Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
Hoorcollege 1: Inleiding
Waarom Academisch en Juridisch Nederlands?
1. Taalniveau van studenten onder de loep:
• Klachten over het taalniveau van studenten komen steeds vaker voor in de media
• Kritiek, zoals “een bloedbad tegen het Nederlands”, wijst op volgens sommige op taalverloedering, dit zou
onder andere door sociale media komen
• Studenten zouden volgens velen niet alleen slechter schrijven, maar zelfs minder intelligent lijken
2. Historisch perspectief
• Klachten over taalbeheersing zijn niet nieuw, maar bestaan al heel lang
• De focus ligt vaak op spelling, wat soms als overdreven wordt ervaren, maar voor velen heel belangrijk is
3. Democratisering van het onderwijs:
• Meer studenten met anderstalige achtergronden volgen hoger onderwijs en slagen ondanks een mindere
taalbeheersing
• Sociale media kunnen wel invloed hebben op spelling en taalgebruik, maar correct taalgebruik blijft cruciaal
4. Uitdaging:
De lat niet verlagen, maar ook niet niet meer corrigeren -> taal kan je leren dus correcties kunnen alleen maar helpen
Waarom Juridisch Nederlands?
1. Complexiteit van juridisch taalgebruik
Juridische teksten bevatten vaak Latijnse termen, hoofdletters en derde persoonsvormen die moeilijk te begrijpen
zijn voor niet-juristen én juristen onderling
Voorbeelden:
preatoriaanse probatie -> “omdat ik (de procureur) dat beslist heb
Ex aequo et bono -> “rechtvaardig, in alle redelijkheid, uit het gelijke en goede”
Mijn Ambt -> de schrijver zelf
2. Onbegrip en wantrouwen
Onderzoek KU-Leuven: Visie van de burger op justitie – Enquete:
‘Burger wantrouwt justitie’
86% van de ondervraagde vinden dat juridisch taalgebruik onduidelijk is en 2/3 van de magistraten gaat daarmee
akkoord
Christiaan Denoyelle -> wil juristen daar op de hoogte van brengen
Onderzoek Justitiebarometer 2024 (ontstaan na de Dutroux-affaire):
Mate van vertrouwen in justitie is gedaald
Door de jaren heen vinden de mensen dat de werking van justitie achteruitgaat of er niet op vooruitgaat
65% vindt dat juridische taal onduidelijk is -> gestegen -> en terug gedaald -> consequent probleem
Ook juristen erkennen deze problemen
3. Historische voorbeelden van kritiek:
Luc Huyse (1996): “Juristen moeten opnieuw naar school om te leren praten”
-> spelling veranderde toen -> pannekoek naar pannenkoek
->nog steeds een zeer accurate en to the point uitspraak
Andries Kinsbergen (1993); we moeten meer focussen in de studie om juridische taal uit te kunnen leggen in
simpelere taal
Walter van Gerven (2000): Emotionele intelligentie en psychologisch inzicht moeten we nog toevoegen aan onze
opleiding Rechten -> meer nodig dan juridische vakkennis
-> We schrijven te formalistisch -> technisch schrijven we misschien correct maar dat is nog geen goede juridische
tekst
Hof van Cassatie (2004): ‘Verwacht niet van rechtszoekende dat ze vertrouwen hebben in justitie als ze de
draagwijdte van onze arresten niet kunnen begrijpen’
,Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
4. Fouten door onduidelijke taalgebruik:
Grondwettelijk Hof (2004): door een fout met het woord ‘onverminderd’ in een elektriciteitsdecreet moest het hele
decreet aangepast worden -> kost veel geld, tijd en vermindert de rechtszekerheid
5. Initiatieven voor verbeteringen:
Project Kruid (Hoge Raad voor de Justitie moedigen duidelijke taal aan in juridische documenten -> en zeggen dat het
kan en mag!
Ig-nobelprijs literatuur (2022) voor onderzoek naar moeilijk juridisch taalgebruik toont de ernst én humor van dit
probleem aan
Conclusie: zowel Academisch en Juridisch Nederlands vereist een bewuste aandacht voor taalgebruik. Begrijpelijke
communicatie is essentieel voor succes in het onderwijs én het vertrouwen in justitie
Hoorcollege 2: Norm
Wat is goed Nederlands?
Taal varieert -> je kan niet zeggen wat goed Nederlands is want taal evolueert
Mensen noemen het taalverloedering maar misschien verandert de taal gewoon
Diachroon (door de tijd) Synchroon (op hetzelfde moment)
Woordenschat en spelling verandert Dialecten
Uitspraak evolueert Regiolecten (grote groepen dialecten zoals (bv. het
Antwerps)
Grammatica wijzigt Sociolecten (taalvarianten van bepaalde sociale
groepen (bv. Jongerentaal, vaktaal)
De roode morgenzon blonk twyfelachtig in het oosten, het woord schommel heeft de meeste benamingen in
en was nog met een kleed van nachtwolken omgeven, verschillende taalgebieden
terwyl haer zevenkleurig beeld zich glinsterend in elken
dauwdruppel herhaelde; de blaeuwe dampen der aerde
hingen als een onvatbaar…. (de leeuw vaan vlaanderen)
De roode morgenzon (Conscience, 1838) moderne
spelling
Dialecten vormen de basis waaruit de standaardtaal is ontstaan (eerst was er dialect, dan pas standaardnl)
Sinds de renaissance (sinds boekdrukkunst- moest er een betere manier zijn om te communiceren ontstaan van
een algemene taal -standaardtaal
Gestandaardiseerde variant: (1ste standaardtalen -> volgens latijn)
(3 kenmerken van een standaardtaal)
- Codificatie -> kan je opzoeken/vastgelegd
- Normbepalend -> die variant dat de taalgebruikers als juist zien
- Publieke domein -> taal die we in het publieke domein spreken
Onbewust maatschappelijk + bewust politiek gestuurd
Differentiatie -> Nl en Vlamingen spreken bijde A.N.
Standaardtaal – Nederlandse Taalunie (kenmerken volgens de nl taalunie)
1. Uniform -> geen variatie
2. Gecodificeerd -> spelregels liggen vast in grammatica’s en woordenboeken
3. Prestigieus -> gebruik van de standaardtaal gaat in het algemeen gepaard met een hoge opleiding,…
,Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
Nederlandse taalunie definitie standaardtaal:
= ‘Het Nederlands dat algemeen bruikbaar is in het publieke domein, d.w.z. in alle belangrijke sectoren van het
openbare leven, zoals het bestuur, de administratie, de rechtspraak, het onderwijs en de media.
Geografische + stilistische variatie
( Er is geografische variatie mogelijk (Belgisch-Nederlands vs. Nederlands-Nederlands)
Er is stilistische variatie mogelijk (formeel vs. informeel register)
De grenzen zijn niet altijd scherp: overlap tussen lagen)
Standaardtaal als een ui/atoomkern
Ajuin: middenste cirkel wordt algemeen geaccepteerd, iets buiten de cirkel wordt door sommigen wel en niet
geaccepteerd bv. Bankkaart wordt in BE geaccept, maar in NL zeggen ze pinpas, buitenste cirkel bv (hun hebben dit
gedaan)
Wie bepaalt wat standaardtaal is?
- Geen geconstrueerde taal, maar een levende taalvariëteit
- Spraakmakende gemeente
- Ideaal tegenover praktijk
Martine Tanghe, Hugo Claus, … -> spraakmakende gemeente: groepje taalgebruikers die hun taal heel goed
beheersen “Queens English”/”Oxford English”
Soorten taalnormen:
- Historische norm -> ‘Omdat het altijd zo geweest is’
- Autoriteitsnorm -> ‘Dat is juist want het staat zo in Van Dale -> geen sterk argument
- Logische norm -> ‘pv komt overeen met het onderwerp van de zin (ev & mv)’
- Statische norm -> ‘Als de meerderheid het doet, is het de norm’
- Zuiverheidsnorm -> duimspijker of punaise -> duimspijker want punaise is frans -> frans let hier heel hard op!
- Effectnorm -> Heeft er iemand problemen met e-mail? Iedereen begrepen -> dan is het ok!
- Esthetische norm -> Mensen die dingen kiezen omdat ze het mooi vinden -> Hof van Beroep van Antwerpen
moet met een hoofdletter zijn omdat het mooier is dan zonder’
Statistische norm en effectnorm -> dan veranderd de taal -> deze winnen
Waar vind je de norm?
, Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
3delige Van Dale (betalend) -> waarom daar? Ze laten alleen maar standaardtaal toe, je weet ook dat als het er niet
instaat dat er iets niet klopt (bij sommige woorden staan er labels zoals informeel, verouderd, vulgair, etc)
Speciale aandacht verdienen de labels BE en NL. Die labels worden gebruikt voor woorden die tot de Nederlandse
standaardtaal in België respectievelijk Nederland behoren. Als dergelijke woorden niet tot de standaardtaal gerekend
worden, is een extra label toegevoegd. Als je te veel van die labelwoorden gebruikt, kan het gezien worden als iets
slecht ondanks dat al die woorden niet fout zijn. Vroeger accepteerde we in belgie gewoon alle woorden van de
nederlanders omdat wij historisch toch achterstonden, maar nu doen we dat minder. Vroeger was het Belgisch-nl
fout – nu is het meer inclusief
Algemene Nederlandse Spraakkunst -> gratis site (gemaakt door overheid) -> officiële gramatica van onze taal ->
niet gemakkelijk, geen kort en duidelijk antwoord -> sinds 3 jaar herwerkt omdat ze een meer inclusieve
“pluricentrische” benadering van het Standaardnederlands willen (zelfde evolutie als Van Dale)
->Ook veel labels (suriname, belgisch, nederlands, standaard…)
Er is geografische variatie mogelijk (Belgisch-Nederlands vs. Nederlands-Nederlands)
Er is stilistische variatie mogelijk (formeel vs. informeel register)
De grenzen zijn niet altijd scherp: overlap tussen lagen
Websites:
Nederlandse taalunie (site) -> onderdeel Taaladvies.net -> belangrijkste site voor taalvragen -> 2000+ leestips etc. –>
3 labels
Voorbeeld: Is parking standaardtaal? -> In België standaardtaal -> Nl: parkeerterrein
een beroep doen op is standaardtaal -> beroep doen op is dat niet
Onze taal -> hollandse/nederlandse site
Team taaladvies (site)-> vlaamse site -> veel korter, to-the-point
Vroeger: site van de VRT -> geld van overheid -> vlaamse spraakmakende gemeente
Nederland, Vlaams?: welke norm hanteren wij nu?
Taalgedrag:
Welke taal spreken mensen aan de schoolpoort?
- 20ste eeuw: succesvolle standaardisering (algemeen beschaafd nederlands)
- Overname en toenadering Noord-Nederlandse norm
- Opvallende variatie: Uitspraak, Woordenschat
Geschreven taal in BE ongeveer zelfde als NL
Maar gesproken taal in BE is meer tussentaal en in NL is de informele taal meer verzorgd
lOMoARcPSD|43139099
Hoorcollege 1: Inleiding
Waarom Academisch en Juridisch Nederlands?
1. Taalniveau van studenten onder de loep:
• Klachten over het taalniveau van studenten komen steeds vaker voor in de media
• Kritiek, zoals “een bloedbad tegen het Nederlands”, wijst op volgens sommige op taalverloedering, dit zou
onder andere door sociale media komen
• Studenten zouden volgens velen niet alleen slechter schrijven, maar zelfs minder intelligent lijken
2. Historisch perspectief
• Klachten over taalbeheersing zijn niet nieuw, maar bestaan al heel lang
• De focus ligt vaak op spelling, wat soms als overdreven wordt ervaren, maar voor velen heel belangrijk is
3. Democratisering van het onderwijs:
• Meer studenten met anderstalige achtergronden volgen hoger onderwijs en slagen ondanks een mindere
taalbeheersing
• Sociale media kunnen wel invloed hebben op spelling en taalgebruik, maar correct taalgebruik blijft cruciaal
4. Uitdaging:
De lat niet verlagen, maar ook niet niet meer corrigeren -> taal kan je leren dus correcties kunnen alleen maar helpen
Waarom Juridisch Nederlands?
1. Complexiteit van juridisch taalgebruik
Juridische teksten bevatten vaak Latijnse termen, hoofdletters en derde persoonsvormen die moeilijk te begrijpen
zijn voor niet-juristen én juristen onderling
Voorbeelden:
preatoriaanse probatie -> “omdat ik (de procureur) dat beslist heb
Ex aequo et bono -> “rechtvaardig, in alle redelijkheid, uit het gelijke en goede”
Mijn Ambt -> de schrijver zelf
2. Onbegrip en wantrouwen
Onderzoek KU-Leuven: Visie van de burger op justitie – Enquete:
‘Burger wantrouwt justitie’
86% van de ondervraagde vinden dat juridisch taalgebruik onduidelijk is en 2/3 van de magistraten gaat daarmee
akkoord
Christiaan Denoyelle -> wil juristen daar op de hoogte van brengen
Onderzoek Justitiebarometer 2024 (ontstaan na de Dutroux-affaire):
Mate van vertrouwen in justitie is gedaald
Door de jaren heen vinden de mensen dat de werking van justitie achteruitgaat of er niet op vooruitgaat
65% vindt dat juridische taal onduidelijk is -> gestegen -> en terug gedaald -> consequent probleem
Ook juristen erkennen deze problemen
3. Historische voorbeelden van kritiek:
Luc Huyse (1996): “Juristen moeten opnieuw naar school om te leren praten”
-> spelling veranderde toen -> pannekoek naar pannenkoek
->nog steeds een zeer accurate en to the point uitspraak
Andries Kinsbergen (1993); we moeten meer focussen in de studie om juridische taal uit te kunnen leggen in
simpelere taal
Walter van Gerven (2000): Emotionele intelligentie en psychologisch inzicht moeten we nog toevoegen aan onze
opleiding Rechten -> meer nodig dan juridische vakkennis
-> We schrijven te formalistisch -> technisch schrijven we misschien correct maar dat is nog geen goede juridische
tekst
Hof van Cassatie (2004): ‘Verwacht niet van rechtszoekende dat ze vertrouwen hebben in justitie als ze de
draagwijdte van onze arresten niet kunnen begrijpen’
,Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
4. Fouten door onduidelijke taalgebruik:
Grondwettelijk Hof (2004): door een fout met het woord ‘onverminderd’ in een elektriciteitsdecreet moest het hele
decreet aangepast worden -> kost veel geld, tijd en vermindert de rechtszekerheid
5. Initiatieven voor verbeteringen:
Project Kruid (Hoge Raad voor de Justitie moedigen duidelijke taal aan in juridische documenten -> en zeggen dat het
kan en mag!
Ig-nobelprijs literatuur (2022) voor onderzoek naar moeilijk juridisch taalgebruik toont de ernst én humor van dit
probleem aan
Conclusie: zowel Academisch en Juridisch Nederlands vereist een bewuste aandacht voor taalgebruik. Begrijpelijke
communicatie is essentieel voor succes in het onderwijs én het vertrouwen in justitie
Hoorcollege 2: Norm
Wat is goed Nederlands?
Taal varieert -> je kan niet zeggen wat goed Nederlands is want taal evolueert
Mensen noemen het taalverloedering maar misschien verandert de taal gewoon
Diachroon (door de tijd) Synchroon (op hetzelfde moment)
Woordenschat en spelling verandert Dialecten
Uitspraak evolueert Regiolecten (grote groepen dialecten zoals (bv. het
Antwerps)
Grammatica wijzigt Sociolecten (taalvarianten van bepaalde sociale
groepen (bv. Jongerentaal, vaktaal)
De roode morgenzon blonk twyfelachtig in het oosten, het woord schommel heeft de meeste benamingen in
en was nog met een kleed van nachtwolken omgeven, verschillende taalgebieden
terwyl haer zevenkleurig beeld zich glinsterend in elken
dauwdruppel herhaelde; de blaeuwe dampen der aerde
hingen als een onvatbaar…. (de leeuw vaan vlaanderen)
De roode morgenzon (Conscience, 1838) moderne
spelling
Dialecten vormen de basis waaruit de standaardtaal is ontstaan (eerst was er dialect, dan pas standaardnl)
Sinds de renaissance (sinds boekdrukkunst- moest er een betere manier zijn om te communiceren ontstaan van
een algemene taal -standaardtaal
Gestandaardiseerde variant: (1ste standaardtalen -> volgens latijn)
(3 kenmerken van een standaardtaal)
- Codificatie -> kan je opzoeken/vastgelegd
- Normbepalend -> die variant dat de taalgebruikers als juist zien
- Publieke domein -> taal die we in het publieke domein spreken
Onbewust maatschappelijk + bewust politiek gestuurd
Differentiatie -> Nl en Vlamingen spreken bijde A.N.
Standaardtaal – Nederlandse Taalunie (kenmerken volgens de nl taalunie)
1. Uniform -> geen variatie
2. Gecodificeerd -> spelregels liggen vast in grammatica’s en woordenboeken
3. Prestigieus -> gebruik van de standaardtaal gaat in het algemeen gepaard met een hoge opleiding,…
,Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
Nederlandse taalunie definitie standaardtaal:
= ‘Het Nederlands dat algemeen bruikbaar is in het publieke domein, d.w.z. in alle belangrijke sectoren van het
openbare leven, zoals het bestuur, de administratie, de rechtspraak, het onderwijs en de media.
Geografische + stilistische variatie
( Er is geografische variatie mogelijk (Belgisch-Nederlands vs. Nederlands-Nederlands)
Er is stilistische variatie mogelijk (formeel vs. informeel register)
De grenzen zijn niet altijd scherp: overlap tussen lagen)
Standaardtaal als een ui/atoomkern
Ajuin: middenste cirkel wordt algemeen geaccepteerd, iets buiten de cirkel wordt door sommigen wel en niet
geaccepteerd bv. Bankkaart wordt in BE geaccept, maar in NL zeggen ze pinpas, buitenste cirkel bv (hun hebben dit
gedaan)
Wie bepaalt wat standaardtaal is?
- Geen geconstrueerde taal, maar een levende taalvariëteit
- Spraakmakende gemeente
- Ideaal tegenover praktijk
Martine Tanghe, Hugo Claus, … -> spraakmakende gemeente: groepje taalgebruikers die hun taal heel goed
beheersen “Queens English”/”Oxford English”
Soorten taalnormen:
- Historische norm -> ‘Omdat het altijd zo geweest is’
- Autoriteitsnorm -> ‘Dat is juist want het staat zo in Van Dale -> geen sterk argument
- Logische norm -> ‘pv komt overeen met het onderwerp van de zin (ev & mv)’
- Statische norm -> ‘Als de meerderheid het doet, is het de norm’
- Zuiverheidsnorm -> duimspijker of punaise -> duimspijker want punaise is frans -> frans let hier heel hard op!
- Effectnorm -> Heeft er iemand problemen met e-mail? Iedereen begrepen -> dan is het ok!
- Esthetische norm -> Mensen die dingen kiezen omdat ze het mooi vinden -> Hof van Beroep van Antwerpen
moet met een hoofdletter zijn omdat het mooier is dan zonder’
Statistische norm en effectnorm -> dan veranderd de taal -> deze winnen
Waar vind je de norm?
, Academisch en Juridisch Nederlands 2025-2026
lOMoARcPSD|43139099
3delige Van Dale (betalend) -> waarom daar? Ze laten alleen maar standaardtaal toe, je weet ook dat als het er niet
instaat dat er iets niet klopt (bij sommige woorden staan er labels zoals informeel, verouderd, vulgair, etc)
Speciale aandacht verdienen de labels BE en NL. Die labels worden gebruikt voor woorden die tot de Nederlandse
standaardtaal in België respectievelijk Nederland behoren. Als dergelijke woorden niet tot de standaardtaal gerekend
worden, is een extra label toegevoegd. Als je te veel van die labelwoorden gebruikt, kan het gezien worden als iets
slecht ondanks dat al die woorden niet fout zijn. Vroeger accepteerde we in belgie gewoon alle woorden van de
nederlanders omdat wij historisch toch achterstonden, maar nu doen we dat minder. Vroeger was het Belgisch-nl
fout – nu is het meer inclusief
Algemene Nederlandse Spraakkunst -> gratis site (gemaakt door overheid) -> officiële gramatica van onze taal ->
niet gemakkelijk, geen kort en duidelijk antwoord -> sinds 3 jaar herwerkt omdat ze een meer inclusieve
“pluricentrische” benadering van het Standaardnederlands willen (zelfde evolutie als Van Dale)
->Ook veel labels (suriname, belgisch, nederlands, standaard…)
Er is geografische variatie mogelijk (Belgisch-Nederlands vs. Nederlands-Nederlands)
Er is stilistische variatie mogelijk (formeel vs. informeel register)
De grenzen zijn niet altijd scherp: overlap tussen lagen
Websites:
Nederlandse taalunie (site) -> onderdeel Taaladvies.net -> belangrijkste site voor taalvragen -> 2000+ leestips etc. –>
3 labels
Voorbeeld: Is parking standaardtaal? -> In België standaardtaal -> Nl: parkeerterrein
een beroep doen op is standaardtaal -> beroep doen op is dat niet
Onze taal -> hollandse/nederlandse site
Team taaladvies (site)-> vlaamse site -> veel korter, to-the-point
Vroeger: site van de VRT -> geld van overheid -> vlaamse spraakmakende gemeente
Nederland, Vlaams?: welke norm hanteren wij nu?
Taalgedrag:
Welke taal spreken mensen aan de schoolpoort?
- 20ste eeuw: succesvolle standaardisering (algemeen beschaafd nederlands)
- Overname en toenadering Noord-Nederlandse norm
- Opvallende variatie: Uitspraak, Woordenschat
Geschreven taal in BE ongeveer zelfde als NL
Maar gesproken taal in BE is meer tussentaal en in NL is de informele taal meer verzorgd