Onderdeel Christophe
1. Welke uitspraak is fout?
• Een contract mag niet ingaan tegen het aanvullend recht
• Een contract mag niet ingaan tegen de openbare orde
• Een contract mag niet ingaan tegen het dwingend recht
2. Welke uitspraak is fout?
• De >tel en func>e van architect zijn beschermd
• Niet zomaar iedereen mag zich architect noemen
• De >tel en func>e van interieurarchitect zijn beschermd
• Iedereen mag zich interieurarchitect noemen
3. Wat is geen oplossing voor het accepteren van een vergunningsplich>ge opdracht als
interieurarchitect?
• Een contract tussen bouwheer en architect enerzijds, interieurarchitect en architect
anderzijds.
• Een contract sluiten met een architect waarbij je in onderaanneming werkt en de
architect de hoofdaannemer is.
• Een contract sluiten met de bouwheer met jezelf als hoofdaannemer
• Een contract sluiten met de bouwheer met jezelf hoofdaannemer en een architect in
onderaanneming (met duidelijke clausules)
4. Welke van de volgende situa>es schendt de Wet van 20 februari 1939 over de
architecten?
• Een architect controleert een aannemer op een vergunningsplich>g project terwijl hij
zelf niet betrokken is bij de uitvoering van de werken.
• Een architect treedt op als zowel ontwerper als aannemer voor hetzelfde
vergunningsplich>ge project.
• Een interieurarchitect ontwerpt een inrich>ng van een niet-vergunningsplich>g
gebouw en laat de uitvoering uitvoeren door een aannemer.
• Een architect werkt samen met een ir. ar. die enkel de uitvoering coördineert, terwijl
de architect verantwoordelijk blijJ voor de plannen.
5. Welke uitspraak is juist?
• Bij een resultaatsverbintenis ligt de bewijslast bij de schuldenaar: hij moet aantonen
dat hij geen fout heeJ gemaakt om aansprakelijkheid te vermijden.
• Bij een inspanningsverbintenis moet de schuldeiser bewijzen dat de schuldenaar
fou>ef heeJ gehandeld, omdat het resultaat niet gegarandeerd is.