Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 20 pages
Summary

Samenvatting inleiding formeel strafrecht

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 20 pages

Dit document bevat alle uitgewerkte toetstermen van het onderdeel formeel strafrecht van inleiding strafrecht van de Open Universiteit

Content preview

Leerdoelen formeel strafrecht

Leereenheid 12

1. Noem diverse procesdeelnemers van het strafproces

- Verdachte: Art 27 SV
- Raadsman
- Getuige
- Slachtoffer
- Deskundige
- Rechtbank, Gerechtshof en Hoge Raad
- Politie
- OM
- Reclassering

2. Weet de inhoud van het verdenkingsbegrip en de verschillende gradaties
van verdenking;
De gradaties van verdenking zijn oplopend van ernstig naar minder ernstig:

Aanwijzing -> Redelijk vermoeden -> Ernstige bezwaren -> Rechterlijke overtuiging.

* Aanwijzing: Geldt alleen ten aanzien van terroristische misdrijven. Balans tussen
criminaliteitsbestrijding en rechtsbescherming helt hier sterk over naar de
criminaliteitsbestrijding.

* Redelijk vermoeden: Klassieke, materiële herdenkingsbegrip zoals omschreven in art
27 lid 1 Sv. Uit feiten en omstandigheden, waarbij ook rekening gehouden mag
worden met de ervaring en plaatselijke bekendheid van betrokken verbalisanten,
moet een redelijk vermoeden voortvloeien dat er een bepaald strafbaar feit is
gepleegd.

* Ernstige bezwaren: Ernstige bezwaren duiden erop dat er uit de feiten en
omstandigheden meer dan slechts een redelijk vermoeden volgt dat die bewuste
persoon betrokken i bij het strafbare feit ten aanzien waarvan een redelijk
vermoeden is gerezen. Bijv nodig bij fouilleren.

* Rechterlijke overtuiging: Rechter is overtuigd dat de verdachte ook daadwerkelijk
schuldig is aan het ten laste gelegde.

3. kent het verschil tussen een verdenking en een verdachte
Een verdenking bestaat ten aanzien van een bepaald strafbaar feit. Er kan dus een
strafbaar feit ontdekt worden zonder dat er al meteen concreet een verdachte in beeld
is.

4. het verloop van een strafproces met bijbehorende actoren en fasen

De proces-fasen zijn:
1. Opsporingsonderzoek = Voorbereidend onderzoek
2. Onderzoek ter terechtzitting = Eind onderzoek
3. Beraadslaging en uitspraak = Eind onderzoek
4. Rechtsmiddelen
5. Tenuitvoerlegging

Gebeurtenissen ten afscheiding van de procesfasen zijn:

,1. Verdenking (art 27 SV)
2. Uitroepen zaak (270 SV) na dagvaarding verdachte (258 SV)
3. Einduitspraak in eerste aanleg (349, 351 en 352 Sv)
4. Einduitspraak in hoger beroep/cassatie beroep (423 en 440 Sv)
5. Einde tenuitvoerlegging

5. het belang van het op waarde schatten van een zorgvuldig evenwicht
tussen instrumentaliteit en rechtsbescherming, met name in het
voorbereidend onderzoek en u herkent dit evenwicht binnen de
verschillende wettelijke bepalingen die van belang zijn met betrekking tot
de opsporingsfase.

Instrumentaliteit: Ziet op de effectiviteit en doelmatigheid van opsporing

Rechtsbescherming: Gaat over de bescherming van fundamentele rechten van
burgers


Leereenheid 13

6. kennis van en inzicht in het maken van een globaal onderscheid tussen
controle (of beter gezegd: toezicht) en opsporing

Toezicht Opsporing

Doel: Preventief controleren of men zich Doel: Nemen van strafvorderlijke beslissingen
aan de wet houdt. (reactief)
Geen verdenking nodig Verdenking is vereist
Bestuursrechtelijke bevoegdheden Opsporingsbevoegdheden zoals dwangmidde-
len
Medewerkingsplicht inclusief een in- Geen verplichtingen om mee te werken aan
lichtingen plicht. eigen veroordeling. Dwangmiddelen moeten
wel geduld worden.



2. begrijpt u de procesrechtelijke consequenties van dit onderscheid en u
kunt deze kennis toepassen op een eenvoudige casus;

Indien er sprake is van een verdenking gaan er ook waarborgen gelden ter
bescherming van de positie van de verdachte. Sommige bevoegdheden mogen alleen
bij verdenkingen worden gebruikt. Indien ze onbevoegd worden gebruikt, kan het
bewijs onrechtmatig verkregen zijn.

Nemo teneur-beginsel: Verdachte hoeft niet mee te werken aan zijn veroordeling. Het
heeft enkel betrekking op wilsafhankelijk materieel.

Toezicht mag niet gebruikt worden om zwaardere toetsingscriteria voor
strafvorderlijke bevoegdheden te omzeilen (detournement de pouvoir).

3. inzicht in een aantal belangrijke dwangmiddelen die toegepast kunnen
worden in het voorbereidend onderzoek
Een dwangmiddel = Een middel dat onder dwang wordt of kan worden toegepast. Er
wordt per definitie een inbreuk gemaakt op de grondrechten van betrokkenen.

, Dwangmiddelen zijn te onderscheiden in vrijheidsbenemende dwangmiddelen en
anderszijds andere dwangmiddelen.

Bevoegdheden ten aanzien van perso- - Staande houden
nen - Aanhouding
- In verzekeringsstelling
- Voorlopige hechtenis
- DNA-onderzoek

Bevoegdheden ten aanzien van voorwer- - Inbeslagneming
pen
Steunbevoegdheden - Betreden van plaatsen
- Doorzoeking van plaatsen
- Onderzoek aan de kleding
- Onderzoek aan en in het lichaam

Bijzondere opsporingsbevoegdheden - Infiltratie
- Pseudokoop
- Pseudodienstverlening
- Stelselmatige observatie
- Openen van (tele)communicatie
- Vorderen van gegevens



4. Heeft kennis van en inzicht in de voorwaarden waaraan voldaan moet zijn
voor een rechtmatig gebruik van deze dwangmiddelen;

Bevel door? Verdenking/ Doel/Grond Duur
voorwaarden

Staande Op- Elk strafbaar feit Vaststellen v/d Zo lang als nodig
houden (art 52 sporingsambte- (art 27 Sv) identiteit
Sv) naar
Aanhouden op Iedereen Elk strafbaar feit Geleiden naar Zo lang als
heterdaad (art mits op heter- plaats van ver- nodig, onverwi-
53 Sv) daad ontdekt hoor jld, maar direct
na ontdekking
van het feit.
Aanhouden Op- Verdachte (art Geleiden naar Zo lang als
buiten heter- sporingsambte- 27 Sv) betref- plaats van ver- nodig, maar on-
daad (art 54 naar op bevel fende een VH-feit hoor verwijld
Sv) van OvJ en hOVJ (art 67 lid 1 en 2
SV)
Ophouden voor Ovj/hOVJ Aangehouden Belang van het VH feit: 9 uur
onderzoek (art verdachte. (Art onderzoek (56a Ander feit: 6 uur.
56a jo 67 Sv) 27 SV) lid 4 SV)
Verlening van 6
uur toegestaan
indien het geen
VH feit is en de
identiteit nog
niet is vast-
gesteld.
Inverzekering- Ovj/hOVJ Verdachte ex art Beland van het 3 dagen. Verlen-

Connected book
 image
M.J. Kronenberg, B. de Wilde Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht
Publisher: Augustus 2007 ISBN: 9789013043877 Edition: 3

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
7 t/m 15
Uploaded on
February 10, 2026
Number of pages
20
Written in
2025/2026
Type
Summary
$6.99

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
1
Last sold
-


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions