H1: Inleiding en parochiekerken in Vlaanderen
Erfenis van het modernisme en omgaan met oude gebouwen
→ Inzicht verwerven in architectuur theoretische onderwerpen + ruimtelijke praktijken begrijpen als
kennisproductie + kritisch vermogen aanscherpen + begrippenkader uitdiepen
= Aandacht voor complexiteit en sociale aspect van architectuur, hedendaagse architectuurpraktijk en -
theorie en omgaan met het bestaande
Thematiek: modernisme
Modernisme = hoe en waarom tot stand gekomen
→ Naoorlogse generaties hadden kritiek op modernisme
- Modernisme ontstaan door Duitse Werkbund
Weissenhof Siedlung, Stuttgart (jaren ’20)
→ Tentoonstellingswijk net buiten de stad (het nieuwe bouwen, de nieuwe architectuur)
= Bedoelt om modernisme aan de wereld te laten zien: wit gepleisterd
- Le Corbusier + Mies van der Rohe hielpen
Kenmerken modernisme
- Breken met het verleden: afstand houden van eclectische en onhygiënische 19de eeuw (Gropius)
- Utopie via architectuur en modernisme creëren (Le Corbusier): vooruitgang + architectuur en
programma vallen samen (interbellumperiode)
- Geloof in moraliteit via architectuur en maakbaarheid van mens en samenleving: witte huisjes met
platte daken werden gezien als goede voorbeelden
→ Architectuur is in staat om betere mensen te maken
- Functiescheiding (stedenbouw): wonen, werken, infrastructuur, ontspanning… afgezonderd (Le
Corbusier)
<-> Unité d’habitation (Marseille) = samenkomst van functies in 1 gebouw
- Rationaliteit en voorspelbaarheid: geloof in heldere vormen en types die door verschillende functies
kunnen gebruikt worden (Mies van der Rohe)
- Plaatsloosheid: gebouw niet verbonden aan locatie (context speelt amper mee)
→ Gebouw ontstond vanuit vormen, types of functies
- Abstract vormen, relatieve eenvoud, platte daken, industriële constructiewijzen…
→ Modernisme = complex: rationalisme VS functionalisme + theorie VS praktijk
Van Nellefabriek, Rotterdam (jaren ’20)
→ Rationaliteit en heldere kolommenstructuur zichtbaar achter glas
- Structuur = kolommen en vloeren: laat toe dat functie kan veranderen
+ functionele kenmerken (bruggen om objecten te transporteren)
Sanatorium Zonnestraal, Hilversum (jaren ’20)
→ Functionalisme = gericht op patiënt met stof in longen (functie)
1
,Geschiedenis
= Eerste kritieke op het modernisme (Gropius, Mies van der Rohe, Le Corbusier…)
→ Hernieuwde aandacht voor geschiedenis in het begin van theorietijdpark
- TEAM 10: 10de congres van CIAM voorbereiden
- Neorationalisten
- Postmodernisten
Schema Aldo van Eyck (jaren ’50): by us – for us
- 3 tekeningen = klassiek grondplan tempel + modern plan (Rietveld) + vernacular plan (volks)
→ Klassiek, modern en vernacular zitten overal waarheid in
= Alle drie de plannen zijn bron van architectuur die we gaan combineren
Burgerweeshuis, Amsterdam, Aldo Van Eyck(jaren ’60)
- Structuralisme = structuren in grondplan
→ Weeshuis volgens leeftijdscategorie met elk een eigen plek in groter geheel
- Kleine schaal = menselijk maken van modernisme
De Chirico en EUR (Rome)
→ Referentie voor Rossi : vierkant Colosseum met galerijen (fascisme)
= Op zoek naar analogieën in geschiedenis
Romeins theater, Grassi (jaren ’80)
Grassi = man van logische constructie (<-> Rossi, man van
analogie en type)
- Restauratie van theater: logische verandering en verderzetting
van bestaand weefsel = stenen op elkaar zetten (kritiek op)
Venturi House, Venturi (jaren ’60)
→ Eenvoudig uitzicht + complex in elkaar
= Refereren naar renaissance + maniërisme + FLW + Le Corbusier
Kritiek op modernisme
→ Menselijker modernisme bij TEAM 10 (maar nog steeds modernisme)
→ Postfunctionalisme en continuïteit met het verleden bij de neorationalisten
→ Affirmatie van kleur, klassieke en vernacular vorm, complexiteit bij postmodernisten
= Ook via teksten
- Geen interesse naar functie gebouw → gebouw moest continu zijn met bestaande omgeving en
logisch in elkaar zitten
Hoe omgaan met geschiedenis binnen architectuur hebben uitwerking op nieuwe ideeën voor
parochiekerken en oude gebouwen (vorm/functie, contrast/analogie, tabula rasa/paradigma van herstel,
participatie of niet…)
→ Naoorlogse periode = kiezen voor postmodernisme (nadruk op nog meer vorm en minder functie)
Autonomie en pragmatisme
Eerste kritieken op modernisme zagen modernisten als gefaald functionalisme → streven naar
functieloze, autonome architectuur (refereren naar architectuur ipv functie)
= Aldo Rossi, Peter Eisenmann, Ignasi de Sola-Morales…
2
, Haus ohne Eigenschaften (jaren ’90)
→ Trappen en natte cellen weggestokken in ‘dikke’ muren
= Functie is compleet bijkomstig
Piazza d’Italia, New Orleans (jaren ’70)
→ Postmodern: plein ontworpen vanuit vergroting van landkaart Italië
+ aanwezigheid van waterspuwers, inox… (populisme en eclecticisme)
Portland Building (jaren ’90)
→ Historische en klassieke referenties in architectuur
Architectuur en theorie
Jaren ’60 → brede stromingen van architecten en theoretici
- Neorationalisme: rationale en typologische benadering (Rossi, Grassi…)
- Postmodernisme (Venturi, …)
- TEAM 10 : minder theoretisch
Antiutopie beïnvloedde de contextualisten en de ‘Whites’
- Contextualisme (Rowe, Stirling…)
- Whites: gebouwen analyseren en collages maken (Eisenmann, Meier…)
House VI, Eisenman (jaren ’70)
→ Vooroorlogs modernisme uit elkaar gehaald en op een andere manier in elkaar gezet
= Grid van gebouw manipuleren door muren te verschuiven
Casa del Fascio axonometrie, Eisenman (jaren ’30)
→ Bestaande gebouw en structuur analyseren (natekenen)
- Functie gebouw speelt geen rol, maar structuur is van belang (achteraf
wordt functie bepaald + kan veranderen)
Parc de la Vilette, Tschumi (jaren ’80)
- Verschillende lagen in project: oude bestaande + grid met rode blokjes + invulling ruimte
= contextualiteit visueel maken (veelheid van interpretaties)
→ Nood aan pragmatisme
Van uitgesproken autonome architectuurvisie → naar bredere, meer open, meer door de samenleving
bepaalde, meer op programma gerichte en minder kritische visie (Rem Koolhaas als sleutelfiguur)
- Huidige focus op transitiedenken, circulariteit… = radicalere verderzetting dan pragmatisme
→ Theorie opbouwen vanuit praktijk en reële dynamieken
Denken vanuit vorm/architectuur VS denken vanuit programma en omgevingsfactoren
= Beide houdingen komen samen in uitdaging van hergebruik + beide hebben publieke zaak als doel
Yokohama Pier Port Terminal (2002)
→ Paradigma: via computer getekend (metafoor met golf) + commercieel
3