DEEL 1: INLEIDING TOT HET BURGERLIJK PROCESRECHT
WAT IS RECHT?
Het recht omvat een geheel van gedragsregels en normen.
- Verbodsbepalingen – gebodsbepalingen – normen die toelating bevatten – organieke regels
- Dwingend recht – aanvullend recht
- Algemene normen – individuele normen
Deze gedragsregels en normen hebben tot doel het maatschappelijk leven te ordenen.
De regels worden opgelegd door de overheid.
De regels zijn afdwingbaar.
We zijn een federale staat die bestaat uit gemeenschappen en gewesten.
We zijn ook een monarchie (geen presidentieel regime)
Waarom zijn al die regels en normen er nu?
Anders zou er chaos zijn!
Belangrijkste kenmerk van het recht!
Alle regels zijn AFDWINGBAAR
Wat betekent dat nu?
Je kan iemand dwingen zich aan de regel te houden, met hulp van de overheid.
Dus het is niet zomaar een afspraak of morele regel, maar een regel met echte gevolgen.
Het is niet vrijwillig Je moet je eraan houden.
Vergelijking helpt vaak:
Morele regel: “Je hoort eerlijk te zijn.” Niet afdwingbaar
Fatsoennorm: “Zeg netjes gedag.” Niet afdwingbaar
Rechtsregel: “Je mag niet stelen.” Wel afdwingbaar
Steel je toch? Dan kan de staat je vervolgen. Daar zit het afdwingen.
Verschil dwingend recht en aanvullend recht:
Bij aanvullend recht kan men van de rechtsregels afwijken, bij dwingend recht niet.
Diefstal => Verbodsbepaling
1
, Online belastingaangifte => Gebodsbepaling
Voor bepaalde zaken moet je een vergunning
aanvragen (vergunning bij SABAM,
bouwvergunning…)
Normen die toelating bevatten
Organieke regels: foto van de rechtbank
< Organisatie; de organisatie van de
verschillende rechtbanken
Bijvoorbeeld:
- Ik wil scheiden: familierechtbank
- Iemand staat terecht voor drugsfeiten:
correctionele rechtbank
- Je word onterecht ontslagen:
arbeidsrechtbank
Niet enkel de materiële bevoegdheid maar ook de
locatie (territoriale bevoegdheid) is belangrijk.
Dwingend recht: Je word ertoe gedwongen
Verschil dwingend recht en aanvullend recht:
Bij aanvullende rechtregels kan je ervan afwijken, bij dwingend recht (= Je word ertoe gedwongen) niet.
Dwingend recht van openbare orde:
WAT IS DE OPENBARE ORDE? (“HET RAAKT DE OPENBARE ORDE”):
De openbare orde betekent in het algemeen:
De rust, veiligheid en het normale functioneren van de samenleving in het openbaar.
Denk aan alles wat nodig is zodat mensen samen kunnen leven zonder chaos, angst of verstoring.
Als men zegt “het raakt de openbare orde”, bedoelt men dat iets niet alleen een privézaak is, maar gevolgen
heeft voor de maatschappij als geheel.
Concreet betekent openbare orde meestal:
- Openbare rust: geen rellen, bedreigingen, ernstige overlast
- Openbare veiligheid: bescherming van mensen en eigendommen
2
, - Gezondheid en zedelijkheid: bv. gevaarlijke situaties, grove schendingen van normen
- Vertrouwen in het gezag: respect voor wet, politie, rechtspraak
Voorbeelden:
- Een burenruzie Meestal geen openbare orde
- Een vechtpartij Wel openbare orde
- Illegale demonstratie die verkeer platlegt Raakt de openbare orde
- Huiselijk geweld Privé, maar raakt ook de openbare orde omdat de samenleving ingrijpt
Het raakt de fundamenten van de maatschappij
Goede zeden: algemene norm van fatsoen
Je ligt dronken met bak bier in een park, of je wagelt
over straat: dan kan je een pv krijgen voor openbare
dronkenschap.
Bescherming van de zwakken:
Relatie van verschillende contractpartijen.
Als werknemer ben je eigenlijk een zwakke partij tegenover de werkgever.
Als huurder hetzelfde maar dan tegenover de verhuurder.
Als je online iets koopt is er een verplichte bedenktermijn (minstens 14 dagen)
Bij een gepersonaliseerd album kan je het anders zijn omdat je dat zelf maakt.
AANVULLEND RECHT
= Regels die alleen gelden als partijen zelf niets anders hebben afgesproken.
Het recht vult de overeenkomst aan, maar partijen mogen hiervan afwijken.
Simpel voorbeeld:
Wet zegt: betaling gebeurt bij levering
Partijen spreken af: betaling 30 dagen later
Afspraak gaat voor, aanvullend recht wijkt
Voorbeeld:
Ik koop met mijn geld een nieuwe tv. Je krijgt hem pas binnen 2 weken (levertermijn). Ze vragen een voorschot.
“In het wetboek staat er ik betaal op het moment van levering.” De verkoper mag afwijken van het aanvullend
recht dus mag hij een voorschot vragen.
Mag ik mijn kot onderverhuren? Is het door de kotbaas verboden; dan niet; anders wel.
ALGEMENE NORMEN – INDIVIDUELE NORMEN
Algemene normen
Regels die voor iedereen gelden, in algemene en abstracte bewoordingen.
Voorbeeld:
“Iedereen moet zich gedragen zoals een voorzichtig en redelijk persoon.”
3
, Individuele normen
Regels of beslissingen die gericht zijn op één of meerdere concrete personen of situatues.
Voorbeeld:
Een rechterlijk vonnis dat allen geldt voor die ene zaak
Een vergunning die aan één persoon wordt geleverd.
De koning heeft zijn eigen regels; strafrechterlijk niet vervolgbaar.
REGELS OPGESTELD DOOR DE OVERHEID
We hebben regels die gelden voor de hele staat (heel het land).
De gemeenschappen hebben andere regels (bv onze krokusvakantie duurt 1 week, in Wallonië duurt die twee
weken)
Provenciaal rampenplan ziet er anders uit in West-Vlaanderen dan in Antwerpen.
Als je parkeert in Gent en je moet betalen, dan is dat anders dan in je eigen gemeente.
De boetes zijn ook anders.
4