INLEIDING
Postpartum = puerperium = kraambed periode na de bevalling
Begint na uitdrijving placenta & vliezen
Eindigt 6 à 8 weken na de partus (kan ook langer duren, hooguit 1 j)
Vrouwelijk organisme & genitaliën keren terug naar niet-zwangere toestand
6 weken of 42 dagen volgend op bevalling meest kritische periode voor moeder en kind
o Kind
1e kritische periode
Overgang intra-uteriene naar extra-uteriene leven
Grote aanpassing
1e levensjaar
Mijlpalen in psychomotorische ontwikkeling
Postnataal = eerste weken na de geboorte van de neonaat / de periode na de bevalling waarin de zorg
van een vroedvrouw voor moeder en kind noodzakelijk is, op zijn minst 10 dagen en bij uitbreiding
zolang de vroedvrouw de zorg noodzakelijk acht
o Onmiddellijk postnatale periode (eerste 24u)
o Vroege postnatale periode (dag 2-7)
o Late postnatale periode (dag 8-42)
o Postnatale zorg: alle professionele (niet-)medische zorg voor moeder en kind tijdens de
postnatale periode (gynaecoloog, huisarts, pediater/neonatoloog, vroedvrouw &
verpleegkundige – niet-medisch: kraamzorg)
Postpartum = herstel van de moeder na de bevalling
Intramurale zorg = zorg in het ziekenhuis of andere zorginstelling
Extramurale zorg/ambulante zorg = hulp verleend door hulpverlener in eigen omgeving moeder of
moeder vanuit eigen omgeving naar hulpverlener
DOEL VAN POSTNATALE ZORG
Pas bevallen vrouw helpen om zich aan te passen aan nieuwe rol als moeder, vertrouwen geven om rol
zelfzeker op te nemen en om te gaan met nieuwe verantwoordelijkheden
Fysisch, psychisch welbevinden moeder en kind bevorderen & observeren
Gezondheidspromotie & voorlichting i.v.m. noden & ontwikkeling van kind & voorzien voor de moeder &
haar familie
P. 10-11 cursus
Postpartum in een nieuwe context
Korter verblijf sinds juli 2015
Gevolgen:
Zorgvacuüm in eerste weken
Veranderde thuissituatie: kleinere kerngezinnen, minder contact tussen generaties minder
rolmodellen, minder kennis, minder informele ondersteuning
Meer formele en professionele ondersteuning
o Zorginstellingen zeer toegankelijk
1
, o Ambulante zorg beperkt gefinancierd, sterk versnipperd
Risico: daling van gezinsondersteuning en kwaliteit zorg
o Screening metabole aandoening (nu na 48u, vroeger 72u)
o Complicaties inadequate voeding (BV/FV)
o Psychische complicaties
o Verhoogde bilirubinewaarden
o Screening congenitale hartafwijkingen (dag van bevalling + na 7 weken bij pediater)
o Alarmsignalen niet gekend door ouders
o Kwetsbare gezinnen
Voordelen verkort ziekenhuisverblijf
o Financieel (ziekenhuisfactuur, maatschappij)
o Praktisch & organisatorisch (oudere kinderen, partner)
o Psychisch (eigen, vertrouwde omgeving)
RICHTLIJNEN EN AANBEVELINGEN VOOR KWALITATIEVE POSTNATAL ZORG
Internationale richtlijnen
NICE
National institute for health and core Normaal fysiologisch verloop
excellence o Geven ook alarmsignalen mee
Richtlijnen voor postnatale zorg Patient-centered care
Kern van de zorg voor moeder en kind Aanbeveling mbt planning en inhoud
e
gedurende de 1 6-8w na bevalling postnatale zorg, gezondheid moeder en
Zorg neonaat tot 1j na partus kind en voeding kind
WHO
World health organisation o Vooral landen lage en gemiddelde
Aanbevelingen mbt postnatale zorg moeder inkomensgrens
en pasgeborene 12 aanbevelingen mbt timing, frequentie,
Doel om maternele en foetale mortaliteit en plaats postnatale zorg en mbt inhoud
morbiditeit te bestrijden postnatale zorg moder en kind tot 6w na
bevalling
Nationale richtlijnen
KCE
Federaal kenniscentrum voor de Aanbevelingen op 9 domeinen
gezondheidszorg o Geïntegreerd postnatale zorg
Wetenschappelijk rapport mbt organisatie moeder en kind na
en gebruik postnatale zorg in België ongecompliceerde bevalling
VBOV
Vlaamse beroepsorganisatie van vroedvrouwen
Document waarbij kwaliteitscriteria voor de VV werkzaam in de eerste lijn beschreven staan
Aanbevelingen gebaseerd op evidentie en zijn een leidraad voor goede praktijkvoering
30 aanbevelingen op 10 domeinen
2
, ORGANISATIE EN PLANNING VAN DE ZORG VOOR MOEDER EN KIND IN DE
ONMIDDELIJKE EN VROEGE POSTNATALE PERIODE
Algemene richtlijnen voor planning van postnatale zorg
Postnataal zorgpad: belangrijk voor kwalitatieve zorg, aanbevolen prenataal voorbereiden
Opvolging door vroedvrouw start voor meeste moeders intramuraal
Na ontslag uit ziekenhuis verdere opvolging VV extramuraal
Opvolging moeder & kind in nauw overleg met intramurale VV, extramurale vroedvrouw, gynaecoloog,
pediater, huisarts, K&G …
Continuïteit van de zorg: postnatale zorg zoveel mogelijk voorbereiden tijdens zwangerschap + regelmatig
evalueren & bijsturen doorheen postnatale periode, intra- & extramuraal vlotte communicatie-uitwisseling,
interdisciplinaire & multidisciplinaire samenwerking
Kwalitatieve zorg: VV verondersteld kwalitatieve zorg te brengen gebaseerd op evidentie + voortdurend
bijscholen
Patient-centered care = moeder, kind & bij uitbreiding haar gezin staan centraal in de zorg
Rekening houden met eigenheid, cultuur, religie, privacy, sociale & financiële situatie zorgvrager vrije
keuze, inspraak & samenspraak, respectvolle zorg
Zorg afstemmen op noden van het gezin
Voorbereiding van de zorg
Voorbereiding tijdens zwangerschap draagt bij tot kwalitatieve postnatale begeleiding
Oriënterend gesprek : bij voorkeur gepland tijdens zwangerschap (als niet zo snel mogelijk na geboorte)
Ziekenhuis, intramurale VV, praktijk extramurale VV, bij zwangere thuis
o Thuis: mogelijke risicofactoren eerder definiëren & kwetsbare gezinnen detecteren al inzetten
van ondersteunend netwerk
Geïndividualiseerd postnataal zorgplan: aan de hand van oriënterend gesprek
Verslag van het zorgplan:
Anamnese moeder Kraamzorg
Foetale ontwikkeling Wensen van het kraamgezin i.v.m.
Risicoselectie: risicofactoren op basis van postnatale periode
anamnese die postnataal een probleem kan Voedingskeuze! BV norm
vormen voor moeder en/of kind Contactgegevens vroedvrouw & andere
Kraamgezin zorgverleners
Beschikbare mantelzorgers Afspraken eerste postnatale contact
Overdracht bij overgang intramurale naar extramurale zorg – voldoende informatie om zorg op kwalitatieve
manier verder te zetten
Ontslagcriteria: opgesteld binnen multidisciplinair team & in samenspraak moeder – kunnen pas ZH verlaten
als ze aan alle criteria voldaan
Voor ontslag VV verwittigen die zal opvolgen om eerste huisbezoek correct in te plannen
3
, Frequentie & timing van de zorg
Normale vaginale bevalling: tenminste 24u postnatale zorg in ziekenhuis – bevalling thuis: 1 e huisbezoek zo snel
mogelijk binnen 24u
Min. 3 extra postnatale controles moeder en kind en/of huisbezoeken (kan uitgebreid worden naar behoefte)
Dag 3 (48-72u) Dag 7-14 6 weken na bevalling
Thuisbevalling extra bezoek geadviseerd tussen 14-48u na geboorte
Eerste 5 dagen deels ZH en deels thuis
Eerste 72u na bevalling intensieve opvolging moeder en kind noodzakelijk
Huisbezoek inplannen binnen 24u na ontslag als moeder & kind ZH verlaten binnen 72u na bevalling
ZH verlaten na 72u of later zie schema
Minimale postnatale zorgen vinden plaats tijdens meest kritische periode – eerste 6-8 weken
Schematisch overzicht minimale postnatale zorgen & voorlichting: p. 18 cursus
ZORG VOOR DE MOEDER IN DE ONMIDDELIJKE EN VROEGE POSTNATALE PERIODE
Anatomie vrouwelijk geslachtsorgaan
Inzicht hebben in fysiologische en anatomische veranderingen – VV
lichamelijk en psychisch welbevinden bevorderen, observeren en
evalueren – eventuele verwikkelingen vroegtijdig opmerken
Fysiologische en anatomische veranderingen in het postpartum
1) Involutie van de uterus
Involutie: retrogressieve veranderingen van BM
Na uitdrijving placenta 17-18 cm, 1100g – 1e week: 500g – 2e week:
300g – 3e week: 100 gr – 8e week: 50-70g
Aantal spiercellen vermindert niet bij kleiner worden, elke spiercel ondergaat een drastische verkleining
– ontdoet zichzelf van overtollig cellulair materiaal – overtollige bloedvaten atrofiëren en resorberen
Abdominaal orgaan Bekkenorgaan
Grote wondopp. op inplantingsplaats van placenta (door losscheuren)
Na 10D weefsel over de wond
Na 6W terug helemaal OK
In cavia uiterlijk: stukjes decidua, necrotische weefselresten en bloed vloeit uit uterus = lochia
Na ongeveer 1 week re-ephitelasie (herstel)
Binnen 10D cavia uterus opnieuw met endometrium bekleed
Na 4W innesteling terug mogelijk
Trage involutie: achtergebleven placentaresten/vliezen/endomitris + bijkomende symptomen (pijn bij palpatie,
koorts, veranderingen lochiaal verlies) – bijkomende behandeling
4