H1 politieke interactie proces
1) Meervoudige context politiek & beleid
Historische context: hoe stonden de groepen vroeger tegenover elkaar?
Bv; de Joden hebben er ooit al gewoond.
Demografische context: hoe zit het land in elkaar.
Bv: hoeveel inwoners zijn er?
Sociaal- culturele context: welke overtuigingen zijn er, waarden,
normen, ? Bv; religie
Technologische context: de mogelijkheden dat een land heeft. Bv; Israël
heeft luchtafweer systeem
Situationele context: welke situatie is er gaande?
Politieke context: wie is aan de macht?
Bv: israëlitische regering is extreem rechts, wat zorgt voor conflict
Economische context: welke middelen zijn er? Bv; Israël is een rijke
grond, blijven oorlogsmateriaal maken (oorlog is duur).
Geografische context: ruimtelijke situatie, geografische factoren
Bv: kan iemand opeens zomaar ergens anders gaan wonen?
Juridische context: beslissingen van hoger af worden genomen en
moeten gerespecteerd worden.
1
, 2) Beleidscyclus
2.1) uitgangssituatie
= een huidige situatie waarin een probleem
of kwestie speelt.
A) Er bestaat een onwenselijke situatie
(het ene probleem voor de ene is geen
probleem voor de andere—dit is
subjectief) moet verbeterd worden.
Bv: er is luchtvervuiling in de stad, sommige
burgers ervaren dit als een probleem voor
gezondheid en milieu anderen niet.
B) Men moet de kwestie definiëren. = subjectief
C) De kwestie onder de aandacht proberen te krijgen.
Men moet mensen overtuigen van het probleem en dit zo onder de
aandacht trekken.
Bv: politiekers trekken zich niets aan van wat er in Gaza gebeurt omdat ze
ervan overtuigd zijn dat ze enkel zijn verkozen op federaal/ Belgisch vlak.
Kwestie of probleem -> a matter of opinion
Visie wordt beïnvloed door het mensbeeld.
Actuele problemen: klimaat, Aalter…
Aalter—iedereen heeft altijd een uitleg voor zijn daden.
2
,2.2) agendavorming
Men wil de beleidskwestie op de agenda krijgen en zo een oplossing
zoeken. De agenda staat vaak
vol, er is een schaarse aan
plekken in politieke agenda’s.
Op de agenda:
- Publieke agenda
- Politieke agenda
- Beleidsagenda
Het is geen 1 zijdig proces. Soms zet men een stap terug, of net een stap
vooruit.
Bv: de milionairentax van Conner stond in zijn voorwaarden, het is even
weg gegaan, maar nu de staat geld nodig heeft wil hij het terug invoeren.
Het is belangrijk op tijd druk uit te voeren en een juiste timing te hebben;
- Culturele selectie: de mentaliteit van mensen, vanaf wanneer
mensen een probleem als een probleem zien.
- Selectie van bovenaf: politici die een idee lanceren.
- Selectie van onderaf: mensen die er in slagen om problemen in
aandacht te brengen.
Kwesties komen moeilijk op de politieke agenda <-> de politieke agenda is
zwaar, overladen
Oorzaken:
- Politieke mobilisering, “wakkere burger” ( mensen zijn politiek
actiever)
3
, - ‘politisering’ v heel wat kwesties, politiek moet veel kwesties
oplossen ( brede overheid, vele beleidsdomeinen
Belemmeringen:
- Lage prioriteit
- Men ziet het probleem als iets individueel
- ‘ het probleem ligt buiten mijn bevoegdheid’
Rol sociaal werkers:
- Voorstellen lanceren
- Publieke opinie in beweging brengen
- Contact leggen met beleidsverantwoordelijken
2.3) analyse v/d beleidsomgeving
Stap 1: het probleem komt niet opeens, en is ook niet voor altijd. Wat nu
een probleem is, was vorig jaar misschien nog geen probleem.
Stap 2: de analyse wordt verder gezet. Men zoekt oplossingen en
alternatieven. Dit kost heel wat tijd. Oplossingen voor
- Kostenplaatje: hoeveel kost het
Bv: de staatskast heeft 600 miljard schulden
- Timing
- Wettelijke mogelijkheden: klopt het in het ideologische plaatje
wekt discussie op.
2.4) beleidsvoorbereiding
Er zit vaak veel macht achter
- Inhoud: welke standpunten, gevoeligheden, visies maar ook cijfers
en analyses, voorstellen doen.
- Machtsmiddelen
- Proces: wie wordt hoe betrokken, stijl van aanpak en netwerken
4
1) Meervoudige context politiek & beleid
Historische context: hoe stonden de groepen vroeger tegenover elkaar?
Bv; de Joden hebben er ooit al gewoond.
Demografische context: hoe zit het land in elkaar.
Bv: hoeveel inwoners zijn er?
Sociaal- culturele context: welke overtuigingen zijn er, waarden,
normen, ? Bv; religie
Technologische context: de mogelijkheden dat een land heeft. Bv; Israël
heeft luchtafweer systeem
Situationele context: welke situatie is er gaande?
Politieke context: wie is aan de macht?
Bv: israëlitische regering is extreem rechts, wat zorgt voor conflict
Economische context: welke middelen zijn er? Bv; Israël is een rijke
grond, blijven oorlogsmateriaal maken (oorlog is duur).
Geografische context: ruimtelijke situatie, geografische factoren
Bv: kan iemand opeens zomaar ergens anders gaan wonen?
Juridische context: beslissingen van hoger af worden genomen en
moeten gerespecteerd worden.
1
, 2) Beleidscyclus
2.1) uitgangssituatie
= een huidige situatie waarin een probleem
of kwestie speelt.
A) Er bestaat een onwenselijke situatie
(het ene probleem voor de ene is geen
probleem voor de andere—dit is
subjectief) moet verbeterd worden.
Bv: er is luchtvervuiling in de stad, sommige
burgers ervaren dit als een probleem voor
gezondheid en milieu anderen niet.
B) Men moet de kwestie definiëren. = subjectief
C) De kwestie onder de aandacht proberen te krijgen.
Men moet mensen overtuigen van het probleem en dit zo onder de
aandacht trekken.
Bv: politiekers trekken zich niets aan van wat er in Gaza gebeurt omdat ze
ervan overtuigd zijn dat ze enkel zijn verkozen op federaal/ Belgisch vlak.
Kwestie of probleem -> a matter of opinion
Visie wordt beïnvloed door het mensbeeld.
Actuele problemen: klimaat, Aalter…
Aalter—iedereen heeft altijd een uitleg voor zijn daden.
2
,2.2) agendavorming
Men wil de beleidskwestie op de agenda krijgen en zo een oplossing
zoeken. De agenda staat vaak
vol, er is een schaarse aan
plekken in politieke agenda’s.
Op de agenda:
- Publieke agenda
- Politieke agenda
- Beleidsagenda
Het is geen 1 zijdig proces. Soms zet men een stap terug, of net een stap
vooruit.
Bv: de milionairentax van Conner stond in zijn voorwaarden, het is even
weg gegaan, maar nu de staat geld nodig heeft wil hij het terug invoeren.
Het is belangrijk op tijd druk uit te voeren en een juiste timing te hebben;
- Culturele selectie: de mentaliteit van mensen, vanaf wanneer
mensen een probleem als een probleem zien.
- Selectie van bovenaf: politici die een idee lanceren.
- Selectie van onderaf: mensen die er in slagen om problemen in
aandacht te brengen.
Kwesties komen moeilijk op de politieke agenda <-> de politieke agenda is
zwaar, overladen
Oorzaken:
- Politieke mobilisering, “wakkere burger” ( mensen zijn politiek
actiever)
3
, - ‘politisering’ v heel wat kwesties, politiek moet veel kwesties
oplossen ( brede overheid, vele beleidsdomeinen
Belemmeringen:
- Lage prioriteit
- Men ziet het probleem als iets individueel
- ‘ het probleem ligt buiten mijn bevoegdheid’
Rol sociaal werkers:
- Voorstellen lanceren
- Publieke opinie in beweging brengen
- Contact leggen met beleidsverantwoordelijken
2.3) analyse v/d beleidsomgeving
Stap 1: het probleem komt niet opeens, en is ook niet voor altijd. Wat nu
een probleem is, was vorig jaar misschien nog geen probleem.
Stap 2: de analyse wordt verder gezet. Men zoekt oplossingen en
alternatieven. Dit kost heel wat tijd. Oplossingen voor
- Kostenplaatje: hoeveel kost het
Bv: de staatskast heeft 600 miljard schulden
- Timing
- Wettelijke mogelijkheden: klopt het in het ideologische plaatje
wekt discussie op.
2.4) beleidsvoorbereiding
Er zit vaak veel macht achter
- Inhoud: welke standpunten, gevoeligheden, visies maar ook cijfers
en analyses, voorstellen doen.
- Machtsmiddelen
- Proces: wie wordt hoe betrokken, stijl van aanpak en netwerken
4