Deel 1 H1: De balans
Oefening 1 op Activa:
1. Welke deel van de jaarrekening geeft inzicht in de bezittingen van een
onderneming?
2. Is een boekenrek een voorbeeld van een vast of vlottend actief?
3. Onder welke rubriek wordt een kantoorgebouw, een fabrieksgebouw, een door
de onderneming verhuurd appartement opgenomen?
4. Wat is een financieel vast actief?
5. Wat is het verschil tussen een handelsvordering en een overige vordering?
6. Wat zijn liquide middelen?
7. Verklaar de term ‘goodwill’.
Oefening 2 op Activa:
Gebruik hiervoor het volledig model van de jaarrekening. Noteer zowel de code als
de meest gedetailleerde benaming.
Term CODE & BENAMING
Een bureau
Een personenwagen
Een computer
Software Microsoft office
Termijnrekening
Aandelen voor beleggingsdoeleinden
Bank geld op zichtrekening
Kas (geld in de kassa)
Vorderingen op klanten (de klant betaalt
binnen de 30 dagen)
Notariskosten bij oprichting
Printer
Vrachtwagen
Voorraad grondstoffen
Licentie software
Spaarrekening
Obligaties voor belegging
Kasbons
Bankdeposito
Kassa
Facturen te innen bij klanten
Notariskosten bij kapitaalverhoging
,Oefening 3 op Passiva
1. Wat is het verschil tussen kapitaal en reserves?
2. Geef 3 mogelijke bronnen van eigen vermogen?
3. Verduidelijk het verschil tussen aandeelhouder en een bestuurder?
4. Geef een synoniem voor vreemd vermogen:
5. Wat zijn ontvangen vooruitbetaling op bestellingen?
6. Wat is het verschil tussen een financiële schuld en een handelsschuld?
Oefening 4 op Passiva
In welke rubriek van het passief horen onderstaande financieringsbronnen thuis:
geef telkens de code alsook de benaming van het passiva.
TERM CODE & BENAMING
Gestort geld door aandeelhouders
Winsten van vorige boekjaren
Subsidies vanwege overheid door
gebouwen
Exploitatiesubsidies
Banklening op 24 maanden bij de KBC
Openstaande schuld bij leveranciers (de
leverancier wordt binnen de 30 dagen
betaald)
BTW schuld
Openstaande schuld lonen en wedden
(454/9 bezoldigingen en sociale lasten)
Oefening 5 op Balans:
Geef een korte interpretatie bij onderstaande balans:
Wat is het eigen vermogen?
Wat is het vreemd vermogen?
Wat is het totaal vermogen?
Wat is het balanstotaal?
Waaruit bestaan de vaste activa?
Hoeveel bedragen de liquide
middelen?
Oefening 6 op Balans:
Een onderneming heeft de volgende bezittingen:
- Een gebouw gewaardeerd op 125.000 EUR
- Een voorraad handelsgoederen van 20.000 EUR
- Tegoed van klanten 7000 EUR
- Een banktegoed 7500 EUR
- Kas 500 EUR
, - Daarnaast bestaat het vreemd vermogen uit leveranciersschulden voor 8000 EUR
en 2000 EUR belastingschulden.
Maak de balans op + bepaal eigen vermogen van de onderneming.
Oefening 7 op Balans:
Maak de balans op van de onderneming XYZ op basis van de volgende gegevens:
- Gebouw: 100.000 EUR
- Meubilair: 20.000 EUR
- Bestelwagen: 10.000 EUR
- Voorraad handelsgoederen: 15.000 EUR
- Leveranciersschulden: 9.000 EUR
- Bank: 4.500 EUR
- Kapitaal: 139.000 EUR
- Kas: 500 EUR
- Klanten: 4.000 EUR
- Lening op 3 jaar: 6.000 EUR.
Oefening 8 op Balans:
Bepaal het eigen vermogen + stel de balans op conform het wettelijk schema:
- Het boekhoudkantoor NOTAX huurt een gebouw, waarvan de waarde bepaald is op
120.000 EUR, aan 750 EUR per maand.
- Het kantoor bezit: meubilair voor 17.000 EUR, kantooruitrusting voor 23.000 EUR,
voorraad handelsgoederen voor 3.000 EUR, waarvan 1/3 nog betaald moet worden
aan de leveranciers.
- Ook de telefoonrekening ten bedrage van 250 EUR is nog niet betaald.
- Het kantoor heeft 5.000 EUR tegoed van klanten en op de bankrekening staat
2.800 EUR.
Oefening 9 op Balans:
Gegeven:
Met een eerste werkervaring op zak besluit Olivia om zich te vestigen als zelfstandig
ICT-consultant en aanvaardt zij diverse programmeeropdrachten. Ze zal er een
voltijdse job van kunnen maken, afgaande op de vraag. Na een eerste afstemming
bij haar boekhouder maakt ze het volgende kostenoverzicht:
- Oprichtingskosten 1.100,00 EUR
- Aankoop laptop (geschatte levensduur drie jaar) 1.500,00 EUR
- Aankoop software (geschatte gebruiksduur vijf jaar) 1.200,00 EUR
- Aankoop meubilair en andere uitrusting 1.400,00 EUR
- Prestaties al gefactureerd maar nog niet ontvangen 3.400,00 EUR
- Geld nodig op de bankrekening (na opstart) 400,00 EUR
- Krediet op afbetaling (terugbetaling over acht maanden) 4.000,00 EUR
Gevraagd:
Stel een openingsbalans op met alle voorgaande elementen. + Ga na hoeveel deze
ondernemer zelf inbracht (eigen inbreng).