H8 Sociale (on)gelijkheid
1 Structuur en Cultuur
Sociale structuur: verzameling van geordende relaties
Sociale stratificatie: mensen in sociale lagen onderbrengen
Sociale positie
= plaats van een persoon in een netwerk van sociale relaties
bv; moeder
soms machtsmisbruik in positie
bv; seksueel intimidatie
Sociale status: waardering plaats in een netwerk van sociale relaties
● hoge sociale status = arts
● bron van macht
Sociale rollen: verwachtingen gedrag passend bij soc positie
● De Block kreeg kritiek over obesitas
● Obama in wit pak/ tas koffie
Rolpartners: degene waar je verantwoording tegen moet afleggen, personen die
rolverwachtingen hebben in het samenleven met de persoon in een bepaalde sociale positie
● burgers hebben verwachtingen van hun leiders
Positieset: al onze sociale posities samen
● leerkracht + moeder + dochter + vriendin + ….
Rolconflicten ontstaan als er tegenstrijdige belangen zijn tussen de rollen binnen eenzelfde
sociale positie. Kan rolverwarring geven
● sportief zijn >< drukke job
Sociale ongelijkheid tussen soc posities
1. Objectieve ongelijkheid = ongelijke verdeling van schaarse, algemeen
gewaardeerde zaken
2. Subjectieve ongelijkheid = ongelijke waardering en behandeling van mensen op
basis van hun soc positie en levensstijl
kapitaal: middelen die worden ingezet om het samenleven, gezondheid en welbevinden
van de mens te verbeteren
1. soc kapitaal = bv relaties van mensen inzetten, vertrouwen, gemeenschappelijke
waarden en normen, …
tot kapitaal in omgang en relaties die helpen leven gezondheid en welbevinden te
verbeteren
● sociale ongelijkheid
2. financieel kapitaal = bv geld van mensen inzetten
3. menselijk kapitaal = bv kennis van mensen inzetten
vermogen: iemands totale bezit aan geld en goederen (financieel kapitaal)
vermogensongelijkheid: ongelijkheid in vermogen van de leden van een samenleving
sociale mobiliteit: mensen/ groepen kunnen bewegen tussen verschillende sociale posities
-> kunnen sociale laag of stratum veranderen
● criteria: inkomen, eigendom, onderwijs,...
, Cultuur
cultuur: alles wat de mensen in het leven gerealiseerd/ gemaakt hebben om het
samenleven te verbeteren
cultuurcomponenten/ onderdelen van een cultuur aanleren via socialisatie
● waarden
● normen
● gewoonte
● taal
● rituelen
● symbolen
● wet + tech
● mythes
Acculturatie: een proces waarbij een individu een nieuwe culturele omgeving aanneemt,
verwerft en zich eraan aanpast als gevolg van het feit dat hij of zij in een nieuwe cultuur
wordt geplaatst of wanneer iemand met een andere cultuur in aanraking komt .
Subculturen en tegenculturen
Subcultuur: groep in samenleving met gedeelde waarden, geloof, levensstijl die afwijken
van die van de dominante cultuur en die binnen de maatschappij aanvaard worden.
bv; Gothics, emos
Tegencultuur: groep in samenleving die de hoofdcultuur verwerpt en zich afzet tegen de
waarden van de heersende cultuur.
bv; punk/hippie beweging
Subculturen nu -> ?
2 Socialisatie
-> leren hierdoor hoe we ons moeten gedragen
primair + secundair + tertiair
socialisatie: overdracht van cultuurcomponenten
1. via enculturatie
aanleren van cultuurcomponenten in de samenleving waarin je geboren bent
● impliciet: autoriteit observeren
● expliciet: les/ opgelegd krijgen van autoriteit
2. acculturatie
aanleren van cu.co. in een samenleving terwijl je voordien al in een andere cultuur
gevormd bent
● impliciet: medeburgers observeren
● expliciet: les/ opgelegd krijgen
bv; inburgeringscursus
1 Structuur en Cultuur
Sociale structuur: verzameling van geordende relaties
Sociale stratificatie: mensen in sociale lagen onderbrengen
Sociale positie
= plaats van een persoon in een netwerk van sociale relaties
bv; moeder
soms machtsmisbruik in positie
bv; seksueel intimidatie
Sociale status: waardering plaats in een netwerk van sociale relaties
● hoge sociale status = arts
● bron van macht
Sociale rollen: verwachtingen gedrag passend bij soc positie
● De Block kreeg kritiek over obesitas
● Obama in wit pak/ tas koffie
Rolpartners: degene waar je verantwoording tegen moet afleggen, personen die
rolverwachtingen hebben in het samenleven met de persoon in een bepaalde sociale positie
● burgers hebben verwachtingen van hun leiders
Positieset: al onze sociale posities samen
● leerkracht + moeder + dochter + vriendin + ….
Rolconflicten ontstaan als er tegenstrijdige belangen zijn tussen de rollen binnen eenzelfde
sociale positie. Kan rolverwarring geven
● sportief zijn >< drukke job
Sociale ongelijkheid tussen soc posities
1. Objectieve ongelijkheid = ongelijke verdeling van schaarse, algemeen
gewaardeerde zaken
2. Subjectieve ongelijkheid = ongelijke waardering en behandeling van mensen op
basis van hun soc positie en levensstijl
kapitaal: middelen die worden ingezet om het samenleven, gezondheid en welbevinden
van de mens te verbeteren
1. soc kapitaal = bv relaties van mensen inzetten, vertrouwen, gemeenschappelijke
waarden en normen, …
tot kapitaal in omgang en relaties die helpen leven gezondheid en welbevinden te
verbeteren
● sociale ongelijkheid
2. financieel kapitaal = bv geld van mensen inzetten
3. menselijk kapitaal = bv kennis van mensen inzetten
vermogen: iemands totale bezit aan geld en goederen (financieel kapitaal)
vermogensongelijkheid: ongelijkheid in vermogen van de leden van een samenleving
sociale mobiliteit: mensen/ groepen kunnen bewegen tussen verschillende sociale posities
-> kunnen sociale laag of stratum veranderen
● criteria: inkomen, eigendom, onderwijs,...
, Cultuur
cultuur: alles wat de mensen in het leven gerealiseerd/ gemaakt hebben om het
samenleven te verbeteren
cultuurcomponenten/ onderdelen van een cultuur aanleren via socialisatie
● waarden
● normen
● gewoonte
● taal
● rituelen
● symbolen
● wet + tech
● mythes
Acculturatie: een proces waarbij een individu een nieuwe culturele omgeving aanneemt,
verwerft en zich eraan aanpast als gevolg van het feit dat hij of zij in een nieuwe cultuur
wordt geplaatst of wanneer iemand met een andere cultuur in aanraking komt .
Subculturen en tegenculturen
Subcultuur: groep in samenleving met gedeelde waarden, geloof, levensstijl die afwijken
van die van de dominante cultuur en die binnen de maatschappij aanvaard worden.
bv; Gothics, emos
Tegencultuur: groep in samenleving die de hoofdcultuur verwerpt en zich afzet tegen de
waarden van de heersende cultuur.
bv; punk/hippie beweging
Subculturen nu -> ?
2 Socialisatie
-> leren hierdoor hoe we ons moeten gedragen
primair + secundair + tertiair
socialisatie: overdracht van cultuurcomponenten
1. via enculturatie
aanleren van cultuurcomponenten in de samenleving waarin je geboren bent
● impliciet: autoriteit observeren
● expliciet: les/ opgelegd krijgen van autoriteit
2. acculturatie
aanleren van cu.co. in een samenleving terwijl je voordien al in een andere cultuur
gevormd bent
● impliciet: medeburgers observeren
● expliciet: les/ opgelegd krijgen
bv; inburgeringscursus