Agogiek Specifiek
Naam:
Praktijkplaats:
Werkbegeleidster:
Praktijk opleidster:
Opleiding: Gespecialiseerd Pedagogisch Werker Kinderopvang niveau 4 2013/2014
Inleverdatum:
Naam docent:
Naam coach:
2
,Inhoudsopgave 2
Stap 2: Analyse casus 3
Stap 3: Leertaak 21.3 3
Kennisonderdeel 3
21.3.1 Hechting 3
21.3.2 Kinderangsten 7
In de praktijk 8
Deel A Praktijkvragen 8
Deel B Vragen over het artikel: “Hoe schadelijk is de crèche voor een baby?” 10
Vragen over leertaak 21.3 12
Bronnen 14
Bijlage artikel: ‘Hoe schadelijk is de crèche voor een baby?’ 15
3
, Stap 2: Analyse casus
Groepsopdracht
1. De kenmerken van spel in de casus zijn: imiteren, nadoen, zusjes spelen, kiekeboe.
2. Een goede band met ouders heeft veel met hechting te maken. Als de band met de ouders
niet goed is kan een kind zich niet goed hechten.
3. De visie om zoveel mogelijk zelf te doen, hierdoor leren kinderen het meest zelfstandig te
worden.
Kennisonderdeel
Individuele opdracht
Hechting
1. Hechting is een relatie, opgebouwd tussen een baby en de verzorger, die sterk emotioneel
van aard en wederkerig is.
2. Deze relatieopbouw begint kort na de geboorte en duurt twee tot drie jaar.
3. Het belang van hechting is dat als bij de ontwikkeling van een kind hechting ontbreekt,
kan dit leiden tot negatieve gevolgen. Zoals een gevoelloos karakter, wantrouwen van
andere mensen, het verstoord raken van het opbouwen van sociale contacten en het niet
kennen van schuldgevoel of medeleven.
4. Aan deze drie voorwaarden moet voldaan zijn voordat een kind zich kan hechten:
- Het kind dient tenminste door en bij voorkeur door enkele vaste verzorgers te worden
verzorgd. Er moet sprake zijn van een vast, veilige thuisbasis.
- De contacten moeten een bepaalde kwaliteit, een mate van betrokkenheid hebben.
Inlevend en antwoordend gedrag. Het is belangrijk om in te spelen in de behoeften van het
kind.
- Opvoeders moeten voorspelbaar reageren.
Wanneer een kind de ene keer als het huilt wordt getroost maar de andere keer wordt
geslagen zal het nooit een gevoel van veiligheid ontwikkelen. Integendeel, het kind leert zeer
op zijn hoede te zijn.
5. Een baby hecht zich over het algemeen aan de ouders of verzorgers. Door ervaringen die
hij in de contacten met hen opdoet, wordt bij hem een basis voor een bepaalde
grondhouding gelegd.
6. De hechtingstheorie van Bowlby gaat over de eerste twee levensjaren van een kind. Een
gezonde gehechtheid is de basis voor latere zelfstandigheid en het vermogen om goede
sociale contacten op te bouwen, respect kan tonen voor andere mensen en empathie
kunnen tonen naar anderen. Ook zijn ze met een goede eerste hechting in staat om later
eerder mensen te vertrouwen.
4
Naam:
Praktijkplaats:
Werkbegeleidster:
Praktijk opleidster:
Opleiding: Gespecialiseerd Pedagogisch Werker Kinderopvang niveau 4 2013/2014
Inleverdatum:
Naam docent:
Naam coach:
2
,Inhoudsopgave 2
Stap 2: Analyse casus 3
Stap 3: Leertaak 21.3 3
Kennisonderdeel 3
21.3.1 Hechting 3
21.3.2 Kinderangsten 7
In de praktijk 8
Deel A Praktijkvragen 8
Deel B Vragen over het artikel: “Hoe schadelijk is de crèche voor een baby?” 10
Vragen over leertaak 21.3 12
Bronnen 14
Bijlage artikel: ‘Hoe schadelijk is de crèche voor een baby?’ 15
3
, Stap 2: Analyse casus
Groepsopdracht
1. De kenmerken van spel in de casus zijn: imiteren, nadoen, zusjes spelen, kiekeboe.
2. Een goede band met ouders heeft veel met hechting te maken. Als de band met de ouders
niet goed is kan een kind zich niet goed hechten.
3. De visie om zoveel mogelijk zelf te doen, hierdoor leren kinderen het meest zelfstandig te
worden.
Kennisonderdeel
Individuele opdracht
Hechting
1. Hechting is een relatie, opgebouwd tussen een baby en de verzorger, die sterk emotioneel
van aard en wederkerig is.
2. Deze relatieopbouw begint kort na de geboorte en duurt twee tot drie jaar.
3. Het belang van hechting is dat als bij de ontwikkeling van een kind hechting ontbreekt,
kan dit leiden tot negatieve gevolgen. Zoals een gevoelloos karakter, wantrouwen van
andere mensen, het verstoord raken van het opbouwen van sociale contacten en het niet
kennen van schuldgevoel of medeleven.
4. Aan deze drie voorwaarden moet voldaan zijn voordat een kind zich kan hechten:
- Het kind dient tenminste door en bij voorkeur door enkele vaste verzorgers te worden
verzorgd. Er moet sprake zijn van een vast, veilige thuisbasis.
- De contacten moeten een bepaalde kwaliteit, een mate van betrokkenheid hebben.
Inlevend en antwoordend gedrag. Het is belangrijk om in te spelen in de behoeften van het
kind.
- Opvoeders moeten voorspelbaar reageren.
Wanneer een kind de ene keer als het huilt wordt getroost maar de andere keer wordt
geslagen zal het nooit een gevoel van veiligheid ontwikkelen. Integendeel, het kind leert zeer
op zijn hoede te zijn.
5. Een baby hecht zich over het algemeen aan de ouders of verzorgers. Door ervaringen die
hij in de contacten met hen opdoet, wordt bij hem een basis voor een bepaalde
grondhouding gelegd.
6. De hechtingstheorie van Bowlby gaat over de eerste twee levensjaren van een kind. Een
gezonde gehechtheid is de basis voor latere zelfstandigheid en het vermogen om goede
sociale contacten op te bouwen, respect kan tonen voor andere mensen en empathie
kunnen tonen naar anderen. Ook zijn ze met een goede eerste hechting in staat om later
eerder mensen te vertrouwen.
4