BEHANDELING IIA
Deel WPO – onderste ledematen
2 BARE
2024 - 2025
, MODULE ONDERZOEK & BEHANDELING 2A
DEEL 1: ENKEL – VOET
INLEIDING
DOEL FUNCTIEONDERZOEK
Bepalen van de actuele lokale BBH
Vaststellen van aard en ernst in fysiologische functiestoornissen: G/spier-pees/ zenuw/ huid
Bijdragen tot bepalen van aard/ernst letsels in anatomische structuren
(bot/kraakbeen/spier-pees/ zenuw)
Nagaan rode vlaggen (en terugkoppelen naar muskuloskeletale tractus anamnese)
Indicatie kiné?
Bepalen van de doelstellingen voor therapie: adviseren/informeren/ motiveren/bandageren/
passief-actief mobiliseren/ oefentherapie/…
Verminderde mobiliteit/rekbaarheid (G; spier, zenuw)
Verminderde compressie BBH (bot; krb; synovium)
Verminderde stabiliteit (functioneel / mechanisch)
Verminderde kracht-uithouding
Verminderde coördinatie
Bewegingsangst
Passieve coping
Brug naar therapie Je therapie vloeit voort vanuit je onderzoeksbevindingen!
Bewegingsbeperking: passief-actief mobiliseren
o Verminderde stabiliteit: stabiliserende oef of passief
o Stabiliseren: door een tape
o Verlies van kracht of uithouding: oef therapie
o Verminderde compressieBBH (= BBH bot-KB-synovium) (steunname): CKK oef
o Bewegingsangst: informeren/adviseren/motiveren
FYSIOLOGISCHE FUNCTIESTOORNISSEN
ZIE POWERPOINT
1
,PRAKTIJK
1. SCREENING
Screening = discriminatief meetinstrument
= is de aandoening wel voor de kinésitherapeut (Rode Vlaggen zoeken)
Men gaat dus de ernst van een letsel in- of uitsluiten Met de Likelihood ratios (LR)
o Positieve likelihood ratio Geeft aan in welke mate een ziekte aannemelijker w bij
een P na een positief testresultaat
Best zo hoog mogelijk: > 10
o Negatieve likelihood ratio Geeft aan in welke mate een ziekte minder annemelijk
w bij een P na een negatief testresultaat
Best zo laag mogelijk: < 0,10
1) OTTAWA ANKLE RULES (OAR)
= Test om te bepalen of de aandoening v/d P een enkel/voet fractuur is of niet
Evidence Based Practice
o Test gebruiken om fractuur uit te sluiten
(binnen de week)
LR- = 0,08
o Prevalentie = Aantal keer dat een aandoening
voorkomt in een populatie (± 11%)
Door gebruik te maken van de Neg. LR is de
kans dat deze persoon een fractuur heeft
opgelopen van 1/100
Je kan de fractuur dus uitsluiten
Fractuur uitgesloten indien:
- Patiënt 2 stappen kan nemen (ondanks pijn) EN
- er geen drukpijn is op fibula, tibia, os naviculare, metatarsalis 5 EN
- er dus in principe geen RX foto nodig is
Drukpijn bij de Patiënt bepalen Dat doe je door het botstuk te palperen en er op te
kloppen
o Fibula: malleolus lateralis palperen
o Tibia: malleolus medialis palperen
o Metatarsalis 5: tuberositas metatarsalis 5 palperen
o Os naviculare: tuberositas os naviculare palperen
2
, Medische beeldvorming (X-ray) is nodig bij:
Malleolaire pijn EN Pijn in de middenvoet EN
- botgevoeligheid thv malleolus - botgevoeligheid thv metatarsaal 5 OF
lateralis OF
- botgevoeligheid thv malleolus - botgevoeligheid thv os naviculare OF
medialis OF
- 4 stappen kunnen zetten - 4 stappen kunnen zetten
2) THOMPSON TEST
= Test om te bepalen of de P een achillespeesruptuur heeft opgelopen
Patiënt op de buik laten liggen (voet over de rand v/d tafel)
Therapeut gaat in de kuit van de P knijpen
normaal gezien: korte plantaire flexie zichtbaar
De test is positief (dus dan is er wel een ruptuur), indien er geen korte plantaire flexie
is bij het knijpen
Evidence based practice:
Vaakvoorkomende symptomen:
o Scherpe pijn + pop horen
o Kan niet afduwen of op tenen staan
o Meer pijn bij explosieve acceleraties
Likelihoodratio’s:
o LR+ = 13
o LR- = 0,04
De test is dus goed om zowel in te sluiten als uit te sluiten
3) LUMBAAL RADICULAIR SYNDROOM (LRS)
Radiculaire pijn = pijn in de onderste ledematen die gevormd door irritatie van een
zenuwwortel en gevoeld word in 1 of meerdere dermatomen
o Dermatomen = gebied van de huid dat sensorisch geïnnerveerd w door een
specifieke zenuwwortel
o Bv: hernia in L5 zenuwwortel kan leiden tot pijn in de L5 dermatoom (regio van de bil)
Een fractuur, een achillespeesruptuur en radiculaire pijn zijn rode vlaggen en de Patiënt moet
doorgestuurd worden.
3