Casus Raymond Lowiek
Persoonlijke gegevens:
Meneer Lowiek (71 jaar) is samen met zijn vrouw woonachtig te Brugge. Samen hebben ze 7
kinderen (5 dochters en 2 zonen).
Reden van opname:
Mijnheer Lowiek werd recent op de spoedgevallendienst na doorverwijzing van de huisarts
opgenomen met het vermoeden van een bronchitis. Hij had last van dyspnoe, sputum en hoesten.
In het ziekenhuis werd de diagnose COPD gesteld.
Medische gegevens:
Diabetes mellitus type 2 (mijnheer is niet therapietrouw)
Ulcus cruris onderste ledematen
Ernstige doofheid op beide oren
Verpleegkundige gegevens:
Uitvoering wondzorg ulcus cruris
Belang van ondersteuning therapietrouw
Psychosociale ondersteuning
Sociaal isolement o.a. ten gevolge van zijn ernstige doofheid verminderen
Moeilijke communicatie: mijnheer haalt vaak zijn schouders op in gesprek (omdat hij dan wellicht
niet hoorde/begreep wat de vraag was?)
Sociale gegevens:
Mijnheer staat thuis in voor de huishoudelijke taken en beheert de financiën. Zijn vrouw is niet op de
hoogte van hun financiële toestand en hij wil ook zo weinig mogelijk inmenging van anderen op dit
vlak. Hij is een belangrijke steunpilaar voor zijn vrouw.
Ze hebben weinig contact met hun twee zonen en vier van hun dochters. Met één dochter hebben ze
wel een goed contact. Dagelijks komt deze dochter op bezoek. Het valt op dat mijnheer dan steeds
goedgezind is.
Het koppel heeft een beperkt sociaal netwerk. Ze hebben één goede vriend die regelmatig eens
langskomt. Deze vriend is vorig jaar zijn echtgenote verloren en sindsdien kan hij steeds bij hen
terecht. Ze kaarten samen. En wekelijks komt hij ook eens bij hen warm eten. Ze hebben het
financieel niet gemakkelijk maar ze willen dit echt voor hem doen. Het geeft het koppel een goed
gevoel dat ze op die manier iets kunnen betekenen voor hun vriend want zijn vrouw was een
1
Sociale kwetsbaarheid_Casus Raymond Lowiek
, jeugdvriendin van mevrouw. Het contact met de buren is beperkt maar ze kunnen steeds op hun
overbuur terugvallen als er iets is. Beide kijken graag TV.
Dagelijks komt de thuisverpleegkundige voor de toiletzorg van mevrouw en voor de wondzorg aan de
onderste ledematen bij mijnheer.
Arbeidssituatie en financiële gegevens:
Mijnheer heeft altijd in de transportsector gewerkt en vrachtvervoer gedaan binnen de EU.
Momenteel geniet hij een klein pensioen. Zijn vrouw heeft nooit gewerkt. Ze had haar handen vol
met haar 7 kinderen.
Woonsituatie:
Het koppel huurt een huis. Beneden is er de hal, een kleine living, een eethoek en een kleine keuken
met een doucheruimte. Boven zijn er twee slaapkamers.
Mijnheer verblijft op een vierpersoonskamer. Je mag de wondzorg van de ulcus cruris met de
verpleegkundige meevolgen. Er wordt gebruik gemaakt van een schrijfbordje omdat meneer bijna
doof is. Een volwaardig gesprek aangaan is dan ook heel moeilijk. Mijnheer is plots in alle staten
doordat volgens hem de wondzorg te traag gaat. De verpleegkundige probeert op een rustige manier
verder te werken, maar mijnheer trekt het steriel verband er opnieuw af. Hij begint te roepen dat zijn
eten nog maar eens koud zal worden.
‘s Avonds blijkt mijnheer op de kamer zeer storend te zijn voor de medepatiënten. Hij loopt constant
rond en praat heel luid tegen zichzelf. Er wordt beslist om hem naar een éénpersoonskamer te
verhuizen omdat hij te veel overlast voor zijn medepatiënten betekent.
De dochter spreekt de hoofdverpleegkundige aan. Ze vraagt wanneer haar vader naar huis kan. Ze
verwoordt dat elke dag extra in het ziekenhuis toch wel heel veel geld kost en dat haar ouders niet
de financiële middelen hebben om dit te betalen. Anderzijds vraagt ze zich af hoe het thuis zal gaan.
De slaapkamer van haar ouders bevindt zich op de tweede verdieping. Het lukt haar moeder ook
steeds moeilijker om boven te geraken. Mevrouw is zwaar obees wat haar sterk in haar mobiliteit
beperkt. Ze heeft schrik dat haar moeder eens van de trap zal vallen. Ze komt ook niet veel meer
buitenshuis. Mevrouw heeft cataract en moet hiervoor eigenlijk geopereerd worden maar ze heeft
de operatie nog wat uitgesteld omdat het financieel voor het gezin anders te zwaar wordt. Heel wat
vragen en onzekerheden dus.
Zoals uit de gegevens hierboven blijkt, heeft mijnheer diabetes mellitus type 2. Hij heeft het
opvallend moeilijk om zich aan zijn dieet te houden. Tijdens zijn verblijf in het ziekenhuis wordt
bijvoorbeeld opgemerkt dat mijnheer een trappist uit zijn kast haalt op het moment dat een
verpleegkundige zijn kamer passeert. Zijn dochter brengt ook snoep voor hem mee. Als een
verpleegkundige hieromtrent via het schrijfbordje een gesprek probeert aan te gaan, zegt hij dat het
toch allemaal geen zin heeft om je aan die diëten te houden. “De dingen komen zoals ze komen en je
kunt daar toch maar weinig aan doen. Ik heb dan ook geleerd mijn lot te ondergaan. Ik doe het al
2
Sociale kwetsbaarheid_Casus Raymond Lowiek
Persoonlijke gegevens:
Meneer Lowiek (71 jaar) is samen met zijn vrouw woonachtig te Brugge. Samen hebben ze 7
kinderen (5 dochters en 2 zonen).
Reden van opname:
Mijnheer Lowiek werd recent op de spoedgevallendienst na doorverwijzing van de huisarts
opgenomen met het vermoeden van een bronchitis. Hij had last van dyspnoe, sputum en hoesten.
In het ziekenhuis werd de diagnose COPD gesteld.
Medische gegevens:
Diabetes mellitus type 2 (mijnheer is niet therapietrouw)
Ulcus cruris onderste ledematen
Ernstige doofheid op beide oren
Verpleegkundige gegevens:
Uitvoering wondzorg ulcus cruris
Belang van ondersteuning therapietrouw
Psychosociale ondersteuning
Sociaal isolement o.a. ten gevolge van zijn ernstige doofheid verminderen
Moeilijke communicatie: mijnheer haalt vaak zijn schouders op in gesprek (omdat hij dan wellicht
niet hoorde/begreep wat de vraag was?)
Sociale gegevens:
Mijnheer staat thuis in voor de huishoudelijke taken en beheert de financiën. Zijn vrouw is niet op de
hoogte van hun financiële toestand en hij wil ook zo weinig mogelijk inmenging van anderen op dit
vlak. Hij is een belangrijke steunpilaar voor zijn vrouw.
Ze hebben weinig contact met hun twee zonen en vier van hun dochters. Met één dochter hebben ze
wel een goed contact. Dagelijks komt deze dochter op bezoek. Het valt op dat mijnheer dan steeds
goedgezind is.
Het koppel heeft een beperkt sociaal netwerk. Ze hebben één goede vriend die regelmatig eens
langskomt. Deze vriend is vorig jaar zijn echtgenote verloren en sindsdien kan hij steeds bij hen
terecht. Ze kaarten samen. En wekelijks komt hij ook eens bij hen warm eten. Ze hebben het
financieel niet gemakkelijk maar ze willen dit echt voor hem doen. Het geeft het koppel een goed
gevoel dat ze op die manier iets kunnen betekenen voor hun vriend want zijn vrouw was een
1
Sociale kwetsbaarheid_Casus Raymond Lowiek
, jeugdvriendin van mevrouw. Het contact met de buren is beperkt maar ze kunnen steeds op hun
overbuur terugvallen als er iets is. Beide kijken graag TV.
Dagelijks komt de thuisverpleegkundige voor de toiletzorg van mevrouw en voor de wondzorg aan de
onderste ledematen bij mijnheer.
Arbeidssituatie en financiële gegevens:
Mijnheer heeft altijd in de transportsector gewerkt en vrachtvervoer gedaan binnen de EU.
Momenteel geniet hij een klein pensioen. Zijn vrouw heeft nooit gewerkt. Ze had haar handen vol
met haar 7 kinderen.
Woonsituatie:
Het koppel huurt een huis. Beneden is er de hal, een kleine living, een eethoek en een kleine keuken
met een doucheruimte. Boven zijn er twee slaapkamers.
Mijnheer verblijft op een vierpersoonskamer. Je mag de wondzorg van de ulcus cruris met de
verpleegkundige meevolgen. Er wordt gebruik gemaakt van een schrijfbordje omdat meneer bijna
doof is. Een volwaardig gesprek aangaan is dan ook heel moeilijk. Mijnheer is plots in alle staten
doordat volgens hem de wondzorg te traag gaat. De verpleegkundige probeert op een rustige manier
verder te werken, maar mijnheer trekt het steriel verband er opnieuw af. Hij begint te roepen dat zijn
eten nog maar eens koud zal worden.
‘s Avonds blijkt mijnheer op de kamer zeer storend te zijn voor de medepatiënten. Hij loopt constant
rond en praat heel luid tegen zichzelf. Er wordt beslist om hem naar een éénpersoonskamer te
verhuizen omdat hij te veel overlast voor zijn medepatiënten betekent.
De dochter spreekt de hoofdverpleegkundige aan. Ze vraagt wanneer haar vader naar huis kan. Ze
verwoordt dat elke dag extra in het ziekenhuis toch wel heel veel geld kost en dat haar ouders niet
de financiële middelen hebben om dit te betalen. Anderzijds vraagt ze zich af hoe het thuis zal gaan.
De slaapkamer van haar ouders bevindt zich op de tweede verdieping. Het lukt haar moeder ook
steeds moeilijker om boven te geraken. Mevrouw is zwaar obees wat haar sterk in haar mobiliteit
beperkt. Ze heeft schrik dat haar moeder eens van de trap zal vallen. Ze komt ook niet veel meer
buitenshuis. Mevrouw heeft cataract en moet hiervoor eigenlijk geopereerd worden maar ze heeft
de operatie nog wat uitgesteld omdat het financieel voor het gezin anders te zwaar wordt. Heel wat
vragen en onzekerheden dus.
Zoals uit de gegevens hierboven blijkt, heeft mijnheer diabetes mellitus type 2. Hij heeft het
opvallend moeilijk om zich aan zijn dieet te houden. Tijdens zijn verblijf in het ziekenhuis wordt
bijvoorbeeld opgemerkt dat mijnheer een trappist uit zijn kast haalt op het moment dat een
verpleegkundige zijn kamer passeert. Zijn dochter brengt ook snoep voor hem mee. Als een
verpleegkundige hieromtrent via het schrijfbordje een gesprek probeert aan te gaan, zegt hij dat het
toch allemaal geen zin heeft om je aan die diëten te houden. “De dingen komen zoals ze komen en je
kunt daar toch maar weinig aan doen. Ik heb dan ook geleerd mijn lot te ondergaan. Ik doe het al
2
Sociale kwetsbaarheid_Casus Raymond Lowiek