100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Alle tentamenstof Reclassering (R_Reclass)

Rating
-
Sold
-
Pages
21
Uploaded on
23-01-2026
Written in
2025/2026

Alle tentamenstof van het vak de reclassering om gegarandeerd een hoog cijfer te halen. Inclusief de relevante leerstof van de hoorcolleges, gastcolleges en informatie uit de voorgeschreven documenten.

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
January 23, 2026
Number of pages
21
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting Reclassering
Week 1:
Hoorcollege 1:
Reclassering, toezicht en gedragsinterventies


Bosker (2013) Theorieen over afbouw en stoppen met delinquent gedrag: Bij effectieve interventies
in de reclassering spelen dynamische factoren en responsiviteit een grote rol.
 Algemene responsiviteit: gebruik sociaal leren en cognitief-gedragsmatige methoden.

 Specifieke responsiviteit: stem de aanpak af op de individuele cliënt (leerstijl, motivatie,
veranderingsbereidheid en mogelijkheden).
Hoe meer RNR-beginselen worden toegepast, hoe groter het effect: van weinig effect bij één
beginsel tot ongeveer 35% recidivevermindering bij toepassing van alle drie. Wordt hier
geen rekening mee gehouden, dan kan een interventie zelfs averechts werken.

RNR-model: Stel je iemand voor die net uit detentie komt. Hij wil “gewoon opnieuw beginnen”, maar
weet eigenlijk niet hoe. Dit is precies waar het RNR-model over gaat. Het RNR-model helpt forensisch
professionals bepalen wie welke hulp nodig heeft en op welke manier, zodat de kans dat iemand
opnieuw de fout ingaat kleiner wordt.
1. Allereerst kijkt men naar het risico. Niet iedereen heeft evenveel begeleiding nodig. Iemand
met een hoog risico op herhaling heeft intensief toezicht en begeleiding nodig, terwijl
iemand met een laag risico juist gebaat is bij rust en zo min mogelijk bemoeienis. Te veel
interventie bij iemand met een laag risico kan namelijk averechts werken.

2. Daarna kijkt men naar wat er écht moet veranderen. Het gaat niet om alles wat er mis is in
iemands leven, maar om de problemen die samenhangen met criminaliteit. Denk aan
impulsief gedrag, verslaving, negatieve vrienden, agressief denken of het ontbreken van
structuur zoals werk of school. Alleen als deze factoren worden aangepakt, neemt de kans op
herhaling af.
3. Ten slotte kijkt het RNR-model naar hoe je iemand begeleidt. Mensen leren en veranderen
niet allemaal op dezelfde manier. Daarom moet de aanpak aansluiten bij iemands motivatie,
leerstijl, verstandelijk niveau en persoonlijke omstandigheden. Over het algemeen werkt een
cognitieve gedragsmatige aanpak het best, maar die moet wel aangepast worden aan de
persoon zelf.

Het idee achter het RNR-model is simpel maar belangrijk:
hoe hoger het risico, hoe intensiever de begeleiding; richt je op de juiste problemen; en sluit aan
bij de persoon zelf. Als één van deze onderdelen ontbreekt, werkt de interventie nauwelijks. Worden
ze alle drie goed toegepast, dan kan de kans op herhaling van criminaliteit aanzienlijk afnemen.

Het Good Lives Model (GLM) vult het RNR-model aan en richt zich op wat iemand wil en kan. Vanuit
de positieve psychologie gaat het uit van het realiseren van primaire levensdoelen (zoals
gezondheid, autonomie, verbondenheid en zingeving) en secundaire doelen (zoals werk of relaties).
Delinquent gedrag ontstaat wanneer mensen obstakels ervaren bij het bereiken van deze doelen. De
kern is het ontwikkelen van een positief levensplan, in combinatie met het beheersen van risico’s.

Een integrale aanpak combineert RNR en GLM: aandacht voor risico’s én voor persoonlijke doelen en
context. Individuele en omgevingsfactoren beïnvloeden elkaar, waardoor een gecombineerde aanpak
het meest effectief is.



1

,De forensisch sociaal professional kan het veranderproces ondersteunen door de juiste problemen
aan te pakken met effectieve methoden, maar uiteindelijk ligt de verantwoordelijkheid voor
verandering bij de cliënt zelf.

Jaarlijks worden ongeveer 140.000 volwassenen verdacht van een misdrijf. Op een gemiddelde dag
zitten zo’n 9.000 mensen in de gevangenis, terwijl in totaal ongeveer 22.000 volwassenen per jaar
met detentie te maken krijgen. Veel vaker dan gevangenisstraf wordt echter een taakstraf
opgelegd: ongeveer 30.000 mensen per jaar. Daarnaast staan jaarlijks rond de 27.000 volwassenen
onder toezicht van de reclassering.

Vervolgens stond de vraag centraal waarom we eigenlijk straffen opleggen. Straffen zijn niet alleen
bedoeld als vergelding, maar hebben meerdere doelen tegelijk:
- Ze moeten criminaliteit voorkomen, zowel door anderen af te schrikken als door te
voorkomen dat dezelfde persoon opnieuw de fout ingaat.

- Straffen bevestigen ook normen in de samenleving, beschermen de maatschappij tegen
gevaar en bieden ruimte voor resocialisatie en herstel van schade. Daarbij werd benadrukt
dat deze doelen soms met elkaar botsen: wat goed is voor vergelding, is niet altijd goed voor
re-integratie.

Verschillende soorten straffen dienen verschillende doelen: Geldboetes, gevangenisstraffen en
vrijheidsbeperkende straffen zoals taakstraffen en voorwaardelijke straffen worden bewust ingezet
als middelen om die strafdoelen te bereiken. De reclassering speelt hierin een belangrijke rol,
omdat zij niet alleen controleert, maar ook begeleidt. Dat gebeurt altijd in een gedwongen kader:
mensen staan niet vrijwillig onder toezicht.

De reclassering werkt in alle fasen van het strafproces.
1. Al vroeg, tijdens het voorbereidend onderzoek, kan de reclassering betrokken zijn via
vroeghulp of bij schorsing van voorlopige hechtenis.

2. Na de uitspraak van de rechter houdt de reclassering toezicht bij voorwaardelijke straffen,
coördineert zij taakstraffen en voert zij gedragsinterventies uit.
3. Ook na detentie blijft de reclassering betrokken, bijvoorbeeld bij voorwaardelijke
invrijheidsstelling of penitentiaire programma’s.

Organisatorisch bestaat de reclassering uit drie samenwerkende organisaties (3RO), die verschillen
in geschiedenis en doelgroep, maar dezelfde missie hebben. Die missie heeft twee kernpunten:
1. Bijdragen aan de veiligheid van de samenleving door het verminderen van recidive.

2. Mensen helpen bij hun re-integratie zodat zij hun leven weer op orde krijgen.
Risicomanagement en gedragsverandering staan hierbij centraal, in een constante balans
tussen controle en begeleiding.

De geschiedenis van de reclassering: Die begint al in 1823 met het Genootschap tot Zedelijke
Verbetering der Gevangenen, dat vanuit morele en religieuze overtuigingen gedetineerden wilde
helpen om als betere mensen terug te keren in de maatschappij. Door de jaren heen groeide de rol
van de reclassering mee met nieuwe wetten, zoals voorwaardelijke invrijheidsstelling, toezicht,
taakstraffen en gedragsinterventies.

Actuele ontwikkelingen, zoals veiligheid van reclasseringsmedewerkers en het wetsvoorstel Slimmer
straffen. Dit voorstel wil korte gevangenisstraffen terugdringen en meer ruimte bieden aan

2

, taakstraffen en elektronische detentie. Het idee hierachter is dat korte detentie vaak weinig
effectief is, schade kan veroorzaken en de kans op herhaling vergroot. Elektronische detentie wordt
gezien als een middenweg tussen vrijheid en opsluiting, waarbij de reclassering vooral een rol speelt
in het adviseren over voorwaarden en het begeleiden van gedrag.

Raad van State – initiatiefwetsvoorstel Slimmer Straffen: Het initiatiefwetsvoorstel introduceert
elektronische detentie als hoofdstraf en verruimt de taakstraf om korte gevangenisstraffen te
verminderen en meer maatwerk mogelijk te maken. Elektronische detentie vindt plaats met een
enkelband en wordt uitgevoerd door DJI, terwijl de reclassering toezicht houdt op bijzondere
voorwaarden. De Raad van State steunt het doel, maar waarschuwt voor inbreuken op privacy en
huisrecht, vooral door de bevoegdheid om woningen zonder toestemming te betreden, die beter
moet worden gemotiveerd. Het standaardverbod op alcohol en drugs moet volgens de Afdeling een
bijzondere voorwaarde worden, zodat het rechter maatwerk kan leveren. Ook zijn er zorgen over de
verlenging van de uitvoeringstermijn van taakstraffen voor jeugdigen. Tot slot adviseert de Raad van
State een invoeringstoets, evaluatie en enkele wetsaanpassingen voordat het voorstel wordt
ingevoerd.

Probation in Europe, De Kok, M: The Netherlands
De Nederlandse reclassering speelt een centrale rol binnen het strafrechtsysteem en richt zich op het
verminderen van recidive, het bevorderen van gedragsverandering en een veilige terugkeer van
daders in de samenleving. Zij werkt in opdracht van justitiële autoriteiten en combineert toezicht,
begeleiding en advisering aan rechters en andere ketenpartners. De uitvoering van het
reclasseringswerk ligt bij drie organisaties: Reclassering Nederland, Stichting Verslavingsreclassering
GGZ en het Leger des Heils.

Voorwaardelijke invrijheidstelling is mogelijk na het uitzitten van een deel van de gevangenisstraf en
is altijd gekoppeld aan voorwaarden, zoals meldplicht, behandeling of vrijheidsbeperkende
maatregelen. De reclassering adviseert over deze voorwaarden en ziet toe op de naleving ervan. Bij
overtreding kan terugplaatsing in detentie volgen. Recente wetgeving heeft de maximale duur van de
voorwaardelijke invrijheidstelling beperkt tot twee jaar, wat zorgen oproept over voldoende
begeleiding van zware en langgestrafte daders.

Naast toezicht binnen het strafrecht is de reclassering steeds meer betrokken bij zorg en nazorg. In
samenwerking met gemeenten, gevangenissen en zorginstanties ondersteunt zij (ex-)gedetineerden
op belangrijke leefgebieden zoals huisvesting, inkomen, zorg en sociale netwerken. Deze integrale en
levensloopgerichte aanpak voorkomt dat mensen zonder ondersteuning terugkeren in de
maatschappij.

Het reclasseringswerk is gebaseerd op wetenschappelijk onderbouwde methoden, waaronder
risicotaxatie, het Risk-Need-Responsivity-model en desistance-gericht werken. Hierbij staan
maatwerk, motivatie en de kwaliteit van de werkrelatie tussen reclasseringswerker en cliënt centraal.
Hoewel de reclassering relatief lage kosten kent in vergelijking met detentie, levert zij aantoonbare
maatschappelijke winst op. Toekomstige ontwikkelingen richten zich op verdere samenwerking met
het sociale domein, meer maatwerk en de inzet van technologie, waarbij veiligheid en resocialisatie
hand in hand blijven gaan.

Hoorcollege 2:
Gedrachtsinterventies en toezicht
Gedragsinterventies: Gedragsinterventies zijn trainingen of programma’s die door de rechter of het
OM als bijzondere voorwaarde kunnen worden opgelegd binnen reclasseringstoezicht. Het
hoofddoel is het bevorderen van re-integratie van justitiabelen en het verminderen van recidive. De

3

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
danishkamungra Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
31
Member since
3 year
Number of followers
7
Documents
16
Last sold
2 weeks ago

4.0

3 reviews

5
0
4
3
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions