KOPPELING VAN PRAKTIJK EN THEORIE
Agogiek: theorie én praktijk
⇒ uitgangen -ie, -iek, -logie duiden op onderscheid tussen de agogische praktijk
(agogie) en de agogische theorie (agogiek, agologie).
- Praktijk: maatschappelijk werk, sociaal werk, cultureel werk, volwasseneneducatie
en voorlichting, jeugdwerk, openbaar bibliotheekwerk, volksontwikkelingswerk
(culturele centra, verenigingen, amateurkunst), (samenlevings)opbouwwerk,
algemeen welzijnswerk, burgerschapseducatie en ouderenzorg, bedrijfs- en
organisatieleven als de vrijetijdssector, ….
Agogiek: (theorie én) praktijk
- Agogische praktijk: afbakening en criteria mogelijk,
MAAR: valt er iets buiten? Is er een praktijk die niet agogisch zou zijn?
⇒ Afbakening van agogische praktijk is moeilijk
⇒ Differentiatiecriteria: doelgroep (ped-, andr-, geront-), terrein (sociaal,
cultureel, vrijetijds, beroeps,-)
⇒ differentiatieniveaus: micro, meso, macro
- Geen reden waarom agoog niet kan werken in praktijk die buiten typische
doelgroepen of terreinen valt
⇒ Manier waaróp praktijk beoefend wordt is relevanter dan afbakening
of criteria
Agogiek: theorie (én praktijk)
- Op basis van specifieke praktijken: verschillende theorieën/agogieken
⇒ Van Gent sprak over speciale agologie
- Maar ook: algemene overkoepelende theorie/agologie
⇒ Van Gent sprak over algemene agologie
o Theoretische agologie: nadruk op het ontwikkelen van systemen van
uitspraken die zich lenen voor empirische toetsing;
o Empirische agologie: focus op sociaalwetenschappelijk onderzoek;
o Praktische agologie: focus op casework binnen het agogisch handelen.
4
Agogische Wetenschappen
1 AGOGIEK EN HET DEFINITORISCH PROBLEEM
Teksten van werkcolleges zijn ook examenmateriaal
Agogen zijn…?
- Verandering
- Systeemkijk ontwikkelt of hebt aan het einde: oog hebben voor welke structuren
spelen hier
- Individuele begeleiding
Dit vak; THEORETISCHE inleiding, geen methodiek!!
- Je leert geen dingen van wat je moet doen, technieken, methodieken
- Maar stilstaan bij de bredere kaders
- Wat betekent het nu echt
Elke definitie van agogiek
zou immers tekortschieten
Wat is agogiek? – een definitorisch probleem? voor de complexiteit en
breedheid die het agogische
- Mysterie van agogiek, beetje mysterieus
omvat
- Afhankelijk van de context, dus geen vaste definitie
o Interdisciplinaire karakter: de rol die de agoog aanneemt is sterk afhankelijk
van de context waarin hij of zij werkt
- Agogentaal
o Omslachtig, vaag en vaak versluierend taalgebruik dat typisch is voor
hulpverleners, maatschappelijk werkers en therapeuten - woordenboek
o Er wordt wat rond te pot gedraaid zonder het echt te benoemen
- Agogiek vs andere ‘studierichtingen’
o Meeste mensen hebben van andere studierichtingen (rechten,
psychologie,..) een duidelijker beeld, focussen vaak op 1 iets
o Agogiek niet echt fundering maar eerder huis die erop staat, maar heeft
wel die funderingen nodig
o Agogiek is bovenbouwwetenschap terwijl soc en pscy bv eerder
onderbouwwetenschappen zijn waar de agogiek op steunt
- Agogiek: multidisciplinair & multifunctioneel => geen eenduidige
taakafbakening
Moeilijk om agogiek te definiëren
Film 300 over Sparta
- Spaanse opvoedingsscholen: de scholen waarin de Spartaanse kinderen geleerd werden en
voorbereid werden op de woeste buitenwereld
- Metaforisch uithalen: agogiek heeft te maken met mensen weerbaar te maken ten
opzichte van de uitdagingen van de wereld
- Agogiek: mensen versterken in hun handelen zodanig dat ze om kunnen met de problemen
en uitdagingen die ze in de dagdagelijkse dingen tegenkomen
1
Agogische Wetenschappen
,Trump en agogiek
- Trump is een demagoog = dem -> demos -> volk
o Iemand die het volk lijdt en heel vaak ook misleidt
o Een volksmenner – een volksmisleider
Verschillende definities – Wat is agogiek? – geen definitorisch probleem?
- Ten have
o “opvoeding, vorming, leiding” met “een zekere richting, in overeenstemming met
haar doelstellingen”,
o “deskundige en intentionele beïnvloeding van een (of meer) volwassenen gericht
op verandering die wordt ervaren als welzijnsbevordering”
o Gericht op volwassenen
o Deskundigheid!
o Agogiek: interventiewetenschap
Je moet proberen invloed hebben op de mensen waarmee je werkt
Groter welzijn moet er komen
Volgens Ten Have: WE die bezig is met hoe kunnen we die
interventie/beïnvloeding zo deskundig mogelijk, kunnen gaan
maken
- Van Beugen (leerling Ten Have)
o “agogische aktie”
o “het komplex van handelingen (interventies) door middel waarvan een
dienstverlenend systeem (‘change agent’, agoog) beïnvloedend inwerkt op sociale
processen en sociale strukturen met het expliciete doel om het welzijn van een
cliëntsysteem (individu, groep, organisatie of gemeenschap) te bevorderen”.
o Moeilijker taalgebruik: dienstverlenend systeem, cliëntsysteem om te
verwijzen dat je met mensen werkt
o Agogiek als interventiewetenschap
- Nijk
o Agogiek gaat om het opheffen van de impasse die ontstaat wanneer “mensen niet,
niet adequaat, [of] niet bevredigend weten te handelen”.
o Geldt voor “de huisvrouw die niet met geld om kan gaan, voor de boer die
vastloopt in de problemen van de moderne bedrijfsvoering, voor de mijnwerker die
onthand is geraakt in de procesindustrie, voor de buurtbewoners die niet weten
hoe zij het – door anderen wellicht bewust beoogde – verval van hun buurt moeten
stuiten”
o Agogiek als handelingswetenschap
o Mensen die vastzitten in hun eigen handelen om daarmee aan de slag te
gaan
o Handelen staat centraal bij Nijk!
= BEWUSTE manier omgaan met zichzelf, met de wereld, met
anderen…
2
Agogische Wetenschappen
,Wat is agogiek? – toch definitrosich probleem?
Enge Brede
Begripsbepaling: Begripsbepaling:
- sociale hulpverlening alles wat te
maken heeft met
- vormingswerk
initiëren/begeleiden van
maatschapelijke
verandering
Zegt niets over de identiteit van agogiek. Geeft enkel de grenzen van werkveld aan.
Idem voor: concepten als emancipatie, interventie, empowerment, burgerschap,
gemeenschapsvorming, verandering, …
Zijn generische termen die op verschillende manieren kunnen worden ingevuld
Het agogische heeft meer te maken met “de manier waarop” iets gedaan wordt
2 AGOGIEK ALS WOORD
- Engels: andragogy, maar aan VUB: Adult Educational Sciences
- Agogiek < du Boeuff en Kuiper (1950): agogie = educatie of leiding van opvoeder
- Nederland: agogiek: pedagogiek – andragogiek – gerontagogiek
- Andragogiek < Alexander Kapp (1833): manier waarop volwassenen kennis,
karakter en vaardigheden ontwikkelen
- In Vlaanderen: andragogiek > agogiek
- </ Agoge (Spartaanse Scholen)
- < agein (ἄγειν): (ver)voeren, (bege)leiden, handelen (cf Pedagoog < paidagogos
- “actie” “agentschap” “(re)ageren”
⇒ manier waarop we het leven leiden, de dingen doen
⇒ handingsmogelijkheid
⇒ veranderingspotentieel
- Het vooronderstelt de mogelijkheid om het leven (zelf) in handen te nemen
- In transitieve zin duidt het op vorming en educatie.
- Handelingswetenschap – veranderingskunde
Ten have:
- Agogie: de agogische praktijk of activiteit: beïnvloedingsprocessen, waarin
welbewust en op deskundige wijze gestreefd wordt naar verbetering van een
bestaande toestand, althans naar een verandering van deze toestand in de
wenselijk geachte richting
3
Agogische Wetenschappen
, - Agogiek: normatief gebonden agogisch systeem, een bepaalde agogische theorie
of agogisch richtinggevend ideaal: Systematische uiteenzetting (theorie) van de
grondslagen, doelstellingen, inhouden, methoden en organisatievormen van de
beïnvloeding (beheer, beleid, begeleiding) met betrekking tot intermenselijke
relaties en relatievorming
- Agologie: de wetenschappelijke studie van die praktijken én theorieën (eerst
agogologie)
3 AGOGIE(K) ALS KOPPELING VAN PRAKTIJK EN THEORIE
Agogiek: theorie én praktijk
⇒ uitgangen -ie, -iek, -logie duiden op onderscheid tussen de agogische praktijk
(agogie) en de agogische theorie (agogiek, agologie).
- Praktijk: maatschappelijk werk, sociaal werk, cultureel werk, volwasseneneducatie
en voorlichting, jeugdwerk, openbaar bibliotheekwerk, volksontwikkelingswerk
(culturele centra, verenigingen, amateurkunst), (samenlevings)opbouwwerk,
algemeen welzijnswerk, burgerschapseducatie en ouderenzorg, bedrijfs- en
organisatieleven als de vrijetijdssector, ….
Agogiek: (theorie én) praktijk
- Agogische praktijk: afbakening en criteria mogelijk,
MAAR: valt er iets buiten? Is er een praktijk die niet agogisch zou zijn?
⇒ Afbakening van agogische praktijk is moeilijk
⇒ Differentiatiecriteria: doelgroep (ped-, andr-, geront-), terrein (sociaal,
cultureel, vrijetijds, beroeps,-)
⇒ differentiatieniveaus: micro, meso, macro
- Geen reden waarom agoog niet kan werken in praktijk die buiten typische
doelgroepen of terreinen valt
⇒ Manier waaróp praktijk beoefend wordt is relevanter dan afbakening
of criteria
Agogiek: theorie (én praktijk)
- Op basis van specifieke praktijken: verschillende theorieën/agogieken
⇒ Van Gent sprak over speciale agologie
- Maar ook: algemene overkoepelende theorie/agologie
⇒ Van Gent sprak over algemene agologie
o Theoretische agologie: nadruk op het ontwikkelen van systemen van
uitspraken die zich lenen voor empirische toetsing;
o Empirische agologie: focus op sociaalwetenschappelijk onderzoek;
o Praktische agologie: focus op casework binnen het agogisch handelen.
4
Agogische Wetenschappen