Deel 1: Wat is Psychiatrie en wie doet wat in de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ)?
Traditioneel wordt psychiatrie in encyclopedieën omschreven als:
• de zielsziekteleer (etymologisch: psyche + iatros of arts van de ziel)
• het medisch specialisme voor geestesziekten en de behandeling van psychische, emotionele en gedragsstoornissen.
• Psychiatrie is slechts een deel van de bredere geestelijke gezondheidszorg.
Er is vaak verwarring over de rolverdeling in de GGZ, maar het onderscheid is als volgt:
• De psychiater:
o Focus ligt vaak op ernstigere psychiatrische stoornissen.
o Psychiaters werken vaak in multidisciplinaire teams waarbij zij de eindverantwoordelijkheid dragen
(wat mede hun hogere loon verklaart).
è Zij zijn vaak degenen die medicatie voorschrijven en medische behandelingen starten, maar in tegenstelling
tot wat vaak gedacht wordt, geven zij óók psychotherapie en moeten zij over uitstekende sociale
vaardigheden beschikken.
• De klinisch psycholoog en orthopedagoog:
o Focussen zich op menselijk gedrag en hersenprocessen.
o Sinds enkele jaren zijn dit zelfstandige gezondheidsberoepen, wat betekent dat zij wettelijk gezien nu ook
diagnoses mogen stellen.
è Zij bieden psycho-educatie, begeleiding en psychotherapie.
• Verpleegkundig specialist:
= Een relatief nieuw beroep in België.
è In omringende landen mogen zij al medicatie voorschrijven; in België mogen zij dit (nog) niet zelfstandig,
maar dit zit er wel aan te komen.
• Bachelors (maatschappelijk werk, ergo, kiné, opvoeders):
è Richten zich op psycho-educatie en begeleiding, maar stellen geen diagnoses.
,Deel 2: Kinder- en Jeugdpsychiatrie vs. Volwassenenpsychiatrie
Kinder- en jeugdpsychiatrie heeft specifieke kenmerken en ziektebeelden, al is er overlap met volwassenen.
• Gedeelde stoornissen:
o Angststoornissen
o Stemmingsstoornissen
o Middelenmisbruik
o slaap- en eetstoornissen (zoals Anorexia Nervosa, wat een piek kent in het begin rond 14,5 jaar) en
schizofrenie komen in beide groepen voor.
• Specifieke (startende) kinderstoornissen:
o Beelden die uitsluitend of voornamelijk bij kinderen voorkomen (en soms uitdoven in volwassenheid) zijn:
§ pervasieve ontwikkelingsstoornissen (autisme)
§ eliminatiestoornissen (encopresis, enuresis)
§ selectief mutisme, ticstoornissen (Gilles de la Tourette)
§ verlatingsangst
§ disruptieve gedragsstoornissen.
§
• Juridisch onderscheid bij gedragsstoornissen:
o Bij volwassenen spreekt men van crimineel gedrag of een antisociale persoonlijkheidsstoornis.
o Minderjarigen kunnen juridisch gezien geen misdrijven plegen; zij zijn ontoerekeningsvatbaar voor de wet
en plegen "als misdrijf omschreven feiten".
è Ze gaan niet naar de gevangenis, maar krijgen via de jeugdrechter maatregelen opgelegd, zoals
plaatsing in een gemeenschapsinstelling.
Deel 3: Organisatie van de Zorg: Het Spectrum van Interventies
Het spectrum van interventies in de GGZ (volgens Mrazek en Haggerty) kent verschillende stadia:
• Preventie:
o universele preventie (hele bevolking)
o selectieve preventie (hoogrisicogroepen)
o geïndiceerde preventie (bijv. kinderen van wie de ouders een specifieke ziekte hebben).
1. Vroegtijdige interventie (Early intervention):
è Ingrijpen als de kans op problemen zeer groot is of de eerste symptomen zichtbaar zijn.
2. Behandeling (Treatment):
è Bestaat uit vroege behandeling en standaardbehandeling.
3. Voortgezette zorg (Continuing care): Langdurige zorg voor chronische problematieken.
- Traditioneel bevindt de psychiatrie zich aan de rechterzijde van dit spectrum (behandeling van ernstige/chronische
problematieken in medische en ziekenhuiscontexten).
- Door capaciteitsproblemen investeert men echter steeds meer in de linkerzijde (preventie).
- Hierbij werken psychiaters samen met eerstelijnsactoren zoals:
§ Huisartsen
§ het CAW
§ het CLB (dat zelf geen diagnoses mag stellen, maar signaleert en doorverwijst),
§ 'gezondheidsmakers' (zoals de VAD voor alcohol en drugs).
, Verschuiving van asielen naar de maatschappij: De tijd van levenslange asielen is voorbij.
è Men zoekt nu naar genormaliseerde, gemeenschapsgerichte woonvormen voor chronisch zieken, zoals
'beschut wonen' en Psychiatrische Verzorgingstehuizen (PVT, vaak voor mensen met een psychotische
kwetsbaarheid).
è Voor kinderen bestaan er voorzieningen in de gehandicaptenzorg via het VAPH (Vlaams Agentschap
voor Personen met een Handicap), bijvoorbeeld voor extreme vormen van autisme of
gedragsstoornissen.
è In ziekenhuizen is de ligduur voor kinderpsychiatrie veel langer dan in de gewone pediatrie (een 'korte'
crisisopname is 2 tot 8 weken, veranderingsgerichte behandelingen duren 6 maanden tot een jaar), al
probeert men kinderen in het weekend naar huis te laten gaan. Ambulante zorg (thuis of in een praktijk)
is tegenwoordig ook de norm.
Deel 4: Concepten van Ziekte: Antipsychiatrie vs. Psychiatrie
Het vakgebied ervaart regelmatig tegenwind. De fundamenten van "wat een stoornis is" worden diepgaand bevraagd.
• Antipsychiatrie:
1. Ontstond sterk in de flowerpower-tijd (jaren 60/70).
2. De bekendste voorvechter was psychiater Thomas Szasz
§ Hij noemde geestesziekte de " Myth of mental illness ".
§ Hij stelde dat psychiatrische labels enkel dienen voor sociale controle (om ongewenst,
afwijkend gedrag te onderdrukken via opnames of medicatie).
§ Voor kinderpsychiatrie stelde hij dat diagnoses nog kwalijker zijn omdat kinderen geen rechten
hebben om een diagnose of "vergiftiging" door medicatie te weigeren.
3. Recentelijk is er ook kritiek van Jim van Os
§ Die stelt dat er geen wetenschappelijk bewijs is voor "ziektes in ons brein" en dat we de huidige
350+ labels zouden moeten reduceren naar ongeveer 12.
• De Psychiatrie verdedigt zich:
Jerome Wakefield schreef in 1992 een belangrijke paper waarin hij een stoornis definieert als een "Harmful
Dysfunction". Dit betekent dat er sprake moet zijn van:
1. Dysfunction:
§ Een storing in een ontologisch belangrijke functie (iets wat evolutionair ontworpen is en ons tot
méns maakt).
§ Dieren hebben ook emoties en communicatie:
è MAAR functies zoals metadenken (denken over je eigen emoties en de toekomst), complexe
taal, en humor (dubbele betekenissen) onderscheiden ons fundamenteel.
2. Harmful: Het onvermogen om deze natuurlijke functies uit te voeren leidt tot:
§ lijden (distress)
§ disfunctie
§ daadwerkelijke schade aan het zelf of aan anderen.
Culturele en maatschappelijke invloed: Psychiatrie is deels een sociaal gegeven.
è Zo stond 'extreme hoarding' (verzamelwoede) vroeger niet in de DSM, maar nu wel omdat de schade
aan de persoon en omgeving duidelijk werd.
è Daarentegen worden extreme sporters of mensen met extreme tatoeages vaak als helden onthaald, ook
al kan dit levensgevaarlijk zijn en schade berokkenen; het is echter geen psychiatrische diagnose, wat
aantoont hoe maatschappelijke normen bepalen wat we accepteren en wat we een stoornis noemen.