1
Neurologie
Algemene leerdoelen neuroanatomie
- De student kent de anatomische nomenclatuur die gebruikt wordt om de
structuren van het centrale en perifere zenuwstelsel te beschrijven
- De student is in staat om de macro-, en microscopische anatomische structuren
van het centrale en perifere zenuwstelsel te herkennen en te benoemen op
figuren, preparaten, schema’s en medische beeldvorming.
- De student heeft inzicht in de functies van de diverse neuro-anatomische
structuren en –banen
- De student kent de klinische relevantie van de besproken structuren en kan
klinische bevindingen anatomisch verklaren
Embryonale ontwikkeling van het zenuwstelsel
Leerdoelen:
- Inzicht in de embryologische ontwikkeling van de hersenen en ruggenmerg
- De begrippen neurulatie, neurale plaat, neurale lijst, neurale buis, prosencephalon, mesencephalon en
rhombencephalon kennen en deze structuren kunnen benoemen op figuren en schema’s
- De neurulatie begrijpen, kunnen beschrijven en schematisch kunnen weergeven
- Kennis van de ontwikkeling van het primitieve zenuwstelsel gebruiken om de onderlinge verhoudingen
tussen delen van het centraal zenuwstelsel te begrijpen
- Het verband kunnen leggen tussen de ontwikkeling van het zenuwstelsel en (anatomische)
ontwikkelingsstoornissen
Dag 17-18 Verdikking ectoderm op bodem
Einde week 3 Vorming neurale groeve
tussen neurale wallen
Dag 22 Fusie tot neurale buis met neuraal
kanaal van craniaal naar
caudaal→ CZS & PZS
Cellen van neurale lijst: PZS
(sensibel, visceraal, bijniermerg,
perifere glia) & melanoblasten
Einde week 4 Neuropora sluiten
Klinisch (niet kennen)
- anencefalie→ bovenste deel neurale buis sluit niet volledig→ ontbreken prosencephalon (telencephalon),
schedeldak en scalp
➔ Niet verenigbaar met leven
- Spina bifida/ open ruggetje→ postieure componenten ontbreken, uitpuilen verschillende structuren
mogelijk ook met zenuwwortels, verschillende graden
➔ Functiestoornissen, vooral dan onderste ledematen
- Encephalocele→ stukje schedel en/of nekwervelbogen in nek ontbreekt→ delen van hersenen kunnen
buiten schedel komen te liggen
1
, 2
Tijd Ontwikkeling
Week 4 Primaire hersenblaasjes, flexie neurale buis thv mesencephalon
Ontwikkeling prosencephalon & rhombencephalon
Week 6 Alare plaat (vleugelplaat) → sensorisch, dorsale
zenuwwortel
Basale plaat (grondplaat) → motorisch, ventrale
zenuwwortel
Autonome neuronen → ventrale zenuwwortel
Einde week Secundaire hersenblaasjes
6 Alara plaat prosencephalon→ telencephalon
(cerebrale hemisferen)
Basale plaat prosencephalon→
diëncephalon
Optische uitgroei→ retina en n opticus
Expansie neuraal kanaal→ ventrikelsysteem
- Laterale ventrikels
- Derde ventrikel
- Cerebrale aquaductus
- Vierde ventrikel
- Centraal kanaal
Capillaire invasie → choroïde plexussen
(CSV secretie)
Week 8-12 Rhombencephalon plooit op
zichzelf terug→ diamantvormig
4e ventrikel, pons, cerebellum,
medulla oblongata
2
, 3
Week 14 Expansie cerebrale cortex
- C-vormige groei vanuit ventriculaire zone
- Rondom insula
- Verschillende hersenkwabben kunnen
worden onderscheiden
Week 15-27 - Hippocampus → temporale kwab
o Fornix
- Choroïde plexus → laterale ventrikel
- Anterieure commissuur & corpus
callosum
- Telencephalon→ corpus striatum
- Diëncephalon → thalamus &
hypothalamus
- Contact tussen groeiende cerebrale
hemisferen en diëncephalon
- Corpus striatum wordt gesplitst in
caudate en lentiforme nuclei door
axonale banen cortex en thalamus
Week 28 Ontstaan van sulci→ centrale, laterale en calcarine
Zichtbaar op MRI
Klinisch:
Lisencephalie: hersenopp vrij glad, geen groeven, kan gepaard gaan met cognitieve of motorische stoornissen
Neuroanatomie: cerebrale topografie
Leerdoelen:
- De verschillende elementen van het CZS kennen en kunnen benoemen op figuren en medische
beeldvorming
- De componenten van de basale kernen kennen en kunnen benoemen op figuren en medische beeldvorming.
Kennis hebben van de verschillen in nomenclatuur.
- De positie van de capsula interna kunnen weergeven, de verschillende elementen kunnen benoemen en
inzicht hebben in de continuïteit van de corona radiata, de capsula interna en het crus cerebri
Oppervlakte anatomie
De hersenen worden op embryologische basis verdeeld in:
- Telencephalon
- Diëncephalon
- Mesencephalon
- Pons en cerebellum
- Medulla oblongata
3
, 4
Insula= cortex rondom rotatiepunt, grenzen= operculum
Waarom belangrijk? → locatie letsels gelinkt aan functie per kwabben
4
Neurologie
Algemene leerdoelen neuroanatomie
- De student kent de anatomische nomenclatuur die gebruikt wordt om de
structuren van het centrale en perifere zenuwstelsel te beschrijven
- De student is in staat om de macro-, en microscopische anatomische structuren
van het centrale en perifere zenuwstelsel te herkennen en te benoemen op
figuren, preparaten, schema’s en medische beeldvorming.
- De student heeft inzicht in de functies van de diverse neuro-anatomische
structuren en –banen
- De student kent de klinische relevantie van de besproken structuren en kan
klinische bevindingen anatomisch verklaren
Embryonale ontwikkeling van het zenuwstelsel
Leerdoelen:
- Inzicht in de embryologische ontwikkeling van de hersenen en ruggenmerg
- De begrippen neurulatie, neurale plaat, neurale lijst, neurale buis, prosencephalon, mesencephalon en
rhombencephalon kennen en deze structuren kunnen benoemen op figuren en schema’s
- De neurulatie begrijpen, kunnen beschrijven en schematisch kunnen weergeven
- Kennis van de ontwikkeling van het primitieve zenuwstelsel gebruiken om de onderlinge verhoudingen
tussen delen van het centraal zenuwstelsel te begrijpen
- Het verband kunnen leggen tussen de ontwikkeling van het zenuwstelsel en (anatomische)
ontwikkelingsstoornissen
Dag 17-18 Verdikking ectoderm op bodem
Einde week 3 Vorming neurale groeve
tussen neurale wallen
Dag 22 Fusie tot neurale buis met neuraal
kanaal van craniaal naar
caudaal→ CZS & PZS
Cellen van neurale lijst: PZS
(sensibel, visceraal, bijniermerg,
perifere glia) & melanoblasten
Einde week 4 Neuropora sluiten
Klinisch (niet kennen)
- anencefalie→ bovenste deel neurale buis sluit niet volledig→ ontbreken prosencephalon (telencephalon),
schedeldak en scalp
➔ Niet verenigbaar met leven
- Spina bifida/ open ruggetje→ postieure componenten ontbreken, uitpuilen verschillende structuren
mogelijk ook met zenuwwortels, verschillende graden
➔ Functiestoornissen, vooral dan onderste ledematen
- Encephalocele→ stukje schedel en/of nekwervelbogen in nek ontbreekt→ delen van hersenen kunnen
buiten schedel komen te liggen
1
, 2
Tijd Ontwikkeling
Week 4 Primaire hersenblaasjes, flexie neurale buis thv mesencephalon
Ontwikkeling prosencephalon & rhombencephalon
Week 6 Alare plaat (vleugelplaat) → sensorisch, dorsale
zenuwwortel
Basale plaat (grondplaat) → motorisch, ventrale
zenuwwortel
Autonome neuronen → ventrale zenuwwortel
Einde week Secundaire hersenblaasjes
6 Alara plaat prosencephalon→ telencephalon
(cerebrale hemisferen)
Basale plaat prosencephalon→
diëncephalon
Optische uitgroei→ retina en n opticus
Expansie neuraal kanaal→ ventrikelsysteem
- Laterale ventrikels
- Derde ventrikel
- Cerebrale aquaductus
- Vierde ventrikel
- Centraal kanaal
Capillaire invasie → choroïde plexussen
(CSV secretie)
Week 8-12 Rhombencephalon plooit op
zichzelf terug→ diamantvormig
4e ventrikel, pons, cerebellum,
medulla oblongata
2
, 3
Week 14 Expansie cerebrale cortex
- C-vormige groei vanuit ventriculaire zone
- Rondom insula
- Verschillende hersenkwabben kunnen
worden onderscheiden
Week 15-27 - Hippocampus → temporale kwab
o Fornix
- Choroïde plexus → laterale ventrikel
- Anterieure commissuur & corpus
callosum
- Telencephalon→ corpus striatum
- Diëncephalon → thalamus &
hypothalamus
- Contact tussen groeiende cerebrale
hemisferen en diëncephalon
- Corpus striatum wordt gesplitst in
caudate en lentiforme nuclei door
axonale banen cortex en thalamus
Week 28 Ontstaan van sulci→ centrale, laterale en calcarine
Zichtbaar op MRI
Klinisch:
Lisencephalie: hersenopp vrij glad, geen groeven, kan gepaard gaan met cognitieve of motorische stoornissen
Neuroanatomie: cerebrale topografie
Leerdoelen:
- De verschillende elementen van het CZS kennen en kunnen benoemen op figuren en medische
beeldvorming
- De componenten van de basale kernen kennen en kunnen benoemen op figuren en medische beeldvorming.
Kennis hebben van de verschillen in nomenclatuur.
- De positie van de capsula interna kunnen weergeven, de verschillende elementen kunnen benoemen en
inzicht hebben in de continuïteit van de corona radiata, de capsula interna en het crus cerebri
Oppervlakte anatomie
De hersenen worden op embryologische basis verdeeld in:
- Telencephalon
- Diëncephalon
- Mesencephalon
- Pons en cerebellum
- Medulla oblongata
3
, 4
Insula= cortex rondom rotatiepunt, grenzen= operculum
Waarom belangrijk? → locatie letsels gelinkt aan functie per kwabben
4