GESCHIEDENIS 3e GRAAD 2026-27
CONGRES VAN WENEN
Na val Napoleon 1814 & 1815
Bijeenkomst Pruisen , Oostenrijk , Rusland en
Groot-Brittanie Doel : Europese vrede vastleggen
en regelen
Grenzen, invoering grondwetten en invoering of opheffing middelgrote
staten Administratie en burgerlijke stand behouden
Spilfiguur : Klemens von Metternich
(Oostenrijk) Twee grote tegenstellingen
:
Wantrouwen tussen GB en
Rusland Rivaliteit tussen
Pruisen en Oostenrijk Slotakte
121 artikelen te Wenen
Verdrag van Parijs
Uitgangspunten Congres :
• Compensatiebeginsel, geen territoriaal nadeel indien toch , compenseren.
• Legitimiteitsbeginsel : Voormalig verdreven vorsten gerehabiliteerd als
legitieme heersers.
• Omringingspolitiek : Bufferstaten rond de Franse grenzen.
• Machtsevenwicht : Status quo moest verdedigd worden geen nieuwe
revoluties
Leidende gedachte :
• Restauratie “Ancien regime” sociale verworvenheden Franse revolutie
ongedaan maken, geen volksvertegenwoordigers.
• Tegen liberalisme en nationalisme
• Strategische overwegingen niet eeuwige vrede maar orde ,
verschuiven grenzen, verhuizen volkeren.
Resultaten :
,2
• Oprichting VK der
Nederlanden Versterking vroegere staten
• GHD Luxemburg
• Sardinie + Genua als buffer tegen Frankrijk
• Herstel vroegere
monarchieën
• Koloniale bezittingen
Nasleep :
Expansiegedrag VK en Frankrijk kolonisering Afrika en Azie. De beslissingen
genomen op het Congres hielden geen rekening met bevolkingsgroepen, door
het opkomend nationalisme en onstaan van politieke strekkingen onstonden
revoluties. De standenmaatschappij moest plaatsmaken voor de
klassenmaatschappij. Vb De Russische revolutie.
,3
1e Industriële revolutie
1760 – 1867
Oorzaken :
• Beperkte productie (ambachtslieden vs massaproductie)
• Voornamelijk agrarische economie
• Beperkte arbeidsverdeling
• Beperkte variatie sociale klassen
• Beperkte bevolkingsgroei
• Beperkte levensverwachting
• Dominante mortaliteit
• Kleinsteedsheid
• Pre industriële samenlevingen landelijke gemeenschappen
• Kapitalisme grotendeels stedelijke gebeuren
Industriële revolutie 1760 – heden
• Wetenschappelijk denken en verlichting
Rationalistischere manier van bedrijfsvoering in de landbouw en
huisnijverheid
• Uitvindingen in de landbouw , mijnbouw en nijverheid
Bv. waterpomp op stoom , mijngangen droogleggen, weefmachines,
stoomdorsmachine.
• Rust en grondstoffen in
Engeland Engeland was
politiek stabiel
Geen oorlogen op hun
grondgebied Grondstoffen uit de
koloniën
Hierdoor ontstond de industriele revolutie in Engeland.
Gevolgen :
• Oprichting fabrieken , ubanisatie , armoede, treinen, vervuiling
Urbanisatie : Platteland Steden
Armoede : Lage lonen, slechte werkomstandigheden en kinderarbeid
sociale vraagstuk
Milieuvervuiling : Toename fabrieken , treinen
Nieuwe levenshouding : Romantiek, literatuur en schilderskunst verlangen
naar het rustige , stille en schone platteland.
Maatschappelijke gevolgen :
• Sociale kwestie vakbonden onstaan socialisme (Marxisme en
communisme)
, 4
• Verandering van de standenmaatschappij naar een
klassenmaatschappij , economie gaat voor familie of stand.
• Groeiende welvaart + sociale en politieke emancipatie van
bevolkingsgroepen
• Stemrecht voor vrouwen
• Communicatie en transport : Telegraaf , telefoon , trein , auto , vliegtuig
• Verandering oorlogsvoering door uitvindingen.