, Uitwerking kennisbasis Nederlands
In bijgaand document treft u de verdere uitwerking van de (sub)domeinen van de kennisbasis Nederlands;
1. Mondelinge taalvaardigheid
2. Woordenschat
3. Beginnende geletterdheid
4. Voortgezet technisch lezen
5. Begrijpend lezen
6. Stellen
7. Jeugdliteratuur
8. Taalbeschouwing
9. Spelling
1.1.1 Luistervaardigheid
Omschrijving De startbekwame leerkracht creëert authentieke luistertaken, zodat de leerling zijn
mondelinge taalvaardigheid ontwikkelt.
Toelichting De startbekwame leerkracht stimuleert het ontwikkelen van de luistervaardigheid van
zijn leerling. Het gaat bij luistervaardigheid om het begrijpen, interpreteren, evalueren
en samenvatten van wat je hoort. De luisteraar moet bijvoorbeeld bekwaamheden
bezitten als: een beschrijving kunnen volgen, gevoelens en meningen begrijpen en
waarderen, inhoud kunnen interpreteren en beoordelen of een uitleg volgen. Daarbij
komt kijken dat de luisteraar de strategie van de spreker doorziet, passende
feedback geeft en soms ook vragen stelt om erachter te komen wat de spreker wil
zeggen (actief luisteren). De luisteraar neemt dan met het stellen van een vraag de
rol van spreker aan, echter vanuit een bepaald luisterdoel. Luisteren is meer dan
‘horen’; het vergt meer verwerking van het gehoorde.
Het fundamentele niveau 1F stelt dat de leerling kan luisteren naar eenvoudige
teksten over alledaagse, concrete onderwerpen die aansluiten bij de leefwereld. Het
streefniveau 1S houdt in dat de leerling kan luisteren naar gesprekken over
alledaagse onderwerpen, onderwerpen die aansluiten bij de leefwereld van de
leerling of die verder van de leerling afstaan.
Om de eindniveaus 1F en 1S/2F te kunnen bereiken moet de startbekwame
leerkracht inzicht hebben in de doorgaande lijnen. De startbekwame leerkracht dient
leerlingen te ondersteunen in de ontwikkeling van die actieve luistervaardigheid. Een
gedetailleerde beschrijving van een mogelijk aanbod voor groep 1 tot en met 8 is te
vinden de publicatie Leerstoflijnen gesprekken, luisteren en spreken (SLO, 2015).
Het referentiekader geeft aanwijzingen hoe leerlingen de luistertaken moeten
uitvoeren. Leerlingen moeten een luistertekst kunnen begrijpen, interpreteren,
evalueren en samenvatten.
Let op: de term ‘begrijpend luisteren’ wordt voornamelijk gebruikt in het domein
Beginnende Geletterdheid waar het verwijst naar de auditieve tegenhanger van
begrijpend lezen.
Zie ook Luisterdoelen; luisterstrategieën; luistertaken; taalgebruikssituaties.