REGISTRATIE – EN SUCCESSIERECHT
Schenk – en erfbelasting met een focus op het Vlaamse gunstregime inzake de overdracht van
familiale ondernemingen & vennootschappen
Inleiding
Waarom zou men aan vermogensplanning doen?
Om de hoge erfbelastingen te vermijden
Om de continuïteit van het familiebedrijf te verzekeren
Om aandeelhoudersverhoudingen te regelen & controlebehoud
De tarieven van de erfbelasting zijn afhankelijk van twee factoren:
De graad van verwantschap met de erflater
De orde (hoogte) van de bedragen van de nalatenschap
De tarieven:
1. De tarieven in rechte lijn & partners
=> 0,00 t.e.m. 50.000,00 = 3%
=> 50.000,01 t.e.m. 250.000,00 = 9%
=> Vanaf 250.000,00 = 27%
Let op: de tarieven worden bepaald PER ERFGENAAM APART (1) EN AFZONDELIJK OP HET
ONROEREND EN ROEREND GEDEELTE (2).
2. De tarieven in zijlijn
=> 0,00 t.e.m. 35.000,00 = 25%
=> 35.000,01 t.e.m. 75.000,00 = 30%
=> Vanaf 75.000,00 = 55%
Let op: hier wordt geen opsplitsing gemaakt tussen onroerende en roerende goederen in
tegenstelling tot in rechte lijn & tussen partners. Dit tarief zal toegepast worden op de netto-
verkrijging van elke broer & zus afzonderlijk.
3. De tarieven andere
=> 0,00 t.e.m. 35.000,00 = 25%
=> 35.000,01 t.e.m. 75.000,00 = 45%
=> Vanaf 75.000,00 = 55%
Let op: toepasbaar op het totaal van de netto verkrijgingen van alle erfopvolgers in tegenstelling tot
in de zijlijn
,Voorbeelden
In rechte lijn
U erft in de nalatenschap van uw moeder een netto-verkrijging van 200.000 euro. Deze verkrijging
bestaat voor 150.000 euro uit onroerende, en voor 50.000 euro uit roerende goederen. De
toepassing van de tarieven gebeurt als volgt:
• roerend gedeelte: 50.000 euro. Op deze 50.000 euro is het tarief van 3% van toepassing. De
successierechten op dit gedeelte bedragen dus 1.500 euro.
• onroerend gedeelte: 150.000 euro. Op de eerste schijf van 50.000 euro is het tarief van 3% van
toepassing. Op de resterende schijf van 100.000 euro is het tarief van 9% van toepassing. De
erfbelasting op het onroerende gedeelte bedragen 1.500 + 9.000 = 10.500 euro.
In zijlijn
Twee broers erven elk 150.000 euro van hun zus. De erfbelasting wordt als volgt berekend:
35.000 euro x 25% = 8.750 euro
40.000 euro x 30% = 12.000 euro
75.000 euro x 55% = 41.250 euro
Elke erfgenaam moet dus in totaal 62.000 euro aan erfbelasting betalen.
Bij anderen
Een erfenis van 100.000 wordt verdeeld onder 2 neven. De eerste krijgt 40.000 euro, de tweede
60.000 euro. De erfbelasting wordt berekend op de som van de netto verkrijgingen, in dit geval
100.000 euro. Dat betekent dat de verschuldigde erfbelasting 40.500 euro bedraagt:
35.000 euro x 25% = 8.750 euro
40.000 euro x 45% = 18.000 euro
25.000 euro x 55% = 13.750 euro
Dit bedrag wordt verdeeld volgens de grootte van de netto verkrijging. Voor de eerste erfgenaam
betekent dat hij 40% van 40.500 euro moet betalen, of 16.200 euro. De tweede erfgenaam betaalt
60% of 24.300 euro.
Voor de schenking van onroerende goederen is het tarief afhankelijk van twee zaken:
1. De verkoopwaarde van het O.G.
2. De graad van verwantschap tussen de schenker & begunstigde
Voor de schenking van O.G. in rechte lijn:
1. 0,00 t.e.m. 150.000,00: 3%
2. 150.000,01 t.e.m. 250.000,00: 9%
3. 250.000,01 t.e.m. 450.000,00: 18%
4. Vanaf 450.000,01: 27%
,Voor de schenking van O.G. in andere lijnen:
1. 0,00 t.e.m. 150.000,00: 10%
2. 150.000,01 t.e.m. 250.000,00: 20%
3. 250.000,01 t.e.m. 450.000,00: 30%
4. Vanaf 450.000,01: 40%
Let op met de regel van progressievoorbehoud1:
=> Deze regel is er om te vermijden dat de schenker zijn schenkingen zou opsplitsen om de
progressiviteit van het tarief te ontwijken.
=> Als men een schenking doet en binnen de drie jaar doet men wederom een schenking, dan zal de
waarde van de eerste schenking toegevoegd worden aan de waarde van de tweede schenking
=> Dit progressief tarief zal enkel toegepast worden bij schenkingen van O.G. en niet bij R.G.
=> Dit progressief tarief zal er ook niet zijn als men eerst een O.G. schenkt en daarna een R.G. of
omgekeerd, pas als er twee keer achter mekaar een O.G. geschonken wordt binnen de drie jaar,
dan spreekt men hierover
=> Indien de schenker komt te overlijden binnen de drie jaar na schenking, dan dient men geen
erfbelasting te betalen over de waarde, maar zal men wel rekening houden met de verkoopwaarde
voor het progressievoorbehoud
Voor de schenkingen van roerende goederen heeft men twee tarieven:
1. Tarief in rechte lijn en tussen partners: 3%
2. Tarief in alle andere lijnen: 7%
Wat zijn de redenen waarom men niet aan vermogensplanning zou doen?
Het Ferrari-syndroom: de angst dat de kinderen het geld meteen opmaken
=> Oplossing: vervreemdingsverbod: men mag bepaalde goederen niet verkopen tot aan het
overlijden
Het baron-syndroom: men wilt de controle behouden
=> Oplossing: schenking met voorbehoud van vruchtgebruik
Het heksensyndroom: de angst dat het schoonkind met de geschonken goederen ervan
doorgaat
=> Oplossing: uitsluitingsclausule: de geschonken gelden/goederen vallen niet in de
gemeenschap
De overdracht van een familiaal bedrijf in het Vlaamse gewest
(art. 2.7.4.2.2 – 2.7.4.2.3 – 2.8.6.0.3 – 2.8.6.0.6 VCF)
Dit fiscaal gunstregime is zowel bestaande bij een schenking alsook bij een erfenis van een familiaal
bedrijf.
De schenking van een familiaal bedrijf: 0% schenkbelasting
De vererving van een familiaal bedrijf: 3% (rechte lijn & partner) of 7% (anderen)
1
Progressievoorbehoud: de belastbare grondslag fictief verhogen, waardoor de verschuldigde
erfbelasting finaal zal stijgen, omdat men in een hogere belastingschijf terechtkomt.
, Allereerst dient men een onderscheid te maken tussen familiale ondernemingen &
vennootschappen:
Familiale onderneming: dit zijn EZ gespecialiseerd in ambacht-, handel-, nijverheid-,
landbouwactiviteiten & vrije beroepers
=> De schenking/vererving van de volle eigendom, vruchtgebruik of blote eigendom van de
goederen die beroepsmatig geïnvesteerd zijn in een familiale onderneming
Familiale vennootschappen: dit zijn VN gespecialiseerd in ambacht-, handel-, nijverheid-,
landbouwactiviteiten & vrije beroepers
=> De schenking/vererving van de volle eigendom, vruchtgebruik of blote eigendom van de
aandelen
Het doel van dit gunstregime is om de continuïteit van de familiale bedrijven veilig te stellen.
Ter toepassing van dit fiscaal regime zijn er wel enkele voorwaarden aan verbonden:
Inzake de familiale vennootschap zijn er de volgende voorwaarden:
1. De VN waarvan de aandelen worden geschonken, dient gelegen te zijn in de EER
2. De schenker/erflater moet zijn fiscale woonplaats hebben in het Vlaamse gewest
=> Daar waar men de afgelopen vijf jaar het langst heeft gewoond
3. De participatievoorwaarde
=> de schenker of erflater moet via zijn aandelen in volle eigendom minstens 50% van de
stemrechten vertegenwoordigen in de vennootschap
=> 30% is ook toegelaten, MAAR dan moet de schenker of erflater EN zijn familie SAMEN met
één andere AH 70% van de stemrechten in de vennootschap vertegenwoordigen
=> 30% is ook toegelaten, MAAR dan moet de schenker of erflater EN zijn familie SAMEN met
twee andere AH 90% van de stemrechten in de vennootschap vertegenwoordigen
4. De activiteitsvoorwaarde: de vennootschap dient een activiteit uit te voeren in de handels-,
nijverheids-, landbouw- of ambachtssector of vrije beroeper
=> Men verstaat hier NIET onder: patrimoniumvennootschappen,
managementvennootschappen en passieve holdings
=> Actieve holdingvennootschappen wel
=> Passieve holdingvennootschappen met een rechtstreekse deelneming van 30% in een
actieve dochtervennootschap wel
=> Uitzondering bij patrimoniumvennootschap: toch gunstregime, indien O.G. gebruikt wordt
voor de zuivere operationele activiteit van de familiale groep
=> Vennootschappen zonder werkelijke economische activiteit gedurende één van de drie
boekjaren die voorafgaan aan de schenking/erfenis: indien bezoldiging (62-rek.) minder dan
1,5% is van de totale activa en de O.G. (22-rek.) meer dan 50% uitmaken van de totale activa.
5. Vormvoorwaarde: geen attest van VLABEL nodig, maar wel aangeraden
6. Men dient de vrijstelling zelf aan te vragen, dus geen automatische vrijstelling
=> Via de schenkingsakte of aangifte nalatenschap
Schenk – en erfbelasting met een focus op het Vlaamse gunstregime inzake de overdracht van
familiale ondernemingen & vennootschappen
Inleiding
Waarom zou men aan vermogensplanning doen?
Om de hoge erfbelastingen te vermijden
Om de continuïteit van het familiebedrijf te verzekeren
Om aandeelhoudersverhoudingen te regelen & controlebehoud
De tarieven van de erfbelasting zijn afhankelijk van twee factoren:
De graad van verwantschap met de erflater
De orde (hoogte) van de bedragen van de nalatenschap
De tarieven:
1. De tarieven in rechte lijn & partners
=> 0,00 t.e.m. 50.000,00 = 3%
=> 50.000,01 t.e.m. 250.000,00 = 9%
=> Vanaf 250.000,00 = 27%
Let op: de tarieven worden bepaald PER ERFGENAAM APART (1) EN AFZONDELIJK OP HET
ONROEREND EN ROEREND GEDEELTE (2).
2. De tarieven in zijlijn
=> 0,00 t.e.m. 35.000,00 = 25%
=> 35.000,01 t.e.m. 75.000,00 = 30%
=> Vanaf 75.000,00 = 55%
Let op: hier wordt geen opsplitsing gemaakt tussen onroerende en roerende goederen in
tegenstelling tot in rechte lijn & tussen partners. Dit tarief zal toegepast worden op de netto-
verkrijging van elke broer & zus afzonderlijk.
3. De tarieven andere
=> 0,00 t.e.m. 35.000,00 = 25%
=> 35.000,01 t.e.m. 75.000,00 = 45%
=> Vanaf 75.000,00 = 55%
Let op: toepasbaar op het totaal van de netto verkrijgingen van alle erfopvolgers in tegenstelling tot
in de zijlijn
,Voorbeelden
In rechte lijn
U erft in de nalatenschap van uw moeder een netto-verkrijging van 200.000 euro. Deze verkrijging
bestaat voor 150.000 euro uit onroerende, en voor 50.000 euro uit roerende goederen. De
toepassing van de tarieven gebeurt als volgt:
• roerend gedeelte: 50.000 euro. Op deze 50.000 euro is het tarief van 3% van toepassing. De
successierechten op dit gedeelte bedragen dus 1.500 euro.
• onroerend gedeelte: 150.000 euro. Op de eerste schijf van 50.000 euro is het tarief van 3% van
toepassing. Op de resterende schijf van 100.000 euro is het tarief van 9% van toepassing. De
erfbelasting op het onroerende gedeelte bedragen 1.500 + 9.000 = 10.500 euro.
In zijlijn
Twee broers erven elk 150.000 euro van hun zus. De erfbelasting wordt als volgt berekend:
35.000 euro x 25% = 8.750 euro
40.000 euro x 30% = 12.000 euro
75.000 euro x 55% = 41.250 euro
Elke erfgenaam moet dus in totaal 62.000 euro aan erfbelasting betalen.
Bij anderen
Een erfenis van 100.000 wordt verdeeld onder 2 neven. De eerste krijgt 40.000 euro, de tweede
60.000 euro. De erfbelasting wordt berekend op de som van de netto verkrijgingen, in dit geval
100.000 euro. Dat betekent dat de verschuldigde erfbelasting 40.500 euro bedraagt:
35.000 euro x 25% = 8.750 euro
40.000 euro x 45% = 18.000 euro
25.000 euro x 55% = 13.750 euro
Dit bedrag wordt verdeeld volgens de grootte van de netto verkrijging. Voor de eerste erfgenaam
betekent dat hij 40% van 40.500 euro moet betalen, of 16.200 euro. De tweede erfgenaam betaalt
60% of 24.300 euro.
Voor de schenking van onroerende goederen is het tarief afhankelijk van twee zaken:
1. De verkoopwaarde van het O.G.
2. De graad van verwantschap tussen de schenker & begunstigde
Voor de schenking van O.G. in rechte lijn:
1. 0,00 t.e.m. 150.000,00: 3%
2. 150.000,01 t.e.m. 250.000,00: 9%
3. 250.000,01 t.e.m. 450.000,00: 18%
4. Vanaf 450.000,01: 27%
,Voor de schenking van O.G. in andere lijnen:
1. 0,00 t.e.m. 150.000,00: 10%
2. 150.000,01 t.e.m. 250.000,00: 20%
3. 250.000,01 t.e.m. 450.000,00: 30%
4. Vanaf 450.000,01: 40%
Let op met de regel van progressievoorbehoud1:
=> Deze regel is er om te vermijden dat de schenker zijn schenkingen zou opsplitsen om de
progressiviteit van het tarief te ontwijken.
=> Als men een schenking doet en binnen de drie jaar doet men wederom een schenking, dan zal de
waarde van de eerste schenking toegevoegd worden aan de waarde van de tweede schenking
=> Dit progressief tarief zal enkel toegepast worden bij schenkingen van O.G. en niet bij R.G.
=> Dit progressief tarief zal er ook niet zijn als men eerst een O.G. schenkt en daarna een R.G. of
omgekeerd, pas als er twee keer achter mekaar een O.G. geschonken wordt binnen de drie jaar,
dan spreekt men hierover
=> Indien de schenker komt te overlijden binnen de drie jaar na schenking, dan dient men geen
erfbelasting te betalen over de waarde, maar zal men wel rekening houden met de verkoopwaarde
voor het progressievoorbehoud
Voor de schenkingen van roerende goederen heeft men twee tarieven:
1. Tarief in rechte lijn en tussen partners: 3%
2. Tarief in alle andere lijnen: 7%
Wat zijn de redenen waarom men niet aan vermogensplanning zou doen?
Het Ferrari-syndroom: de angst dat de kinderen het geld meteen opmaken
=> Oplossing: vervreemdingsverbod: men mag bepaalde goederen niet verkopen tot aan het
overlijden
Het baron-syndroom: men wilt de controle behouden
=> Oplossing: schenking met voorbehoud van vruchtgebruik
Het heksensyndroom: de angst dat het schoonkind met de geschonken goederen ervan
doorgaat
=> Oplossing: uitsluitingsclausule: de geschonken gelden/goederen vallen niet in de
gemeenschap
De overdracht van een familiaal bedrijf in het Vlaamse gewest
(art. 2.7.4.2.2 – 2.7.4.2.3 – 2.8.6.0.3 – 2.8.6.0.6 VCF)
Dit fiscaal gunstregime is zowel bestaande bij een schenking alsook bij een erfenis van een familiaal
bedrijf.
De schenking van een familiaal bedrijf: 0% schenkbelasting
De vererving van een familiaal bedrijf: 3% (rechte lijn & partner) of 7% (anderen)
1
Progressievoorbehoud: de belastbare grondslag fictief verhogen, waardoor de verschuldigde
erfbelasting finaal zal stijgen, omdat men in een hogere belastingschijf terechtkomt.
, Allereerst dient men een onderscheid te maken tussen familiale ondernemingen &
vennootschappen:
Familiale onderneming: dit zijn EZ gespecialiseerd in ambacht-, handel-, nijverheid-,
landbouwactiviteiten & vrije beroepers
=> De schenking/vererving van de volle eigendom, vruchtgebruik of blote eigendom van de
goederen die beroepsmatig geïnvesteerd zijn in een familiale onderneming
Familiale vennootschappen: dit zijn VN gespecialiseerd in ambacht-, handel-, nijverheid-,
landbouwactiviteiten & vrije beroepers
=> De schenking/vererving van de volle eigendom, vruchtgebruik of blote eigendom van de
aandelen
Het doel van dit gunstregime is om de continuïteit van de familiale bedrijven veilig te stellen.
Ter toepassing van dit fiscaal regime zijn er wel enkele voorwaarden aan verbonden:
Inzake de familiale vennootschap zijn er de volgende voorwaarden:
1. De VN waarvan de aandelen worden geschonken, dient gelegen te zijn in de EER
2. De schenker/erflater moet zijn fiscale woonplaats hebben in het Vlaamse gewest
=> Daar waar men de afgelopen vijf jaar het langst heeft gewoond
3. De participatievoorwaarde
=> de schenker of erflater moet via zijn aandelen in volle eigendom minstens 50% van de
stemrechten vertegenwoordigen in de vennootschap
=> 30% is ook toegelaten, MAAR dan moet de schenker of erflater EN zijn familie SAMEN met
één andere AH 70% van de stemrechten in de vennootschap vertegenwoordigen
=> 30% is ook toegelaten, MAAR dan moet de schenker of erflater EN zijn familie SAMEN met
twee andere AH 90% van de stemrechten in de vennootschap vertegenwoordigen
4. De activiteitsvoorwaarde: de vennootschap dient een activiteit uit te voeren in de handels-,
nijverheids-, landbouw- of ambachtssector of vrije beroeper
=> Men verstaat hier NIET onder: patrimoniumvennootschappen,
managementvennootschappen en passieve holdings
=> Actieve holdingvennootschappen wel
=> Passieve holdingvennootschappen met een rechtstreekse deelneming van 30% in een
actieve dochtervennootschap wel
=> Uitzondering bij patrimoniumvennootschap: toch gunstregime, indien O.G. gebruikt wordt
voor de zuivere operationele activiteit van de familiale groep
=> Vennootschappen zonder werkelijke economische activiteit gedurende één van de drie
boekjaren die voorafgaan aan de schenking/erfenis: indien bezoldiging (62-rek.) minder dan
1,5% is van de totale activa en de O.G. (22-rek.) meer dan 50% uitmaken van de totale activa.
5. Vormvoorwaarde: geen attest van VLABEL nodig, maar wel aangeraden
6. Men dient de vrijstelling zelf aan te vragen, dus geen automatische vrijstelling
=> Via de schenkingsakte of aangifte nalatenschap