Stap 1: Case-selectie en risicoanalyse
1. Financiële data en impact schuldenproblematiek: In België zaten in 2023
meer dan 400.000 mensen in een collectieve schuldenregeling of
budgetbegeleiding.
Wanbetalingsrisico: krediet aan mensen met lage inkomens leidt vaker tot
betalingsachterstanden → stijgende kosten voor banken en
kredietverstrekkers. Marktspanning: sommige commerciële kredietverleners
rekenen zeer hoge rentevoeten, wat leidt tot overkreditering en structurele
armoede.
Alternatief: microfinancieringsinstellingen proberen kleine leningen met
begeleiding te koppelen aan sociale impact, maar hun schaal en rendement
zijn beperkt.
2. Risicoanalyse met scenario’s Laag risico: Leningverlening gebeurt binnen
strikte regulering (bv. renteplafonds, verplichte begeleiding). Schulden blijven
beheersbaar.
Midden risico: meer gezinnen vragen leningen door stijgende levensduurte,
waardoor betalingsachterstanden toenemen. Kredietgevers lopen hogere
verliezen en verhogen hun tarieven.
Hoog risico: massale wanbetalingen leiden tot systemische schuldencrisis in
kwetsbare groepen. Banken trekken zich terug → enkel commerciële
kredietverstrekkers blijven actief → uitbuiting neemt toe.
3. Belangrijkste stakeholders kredietverstrekkers (banken, microfinanciers,
commerciële kredietgevers): bepalen voorwaarden, maar balanceren tussen
winstgevendheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid. Kwetsbare
leners (burgers): zoeken toegang tot krediet om dringende noden te
financieren, maar lopen risico op overmatige schuldenlast. Overheid en
toezichthouders: stellen regels (bv. maximumrente), bieden
schuldhulpverlening en sociale vangnetten. Maatschappelijke organisaties
(CAW, OCMW, ngo’s): begeleiden mensen met schulden en pleiten voor
rechtvaardige kredietverlening.