Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Uitgebreide samenvatting- biologische psychologie I: microstructuur van het zenuwstelsel

Rating
-
Sold
-
Pages
18
Uploaded on
09-02-2026
Written in
2024/2025

Hey psychostudenten! Hier een uitgebreide samenvatting bio psycho adhv ppt's + hoorcolleges Kris Baetens. Ik heb op mijn account samenvattingen van de algemene inleiding, gedragsgenetica, macrostructuur van het zenuwstelsel en microstructuur van het zenuwstelsel. !! Het laatste hoofdstuk onderzoeksmethoden heb ik niet samengevat Ik hoop dat dit zal helpen succes :)

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

H3: MICROSTRUCTUUR VAN HET ZENUWSTELSEL
OVERZICHT




1. CELLEN VAN HET ZENUWSTELSEL
1.1. BASISSTRUCTUUR VAN EEN CEL
MEMBRAAN
• Opgebouwd uit dubbele lipidenlaag (vetten)
• Membraaneiwitten hierin verankerd:
o Sensoren (vb. aanwezigheid van hormonen)
o (Selectieve) toegangspoortjes (selectief transport)
o Actieve transporters (actieve cellen), die naar binnen en buiten de cel gaan
CYTOPLASMA ctyo – cel, plasma – water
• Waterige, gelatineuze massa
• Bevat celorganellen (belangrijkste elementen van een cel)
CYTOSKELET
• opgebouwd uit proteïnenstrengen
• Functies
o Geeft cel structuur/stevigheid en vorm
o functies in o.a. transport
o Erg dynamisch
• Dikste cytoskelet: microtubuli
KERN OF NUCLEUS
• Productie ribosomen gebeurt in de nucleolus (kernlichaampje)
o Ribosomen zijn de keukens van de cel: hier worden eiwitten geproduceerd
• DNA in chromosomen
o DNA blijft in de celkern. Als de cel een eiwit nodig heeft wordt een stukje DNA
overschreven naar mRNA (=transcriptie)
o DNA is het kookboek: bevat alle instructies voor het maken van eiwitten
• Transcriptie = aanmaak mRNA obv. actief gen
o Maw Stukje DNA wordt overgeschreven naar mRNA
o Alleen het nodige recept (gen) wordt overgeschreven, niet het hele boek
• mRNA (=messenger) verlaat kern via poriën
o gaat vervolgens naar de ribosomen (keukens) om omgezet te worden in eiwitten


1

,RIBOSOMEN:
• Translatie = mRNA wordt omgezet in proteïnen
o Functies proteïnen: aanmaak van structuren of enzymen
o Er wordt in de keuken (ribosoom) het recept (mRNA) gelezen en een eiwit gemaakt
Verschillende soorten ribosomen
• ‘Vrije’ ribosomen in het cytoplasma
o voor gebruik in het cytoplasma (voor de cel zelf- lokaal gebruik)
• Ribosomen gebonden aan het endoplasmatisch reticulum:
o Aanmaak eiwitten voor extern gebruik (bv: hormonen buiten de cel sturen)
o Ingebouwd als membraaneiwitten
• Nissl-substantie
o = korreltjes die veel ribosomen bevatten
o komen vooral voor in (grote) neuronen
o wijzen op grote synthetische activiteit van eiwitten

Grijze stof bestaat vooral uit cellichamen van neuronen -> en dus ook veel Nissl-
substantie (hierdoor donkerder)

ENDOPLASMATISCH RETICULUM
• Opgebouwd uit parallelle membraanlagen
• Ruw: ribosomen aangehecht
• Glad: zonder ribosomen
o productie van lipiden
o sorteren van moleculen
• Golgi-apparaat: (Verdeelcentrum) specifiek
type GER
o Zorgt o.a. voor verpakking van
producten in membraanblaasjes =
vesikels
MITOCHONDRIA
• Cruciale rol in energiehuishouding
o Betrokken bij omzetten voedingsstoffen à in adenosinetrifosfaat (ATP)
o ATP = rechtstreeks bruikbare ‘brandstof’ voor de cel
• Eigen DNA; reproduceren zichzelf, kunnen niet aangemaakt worden door de cel
o Bevatten in de regel enkel moederlijk mitochondriaal DNA (uit de eicel), niet
gerecombineerd Moeder geeft mitochondriale DNA door
o Mitochondriale Eva: +/- 150.000 jaar geleden
Een Eva wiens mitochondria bij ons allemaal terug te vinden is
• Belangrijkste theorie: mitochondriën ontstaan van een afstammeling van bacterie die bleef leven
na ingestie (opgenomen) door een grotere cel (endosymbiose theorie – Lynn Margulis)
Bacterie bleef verder leven als endoymbiont (= organisme die symbiotisch leeft in een ander organisme)

1.2. NEURONEN
Brein bevat diverse celtypes:
• +/- 85 miljard neuronen



2

, o 80% in het cerebellum
o Typisch neuron: 1000-10.000 synapsen (= verbindingen)
• Ongeveer even veel steuncellen -> Belangrijkste zijn de (neuro)glia
o Astrocyten
o Oligodendrocyten
o Microglia
o Schwann-cellen

Basisstructuur neuron:
• Soma of cellichaam
• Voelertjes of dendrieten
• Zender of axon
o Ontspruit ter hoogte van de zogenaamde
axonheuvel
• Eindknopen
• Grote variëteit, o.a. in mate van vertakking

DENDRIETEN
• van dendron (boom)
• meer of minder vertakt (verschilt van neuron tot neuron)
• Functie: ontvangen communicatie van andere neuronen

AXONEN
• Zender
• In de regel: éénrichtingsverkeer; elektrische boodschap
• Isolerende myelineschede (=isolerende laag rond een axon, witte stof)
o Bijna alle axonen in CZS
o Meeste axonen in PZS (hoewel ongemyeliniseerd hier couranter)
• Extreme lengte axonen mogelijk (vb. van voet tot medulla)

EINDKNOPEN
• Wanneer elektrische boodschap -> de eindknoop (uiteinden axon) bereikt -> vrijgave van
boodschapperstof die ander neuron zal beïnvloeden
• Proces vrijgave boodschapperstof
o In de eindknopen zitten vesikels (blaasjes) gevuld met
boodschapperstoffen
o Vesikels vermselten met het celmembraan van de
eindknoop
o Boodschapperstof wordt vrijgegeven in de synaptische
spleet (ruimte tussen de 2 neuronen)
• Terminologie: presynaptisch neuron – postsynaptisch neuron

• Typisch neuron
o contact met 10 – 100en andere neuronen
o Elk van deze neuronen meerdere synaptische contacten (veel contactpunten -> 5000)



3

, Transport van stoffen van en naar soma = Axoplasmatisch transport
Via axon van neuron met microtubuli als “sporen”
• Actief (kost energie)
• Transport loopt over de “sporen” -> sporen gevormd door microtubuli (soort rails in het axon)
• Twee richtingen
o Soma à eindknoop
- Anterograde axoplasmatisch transport
- Proteïne bij betrokken: kinesine
- vb. grote boodschappermolecules naar de synaps brengen
o Eindknoop à soma
- Retrograde axoplasmatisch transport
- Proteïne bij betrokken: dyneïne
- vb. lege vesikels (recyclage) terugvoeren


1.3. STEUNCELLEN
GLIA
• ‘lijm’
• veel meer functies dan louter bijeenhouden van ZS
• 3 belangrijkste types in CZS:
o Astrocyten (‘stervormige cellen’)
o Oligodendrocyten (‘met weinig takjes / bomen’)
o Microglia
• PZS: Schwan-cellen
• Toegenomen aandacht voor cognitieve functies van glia (m.n. astrocyten)

ASTROCYTEN astro – ster, cyt – cel
Meerdere functies:
• Fysieke ondersteuning weefsel (‘lijm’)
• Isoleren van de synapsen (contactpunt tss 2 neuronen waar boodschapperstoffen uitgewisseld)
o Omwikkelen synapsen zodat er niet te veel boodschapperstof weglekt
o Omwikkelen gelijktijdig verschillende synapsen – laat toe om activiteit op elkaar af te stemmen
o Bevatten receptoren voor die boodschapperstoffen en registreren hun aanwezigheid
• Opruimen “rommel” (vb: als neuron sterft bij apoptose)
• Produceren van chemicaliën voor neuronen
• Reguleren van extracellulair milieu
• Energietoevoer en –reserve voor neuronen
Energie:
• Neuronen nemen zelf maar beperkt glucose op uit haarvaatjes à Astrocyten helpen hierbij !
• Armen astrocyten omwikkelen enerzijds haarvaatjes, anderzijds dendrieten en soma van
neuronen
o Ze nemen glucose op uit het bloed (haarvaatjes) -> zetten dit om in lactaat en geven
het door aan extracellulair milieu rond neuronen als energiebron (voor ATP-aanmaak)
-> Glucose wordt voorverteerd zodat neuronen het sneller kunnen omzetten in energie
o Glucose à lactaat à neuronen
• Astrocyten kunnen beperkt glycogeen opslaan als energiereserve



4

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
February 9, 2026
Number of pages
18
Written in
2024/2025
Type
SUMMARY

Subjects

$4.69
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF


Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Alicia0203 Vrije Universiteit Brussel
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
14
Member since
1 year
Number of followers
0
Documents
9
Last sold
3 weeks ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions