Les 1: Krachtlijnen
1. Krachtlijnen
Recht
= Rationeel opgebouwd geheel van door de overheid uitgevaardigde en via sancties afdwingbare
normen die dienen tot organisatie, handhaving of herstel van de orde in de samenleving.
1) Recht wil orde scheppen en wil regels maken die de samenleving ordenen -> Regels maken
zodat iedereen gelijk wordt behandeld.
2) Recht vertoont onderlinge samenhang: iedereen moet begrippen op dezelfde manier
begrijpen -> recht is gebaseerd op rechtszekerheid: gelijke gevallen moeten op een gelijke
manier behandeld worden maar niet iedereen kan aan exact dezelfde regels onderworpen
worden.
3) Regels kunnen als bindend worden ervaren en ze kunnen door de overheid worden
afgedwongen.
4) De maatschappij heeft een constante invloed op het recht, ook een wederzijdse invloed want
het recht wil de maatschappij ordenen dus ze staan in verband.
Publiekrecht – Privaatrecht
Privaatrecht gaat over private personen -> bv, tussen bedrijven, tussen particuliere personen jij en ik
Publiekrecht: een relatie waar de overheid bij betrokken is, gaat over relaties tussen
overheidsinstanties bv parlement en regering maar ook over relaties tussen ik en overheid
Publiekrecht: staatsrecht, bestuursrecht, belastingrecht, mensenrechtenrecht, strafrecht, recht van
de lokale besturen, delen van het omgevingsrecht, delen van het sociaal recht, … (betrekking op
overheden)
2. De kernboodschap
België is een meergelaagde, democratische rechtsstaat in Europa.
, 3. De Belgische staat
Het ontstaan van staten
Vandaag kunnen staten niet meer oorspronkelijk ontstaan
Staten ontstaan vandaag op een afgeleide manier (4 soorten manieren)
1) Dekolonisatie = kolonies kunnen onafhankelijk worden door dekolonisatie
2) Secessie = wanneer een deel van een land zich afsplitst van een land bv. Catalonië die
onafhankelijk wou worden
3) Dismembratio = Latijns woord voor uiteenvallen -> wanneer 1 land uiteenvalt in 2 of
meerdere nieuwe landen bv. Tsjechoslowakije die splitst in Tsjechië en slowakije
4) Fusie = afzonderlijke landen die 1 nieuw land worden bv. Oost en West Duitsland die samen
Duitsland werden
Nieuwe staten hebben grote juridische gevolgen en houden een lang en moeilijk proces in
Het ontstaan van België
België werd onafhankelijk in 1830
1814: Congres van Wenen -> napoleon werd verbannen
Een van de belangrijkste ideeën was: we moeten Frankrijk proberen beperken en Europa
beschermen tegen Frankrijk
Frankrijk moest omsingeld worden door sterke landen om Frankrijk tegen te houden
Oosten van Frankrijk : Pruisen en Oostenrijk
Noorden: vorstendom Nederland
4 overwinnende landen vonden dat land in het noorden te klein, dus ze hebben een stuk van
Frankrijk afgesneden en het idee was om dat tegen vorstendom Nederland te plakken =
bufferstaat
1815: verenigd koninkrijk der Nederlanden
Nu equivalent van België
Koning Willem I was de koning van verenigd koninkrijk der Nederlanden
Koning Willem I heeft niet lang geregeerd omdat zuidelijke provincies snel ontevreden was
Redenen:
- Koning Willem was zeer autoritair, geen leuke koning
- Spanningen = economische tegenstellingen
= bevolking hadden weinig te zeggen op vlak van politiek
= koning Willem mengde zich enorm met de Kerk, hij wou priesters zelf aanstellen en wou zich ook
mengen met katholiek onderwijs
= sloot kranten die negatief waren over Willem I uit, vermindering persvrijheid
= taalconflict -> In de noordelijke provincies Nederlands, zuidelijke provincies frans en koning willem
wou de positie van het Nederlands versterken en de Franse positie verzwakken
,Monsterverbond van de zuidelijke elites (katholieken en liberalen)
Dit heeft niet gewerkt, de spanningen werden erger en erger tot er een onafhankelijk strijd is
losgebarsten.
Het volk wilt hem niet meer als koning, willem zijn beleid bleef autoritairder worden.
We hebben onze onafhankelijkheid te danken aan een opera, in die opera werd er gezongen over het
heilige hart van het vaderland.
Dat raakte een gevoelige snaar bij de Belgen en dat leidde tot de onafhankelijkheid.
Maar die onafhankelijkheid was nog niet juridisch bindend.
De Belgische Staat
Wanneer kunnen we juridisch gezien van een staat spreken?
4 juridische voorwaarden om een staat te zijn:
1. Je moet een permanente bevolking hebben
2. Afgebakend grondgebied hebben: werd vastgelegd in verdrag van Maastricht -> maar
grenzen van België kunnen veranderd worden via een juridische weg
3. Effectieve overheid hebben: federale staat, deelstaten, steden, rechtscolleges, …
4. Je land moet onafhankelijk zijn: je land moet de kerntaken zelfstandig uitvoeren zonder hulp
van anderen
5de voorwaarde: internationale erkenning = geen bindende juridische voorwaarde maar als ze
worden erkend door andere landen voldoen ze aan deze voorwaarde
Staten worden erkend, niet regeringen
Het heeft geduurd tot 1839 vooraleer we officieel erkend werden, sommige landen sneller en
sommige trager.
Gevolgen van België als staat
1) België heeft rechtspersoonlijkheid: juridisch gezien bestaat België
Extern: België kan verdragen sluiten met andere landen
Intern: België bestaat intern tegenover bevolking bv België kan belastingen heffen
2) België heeft soevereiniteit
Extern: België moet gelijk behandeld worden zoals alle andere staten
Intern: de Belgische staat mag zijn eigen rechtsordening bepalen bv. Wij willen een eenkamerstelsel of een
tweekamerstelsel (institutionele keuzes voor België)
Art. 33 GW: alle machten gaan uit van de natie
Ideeën van soevereiniteit zijn onder druk komen te staan
Dan hebben ze art 34 toegevoegd aan grondwet zodat er een juridische rechtsbron was voor de beslissingen
van internationale organen
Art. 34 GW: bevoegdheidsoverdracht aan internationale organisaties toegelaten
, 3) België kan rechtsmacht uitoefenen
Rechtsmacht is territoriaal, maar die wetten zijn alleen van toepassing in het Belgisch grondgebied.
Enkele uitzonderingen bv. Diplomatieke post van Verenigde staten wordt gezien als grondgebied van
Verenigde Staten
4. Een democratische rechtsstaat
De Belgische grondwet is geïnspireerd op het verleden
Eind 18de eeuw: Vorsten waren autoritair
Verlichtingsdenkers wilden de macht van die vorsten beperkten
Eerst met de scheiding der machten -> Staat opdelen in drie machten
Wetgevend, uitvoerend, rechterlijk
Elk van die machten had 1 functie
Wetgevende: weten maken
uitvoerende;: wetten uitvoeren
Rechterlijke: uitvoering controleren
Scheiding der machten ligt aan de basis van de Belgischer grondwet
Absolute scheiding der machten = De drie machten staan los van elkaar, ze mogen niet met elkaar in
aanraking komen.
Relatieve scheiding der machten = Nieuwe versie van de theorie van drie machten waarbij er een
wederzijdse controle en samenwerking is
Bv: kamer controleert de koning, Koning kan Kamer ontbinden, Koning maakt mee de wetten,
Wetgever bepaalt statuut rechters, koning benoemt rechters, rechters controleren beide machten.
Soms diffuse taakverdeling
De wetgevende macht heeft ook taken die wij zouden verbinden met de uitvoerende macht
De rechters hebben een hele belangrijke rechtsvormende rol -> waarbij ze de wetgeving extra
inhoud geven door uit te leggen hoe die vage begrippen begrepen moeten worden
Elke staatsmacht vervult naast zijn hoofdfunctie ook functies die we zouden toeschrijven aan andere
machten
Tripolair naar bipolair: we nemen vaak uitvoerende macht en wetgevende macht samen en zetten de
rechterlijke macht er tegenover
1. Krachtlijnen
Recht
= Rationeel opgebouwd geheel van door de overheid uitgevaardigde en via sancties afdwingbare
normen die dienen tot organisatie, handhaving of herstel van de orde in de samenleving.
1) Recht wil orde scheppen en wil regels maken die de samenleving ordenen -> Regels maken
zodat iedereen gelijk wordt behandeld.
2) Recht vertoont onderlinge samenhang: iedereen moet begrippen op dezelfde manier
begrijpen -> recht is gebaseerd op rechtszekerheid: gelijke gevallen moeten op een gelijke
manier behandeld worden maar niet iedereen kan aan exact dezelfde regels onderworpen
worden.
3) Regels kunnen als bindend worden ervaren en ze kunnen door de overheid worden
afgedwongen.
4) De maatschappij heeft een constante invloed op het recht, ook een wederzijdse invloed want
het recht wil de maatschappij ordenen dus ze staan in verband.
Publiekrecht – Privaatrecht
Privaatrecht gaat over private personen -> bv, tussen bedrijven, tussen particuliere personen jij en ik
Publiekrecht: een relatie waar de overheid bij betrokken is, gaat over relaties tussen
overheidsinstanties bv parlement en regering maar ook over relaties tussen ik en overheid
Publiekrecht: staatsrecht, bestuursrecht, belastingrecht, mensenrechtenrecht, strafrecht, recht van
de lokale besturen, delen van het omgevingsrecht, delen van het sociaal recht, … (betrekking op
overheden)
2. De kernboodschap
België is een meergelaagde, democratische rechtsstaat in Europa.
, 3. De Belgische staat
Het ontstaan van staten
Vandaag kunnen staten niet meer oorspronkelijk ontstaan
Staten ontstaan vandaag op een afgeleide manier (4 soorten manieren)
1) Dekolonisatie = kolonies kunnen onafhankelijk worden door dekolonisatie
2) Secessie = wanneer een deel van een land zich afsplitst van een land bv. Catalonië die
onafhankelijk wou worden
3) Dismembratio = Latijns woord voor uiteenvallen -> wanneer 1 land uiteenvalt in 2 of
meerdere nieuwe landen bv. Tsjechoslowakije die splitst in Tsjechië en slowakije
4) Fusie = afzonderlijke landen die 1 nieuw land worden bv. Oost en West Duitsland die samen
Duitsland werden
Nieuwe staten hebben grote juridische gevolgen en houden een lang en moeilijk proces in
Het ontstaan van België
België werd onafhankelijk in 1830
1814: Congres van Wenen -> napoleon werd verbannen
Een van de belangrijkste ideeën was: we moeten Frankrijk proberen beperken en Europa
beschermen tegen Frankrijk
Frankrijk moest omsingeld worden door sterke landen om Frankrijk tegen te houden
Oosten van Frankrijk : Pruisen en Oostenrijk
Noorden: vorstendom Nederland
4 overwinnende landen vonden dat land in het noorden te klein, dus ze hebben een stuk van
Frankrijk afgesneden en het idee was om dat tegen vorstendom Nederland te plakken =
bufferstaat
1815: verenigd koninkrijk der Nederlanden
Nu equivalent van België
Koning Willem I was de koning van verenigd koninkrijk der Nederlanden
Koning Willem I heeft niet lang geregeerd omdat zuidelijke provincies snel ontevreden was
Redenen:
- Koning Willem was zeer autoritair, geen leuke koning
- Spanningen = economische tegenstellingen
= bevolking hadden weinig te zeggen op vlak van politiek
= koning Willem mengde zich enorm met de Kerk, hij wou priesters zelf aanstellen en wou zich ook
mengen met katholiek onderwijs
= sloot kranten die negatief waren over Willem I uit, vermindering persvrijheid
= taalconflict -> In de noordelijke provincies Nederlands, zuidelijke provincies frans en koning willem
wou de positie van het Nederlands versterken en de Franse positie verzwakken
,Monsterverbond van de zuidelijke elites (katholieken en liberalen)
Dit heeft niet gewerkt, de spanningen werden erger en erger tot er een onafhankelijk strijd is
losgebarsten.
Het volk wilt hem niet meer als koning, willem zijn beleid bleef autoritairder worden.
We hebben onze onafhankelijkheid te danken aan een opera, in die opera werd er gezongen over het
heilige hart van het vaderland.
Dat raakte een gevoelige snaar bij de Belgen en dat leidde tot de onafhankelijkheid.
Maar die onafhankelijkheid was nog niet juridisch bindend.
De Belgische Staat
Wanneer kunnen we juridisch gezien van een staat spreken?
4 juridische voorwaarden om een staat te zijn:
1. Je moet een permanente bevolking hebben
2. Afgebakend grondgebied hebben: werd vastgelegd in verdrag van Maastricht -> maar
grenzen van België kunnen veranderd worden via een juridische weg
3. Effectieve overheid hebben: federale staat, deelstaten, steden, rechtscolleges, …
4. Je land moet onafhankelijk zijn: je land moet de kerntaken zelfstandig uitvoeren zonder hulp
van anderen
5de voorwaarde: internationale erkenning = geen bindende juridische voorwaarde maar als ze
worden erkend door andere landen voldoen ze aan deze voorwaarde
Staten worden erkend, niet regeringen
Het heeft geduurd tot 1839 vooraleer we officieel erkend werden, sommige landen sneller en
sommige trager.
Gevolgen van België als staat
1) België heeft rechtspersoonlijkheid: juridisch gezien bestaat België
Extern: België kan verdragen sluiten met andere landen
Intern: België bestaat intern tegenover bevolking bv België kan belastingen heffen
2) België heeft soevereiniteit
Extern: België moet gelijk behandeld worden zoals alle andere staten
Intern: de Belgische staat mag zijn eigen rechtsordening bepalen bv. Wij willen een eenkamerstelsel of een
tweekamerstelsel (institutionele keuzes voor België)
Art. 33 GW: alle machten gaan uit van de natie
Ideeën van soevereiniteit zijn onder druk komen te staan
Dan hebben ze art 34 toegevoegd aan grondwet zodat er een juridische rechtsbron was voor de beslissingen
van internationale organen
Art. 34 GW: bevoegdheidsoverdracht aan internationale organisaties toegelaten
, 3) België kan rechtsmacht uitoefenen
Rechtsmacht is territoriaal, maar die wetten zijn alleen van toepassing in het Belgisch grondgebied.
Enkele uitzonderingen bv. Diplomatieke post van Verenigde staten wordt gezien als grondgebied van
Verenigde Staten
4. Een democratische rechtsstaat
De Belgische grondwet is geïnspireerd op het verleden
Eind 18de eeuw: Vorsten waren autoritair
Verlichtingsdenkers wilden de macht van die vorsten beperkten
Eerst met de scheiding der machten -> Staat opdelen in drie machten
Wetgevend, uitvoerend, rechterlijk
Elk van die machten had 1 functie
Wetgevende: weten maken
uitvoerende;: wetten uitvoeren
Rechterlijke: uitvoering controleren
Scheiding der machten ligt aan de basis van de Belgischer grondwet
Absolute scheiding der machten = De drie machten staan los van elkaar, ze mogen niet met elkaar in
aanraking komen.
Relatieve scheiding der machten = Nieuwe versie van de theorie van drie machten waarbij er een
wederzijdse controle en samenwerking is
Bv: kamer controleert de koning, Koning kan Kamer ontbinden, Koning maakt mee de wetten,
Wetgever bepaalt statuut rechters, koning benoemt rechters, rechters controleren beide machten.
Soms diffuse taakverdeling
De wetgevende macht heeft ook taken die wij zouden verbinden met de uitvoerende macht
De rechters hebben een hele belangrijke rechtsvormende rol -> waarbij ze de wetgeving extra
inhoud geven door uit te leggen hoe die vage begrippen begrepen moeten worden
Elke staatsmacht vervult naast zijn hoofdfunctie ook functies die we zouden toeschrijven aan andere
machten
Tripolair naar bipolair: we nemen vaak uitvoerende macht en wetgevende macht samen en zetten de
rechterlijke macht er tegenover