(Inclusief) onderwijs en kinderopvang
De werkvelden zoals VAPH, IJH, GGZ en drughulpverlening zijn eerder
specifiek. Kinderopvang en onderwijs zijn eerder ‘generiek’.
Onderwijs is de enige poort waar iedereen door moet of verwacht wordt.
Al langer inspanningen rond inclusief onderwijs op vlak van beleid
1. Kinderopvang
1.1. Basisinfo kinderopvang
3 stromen:
o Er is gespecialiseerde opvang voor jonge kinderen met specifieke
ondersteuningsnoden (VAPH)
o Er zijn centra voor inclusieve kinderopvang (departement Opgroeien)
o Er zijn de reguliere initiatieven voor kinderopvang (departement
Opgroeien)
Iedereen kan de laatste oprichten, met toezicht van de overheid Kind
en Gezin.
De reguliere initiatieven komen het meest voor
Ouders kiezen en hebben recht op inclusieve kinderopvang. Een regulier
initiatief voor kinderopvang heeft recht op ondersteuning van centrum
voor inclusieve kinderopvang.
Vaak komt een kind organische in de kinderopvang terecht. Op 3-4 maand
zijn er nog weinig kinderen van wie de ontwikkelingsnoden al duidelijk zijn.
Het is vaak pas in een omgeving met leeftijdsgenoten dat men merkt dat
de ontwikkeling anders verloopt.
1.2. Praktijk van inclusieve kinderopvang
Hoe ziet inclusieve kinderopvang eruit? Zie filmpje Tierlantijn filmpje
bekijken als leerstof, niet vanbuiten kennen, maar om de toepassing te
kunnen maken.
1.3. Visie: elk kind is welkom, met of zonder
specifieke ondersteuningsbehoefte (SOB)
Kinderen met een SOB willen net als andere kinderen spelen, ontdekken,
vrienden maken.
Hun ouders kiezen vaak bewust voor de opvang van hun kind samen met
kinderen die geen SOB hebben.
Inclusieve kinderopvang is verrijkend voor alle betrokkenen: het kind met
een SOB, de andere kinderen in de opvang, de opvang en de ouders.
, 1.4. Hoe kan de kinderopvang verschil maken? Wat
werkt?
Communicatie, afstemming en uitwisseling met ouders!
Ouders leren ons wat werkt: https://www.opgroeien.be/sites/default/files/tool-
documents/welkom-in-de-kinderopvang.pdf
Dit onderzoek, op vraag van agentschap groeien, is leerstof
1.5. Beleid inclusieve kinderopvang
Agentschap Opgroeien streeft naar een kwaliteitsvolle opvang om de hoek
voor elk kind. Ouders van kinderen met een SOB hebben het recht om te
kiezen tussen gewone en gespecialiseerde opvang.
Inclusieve kinderopvang sluit aan bij ‘Perspectief 2020’. Dit
ondersteuningsbeleid voor personen met een beperking kiest voor ‘zoveel
mogelijk gewoon in de samenleving en zo weinig mogelijk uitzonderlijk en
afzonderlijk’.
Inclusieve kinderopvang is structureel voorzien in de regelgeving
kinderopvang en wordt financieel ondersteund. De kinderopvang krijgt zo
een steuntje in de rug voor de extra inspanningen die ze voor inclusieve
kinderopvang doet.
De centra voor inclusieve kinderopvang bieden zelf inclusieve opvang aan.
Ze sensibiliseren en ondersteunen opvanglocaties bij het versterken van
hun inclusieve werking.
1.6. Samenwerken is nodig en nuttig
Van 2019 tot 2021 liepen er 13 trajecten in het kader van de oproep
‘Pionieren in samenwerking: inclusieve kinderopvang’.
Organisatoren reguliere kinderopvang, multifunctionele centra (MFC) en
centra inclusieve kinderopvang (CIK) zochten uit op welke manier er meer
kinderen met een SOB inclusief kunnen worden opgevangen.
1.7. Een actuele tool in functie van diversiteit, DECET
De DECET principes bieden een bruikbaar kader om in dialoog te gaan om
diversiteit ten volle te omarmen. DECET staat voor Diversity in Early
Childhood Education and Training.
Vanuit diversiteit nadenken over je werking en je werking toegankelijker
maken voor een diversiteit aan gezinnen, is werken aan kwaliteit voor
iedereen. Of anders gezegd: nadenken over specifieke doelgroepen is een
manier om te werken aan basiskwaliteit.
De DECET-principes:
o Elk kind, ouder en medewerker heeft het gevoel erbij te horen
, o Kinderen, ouders en medewerkers kunnen alle aspecten van hun
identiteit ontwikkelen
o Iedereen kan leren van elkaar over culturen en grenzen heen
o Iedereen kan participeren als actieve burger
o Iedereen gaat bewust om met vooroordelen via een open
communicatie en leergierigheid
o Iedereen werkt samen om institutionele vormen van vooroordelen en
discriminatie te bestrijden
1.8. Van een medische insteek naar een humanitaire
pedagogische
De geschiedenis van de kinderopvang (medisch naar pedagogisch) is
belangrijk om het heden of hedendaagse problemen te begrijpen!
Voor WOII werd kinderopvang opgericht omwille van hygiënische redenen.
Kwaliteitsvolle kinderopvang liet zich zien als orde, netheid en hygiëne. De
crèches zijn destijds opgericht in de strijd tegen kindersterfte, vandaar dat
kwaliteit alles te maken had met hygiëne. Met dat doel, had je minder
kinderbegeleiders nodig. die vroegere medische functie heeft nu nog
steeds impact op bv. de aantal begeleiders die voorzien worden per kind.
1.9. Decreet kinderopvang (2012)
Momenteel is de functie van de kinderopvang gelukkig anders. In het
huidige decreet wordt het als volgt omschreven:
o De pedagogische functie: kwaliteitsvolle kinderopvang biedt
kinderen alles wat ze nodig hebben om zich spelenderwijze te
ontwikkelen
o De economische functie: ouders kunnen met een goed gevoel hun
kind laten opvangen, zodat ze kunnen gaan werken, werk zoeken of
een beroepsopleiding volgen
o De sociale functie: wanneer een stimulerende omgeving thuis
minder voorhanden is kan de kinderopvang voor kinderen een extra
stimulans betekenen. Ook hun ouders vinden in de opvang de
nodige ondersteuning
Daarom is de kinderopvang goed voor kinderen en voor hun ouders.
Verstelt het decreet dat kinderopvang (anno 2012) moet:
o Goed zijn voor kinderen en voor hun ouders
o Makkelijker om te zoeken en vinden (loket, meer plaatsen)
o Meer haalbaar voor ouders (inkomsten gerelateerd, meer plaatsen
voor kwetsbare gezinnen)
o Haalbaar voor de sector (betere subsidiëring)
o Professioneel (er moet aan voorwaarden voldaan zijn)
o Meer kwaliteit (vakkennis, veiligheid)
, 1.10. Beleidskeuzes
In de actualiteit hoor je geregeld straffe uitspraken rond de kinderopvang.
Verschillende politici hebben suggesties voor het oplossen van de crisis in
de kinderopvang.
Als zij stellen dat kinderopvang er alleen zou mogen zijn voor ouders die
voltijds of min. 4/5 werken, raken zij aan de taak van kinderopvang zoals
in het decreet omgeschreven
Moet de kinderopvang:
o Zorgen dat ouders kunnen gaan werken?
o Zorgen dat elk kind een ‘village’ heeft om de opvoeding te
ondersteunen?
In de crisis in de kinderopvang worden allerlei problemen aangekaart:
o Kwaliteitsproblemen, professionaliseringsproblemen,
veiligheidsproblemen
o Personeelstekort,…
o Geldtekort nu, maar lange termijn kost nog groter
Deze problemen situeren zich
wel in de kinderopvang, daar
zijn ze zichtbaar, maar ze
komen voort uit beleidskeuzes,
waarin kinderopvang niet als
prioriteit wordt gezien. De
investeringen volgen die
beleidskeuzes.
Vlaanderen kiest ervoor om kinderopvang en (kleuter)onderwijs apart te
benaderen in tegenstelling tot verschillende internationale contexten. Dat
zorgt voor een verschil in visie.
Het is bijzonder dat de beroepsvereisten voor kinderbegeleiders anders
zijn dan voor kleuterleiders.
1.11. Vlaanderen in de wereld
Om je te kunnen positioneren in Vlaanderen en de wereld, is het nodig dat
je dit werkveld kan noemen. Internationaal spreken we van ECET, Early
Childhood Education and Training.
Vanuit deze zoekterm kan je op zoek naar hoe het er anders aan toe gaat,
zelfs in dichte buurlanden.
In Vlaanderen is het VBJK een belangrijke organisatie waar je inspiratie
vindt, mede vanuit veel internationale samenwerkingen. VBJK staat voor
Vernieuwing in de Basisvoorzieningen voor Jonge Kinderen VZW.
De werkvelden zoals VAPH, IJH, GGZ en drughulpverlening zijn eerder
specifiek. Kinderopvang en onderwijs zijn eerder ‘generiek’.
Onderwijs is de enige poort waar iedereen door moet of verwacht wordt.
Al langer inspanningen rond inclusief onderwijs op vlak van beleid
1. Kinderopvang
1.1. Basisinfo kinderopvang
3 stromen:
o Er is gespecialiseerde opvang voor jonge kinderen met specifieke
ondersteuningsnoden (VAPH)
o Er zijn centra voor inclusieve kinderopvang (departement Opgroeien)
o Er zijn de reguliere initiatieven voor kinderopvang (departement
Opgroeien)
Iedereen kan de laatste oprichten, met toezicht van de overheid Kind
en Gezin.
De reguliere initiatieven komen het meest voor
Ouders kiezen en hebben recht op inclusieve kinderopvang. Een regulier
initiatief voor kinderopvang heeft recht op ondersteuning van centrum
voor inclusieve kinderopvang.
Vaak komt een kind organische in de kinderopvang terecht. Op 3-4 maand
zijn er nog weinig kinderen van wie de ontwikkelingsnoden al duidelijk zijn.
Het is vaak pas in een omgeving met leeftijdsgenoten dat men merkt dat
de ontwikkeling anders verloopt.
1.2. Praktijk van inclusieve kinderopvang
Hoe ziet inclusieve kinderopvang eruit? Zie filmpje Tierlantijn filmpje
bekijken als leerstof, niet vanbuiten kennen, maar om de toepassing te
kunnen maken.
1.3. Visie: elk kind is welkom, met of zonder
specifieke ondersteuningsbehoefte (SOB)
Kinderen met een SOB willen net als andere kinderen spelen, ontdekken,
vrienden maken.
Hun ouders kiezen vaak bewust voor de opvang van hun kind samen met
kinderen die geen SOB hebben.
Inclusieve kinderopvang is verrijkend voor alle betrokkenen: het kind met
een SOB, de andere kinderen in de opvang, de opvang en de ouders.
, 1.4. Hoe kan de kinderopvang verschil maken? Wat
werkt?
Communicatie, afstemming en uitwisseling met ouders!
Ouders leren ons wat werkt: https://www.opgroeien.be/sites/default/files/tool-
documents/welkom-in-de-kinderopvang.pdf
Dit onderzoek, op vraag van agentschap groeien, is leerstof
1.5. Beleid inclusieve kinderopvang
Agentschap Opgroeien streeft naar een kwaliteitsvolle opvang om de hoek
voor elk kind. Ouders van kinderen met een SOB hebben het recht om te
kiezen tussen gewone en gespecialiseerde opvang.
Inclusieve kinderopvang sluit aan bij ‘Perspectief 2020’. Dit
ondersteuningsbeleid voor personen met een beperking kiest voor ‘zoveel
mogelijk gewoon in de samenleving en zo weinig mogelijk uitzonderlijk en
afzonderlijk’.
Inclusieve kinderopvang is structureel voorzien in de regelgeving
kinderopvang en wordt financieel ondersteund. De kinderopvang krijgt zo
een steuntje in de rug voor de extra inspanningen die ze voor inclusieve
kinderopvang doet.
De centra voor inclusieve kinderopvang bieden zelf inclusieve opvang aan.
Ze sensibiliseren en ondersteunen opvanglocaties bij het versterken van
hun inclusieve werking.
1.6. Samenwerken is nodig en nuttig
Van 2019 tot 2021 liepen er 13 trajecten in het kader van de oproep
‘Pionieren in samenwerking: inclusieve kinderopvang’.
Organisatoren reguliere kinderopvang, multifunctionele centra (MFC) en
centra inclusieve kinderopvang (CIK) zochten uit op welke manier er meer
kinderen met een SOB inclusief kunnen worden opgevangen.
1.7. Een actuele tool in functie van diversiteit, DECET
De DECET principes bieden een bruikbaar kader om in dialoog te gaan om
diversiteit ten volle te omarmen. DECET staat voor Diversity in Early
Childhood Education and Training.
Vanuit diversiteit nadenken over je werking en je werking toegankelijker
maken voor een diversiteit aan gezinnen, is werken aan kwaliteit voor
iedereen. Of anders gezegd: nadenken over specifieke doelgroepen is een
manier om te werken aan basiskwaliteit.
De DECET-principes:
o Elk kind, ouder en medewerker heeft het gevoel erbij te horen
, o Kinderen, ouders en medewerkers kunnen alle aspecten van hun
identiteit ontwikkelen
o Iedereen kan leren van elkaar over culturen en grenzen heen
o Iedereen kan participeren als actieve burger
o Iedereen gaat bewust om met vooroordelen via een open
communicatie en leergierigheid
o Iedereen werkt samen om institutionele vormen van vooroordelen en
discriminatie te bestrijden
1.8. Van een medische insteek naar een humanitaire
pedagogische
De geschiedenis van de kinderopvang (medisch naar pedagogisch) is
belangrijk om het heden of hedendaagse problemen te begrijpen!
Voor WOII werd kinderopvang opgericht omwille van hygiënische redenen.
Kwaliteitsvolle kinderopvang liet zich zien als orde, netheid en hygiëne. De
crèches zijn destijds opgericht in de strijd tegen kindersterfte, vandaar dat
kwaliteit alles te maken had met hygiëne. Met dat doel, had je minder
kinderbegeleiders nodig. die vroegere medische functie heeft nu nog
steeds impact op bv. de aantal begeleiders die voorzien worden per kind.
1.9. Decreet kinderopvang (2012)
Momenteel is de functie van de kinderopvang gelukkig anders. In het
huidige decreet wordt het als volgt omschreven:
o De pedagogische functie: kwaliteitsvolle kinderopvang biedt
kinderen alles wat ze nodig hebben om zich spelenderwijze te
ontwikkelen
o De economische functie: ouders kunnen met een goed gevoel hun
kind laten opvangen, zodat ze kunnen gaan werken, werk zoeken of
een beroepsopleiding volgen
o De sociale functie: wanneer een stimulerende omgeving thuis
minder voorhanden is kan de kinderopvang voor kinderen een extra
stimulans betekenen. Ook hun ouders vinden in de opvang de
nodige ondersteuning
Daarom is de kinderopvang goed voor kinderen en voor hun ouders.
Verstelt het decreet dat kinderopvang (anno 2012) moet:
o Goed zijn voor kinderen en voor hun ouders
o Makkelijker om te zoeken en vinden (loket, meer plaatsen)
o Meer haalbaar voor ouders (inkomsten gerelateerd, meer plaatsen
voor kwetsbare gezinnen)
o Haalbaar voor de sector (betere subsidiëring)
o Professioneel (er moet aan voorwaarden voldaan zijn)
o Meer kwaliteit (vakkennis, veiligheid)
, 1.10. Beleidskeuzes
In de actualiteit hoor je geregeld straffe uitspraken rond de kinderopvang.
Verschillende politici hebben suggesties voor het oplossen van de crisis in
de kinderopvang.
Als zij stellen dat kinderopvang er alleen zou mogen zijn voor ouders die
voltijds of min. 4/5 werken, raken zij aan de taak van kinderopvang zoals
in het decreet omgeschreven
Moet de kinderopvang:
o Zorgen dat ouders kunnen gaan werken?
o Zorgen dat elk kind een ‘village’ heeft om de opvoeding te
ondersteunen?
In de crisis in de kinderopvang worden allerlei problemen aangekaart:
o Kwaliteitsproblemen, professionaliseringsproblemen,
veiligheidsproblemen
o Personeelstekort,…
o Geldtekort nu, maar lange termijn kost nog groter
Deze problemen situeren zich
wel in de kinderopvang, daar
zijn ze zichtbaar, maar ze
komen voort uit beleidskeuzes,
waarin kinderopvang niet als
prioriteit wordt gezien. De
investeringen volgen die
beleidskeuzes.
Vlaanderen kiest ervoor om kinderopvang en (kleuter)onderwijs apart te
benaderen in tegenstelling tot verschillende internationale contexten. Dat
zorgt voor een verschil in visie.
Het is bijzonder dat de beroepsvereisten voor kinderbegeleiders anders
zijn dan voor kleuterleiders.
1.11. Vlaanderen in de wereld
Om je te kunnen positioneren in Vlaanderen en de wereld, is het nodig dat
je dit werkveld kan noemen. Internationaal spreken we van ECET, Early
Childhood Education and Training.
Vanuit deze zoekterm kan je op zoek naar hoe het er anders aan toe gaat,
zelfs in dichte buurlanden.
In Vlaanderen is het VBJK een belangrijke organisatie waar je inspiratie
vindt, mede vanuit veel internationale samenwerkingen. VBJK staat voor
Vernieuwing in de Basisvoorzieningen voor Jonge Kinderen VZW.