Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Examen Vennootschapsrecht UCLL

Rating
-
Sold
-
Pages
68
Uploaded on
24-05-2026
Written in
2025/2026

Dit is een zeer uitgebreide samenvatting, met alle leerstof in verwerkt. Ook de bijhorende wetsartikelen zijn steeds weergegeven.

Institution
Course

Content preview

INLEIDING BRONNEN EN STRUCTUUR (PPT 1)

1. DE BRONNEN VAN HET VENNOOTSCHAPSRECHT

De basis van het vennootschapsrecht wordt gevormd door de rechtsbronnen, meer bepaald wetgeving,
rechtspraak, rechtsleer en de gewoonte. Daarbij neemt het Wetboek van Vennootschappen en
Verenigingen (WVV) een cruciale plaats in.


1.1 WETGEVING

De centrale bron van vennootschapsrecht wordt gevormd door Wetboek van Vennootschappen en
Verenigingen (WVV).

 Ingevoerd bij de federale wet van 23 maart 2019
 Publicatie in Belgisch Staatsblad op 4 april 2019
 Inwerkingtreding op 1 mei 2019

Het nieuwe WVV is ook het sluitstuk van de overgang van het handelsrecht naar het
ondernemingsrecht. (bv: begrip ‘handelaar’ werd vervangen door begrip ‘onderneming’)


1.2 RECHTSPRAAK

Naast wetgeving vormt rechtspraak een belangrijke rechtsbron.

Rechtspraak = omvat de uitspraken van verschillende rechtbanken en hoven. Ook al hebben de
uitspraken alleen gevolgen tussen de partijen en zijn ze dus niet algemeen verbindend, de invloed
ervan mag niet worden onderschat (gezaghebbend).


1.3 RECHTSLEER

Rechtsleer = geheel van wetenschappelijke juridische verhandelingen geschreven door
rechtsgeleerden. Deze bron is niet bindend, maar kan wel gezaghebbend zijn.

Zo schrijven juristen teksten over bepaalde onderwerpen omdat de wet op dat moment niet duidelijk is.
Zij zullen de wet interpreteren op hun manier en dit uitwerken in hun tekst. (niet bindend als wet, maar
kan wel gezag uitoefenen)


1.4 GEWOONTE

Gewoonte is gebaseerd op gevestigde gebruiken die als algemeen verbindende rechtsregels worden
aanvaard. (bv: het vermoeden van passieve hoofdelijkheid (= Als meerdere mensen samen een schuld
hebben, mag de schuldeiser van één persoon het volledige bedrag vragen) tussen ondernemers ten
aanzien van hun schuldeiser)




1

,DEEL 1: ALGEMENE BEPALINGEN

H1: INLEIDENDE BEPALINGEN


1. HET BEGRIP VENNOOTSCHAP VERENIGING EN STICHTING

Artikel 1:1 WVV bepaalt:

Een vennootschap wordt opgericht bij een rechtshandeling door één of meer personen, vennoten
genaamd, die een inbreng doen. Zij heeft een vermogen en stelt zich de uitoefening van één of meer
welbepaalde activiteiten tot voorwerp. Zij heeft tot doel aan de vennoten een rechtstreeks of
onrechtstreeks vermogensvoordeel uit te keren of te bezorgen.

Artikel 1:2 WVV bepaalt:

Een vereniging wordt opgericht bij een overeenkomst tussen 2 of meer personen, leden genaamd.
Zij streeft een belangeloos doel na in het kader van 1 of meer welbepaalde activiteiten die zij tot
voorwerp heeft. Zij mag rechtstreeks noch onrechtstreeks enig vermogensvoordeel uitkeren of
bezorgen aan de oprichters, leden, bestuurders of enig andere persoon behalve voor het in de statuten
belangeloos doel. Elke verrichting in strijd met dit verbod is nietig.

Wanneer iets wordt opgericht door 1 persoon is het geen vereniging. Wet zegt niet dat de
overeenkomst schriftelijk moet zijn, kan ook mondeling gebeuren.

Artikel 1:3 WVV bepaalt:

Een stichting is een rechtspersoon zonder leden, opgericht bij rechtshandeling door 1 of meer
personen, stichters genoemd. Haar vermogen wordt bestemd om een belangeloos doel na te
streven in het kader van 1 of meer welbepaalde activiteiten die zij tot voorwerp heeft. Zij mag
rechtstreeks noch onrechtstreeks enig vermogensvoordeel uitkeren aan haar stichters,
bestuurders of enig andere persoon behalve voor het in de statuten belangeloos doel. Elke verrichting
in strijd met dit verbod is nietig.

De Stichting tegen Kanker gebruikt haar geld uitsluitend om kankeronderzoek en hulpverlening te
financieren, niet om winst uit te keren aan personen. (winst gaat naar belangeloos doel)

1.1. EEN CONTRACT – MEERHOOFDIGHEID – EENHOOFDIGHEID
Een vennootschap, vereniging of stichting ontstaat altijd op basis van een contract, schriftelijke of
mondelinge overeenkomst (rechtshandeling) tussen 2 of meer personen. De algemene
geldigheidsvereisten voor contracten zijn van toepassing (-> geldige toestemming, bekwaamheid,
voorwerp en oorzaak).

MAAR, een vennootschap en een stichting kunnen ook door de rechtshandeling van 1 persoon
worden opgericht. Met uitzondering van de vennootschapsvormen die uit hun aard meerdere oprichters
vereisten (bv: cv).

Een vereniging veronderstelt dus altijd een overeenkomst van minstens 2 personen.

1.2. INBRENG
De betrokken partijen verbinden zich om iets in gemeenschap te brengen.

Inbreng = de handeling waarbij een persoon iets ter beschikking stelt van een op te richten of
bestaande vennootschap, met het oogmerk vennoot ervan te worden of zijn aandeel in de
vennootschap te vergroten, en derhalve deel te nemen in de winst. (art. 1:8 WVV)

Deze inbreng kan bestaan uit geld, natura en nijverheid.

- De inbreng in natura is de inbreng van een lichamelijk of onlichamelijk goed.
2

, - De inbreng in nijverheid is de verbintenis om arbeid of diensten te presteren en vormt een
bijzondere vorm van inbreng in natura.

De inbreng in geld of natura kan in eigendom of in genot gebeuren. (art. 1:8 WVV)

- Eigendom: goederen worden in eigendom overgedragen aan de vennootschap.
- Genot: vennootschap kan de goederen gebruiken en van de opbrengst genieten, zonder er
eigenaar van te worden. Je stelt het ter beschikking voor de vennootschap.

Iedere vennoot is aan de vennootschap verschuldigd wat hij beloofd heeft daarin te zullen inbrengen
(art. 1:9 WVV).

Het niet nakomen van de belofte tot inbreng van een geldsom kan aanleiding geven tot het betalen van
interesten vanaf de dag waarop het geld betaald moest worden. Dit gebeurt automatisch zonder dat
een vordering noodzakelijk is.

Sommige vennoten kunnen hun nijverheid (=arbeid) inbrengen. In dat geval voorziet de wet dat zij
rekenschap moeten geven (= privéwinsten aan de vennootschap geven) van alle winsten die zij
gemaakt hebben door hun nijverheid. De vennoot die een inbreng in nijverheid heeft gedaan, mag de
vennootschap niet beconcurreren noch activiteiten ontwikkelen die de vennootschap schaden of de
waarde van zijn inbreng kunnen verminderen. Indien dit toch gebeurd zal de vennoot rekenschap
moeten geven. (art.1:9, § 2, 3° WVV)

Wanneer een vennoot een inbreng in eigendom doet van een zekere zaak, draagt de vennootschap
het risico van de zekere zaak.

Bv: een vennoot kan ervoor opteren de wagen die zijn eigendom is, in te brengen in de vennootschap.
Dit betreft een inbreng in natura. Het risico zal in dat geval overgaan op de vennootschap zodra de
overeenstemming is bereikt over de inbreng. De wagen wordt eigendom van de vennootschap die alle
mogelijke rechten als eigenaar kan uitoefenen.

Een vennoot kan beslissen alleen het genot van zaken in te brengen. Als deze zaken niet door
gebruik tenietgaan en niet bestemd zijn om te worden verkocht, dan blijft het risico voor deze zaken
voor de vennoot aan wie ze toebehoren (art. 1:10 WVV).

Bv: een vennoot kan ervoor opteren om alleen het genot van een wagen in te brengen. In dit geval
blijft de vennoot eigenaar en blijft het risico van de zaak bij de vennoot. De vennootschap beschikt
alleen over genotsrechten en niet over de rechten als eigenaar.

1.3. VOORWERP – WELBEPAALDE ACTIVITEITEN
De vennootschap wordt opgericht om een bepaald voorwerp te realiseren door welbepaalde
activiteiten uit te oefenen.

De vereniging en stichting streven een belangeloos doel na, in tegenstelling tot de vennootschap.

1.4. RECHTSTREEKS OF ONRECHTSTREEKS VERMOGENSVOORDEEL
Het verkrijgen van een (on)rechtstreeks vermogensvoordeel is de uiteindelijke bedoeling van de
personen die een vennootschap oprichten. Een rechtstreeks vermogensvoordeel is in geld
opneembaar, wat niet het geval is bij een onrechtstreeks vermogensvoordeel (bv: kosten
besparen).

Het onderscheid tussen de vennootschap enerzijds en de vereniging en de stichting anderzijds is het al
dan niet uitkeren van een vermogensvoordeel. Een vennootschap mag vermogensvoordelen uitkeren.

Een vereniging en stichting mogen geen vermogensvoordelen uitkeren, niet rechtstreeks en ook
niet onrechtstreeks, behalve voor het in de statuten belangeloos doel. De vereniging mag wel diensten
leveren voor haar leden die binnen het voorwerp en kader van haar doel vallen.


3

, 2. WAAROM OPTEREN VOOR EEN VENNOOTSCHAP?

Naast vragen over projectomschrijving, marktanalyse, commercialisering van zijn idee en/of
businessconcept moet de ondernemer ook nadenken over de organisatie van zijn bedrijf. De
juridische structuur en haar gevolgen zijn een cruciaal onderdeel van de organisatie. De ondernemer
kan starten als natuurlijke persoon (eenmanszaak) of kan zijn activiteit onderbrengen in een
vennootschap.




4

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
May 24, 2026
Number of pages
68
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$11.97
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
timoverlinden
4.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
timoverlinden UC Leuven-Limburg
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
3
Member since
6 months
Number of followers
1
Documents
5
Last sold
1 month ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions