Financieel recht
Financiële actoren
1/ Kredietinstellingen
Grootbanken – BNP Paribas Fortis, KBC, ING
Regionale banken en nichebanken – Argenta, Crelan, VDK Bank
Online banken – Keytrade Bank
1/1 Inleiding: historiek
Tot 1993: onderscheid ‘spaarbanken’ en ‘commerciële banken’
Spaarbanken: enkel spaarproducten (beschermen van spaargeld)
Commerciële banken: uitgebreid aanbod
Wet van 22/3/1993: opheffen van juridisch onderscheid
Ontstaan van ‘kredietinstellingen’
Trends vanaf 1990
Fusie en concentratietrend
Internationalisering
Bancassurance/assurfinance
Bancassurance: Kredietinstellingen bieden ook verzekeringsproducten aan:
Verzekeraars binnen dezelfde groep (KBC, Belfius, Argenta, …)
Verzekeraar buiten financiële groep (BNP Paribas Fortis, ING, …):
distributiefunctie
Assurfinance: Verzekeraars bieden financiële producten aan:
al dan niet deel uitmakend van dezelfde financiële groep
bijvoorbeeld fondsen (tak23)
1/2 Werking – artikel 4 van de Bankwet van 25 april 2014
1
,1/3 Kerntaken
1/3/1 Ontvangst deposito’s
Eerste taak: ontvangst deposito’s
Als cliënt deposito aanbiedt bij bank, leent hij aan bank uit
Tegenprestatie van bank: interesten en diensten
Is bank eigenaar van gelden die cliënten in deposito hebben gegeven?
NEE: deponenten zijn schuldeiser van de bank – kunnen deposito’s opvragen
Kapitaalsvereisten (Basel overeenkomsten)
Soorten deposito’s
zichtdeposito’s, spaardeposito’s, termijndeposito’s, en kasbons
Waarin liggen verschillen?
Interest
Opvraagmodaliteiten
1/3/2 Kredietverlening
Tweede taak: kredietverlening
Geld gedeponeerd door cliënten gebruikt/omgezet tot verlening krediet aan andere cliënten
HOE?
Op basis van ontvangen deposito’s kan een gedeelte worden uitgekeerd onder vorm van
kredieten.
Toepassing wet « grote getallen »:
Deposito’s :de deponenten zullen niet tegelijk de volledige terugbetaling van hun
opvraagbare tegoeden vragen
Kredieten: Slechts een klein % van de kredietnemers zal de lening niet kunnen
terugbetalen
2
,1/3/2/1 Twee soorten interest
Het verschil tussen debetrente (door kredietnemers van de KI) en creditrente (door KI) = rentemarge
(kosten dekken)
1/3/3 Betaalverkeer
Kassierfunctie
Enerzijds: ontvangen betalingen
Anderzijds: doen van betalingen van contante geldwaarden
Kasverrichtingen, bv. uitvoeren van overschrijvingen
1/3/4 Andere functies (niet exhaustief)
Vermogensbeheer- of advisering
Uitgifte van aandelen of obligaties
Verlenen van garanties en uitgiftes van borgtochten
Financiële dienstverlening zoals:
verhuur safes
verlenen van advies aan ondernemingen op juridisch, fiscaal, boekhoudkundig vla dus inzake
kapitaalstructuur van de onderneming en advies op gebied van fusies en overnames
commerciële inlichtingen (in de vorm van informatiebrochures)
1/4 Risico’s
Welke risico’s zijn er verbonden aan de activiteiten van een kredietinstelling?
1/4/1 Renterisico
Kredieten worden verleend op LT
Kredieten worden gefinancieerd met deposito’s op KT
Als KT rente stijgt kunnen banken in de problemen komen
1/4/2 Kredietrisico
Risico op wanbetalingen
1/4/3 Liquiditeitsrisico
Cliënten kunnen op elk moment deposito’s opvragen
3
, 1/5 Bankwet van 25 april 2014
Doel: versterken stabiliteit van financiële stelsel
Kernelementen
Capital requirements
Corporate governance
Herstel en afwikkeling van kredietinstellingen
Structuur van bancaire activiteiten
1/5/1 Capital requirements
Omzetting van richtlijn 2013/36/EU
Versterking eigen vermogen
Strengere liquiditeitsvereisten
Normen in verband met uitkering van dividenden
1/5/2 Corporate governance
Bestuurders:
natuurlijke personen
cumulbeperking: maximum 3 bestuursmandaten buiten bank
Oprichting van 4 comités (binnen het wettelijk bestuursorgaan)
Auditcomité
Benoemingscomité (minstens één onafhankelijk bestuurder)
Remuneratiecomité (minstens één onafhankelijk bestuurder)
Risicocomité (minstens één onafhankelijk bestuurder)
Onafhankelijkheid van operationele controlefuncties
Compliance, risicobeheer, audit
Benoeming en ontslag vereisen goedkeuring van toezichthouder
1/5/3 Herstel en afwikkeling
Preventief: herstelplan
bestuursorgaan van kredietinstelling moet herstelplan opstellen en actualiseren
doel: financiële positie van de bank herstellen na aanzienlijke verslechtering
Early intervention:
Toezichthouder kan maatregelen nemen bv. een tijdelijk bewindvoerder aanstellen indien
een kredietinstelling in moeilijkheid dreigt te komen
Afwikkeling:
‘Bail in’ mechanisme: rol van aandeelhouders en bepaalde schuldeisers om impact van
faillissement te absorberen (in geval van faling van een kredietinstelling)
1/5/4 Structuur van activiteiten
4
Financiële actoren
1/ Kredietinstellingen
Grootbanken – BNP Paribas Fortis, KBC, ING
Regionale banken en nichebanken – Argenta, Crelan, VDK Bank
Online banken – Keytrade Bank
1/1 Inleiding: historiek
Tot 1993: onderscheid ‘spaarbanken’ en ‘commerciële banken’
Spaarbanken: enkel spaarproducten (beschermen van spaargeld)
Commerciële banken: uitgebreid aanbod
Wet van 22/3/1993: opheffen van juridisch onderscheid
Ontstaan van ‘kredietinstellingen’
Trends vanaf 1990
Fusie en concentratietrend
Internationalisering
Bancassurance/assurfinance
Bancassurance: Kredietinstellingen bieden ook verzekeringsproducten aan:
Verzekeraars binnen dezelfde groep (KBC, Belfius, Argenta, …)
Verzekeraar buiten financiële groep (BNP Paribas Fortis, ING, …):
distributiefunctie
Assurfinance: Verzekeraars bieden financiële producten aan:
al dan niet deel uitmakend van dezelfde financiële groep
bijvoorbeeld fondsen (tak23)
1/2 Werking – artikel 4 van de Bankwet van 25 april 2014
1
,1/3 Kerntaken
1/3/1 Ontvangst deposito’s
Eerste taak: ontvangst deposito’s
Als cliënt deposito aanbiedt bij bank, leent hij aan bank uit
Tegenprestatie van bank: interesten en diensten
Is bank eigenaar van gelden die cliënten in deposito hebben gegeven?
NEE: deponenten zijn schuldeiser van de bank – kunnen deposito’s opvragen
Kapitaalsvereisten (Basel overeenkomsten)
Soorten deposito’s
zichtdeposito’s, spaardeposito’s, termijndeposito’s, en kasbons
Waarin liggen verschillen?
Interest
Opvraagmodaliteiten
1/3/2 Kredietverlening
Tweede taak: kredietverlening
Geld gedeponeerd door cliënten gebruikt/omgezet tot verlening krediet aan andere cliënten
HOE?
Op basis van ontvangen deposito’s kan een gedeelte worden uitgekeerd onder vorm van
kredieten.
Toepassing wet « grote getallen »:
Deposito’s :de deponenten zullen niet tegelijk de volledige terugbetaling van hun
opvraagbare tegoeden vragen
Kredieten: Slechts een klein % van de kredietnemers zal de lening niet kunnen
terugbetalen
2
,1/3/2/1 Twee soorten interest
Het verschil tussen debetrente (door kredietnemers van de KI) en creditrente (door KI) = rentemarge
(kosten dekken)
1/3/3 Betaalverkeer
Kassierfunctie
Enerzijds: ontvangen betalingen
Anderzijds: doen van betalingen van contante geldwaarden
Kasverrichtingen, bv. uitvoeren van overschrijvingen
1/3/4 Andere functies (niet exhaustief)
Vermogensbeheer- of advisering
Uitgifte van aandelen of obligaties
Verlenen van garanties en uitgiftes van borgtochten
Financiële dienstverlening zoals:
verhuur safes
verlenen van advies aan ondernemingen op juridisch, fiscaal, boekhoudkundig vla dus inzake
kapitaalstructuur van de onderneming en advies op gebied van fusies en overnames
commerciële inlichtingen (in de vorm van informatiebrochures)
1/4 Risico’s
Welke risico’s zijn er verbonden aan de activiteiten van een kredietinstelling?
1/4/1 Renterisico
Kredieten worden verleend op LT
Kredieten worden gefinancieerd met deposito’s op KT
Als KT rente stijgt kunnen banken in de problemen komen
1/4/2 Kredietrisico
Risico op wanbetalingen
1/4/3 Liquiditeitsrisico
Cliënten kunnen op elk moment deposito’s opvragen
3
, 1/5 Bankwet van 25 april 2014
Doel: versterken stabiliteit van financiële stelsel
Kernelementen
Capital requirements
Corporate governance
Herstel en afwikkeling van kredietinstellingen
Structuur van bancaire activiteiten
1/5/1 Capital requirements
Omzetting van richtlijn 2013/36/EU
Versterking eigen vermogen
Strengere liquiditeitsvereisten
Normen in verband met uitkering van dividenden
1/5/2 Corporate governance
Bestuurders:
natuurlijke personen
cumulbeperking: maximum 3 bestuursmandaten buiten bank
Oprichting van 4 comités (binnen het wettelijk bestuursorgaan)
Auditcomité
Benoemingscomité (minstens één onafhankelijk bestuurder)
Remuneratiecomité (minstens één onafhankelijk bestuurder)
Risicocomité (minstens één onafhankelijk bestuurder)
Onafhankelijkheid van operationele controlefuncties
Compliance, risicobeheer, audit
Benoeming en ontslag vereisen goedkeuring van toezichthouder
1/5/3 Herstel en afwikkeling
Preventief: herstelplan
bestuursorgaan van kredietinstelling moet herstelplan opstellen en actualiseren
doel: financiële positie van de bank herstellen na aanzienlijke verslechtering
Early intervention:
Toezichthouder kan maatregelen nemen bv. een tijdelijk bewindvoerder aanstellen indien
een kredietinstelling in moeilijkheid dreigt te komen
Afwikkeling:
‘Bail in’ mechanisme: rol van aandeelhouders en bepaalde schuldeisers om impact van
faillissement te absorberen (in geval van faling van een kredietinstelling)
1/5/4 Structuur van activiteiten
4