Filosofie:
3-tal mensbeelden:
1. Idealistisch mensbeeld:
- Meest abstracte en psychologisch mensbeeld
- Sartre en Descartes filosofen
- Kan de mens verklaren vanuit een geest.
2. Materialistisch mensbeeld:
- Te maken met materie vb. jouw brein
- Swaab auteur
- Wetenschappen hier sterk aan gekoppeld
3. Relationeel mensbeeld:
- Damasio auteur
- Darwin
- Erikson ontwikkelingspsycholoog
- Piaget
Bio-psycho-socio relationeel mensbeeld
1. Wat is de mens? Centrale vraag
Fundamenteel je eens afvragen.
- Praktijk dubbelzinnig zijn vb. je komt naar school met de auto. Je
neemt je voor om de regels te respecteren. Er is file en je vindt het
zinvol om de regels te respecteren maar even zinvol om stipt te zijn.
Zo wordt het dubbelzinnig = je vindt beide zinvol!
Hoe komt het dat we als mens geconfronteerd worden met die
dubbelzinnigheid?
Altijd een voor en tegen hebben, steeds dubbelzinnig zijn.
Waar vinden we ons houvast?
Stuart Hall essentie van de mens: Familiar stranger
1. Familiar = familiaar, iets vertrouwd aan de mens, iets wat we
kennen.
2. Stranger = zelfde tijd ook een vreemde, iets wat we niet kennen.
Stuart Hall geboren in Jamaica, afstammeling van zwarte slaven. Jaren
40-50 groeide op in de middenklasse.
Zwarte die opgroeit in middenklasse gezin.
Ervaart zijn leven als vertrouwd = woont bij zijn ouders, wordt
gestimuleerd door zijn moeder om te lezen.
, Ervaart zijn leven als vreemde = enige in de straat die zwarte
huidskleur heeft.
DUBBELZINNIG = wordt heel Brits opgevoed net zoals de rest van
de straat, maar is als enige zwarte in zijn straat.
Nooit een leven waar hij zich helemaal thuis voelt.
Leven speelt zich af in evenwicht tussen vertrouwd en vreemd.
Brengt angst met zich mee, het ongekende.
We moeten leren omgaan met het ongekende (vb. waar sta ik over 10
jaar, wat doe je hier op school.)
Hoe ga je daar mee om?
- Je hebt heel vaak dat er een paar zaken zijn wat we niet kennen/
weten.
- Je hebt wel dingen die gekend zijn, die je wel weet.
Angst belangrijke factor!
Mensen met dubbelzinnigheid we moeten ervoor zorgen dat mensen
ergens een houvast vinden hierin.
2. Wat is een grond?
GROND houvast bieden
Vb. alle culturen heeft een aantal normen.
Normen over wat mag/ kan/ moet doen. = Vb. een leefregel.
Afwas vrouwen moesten dit doen = NORM
Waar fundeert die filosoof zich op dat de vrouw dit moet doen?
- Sociale rol (vrouwenrol, mannenrol)
- Religie (eerst de man, de vrouw is afgeleid uit de man. Vb. Adam en
Eva.)
- God (wijsheid die de keus maakt om het zo te laten verlopen.)
- GEEN DIEPERLIGGEND ARGUMENT DAN GOD
GOD = GROND
Afwas van vrouwen in vraag stellen stelt God in vraag.
God in vraag stellen is moeilijk!
Socrates deed dit wel en is best moeilijk, werd hiervoor gestraft.
Vb. leven in een democratie. God is gerelativeerd. Mensen hebben het
recht om al dan niet een hoofddoek te dragen.
Mens leren begrijpen uit relaties.
2 soorten gronden:
1. Totalitaire gronden vreemde in de mens helemaal kan wegnemen.
- Een houvast bieden dat de mens helemaal verklaart.
Twee kenmerken:
, Onbetwistbaar geen vragen over stellen. (Vb. vroeger abortus
verboden. God koos tussen leven en dood.)
Geen onduidelijkheid. = consequent zijn
Absoluut gelijk waar/ wanneer geldt die grond (abortus is
onbespreekbaar vroeger, nu en in de toekomst. Dit is dus
absoluut)
2. Relationele gronden mens kan je niet volledig verklaren, het
onbekende.
- Tot op zekere hoogte kan je de mens verklaren.
- Er zijn argumenten, maar het gaat gepaard met onzekerheid.
(Zoiets als toeval.)
Er is wel ergens houvast te vinden maar geen totale houvast,
er is toeval.
Onzekerheid/ toeval brengt angst met zich mee.
Zorgt voor een opening om open te staan tot andere mensen!
Wisselwerking tussen patiënt en psychologische consulent.
Wat is de mens? Willen de vraag grondig maken.
Idealisme type verklaring van de mens uit een idee/ uit een geest.
- Het is niet materieel.
- Geest = psyché, ziel, bewustzijn
- Mensbeeld dat zich nauw aansluit bij de menselijke ziel.
Twee filosofen:
1. Sartre = mensen verklaren vanuit de ik (de binnenkant)
Vrij om te worden wie je bent.
Jaren 50’ – jaren 70’ (populaire tijd voor deze filosoof)
Had een kritiek op de toenmalige samenleving:
- Patriarchaal samenleving waarin in de vader vrij centraal stond.
Samenleving met weinig vrijheid.
- Conservatief weinig verandering
Verzuilde samenleving
3 zuilen:
- Katholieke zuil
- Socialistische
- Liberale
Heel je leven speelt af in jouw zuil. De rest van jouw leven staat
vast.
Je denkt dat je niet vrij bent, maar je bent vrij.
- Je kan je leven zelf maken.
Persoonlijke vrijheid komt centraler te staan er wordt gebroken met de
patriarchale en conservatieve samenleving.
Heden ontzuiling, ze worden overschreden.
De mens heeft een ik, moet zelf keuzes maken.
- Totaal vrij?
- Relationeel vrij?
Citaat:
3-tal mensbeelden:
1. Idealistisch mensbeeld:
- Meest abstracte en psychologisch mensbeeld
- Sartre en Descartes filosofen
- Kan de mens verklaren vanuit een geest.
2. Materialistisch mensbeeld:
- Te maken met materie vb. jouw brein
- Swaab auteur
- Wetenschappen hier sterk aan gekoppeld
3. Relationeel mensbeeld:
- Damasio auteur
- Darwin
- Erikson ontwikkelingspsycholoog
- Piaget
Bio-psycho-socio relationeel mensbeeld
1. Wat is de mens? Centrale vraag
Fundamenteel je eens afvragen.
- Praktijk dubbelzinnig zijn vb. je komt naar school met de auto. Je
neemt je voor om de regels te respecteren. Er is file en je vindt het
zinvol om de regels te respecteren maar even zinvol om stipt te zijn.
Zo wordt het dubbelzinnig = je vindt beide zinvol!
Hoe komt het dat we als mens geconfronteerd worden met die
dubbelzinnigheid?
Altijd een voor en tegen hebben, steeds dubbelzinnig zijn.
Waar vinden we ons houvast?
Stuart Hall essentie van de mens: Familiar stranger
1. Familiar = familiaar, iets vertrouwd aan de mens, iets wat we
kennen.
2. Stranger = zelfde tijd ook een vreemde, iets wat we niet kennen.
Stuart Hall geboren in Jamaica, afstammeling van zwarte slaven. Jaren
40-50 groeide op in de middenklasse.
Zwarte die opgroeit in middenklasse gezin.
Ervaart zijn leven als vertrouwd = woont bij zijn ouders, wordt
gestimuleerd door zijn moeder om te lezen.
, Ervaart zijn leven als vreemde = enige in de straat die zwarte
huidskleur heeft.
DUBBELZINNIG = wordt heel Brits opgevoed net zoals de rest van
de straat, maar is als enige zwarte in zijn straat.
Nooit een leven waar hij zich helemaal thuis voelt.
Leven speelt zich af in evenwicht tussen vertrouwd en vreemd.
Brengt angst met zich mee, het ongekende.
We moeten leren omgaan met het ongekende (vb. waar sta ik over 10
jaar, wat doe je hier op school.)
Hoe ga je daar mee om?
- Je hebt heel vaak dat er een paar zaken zijn wat we niet kennen/
weten.
- Je hebt wel dingen die gekend zijn, die je wel weet.
Angst belangrijke factor!
Mensen met dubbelzinnigheid we moeten ervoor zorgen dat mensen
ergens een houvast vinden hierin.
2. Wat is een grond?
GROND houvast bieden
Vb. alle culturen heeft een aantal normen.
Normen over wat mag/ kan/ moet doen. = Vb. een leefregel.
Afwas vrouwen moesten dit doen = NORM
Waar fundeert die filosoof zich op dat de vrouw dit moet doen?
- Sociale rol (vrouwenrol, mannenrol)
- Religie (eerst de man, de vrouw is afgeleid uit de man. Vb. Adam en
Eva.)
- God (wijsheid die de keus maakt om het zo te laten verlopen.)
- GEEN DIEPERLIGGEND ARGUMENT DAN GOD
GOD = GROND
Afwas van vrouwen in vraag stellen stelt God in vraag.
God in vraag stellen is moeilijk!
Socrates deed dit wel en is best moeilijk, werd hiervoor gestraft.
Vb. leven in een democratie. God is gerelativeerd. Mensen hebben het
recht om al dan niet een hoofddoek te dragen.
Mens leren begrijpen uit relaties.
2 soorten gronden:
1. Totalitaire gronden vreemde in de mens helemaal kan wegnemen.
- Een houvast bieden dat de mens helemaal verklaart.
Twee kenmerken:
, Onbetwistbaar geen vragen over stellen. (Vb. vroeger abortus
verboden. God koos tussen leven en dood.)
Geen onduidelijkheid. = consequent zijn
Absoluut gelijk waar/ wanneer geldt die grond (abortus is
onbespreekbaar vroeger, nu en in de toekomst. Dit is dus
absoluut)
2. Relationele gronden mens kan je niet volledig verklaren, het
onbekende.
- Tot op zekere hoogte kan je de mens verklaren.
- Er zijn argumenten, maar het gaat gepaard met onzekerheid.
(Zoiets als toeval.)
Er is wel ergens houvast te vinden maar geen totale houvast,
er is toeval.
Onzekerheid/ toeval brengt angst met zich mee.
Zorgt voor een opening om open te staan tot andere mensen!
Wisselwerking tussen patiënt en psychologische consulent.
Wat is de mens? Willen de vraag grondig maken.
Idealisme type verklaring van de mens uit een idee/ uit een geest.
- Het is niet materieel.
- Geest = psyché, ziel, bewustzijn
- Mensbeeld dat zich nauw aansluit bij de menselijke ziel.
Twee filosofen:
1. Sartre = mensen verklaren vanuit de ik (de binnenkant)
Vrij om te worden wie je bent.
Jaren 50’ – jaren 70’ (populaire tijd voor deze filosoof)
Had een kritiek op de toenmalige samenleving:
- Patriarchaal samenleving waarin in de vader vrij centraal stond.
Samenleving met weinig vrijheid.
- Conservatief weinig verandering
Verzuilde samenleving
3 zuilen:
- Katholieke zuil
- Socialistische
- Liberale
Heel je leven speelt af in jouw zuil. De rest van jouw leven staat
vast.
Je denkt dat je niet vrij bent, maar je bent vrij.
- Je kan je leven zelf maken.
Persoonlijke vrijheid komt centraler te staan er wordt gebroken met de
patriarchale en conservatieve samenleving.
Heden ontzuiling, ze worden overschreden.
De mens heeft een ik, moet zelf keuzes maken.
- Totaal vrij?
- Relationeel vrij?
Citaat: