FILOSOFIE – LES 1
1. Idealistisch mensbeeld
Gaat over: Geest/ psyche
Geestelijke = meest moeilijke, heeft tijd nodig om in te komen
Filosofen die we zullen bespreken:
Sarte
Descartes (filosoof)
2. Materialistisch mensbeeld
Gaat over: Materie
Te bespreken personen:
V. Lamme (neurowetenschapper)
3. Relationeel mensbeeld
Gaat over: In welke mate mensen bepaald zijn door relaties
Te bespreken personen:
Damasio (neuroloog)
Darwin (bioloog, evolutiebioloog)
Erikson (psycholoog)
Piaget (psycholoog)
Wat is de mens?
Dubbel-zinnig
o Structuur van dubbelzinnigheid komt terug in ons werk als
psychologisch consulent
Er is altijd iets zinvol, maar er zit ook altijd een bepaalde
spanning aan verbonden, dit in het dagelijkse leven
maar ook ih werkveld
Bv: pleeggezin = zinvol, biologisch gezin = ook zinvol
o We zoeken een fundament om met deze vervelende contexten
om te gaan
Stuart Hall (zwarte socioloog) zegt dat: de mens een familiar
stranger is
o Familiar = vertrouwd, dit kennen we (zoals bv thuis)
o Stranger = vreemd, dit kennen we niet (bv; ergens anders dan
thuis)
Dit brengt onzekerheid met zich mee, en leidt mogelijks
tot angst
Voorbeeld:
1
, De blanke middenklasse cult. is de plek waar S.H.
Zich thuis in voelt (dus familiar)
Vreemd: wnr hij naar een verjaardagsfeestje mag
van blanke mensen voelt hij zich stanger; want hij
is de enige zwarte
Wat is een grond? Wat is een fundament?
—>Grond komt van principe, ih Grieks = arché
Monarch arch = grond, mono= één (1 principe)
Bv: Elke cultuur heeft normen (=leefregels)
Wat mag, kan en moet
Vroeger was de norm dat vrouwen MOESTEN afwassen, en dat
mannen MOCHTEN afwassen
o Van waar komen deze normen? —> Dit antwoord kan je vinden
in de wetenschap: uit de sociologie
Vind je terug in de sociale rollen —> deze zijn
gebaseerd op religie (scheppingsverhaal; eerst de
man, daarna de vrouw om de man ten dienste te stellen)
Bv: de epidurale werd al 30j niet gebruikt tijdens
bevallingen, dit kwam ook vanuit het
scheppingsverhaal: de erfzonde
o Filosoof vraagt: Waarom gebaseerd op religie?!
GOD heeft bepaald dat het op die manier moet zijn, er is
geen dieperliggend argument dan dit. En DIT is de
GROND ofwel het FUNDAMENT
Twee soorten gronden:
1. Totalitaire gronden
a. GRONDEN DIE DE MENS TOTAAL KUNNEN VERKLAREN
b. =De mens kunnen totaal-verklaren
i. Onbetwistbaar
1. = Je kan de gronden niet in vraag stellen
2. Neemt de onzekerheid weg
ii. Absoluut
1. Idealisme & materialisme
2. Relationele gronden
a. Gronden die men tot op zekere hoogte verklaren
i. We kennen, vertrouwen en begrijpen de mens
ii. Levert kennis op
b. Onverklaarbaar (er is iets ad mens die we niet kennen)
i. Brengt onzekerheid met zich mee
c. Vinden stabiliteit in relaties
2
, Wat is de mens? = rode draad vr dit vak
Gronden:
o Totalitaire gronden
o Relationele gronden
TOTALITAIRE GRONDEN:
1) Idealistisch mensbeeld
= we kunnen de realiteit van de mens verklaren uit een ideële/ geestelijke
activiteit.
Realiteit van de mens willen we verklaren uit een geestelijk principe
Hierin spelen sartre & descartes een rol
SARTRE
Frans filosoof
Wat is belangrijk aan Sartre en waarom is dit een idealist?
o Jaren 50-70 in Parijs
o Patriarchale conservatieve samenleving
Patriarchale => pater —> Latijnse woord voor vader
Kinderen, krijgen op vlak van vrijheid niet veel ruimte
Conservatief => bewaren, samenleving die niet wil
veranderen
o Verzuilde samenleving
De samenleving bestaat uit 3 zuilen
Samenleving
Katholieken, Socialisten, Liberalen
o Staat voor de individuele vrijheid (-> Duwt ik naar voor, fundament is
jij NIET god)
o Jij als mens —> jouw grond/ fundament is IK
o Sartre zegt: JIJ bent het fundament van jouw leven, jij mag keuzes
maken
Citaat uit boek, P20: mooi volgens mnr omdat Sartre het fundament van ons
zijn begrijpt:
Hoe begrijpt Sartre de menselijke cultuur, Hoe vult Sartre de menselijke
vrijheid in?
o (Citaat): De mens kan alleen iets worden en dan kan de mens zijn wat hij
van zichzelf maakt. Er bestaat dus niet zoiets als de menselijke natuur want
er is geen god die de natuur denken kan? Willen, ontwerpen
o Als je stoel ziet, ziet ied wat die stoel is: gemaakt en bepaald om te zitten:
hierbij DE MENS IS EEN WORDEN—> de mens kan ZELF bepalen wat hij
wordt, de stoel NIET het is een object.
o Dat is wat Sartre bedoelt met de samenleving: jij bent … jij wordt arbeider;
NEE jij kan worden wat je wil, je bent vrij! Het wordt je opgedrongen wat je
bent maar dat is niet zo
Wij zijn ONTworpen —> ont = NIET; wij zijn niet GEWORPEN, wij hebben de wil om
keuzes te maken, wij beslissen wat we worden!
Sartre zegt het is niet de natuur die je belemmert om keuzes te maken;
want id grond ben je vrij
3
1. Idealistisch mensbeeld
Gaat over: Geest/ psyche
Geestelijke = meest moeilijke, heeft tijd nodig om in te komen
Filosofen die we zullen bespreken:
Sarte
Descartes (filosoof)
2. Materialistisch mensbeeld
Gaat over: Materie
Te bespreken personen:
V. Lamme (neurowetenschapper)
3. Relationeel mensbeeld
Gaat over: In welke mate mensen bepaald zijn door relaties
Te bespreken personen:
Damasio (neuroloog)
Darwin (bioloog, evolutiebioloog)
Erikson (psycholoog)
Piaget (psycholoog)
Wat is de mens?
Dubbel-zinnig
o Structuur van dubbelzinnigheid komt terug in ons werk als
psychologisch consulent
Er is altijd iets zinvol, maar er zit ook altijd een bepaalde
spanning aan verbonden, dit in het dagelijkse leven
maar ook ih werkveld
Bv: pleeggezin = zinvol, biologisch gezin = ook zinvol
o We zoeken een fundament om met deze vervelende contexten
om te gaan
Stuart Hall (zwarte socioloog) zegt dat: de mens een familiar
stranger is
o Familiar = vertrouwd, dit kennen we (zoals bv thuis)
o Stranger = vreemd, dit kennen we niet (bv; ergens anders dan
thuis)
Dit brengt onzekerheid met zich mee, en leidt mogelijks
tot angst
Voorbeeld:
1
, De blanke middenklasse cult. is de plek waar S.H.
Zich thuis in voelt (dus familiar)
Vreemd: wnr hij naar een verjaardagsfeestje mag
van blanke mensen voelt hij zich stanger; want hij
is de enige zwarte
Wat is een grond? Wat is een fundament?
—>Grond komt van principe, ih Grieks = arché
Monarch arch = grond, mono= één (1 principe)
Bv: Elke cultuur heeft normen (=leefregels)
Wat mag, kan en moet
Vroeger was de norm dat vrouwen MOESTEN afwassen, en dat
mannen MOCHTEN afwassen
o Van waar komen deze normen? —> Dit antwoord kan je vinden
in de wetenschap: uit de sociologie
Vind je terug in de sociale rollen —> deze zijn
gebaseerd op religie (scheppingsverhaal; eerst de
man, daarna de vrouw om de man ten dienste te stellen)
Bv: de epidurale werd al 30j niet gebruikt tijdens
bevallingen, dit kwam ook vanuit het
scheppingsverhaal: de erfzonde
o Filosoof vraagt: Waarom gebaseerd op religie?!
GOD heeft bepaald dat het op die manier moet zijn, er is
geen dieperliggend argument dan dit. En DIT is de
GROND ofwel het FUNDAMENT
Twee soorten gronden:
1. Totalitaire gronden
a. GRONDEN DIE DE MENS TOTAAL KUNNEN VERKLAREN
b. =De mens kunnen totaal-verklaren
i. Onbetwistbaar
1. = Je kan de gronden niet in vraag stellen
2. Neemt de onzekerheid weg
ii. Absoluut
1. Idealisme & materialisme
2. Relationele gronden
a. Gronden die men tot op zekere hoogte verklaren
i. We kennen, vertrouwen en begrijpen de mens
ii. Levert kennis op
b. Onverklaarbaar (er is iets ad mens die we niet kennen)
i. Brengt onzekerheid met zich mee
c. Vinden stabiliteit in relaties
2
, Wat is de mens? = rode draad vr dit vak
Gronden:
o Totalitaire gronden
o Relationele gronden
TOTALITAIRE GRONDEN:
1) Idealistisch mensbeeld
= we kunnen de realiteit van de mens verklaren uit een ideële/ geestelijke
activiteit.
Realiteit van de mens willen we verklaren uit een geestelijk principe
Hierin spelen sartre & descartes een rol
SARTRE
Frans filosoof
Wat is belangrijk aan Sartre en waarom is dit een idealist?
o Jaren 50-70 in Parijs
o Patriarchale conservatieve samenleving
Patriarchale => pater —> Latijnse woord voor vader
Kinderen, krijgen op vlak van vrijheid niet veel ruimte
Conservatief => bewaren, samenleving die niet wil
veranderen
o Verzuilde samenleving
De samenleving bestaat uit 3 zuilen
Samenleving
Katholieken, Socialisten, Liberalen
o Staat voor de individuele vrijheid (-> Duwt ik naar voor, fundament is
jij NIET god)
o Jij als mens —> jouw grond/ fundament is IK
o Sartre zegt: JIJ bent het fundament van jouw leven, jij mag keuzes
maken
Citaat uit boek, P20: mooi volgens mnr omdat Sartre het fundament van ons
zijn begrijpt:
Hoe begrijpt Sartre de menselijke cultuur, Hoe vult Sartre de menselijke
vrijheid in?
o (Citaat): De mens kan alleen iets worden en dan kan de mens zijn wat hij
van zichzelf maakt. Er bestaat dus niet zoiets als de menselijke natuur want
er is geen god die de natuur denken kan? Willen, ontwerpen
o Als je stoel ziet, ziet ied wat die stoel is: gemaakt en bepaald om te zitten:
hierbij DE MENS IS EEN WORDEN—> de mens kan ZELF bepalen wat hij
wordt, de stoel NIET het is een object.
o Dat is wat Sartre bedoelt met de samenleving: jij bent … jij wordt arbeider;
NEE jij kan worden wat je wil, je bent vrij! Het wordt je opgedrongen wat je
bent maar dat is niet zo
Wij zijn ONTworpen —> ont = NIET; wij zijn niet GEWORPEN, wij hebben de wil om
keuzes te maken, wij beslissen wat we worden!
Sartre zegt het is niet de natuur die je belemmert om keuzes te maken;
want id grond ben je vrij
3