Paragraaf 1 / goed geregeld
De processen in je lichaam verlopen alleen maar goed als de omstandigheden
in je lichaam constant zijn.
Daarvoor meet je lichaam voortdurend welke stoffen er in je bloed zitten en
hoeveel daarvan.
- Bij veranderingen reageert je lichaam:
- Teveel stoffen ➙ verwijdert: door uitscheiding
- Uitscheidingsorganen: longen, nieren & huid
- Te weinig stoffen ➙ wordt aangevuld
Plas je uit (rode bloedcellen enz is ziek)
- Water
- Mineralen
- Ureum
Je lichaam houdt omstandigheden constant door regelkringen.
- zintuigen meten, hersenen vergelijken dat met
de norm:
- niet overeenkomt ➙ hersenen sturen signalen
via zenuwstelsel naar 1 of meerdere organen.
➙ zorgen voor goede norm regeling, kan via
hormonen lopen.
Je lichaam heeft glucose (brandstof) nodig
- daarom altijd genoeg glucose hebben ➙ geregeld door regelkring
Regelkring voldoende glucose:
● glucagon: zorgt ervoor als glucose gehalte te laag wordt dat hij
glycogeen in de lever & spieren ➙ omgezet in glucose
➙ uit lever in bloed
● insuline: zorgt ervoor als glucose gehalte te hoog is dat cellen glucose
opnemen vanuit bloed.
- zorgt er ook voor dat het wordt opgeslagen in lever & spieren.
1
, Worden allebei gemaakt door alvleesklier, werkt als volgt:
1. Glucose gehalte stijgt
● Je eet een maaltijd, in je verteringsorganen wordt maaltijd
verteert ➙ glucosedeeltjes komen in bloed.
● Vlak na maaltijd stijgt glucosegehalte (veel glucosedeeltjes, teveel)
● Omdat glucose gehalte dan hoger is dan de norm:
➙ alvleesklier geeft insuline af.
Zorgt voor:
- cellen glucose vanuit bloed opnemen.
- teveel aan glucose opgeslagen in lever & spieren.
- Glucose wordt omgezet ➙ glycogeen (lange ketting van
glucosedeeltjes)
2. Glucose gehalte daalt
- Je cellen gebruiken glucose ➙ steeds minder in je bloed.
- ➙ Glucose gehalte wordt lager dan norm.
- ➙ alvleesklier geeft glucagon af:
- zorgt voor:
- regelt dat glycogeen in lever & spieren wordt omgezet
in glucose. (gehalte weer normaal)
Door wisselwerking tussen insuline & glucagon krijgen cellen steeds genoeg
glucose ➙ voorraad in balans gehouden.
Diabetes
- regelkring werkt niet goed
- Cellen kunnen te weinig glucose uit bloed halen ➙ moe & weinig glucose
opgeslagen in lever en spieren ➙ hoeveelheid glucose te hoog.
Diabetespatiënt regelen zelf hoeveelheid glucose door te meten:
- Te hoog: spuiten van insuline in buik.
- Te laag: iets eten of drinken.
2 soorten diabetes:
1. Diabetes type 1
- Alvleesklier cellen (die insuline maken) beschadigd.
➙ Alvleesklier maakt onvoldoende insuline
2. Diabetes type 2
- lichaamscellen ongevoelig voor insuline ➙ hormoon werkt ni goed
- komt voor bij dikke mensen.
2